Explosie

Salomon Bouman

vrijdag 21 april 2017

Natuurlijk zou ik moeten schrijven over het effect op Israël van Trumps besluit ‘de moeder van alle bommen’ op een ISIS doel in Afghanistan los te laten. (Goed voor ons. Waarschuwing aan Iran volgens Israëlische diplomaat.) Of over de zenuwoorlog tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten over de nucleaire ambities van Pyongyang. Maar dit keer wil ik het hebben over een andere ‘tijdbom’, de kennelijk niet te stoppen demografische explosie in het Joodse land.

Ik herinner me nog heel goed dat David Ben Goerion mij en mijn vrouw in 1972 aanspoorde het niet bij twee kinderen te laten. “Tien kinderen”, zei hij tijdens het laatste interview in zijn eenvoudige huisje in Sdé Boker, in de Negev-woestijn, “dat heeft ons land nodig.” Mocht Ben Goerion in de hemel kranten lezen dan vermoed ik dat hij van verbazing van zijn stoel zou vallen. En hij niet alleen.

Professor Alon Tal is op grond van statische berekeningen tot de conclusie gekomen dat Israël binnen de bestandslijnen van 1967 – het ‘kleine’ Israël dus – in 2050 36 miljoen inwoners zal tellen. Het zouden er bij een andere interpretatie van gegevens en voorspellingen ook 23 miljoen kunnen zijn. Vast staat echter dat de bevolking van Israël zich tot 2030 zal verdubbelen tot 17 miljoen inwoners.

Waar is de explosieve bevolkingsgroei aan toe te schrijven? Wie in Israël is geweest, heeft rondgelopen in Jeruzalem, of in Bné B’rak bij Tel Aviv begrijpt deze ontwikkeling in de Israëlische samenleving wel. Ultra-orthodoxe moeders en vaders paraderen er met hun talrijke kinderen. Volgens professor Tal hebben gezinnen uit deze religieuze bevolkingsgroep gemiddeld 6.5 kinderen, terwijl de andere Israëli’s, met 2.8 kinderen per gezin, dit tempo niet kunnen bijhouden. In 2050 zouden er volgens andere statistieken in Israël evenveel ultra-orthodoxe Joden als andere bewoners zijn.

Professor Tal waarschuwt dat als de staat uit politieke en morele overwegingen de ultra-orthodoxe gemeenschap blijft financieren de middenklasse, die werkt en wel in het leger dient, deze last niet langer zal kunnen en willen dragen.

Reeds nu leeft een hoog percentage ultra-orthodoxe gezinnen onder de armoedegrens. Naarmate hun aantal toeneemt, zal de armoede in deze gemeenschap ook exploderen, omdat de ouders met gelijke financiële ondersteuning meer kinderen krijgen dan ze kunnen onderhouden. Professor Tal waarschuwt dan ook dat deze in armoede geboren kinderen geen gelijke kansen hebben in de Israëlische samenleving.

Professor Arnon Soffer, die reeds jaren waarschuwt voor de demografische explosie, zei tegen Haaretz dat hij vroeger zes kinderen wilde ter herinnering aan de zes miljoen vermoorde Joden. Nu is hij tot de conclusie gekomen dat je een landverrader bent als je dit probleem van overbevolking en ondersteuning van de ultra-orthodoxie door de staat niet bij de horens pakt.

Maar er zit een politieke twist in het demografische debat. Israëlische demografen hebben gewaarschuwd dat de Arabische minderheid in Israël zó snel groeit dat zij de Joodse meerderheid nog deze eeuw zal inhalen, misschien al over vijftig jaar.

Volgens professor Tal is die conclusie echter onjuist, omdat de Arabische gemeenschap de afgelopen twintig jaar met 40.00 geboorten is gegroeid terwijl de Israëlische Joden in die tijd met 100.000 tot 120.000 geboorten per jaar zijn gegroeid. Er is dus geen gevaar van een Arabische minderheid in Israël binnen de bestandslijnen van 1967.

Leve de geboortedrang van de ultra-orthodoxe Joden! Want ook zij vallen onder deze ‘hoopgevende’ statistiek.

PS: Ik vind het nogal lastig om de bevolkingsgroei in de verschillende gemeenschappen tegen elkaar af te zetten. Dat riekt naar racisme, maar het is wel een beeld van de werkelijkheid.

3 + 3 = ?

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Columns 2014

Columns 2013

Columns 2012

Columns 2011

Doneren

Crescas kan niet zonder jouw steun. Met elke donatie, hoe klein ook, steun je onze activiteiten en zorg je dat wij nog meer voor Joods Nederland kunnen betekenen.