Een drukke zondag

Leo Mock

vrijdag 12 november 2010

Ja, het was weer een goedgevulde week met allerlei belangrijke gebeurtenissen en nieuwsfeiten. Zo was daar op zondag natuurlijk het prominent gevierde 375-jarige bestaan van de Joodse Gemeente Amsterdam (NIHS). Onder grote belangstelling werd een speciale gebedsdienst gehouden in de Jacob Obrecht-synagoge, oftewel de Rav Aron Schuster synagoge (RAS). Men had de majesteit en andere notabelen en gezagsdragers zo gek gekregen om die zondag daar te verschijnen. Ik was er zelf niet bij, maar van wat ik uit de media opmaak, werd er geïnspireerd gesproken, vol elan over de toekomst. Het ging dus vooral over de sjoa – we moeten waakzaam blijven – en de hoge kosten voor de beveiliging van de Joodse gemeenschap die 800.000 euro per jaar kost! Of de aanwezigen dus even hun knip wilden trekken? Tja, als club met ca. 2500 leden waarvan de helft boven de 55, zou ik me meer zorgen maken over de toekomst, dan over beveiligingskosten ... Dat geld komt er wel. Maar hoe inspireer je een nieuwe generatie?
Niet met het beleid van de afgelopen 40 jaar denk ik ...

Tegelijkertijd vond er ook een ander bijzonder evenement plaats in het centrum van Amsterdam, een gebeurtenis waar ikzelf moest optreden. Ik bedoel de Global Day of Jewish Learning – een mondiale lerndag ter gelegenheid van de beëindiging van het Talmoedproject van rabbijn Steinsaltz. Gedurende 45 jaar werkte hij aan deze Talmoed om haar toegankelijk te maken voor een nieuwe generatie van lerners. Crescas, in samenwerking met de Folkertsma Stichting, Sechel, Limmoed en het NIW organiseerden een Amsterdamse Global Day of Learning ten huize van de Folkertsma Stichting op Rapenburg. Ondanks de grote concurrentie van het festijn (kuch) van de NIHS waren toch een kleine 40 mensen uiteindelijk komen lernen. Het was een fantastische dag die veel energie gaf, mede door het gevoel onderdeel te zijn van iets groters. De Global Day werd wereldwijd in bijna 400 gemeenschappen gevierd. Hoogtepunt van de dag was toen men vanuit Rapenburg overschakelde naar Jeruzalem, naar de eindceremonie (siyoem) van het Talmoedproject in het Jeruzalemse Gemeente-gebouw (een soort Stopera maar dan in Jeruzalem ...).
Allerlei bobo’s hielden toespraken totdat Steinsaltz himself op traditionele wijze het traktaat Ta’aniet uitlernde, compleet met het Kaddiesj Hadran – een speciaal kaddiesjgebed voor het uitleren van een Talmoed-traktaat. Wie Hebreeuws leest kan hier verder kijken.
Wie Engels leest kijk o.a. hier.

Het was een emotionele belevenis om vanuit Nederland samen met zovelen in de wereld dit Kaddiesjgebed te horen en te beantwoorden ...” Het feit dat we tijdens de Amsterdamse Global Day het eindstuk van het traktaat eerst zelf hadden geleerd en vervolgens van Steinsaltz zelf hoorden, gaf een extra dimensie aan het geheel. Volgens Steinsaltz zelf keken ca. 600.000 mensen naar de ceremonie via internet. Dat was dan ook aan de kwaliteit van de verbinding te merken – eerst was de Engelse simultane vertaling overbezet, waardoor we het eerste gedeelte in het Frans hoorden. Later konden we ook het Engels ontvangen, hoewel het beeld vaak haperde en bevroor. Toch was het indrukwekkend: Steinsaltz is een bescheiden man die dan ook al zijn medewerkers bedankte voor hun steun en hup. Ook zijn vrouw en familie bedankte hij en niet gespeend van humor zei hij “hoewel jullie me dus nauwelijks zagen al die jaren, bestond ik dus wél en was ik geen legende...”

Door het Aramees in modern Hebreeuws te vertalen, de tekst verder uit te leggen, en van historische noten en aantekeningen te voorzien, is de Talmoed inderdaad een stuk gemakkelijker leesbaar geworden voor mensen zonder jesjiva-achtergrond. Dit is en blijft Steinsaltz’ verdienste. Ondertussen heeft zijn Talmoed echter zware concurrentie gekregen van een vergelijkbaar initiatief uit (ultra-)orthodoxe hoek: de Shottenstein-Talmoed van Artscroll. Enfin – u mag zelf vergelijken en uw voorkeur geven. Hoewel de marketing van de Steinsaltz-Talmoed slecht bleek te zijn: de Engelse versie zou gestopt zijn en alleen nog maar oude delen herdrukken, en ook de Hebreeuwse uitgaven zijn schaarse items geworden. Ook met de CD wilde het niet lukken, bleek tijdens de Global Day in Amsterdam uit commentaren van aanwezigen. Een mooie dag dus die hopelijk met meer dergelijke vieringen in de toekomst gevolgd zal worden.

In de rest van Nederland was het ook weer spannend. Zo zijn er weer de problemen in Gouda met hangjongeren. Gelukkig hebben we een doortastende burgemeester daar die moeilijke gezinnen Gouda gaat uitzetten en er andere gezinnen van buiten voor in de plaats gaat zetten. Een soort gedwongen volksverhuizingen dus, een methode die ook de Assyriërs al kenden. Zij voerden die vervelende opstandige Tien Stammen van het Noordelijke Rijk van Israël weg, en brachten er andere lastige mensen voor in de plaats: de Samaritanen. Zo vang je twee vliegen in één klap ... Tja, willen we dit in Nederland? Zijn er echt geen andere oplossingen? Verder blijkt opnieuw een PVV-kamerlid waarschijnlijk naar men zegt (ik zeg het heel voorzichtig) problemen te hebben met zijn agressieregulatie.

Nog veel schokkender is dat sommige mensen hun lidmaatschap van de golfclub aftrekken van de belasting. Gelukkig is de SP wakker en heeft de fractie een amendement ingediend (kuch) bij hoofde van Farshad Bashir – en Groenlinks heeft al zijn steun uitgesproken. Gelukkig dat ze daar hoofd- van bijzaken kunnen onderscheiden ...

Veel schokkender was wat zich afspeelde aan de Radboud Universiteit. De universiteiten in het zuiden kampen met de afgezakte moraal van Nederland en willen graag het goede voorbeeld geven. Al eerder veranderde men de naam Katholieke Universiteit Tilburg in Katholieke Universiteit Brabant. Dit keer waren het promofilmpjes van de Radboud Universiteit die niet door de censuur kwamen (al eerder werd een oplage van het universiteitsblad gecensureerd of iets dergelijks). Men vond de promofilmpjes ‘schokkend’, ’seksistisch’, ‘ongehoord’, ‘denigrerend’ en ‘verschrikkelijk’. Kijk zelf en google op Radboud Universiteit en promofilmpjes. Nou, vooruit één link dan.

Tja, schokkend? Terwijl de videotheek uitpuilt van de porno, de bladenman bezwijkt onder de erotische tijdschriften en een film die gekeurd is voor 12-jarigen nog menig ranzige passage bevat, denk ik dat het met deze filmpjes voor 18-jarigen wel meevalt. Goede smaak is misschien anders. Discussies over moraal zijn belangrijk, maar dan moet het wel écht ergens over gaan. Zoals de link tussen vrouwenhandel en prostitutie – mogelijk ook in ons Nederland ... Dit soort overdreven morele verontwaardiging belemmert vaak het zicht op belangrijkere zaken.
En laten we eerlijk zijn: de ex-playmate (nee, u krijgt geen link van me ...) die in de Radboud-filmpjes te zien is, zette zich eerder ook in tegen dierenleed, o.a. voor de stichting Wakker Dier ... Verbeter de wereld en begin vooral bij jezelf ...

3 + 3 = ?
Opperrabbijn A.S. Onderwijzer en Harry Mulisch Bij een jarige ga je op visite om te feliciteren en vaak trakteert de jarige dan op een taartje of iets cultureels. In dit geval zal de jarige later op een mooi jubileumboek trakteren en als voorschot werd een soort chazanoet concert gegeven omlijst met stichtelijke woorden. De 375e verjaardag van de Joodse Gemeente Amsterdam (JGA) vond op zondag 7 november 2010 plaats in de Raw Aron Schuster Synagoge door het houden van een ceremoniële dienst. De 350e verjaardag vond op zondag 1 september 1985 plaats in de Esnoga, een gehuurde locatie van de Portugees-Israëlietische Gemeente (PIG), die men destijds blijkbaar passend achtte voor een plechtige herdenking. De 400e verjaardag is nog vijfentwintig jaar weg. Hoe zal de NIHS er dan uitzien? Welke locatie zal men dan passend achten? Zal die gevierd worden bij de jongste Joodse gemeente, de Liberaal Joodse Gemeente (LJG)? Ruimte is daar genoeg en dan kan de chazanoet misschien ook door een orgel begeleid worden. Dan zouden elk van de zustergemeenten als locatie aan bod zijn gekomen na de Tweede Wereldoorlog. Eenheid binnen het naoorlogs versplinterd Jodendom, misschien een ijdele gedachte. Want helaas botert het niet tussen de NIHS en de LJG. Nog pas enkele maanden geleden nam de LJG haar nieuwe sjoel in Amsterdam in gebruik. Een markant en modern gebouw zoals er nimmer na het tot stand komen van de Lekstraatsjoel in 1937 een sjoel in Amsterdam was gebouwd. Het NIW deed verslag van de openingsdienst van de LJG sjoel en plaatste daarbij een foto van de bestuursvoorzitters van de LJG en PIG. De bestuursvoorzitter van de NIHS ontbrak op de foto en ook bij de dienst, want hoewel 80% van de NIHS leden hem daar graag had gezien, meende hij zich op oude rabbinale uitspraken te moeten beroepen. Diverse personen hebben getracht de voorzitter te overreden niet volgens dergelijke uitspraken te handelen, doch de voorzitter zelf meende dat geen alternatief bestond en blokkeerde. Kerkelijke organisaties en democratie gaan niet samen. Niemand kan of mag verbaasd staan dat uiteindelijk de geestelijke leiding de bestuurlijke leiding kan corrigeren. Dat geldt echter uitsluitend wanneer religieuze zaken aan de orde zijn. Wat religieuze zaken precies zijn of kunnen zijn, is niet snel aan te geven en zou veel meer ruimte kosten dan hier beschikbaar is. Daar zal daarom altijd een spanningsveld (kunnen) blijven. Toch treden er verschuivingen op, die niet zonder betekenis zijn. In 1985 hield oud-Opperrabbijn Schuster een herdenkingstoespraak en werden gebeden gezegd door (in volgorde) de toenmalige rabbijnen Just en Drukarch als leden van het NIHS Rabinaat. Geen bestuurs- of raadvoorzitter voerde het woord. In 2010 verrichtte raadsvoorzitter Hertzberger het openingswoord. Dat leek nog wat onwennig want nadat eerst de Amsterdamse burgemeester en de Israëlische ambassadeur waren verwelkomd, werd vervolgens de ambassadeur van Amstelveen verwelkomd. Inderdaad een dag niet gelachen, is een dag niet geleefd en wat maakt het uit want ieder mag zich vergissen. Toch heeft Freud over dit soort zaken nuttige dingen gezegd. Natuurlijk kwamen daarna ook rabbijnen aan het woord. Opperrabbijn Ralbag daartoe overgekomen uit New York hield de herdenkingstoespraak en sprak over de situatie in Nederland en de Joodse economische vluchtelingen die Mokum Alef bouwden en daar groots Joods cultureel erfgoed creëerden dat nergens in de Westelijke wereld zijn gelijke kent, waarna (in volgorde) de rabbijnen Wolff, Evers, Spiero, Groenewoudt, Mamlok en Sebbag gebeden uitspraken. Een kritische lezer zou zich wellicht afvragen of het ledenaantal van de NIHS ook zo fors was gestegen als het aantal rabbijnen sinds 1985. Een vraag die tijdens de economische crisis, waarin vele organisaties duidelijk bezuinigen misschien niet eens als kritisch beoordeeld zou behoeven te worden. Naast de verschillen als hiervoor genoemd, was eveneens opmerkelijk, zo niet Joods revolutionair, en waarschijnlijk dankzij de aanwezigheid van Hare Majesteit Koningin Beatrix dat er heren achter de mechitsa op het eerste balkon mochten zitten. Welnu een kleine informele stemming op dit Tuschinski balkon heeft reeds een unaniem verzoek tot een reprise opgeleverd, resp. de nieuwe minhak is dankbaar als royale traktatie aanvaard. Met name als met Kol Nidrei Prinses Maxima beneden plaats zou kunnen nemen. Dan bij voorkeur graag naast NIHS raadslid Malka. Wat de heren boven betreft, maakt het hen niet uit dat de prinses dan (voor de kijker) aan de linkerzijde zal plaatsnemen. Wellicht is dat ook beter voor de heren VIPS aan (voor de kijker) rechterzijde. Wanneer dan bij volgende feestdagen telkens enige andere prominenten hun opwachting kunnen maken dan zal de raadvoorzitter vast op zijn wenken bediend worden. Hij deed immers in zijn openingswoord naar beste rabbinale traditie een oproep aan alle gemeenteleden weer vaker naar sjoel te komen. Wat ontbrak bij de ceremoniële dienst was feitelijk vooral een intellectuele inbreng. Misschien is dat nog wel het meest typerend van de huidige NIHS. In 1984 ter gelegenheid van de vijftigste sterfdag van Opperrabbijn A.S. Onderwijzer werd een gedenkboek uitgegeven. Opperrabbijn Onderwijzer gezien zijn ruime belangstelling, brede intellectuele bagage op Joods en algemeen gebied, zijn bijzondere persoonlijkheid werd in de uitvoerige bijdrage van oud-Opperrabbijn Schuster als een?? ???? (vredesvorst) getypeerd. Het NIW schreef over de lawaje van Opperrabbijn Onderwijzer: ‘Triest is de ochtend en triest is de straat. Stil staan de duizenden in afwachting van de komst van hun Raw. (…)’ Wat resteert binnen de NIHS heden ten dage aan een intellectueel klimaat? Hoe eenzijdig is het blikveld gericht op de 20% van de orthodoxe leden. Ja, zelfs als de grootste (ook halachisch) Joodse Nederlandse schrijver Harry Mulisch is overleden en daags voor de ceremoniële dienst werd begraven. Waarom kan dat niet genoemd worden. Is dat niet veel relevanter dan de mispolochie van de raadsvoorzitter? En wat zal de koningin gedacht hebben van dat zo somber gezang? Wel mooi natuurlijk, maar het was toch een simcha, een verjaardag en het moet dan toch ook veel vrolijker kunnen. En waarom mogen slechthorenden in de sjoel de teksten zo slecht kunnen verstaan? Het is toch geen moeite om een microfoon te gebruiken bij een dergelijke ceremoniële dienst. Slechts een enkele rabbijn weet hoe het is om in de Obrecht verstaanbaar te zijn, maar hoeveel onverstaanbare derasja’s zijn er al gehouden? Ja, de Joden hebben natuurlijk altijd kritiek dat zal er wel weer gezegd worden en de elektronische nieuwsletter kende bij voorbaat al een defensieve tekst, maar dat is toch echt niet de issue. Waar het wel om gaat is dat die stoffige killepolitiek, de verkramptheid, het besloten feestje na afloop voor geselecteerden en de kowedsjleppers de NIHS niet tot bloei kunnen brengen. Als er één Jood in Amsterdam de smart en tragiek van de Tweede Wereldoorlog heeft weten te verwoorden dan moet dat Harry Mulisch zijn geweest. Hoe passend zou het geweest kunnen zijn toen de raadsvoorzitter over de Tweede Wereldoorlog sprak aan Mulisch verscheiden te refereren. Meer dan eens werd gezegd dat auteur Mulisch de Tweede Wereldoorlog zelfs belichaamde als zoon van een Joodse moeder en een foute Duits-Oostenrijkse vader. Zijn onvergankelijk oeuvre maakt goed duidelijk hoe over de Tweede Wereldoorlog gedacht dient te worden en over nog zoveel meer. Misschien een gedachte als de NIHS haar nieuwe verbouwde synagoge in Amstelveen in gebruik zal nemen: De Opperrabbijn A.S. Onderwijzer Synagoge en de Harry Mulischzaal. Wanneer het begrip en respect voor ieders individuele beleving van het Jodendom in het vaandel staat, zal de NIHS zowel een vredesvorst als een taalvorst kunnen eren. Het is gewenst ook op deze wijze de beoogde eenheidsgemeente gestalte te geven, niet slechts in woorden doch tevens met heldere culturele daden. David Gründlich 8 november 2010

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Columns 2014

Columns 2013

Columns 2012

Columns 2011

Columns 2010

Columns 2009

Columns 2008

Doneren

Crescas kan niet zonder jouw steun. Met elke donatie, hoe klein ook, steun je onze activiteiten en zorg je dat wij nog meer voor Joods Nederland kunnen betekenen.