Impulsief

Leo Mock

vrijdag 13 juli 2012

De laatste weken voor de vakantie zijn altijd slopend. Zo zijn er de oudergesprekken – in 10 minuten wordt de toekomst van je kind even met je doorgesproken. Meer tijd is er niet omdat het onderwijs tegenwoordig sowieso al veel extra handelingen van een leraar eist (handelplannen, leerlingvolgsystemen, rugzakleerlingen, vergaderingen, studiedagen – en natuurlijk de hoogbegaafde leerlingen ...). Dat leidt dan tot conservaties als: “Ja, X is een beetje een verlegen meisje – je hoort haar niet zo veel in de klas.” “Verlegen? Thuis brult ze anders de boel bij elkaar als iets haar niet bevalt” wil ik dan instinctief antwoorden, maar weet me nog nèt in te houden. Of: “Het valt ons op dat ze haar werkjes altijd heel netjes verzorgt.” “O ja, heb je haar kamer wel eens gezien” wil ik dan weer tegenwerpen – maar een subtiele aanraking onder de tafel door mijn vrouw’s schoen (ongelukje?) zorgt ervoor dat ik ook deze opmerking achterwege laat.

En dan zijn er nog de optredens. Na een jaar op een muziekinstrument rammen/fluiten etc., eindeloos danspasjes oefenen in niet ademende, synthetische kleding, of andere ‘bildende’ activiteiten, wordt je geacht als ouder aanwezig te zijn bij de eindopvoering. En zo zit je in een te warme en krappe zaal te kijken naar nèt te staccato uitgevoerde danspasjes, naar een valse Mozart te luisteren uit krakende geluidsboxen, of een toneelstuk te bekijken waar geen touw aan vast te knopen is. Maar goed, dat hoort er allemaal bij. Net zoals de verjaardagspartijtjes. Wij hebben Goddank twee dochters die in juli jarig zijn, zodat er nèt voor de vakantie nog even een partijtje uit de grond gestampt moet worden. En je bent als ouder zelf al zo hard aan je vakantie toe ...

Bij de verjaardagspartijtjes schijnen sommige ouders de leeftijd-formule aan te houden: “Je mag zoveel kinderen uitnodigen, als je jaren oud bent geworden.” In één variant zelfs “één kindje meer dan je leeftijd.” Gelukkig zijn onze kinderen niet zo populair en worden er nooit zoveel kinderen uitgenodigd als ze zelf dit jaar zijn geworden. Meestal worden er zo’n 5-6 kindjes uitgenodigd waarvan dan gelukkig circa de helft niet kan: de één moet naar paardrijles, knutselen (is al betaald), of dansen – de ander heeft een parallel-verjaardagsfeestje, en weer een derde gaat met oma winkelen. Om de keuzestress bij onze lieve kinderen te beperken, komen we vaak met 2 alternatieven waarvan 1 ook nog eens duidelijk door ons gepushed wordt als het beste, spannendste, of gezelligste alternatief.

Ook bij de te kiezen taart, wordt de voor mijn vrouw favoriete optie (= makkelijkste en snelle recept) door haar subtiel gepromoot. Toevallig heeft ze nèt al die ingrediënten van die ene lekkere taart (“je weet wel, die ene die je de vorige keer ook zo lekker vond ...”) al in huis. Is dat even toeval ... De rest is eigenlijk kinderspel – zo tegen middernacht wordt de taart in elkaar gezet. De slagroom wordt door mijn vrouw in de geluidsdichte wasruimte gemixed, om niemand wakker te maken, en de ballonnen worden mondmatig door mij opgeblazen, omdat de handpomp altijd wat stress bij mezelf geeft (waarom vliegen die ballonnen altijd nèt voor dat ze eraf gehaald moeten worden, er vanzelf af en kan ik weer opnieuw beginnen ?%^&**), en strategisch door het huis verspreid (10 in de slaapkamer van de jarige, 3 in de woonkamer, 1 op de trap en 1 op de wc-deur geplakt). Dan worden de slingers door mij in slaapdronken toestand, maar professioneel aan lampen, klokken, trapleuningen en schilderijhaakjes gehangen. De schade is meestal pas de volgende ochtend goed zichtbaar.

En elke verjaardag wordt natuurlijk op zijn minst 2x gevierd: één keer op school, en één keer voor een select gezelschap van vriendjes of vriendinnen. In mindere jaren moesten we het ook nog een 3x keer vieren voor de familie in Israël. Maar daar zijn we mee opgehouden toen ik tijdens die Israëlische viering opeens, uit het niets, als een dolleman met een elektrische vliegenmepper, die ik toevallig aan de muur zag hangen, op de verjaardagstaart insloeg. Het werd me even te veel. Het was het Happy Birthday in het Hebreeuws dat de trigger bleek te zijn. We hadden namelijk op de twee andere partijtjes in Nederland al verjaardagsliedjes in op zijn minst drie talen gezongen: Engels, Frans en Nederlands (en dan tel ik het hanki-pankie Sjanghai of Happy Birthday to you – in de wei staat een koe, nog niet eens mee ...). Een domme impulsieve daad, vond ik achteraf zelf.

Over een andere impulsieve daad lezen we in de parasja van deze week. We lezen over het verbond van het eeuwige priesterschap dat aan Pinchas wordt gegeven (Bemidbar / Numeri 25:12-13) nadat hij de Israëliet en zijn Midjanitische bedpartner tijdens de daad met een speer doorboort (25:8). We lazen daar vorige week dat Pinchas de man en de vrouw volgt naar de tent – in het Hebreeuws Koebah – en de man doorboort, en ook de vrouw in haar Koebah (kobatah). Er wordt twee keer hetzelfde woord gebruikt: koebah. Volgens de Middeleeuwse verklaarders is koebah een soort tent, maar wat is de koebah van de vrouw? Men houdt het op haar buik, die immers net als een tent holle organen (darmen etc.) bevat. Maar de moderne lezer zal – door Freud getraind – in de speer een fallisch symbool zien. Zodat de koebah van de vrouw wel haar geslachtsorgaan zal zijn, denk ik, hetgeen volgens mij ook door de Chizkuni (Chizkija ben Manoach, 13e eeuw) zo gezegd wordt.
Pinchas is Elijah – zegt de latere traditie, een eeuwig levende persoon die echter door impulsief gedrag tijdelijk effect bereikt, maar geen blijvend. Daarom zal pas in de Eindtijd de gelouterde Elijah/Pinchas terugkeren, nu als vredestichter:
Zie, Ik zend u de profeet Elia, voordat de grote en geduchte dag van de Eeuwige komt. Hij zal het hart der vaderen terugvoeren tot de kinderen en het hart der kinderen tot hun vaderen (Mal. 4:5 / 3:23-24 Hebr. Bijbel – naar NBG).

Sjabbat sjalom!

3 + 3 = ?

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Columns 2014

Columns 2013

Columns 2012

Columns 2011

Columns 2010

Columns 2009

Columns 2008

Doneren

Crescas kan niet zonder jouw steun. Met elke donatie, hoe klein ook, steun je onze activiteiten en zorg je dat wij nog meer voor Joods Nederland kunnen betekenen.