Els

Salomon Bouman

vrijdag 2 augustus 2019

Sedert Israël als gevolg van de overwinning in 1967 gebieden met een Palestijnse bevolking veroverde, is dat land in de Nederlandse media niet langer het uit de Sjoa verrezen gekoesterde pioniersland. De bewondering voor de Joden die het flikten een grote oorlog te winnen in zes dagen, is door eenzijdige pro-Palestijnse berichtgeving omgeslagen in een anti-Israëlische stemming in Nederland.

In haar uitstekend gedocumenteerde pamflet De misleidingsindustrie. Hoe Nederlandse media ons dagelijks beetnemen, onderbouwt Els van Diggele deze verandering van sympathie naar kritiek op Israël.

De historica en schrijfster Van Diggele weet waarover ze het heeft. Door lang verblijf in Israël en ook een jaar in Ramallah kent ze de feitelijke en psychologische achtergronden van het Israëlisch-Palestijns conflict.

Ze werd geprikkeld dit pamflet te schrijven toen een vriendelijke zestienjarige jongen haar in de trein vroeg “Waarom willen de Joden toch al die Palestijnen doodmaken?”

Het is jammer dat het pamflet zo’n gechargeerde titel heeft gekregen. Zou het niet beter zijn geweest te spreken van ‘eenzijdigheidsindustrie’? De titel van het pamflet suggereert dat de kranten en de bij name genoemde correspondenten in Israël de lezer opzettelijk misleiden. Van Diggele ziet een verband tussen de historische anti-Joodse vooroordelen in Europa en de projectie daarvan op journalisten.

“Hiermee is nadrukkelijk niet gezegd dat iedere journalist een bewuste antisemiet is. Integendeel, het gaat om de historische erfenis”, schrijft ze. Met andere woorden, journalisten die zich in Israël en daarbuiten bezighouden met het Israëlisch-Palestijns conflict zijn bevooroordeeld, hetgeen in hun verslaggeving tot uitdrukking komt.

Hun emotionele geestesgesteldheid wordt toch ook beïnvloed door antikoloniale emoties en de opkomst van de nadruk op mensenrechten in het internationaal recht. Dat zijn criteria die verslaggeving vanuit het Midden-Oosten ook beïnvloeden.

Deze voorbehouden nemen niet weg dat Van Diggele met grote precisie de vinger legt op opvallende eenzijdige berichtgeving in NRC, bij de NOS en andere media over het Israëlisch-Palestijns conflict.

Zij vraagt zich af waarom de nieuwsconsument bijvoorbeeld niets hoort over de ontwrichtende Palestijnse machtsstrijd, het gebrek aan godsdienstvrijheid en vrijheid van meningsuiting in de Palestijnse gebieden. De Palestijnse president is, hoewel hij de meest basale mensenrechten schendt, volgens haar observatie het troetelkind van de Nederlandse media. Waarom, zo vraagt zij zich af, hoort de nieuwsconsument niets van zijn martelpraktijken?

Van Diggele komt in conflict met NRC over een kritische recensie in de krant over het boek Een open zenuw van de historicus Peter Malcontent en volgens haar diens geldschieter Paul Aarts van de pro-Arabische antizionistische Leonhard-Woltjer Stichting. Als waarnemer concludeert Van Diggele dat “Malcontent alle moeite doet om het bestaansrecht van Israël te betwijfelen.” Tot ontsteltenis van de schrijfster gaat de ombudsman van NRC in zijn wekelijkse gezaghebbende column voorbij aan haar observatie dat Malcontent sterk beïnvloed is door zijn banden met de Leonhard-Woltjer Stichting.

Dat illustreert volgens haar hoe sterk de anti-Israëlische opvattingen in Nederland zelfs Sjoerd de Jong, de ombudsman van de kwaliteitskrant, tot een censor maken.

Haar lijst van eenzijdige, gekleurde informatie over het Israëlisch-Palestijns conflict door Nederlandse correspondenten in Israël is lang en goed gedocumenteerd.

Haar pamflet is van groot belang voor de Nederlandse journalistiek en als zodanig een richtingaanwijzer voor hoofdredacteuren, correspondenten en redacteuren die zich moeten buigen over het almaar durende Israëlisch-Palestijns conflict.

Reageren op dit item is niet meer mogelijk.
Wanneer Salomon Bouwman spreekt van 'antikoloniale emoties'; van 'de opkomst van de mensenrechten in het internationaal recht'; en van een 'Israëlisch-Palestijns conflict', weten we uit welke schandalige hoek de wind waait. Precies over en voor vijandige journalisten zoals hij heeft Els van Diggele haar boekje geschreven.
helemaal mee eens; is het boek van Peter Siebelt wel bekend genoeg. Ook buitengewoon obnthullend
Salomon Bouman noemt mij in zijn column een ,,censor’’, op basis van het boek van journaliste en historica Els van Diggele, "De misleidingsindustrie". In dat boek is voor mij een bijrol weggelegd als ,,gevallen held’’, naar aanleiding van controverses rond haar recensies voor NRC. Een censor is, in de gangbare betekenis van het woord, een functionaris die vooraf teksten of beeldmateriaal beoordeelt conform de eisen van een regime, delen daaruit schrapt of een publicatie integraal verhindert. Dat is in alle opzichten het tegendeel van wat hier gebeurde. Wat zijn de feiten? Van Diggele liet in een paginavullende bespreking geen spaan heel van een boek van auteur Peter Malcontent over Nederlandse buitenlandpolitiek, "Een open zenuw. Nederland, Israël & Palestina". Dat mag natuurlijk. Maar mag een auteur die daar behoefte aan heeft ook iets terugzeggen? Dat is niet meer dan gebruikelijk in gerenommeerde literaire tijdschriften als The New York Times Book Review, The New York Review of Books, en TLS. Soms leidt het tot interessante polemieken. Een weerwoord werd Malcontent door NRC echter geweigerd, waarna hij zich tot mij wendde. Na lezing van recensie en boek adviseerde ik de redactie hem alsnog een ingezonden brief te gunnen, met name om te reageren op de bewering in de recensie die hem het meest had gegriefd, namelijk dat hij in zijn boek ,,alle registers’’ opentrekt om het bestaansrecht van Israël in twijfel te trekken. Zijn korte brief werd geplaatst, tot ongenoegen van de recensent. Ook na een tweede recensie van haar hand, was het niet de ombudsman, maar de recensent die zich verzette zich tegen plaatsing van een ingezonden reactie. Die haalde niettemin de krant en leidde tot een (voor Van Diggele ondersteunende) brief van Salomon Bouman, die eveneens werd geplaatst. Zo gaat dat, en zo hoort het ook. Ik weet dat de emoties inzake Israël hoog kunnen oplopen, maar als dit al 'censuur’ is of ‘misleiding’, dan zijn we ver van huis. Sjoerd de Jong

Columns 2024

Columns 2023

Columns 2022

Columns 2021

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Columns 2014

Columns 2013

Columns 2012

Columns 2011

Columns 0000