Inkeer

Leo Mock

vrijdag 2 september 2011

Terwijl ik al weer ruim een week thuis ben, moet ik nog steeds wennen aan het temperatuurverschil tussen Israël en Nederland: zo’n 25 graden overdag ... Beetje Jiddisje overdrijving, maar normaal is het allemaal niet. In 105 jaar is het in augustus niet zo nat geweest. Maar los van de nattigheid is de temperatuur overdag ook belachelijk laag – ik heb al 10,11 graden op mijn metertje in de auto zien staan. Ondertussen regende het in Israël pijpenstelen, midden in de zomer. Abnormaal. Ik weet niet of er sprake is van opwarming – volgens sommigen ìs er helemaal geen opwarming, maar komt de stijging doordat de steden steeds warmer worden door meer beton en stenen – maar het globale klimaatssysteem lijkt in ieder geval danig in de war ... Op één dag kun je in vier seizoenen belanden: ’s ochtends schijnt de zon, ’s middags waait het, aan het eind van de dag is het weer aangenaam, terwijl de nacht bitterkoud is. Maar goed, genoeg over het weer – hoewel? Zo triviaal schijnt het praten over het weer nu ook weer niet te zijn, volgens sommigen.

Ondertussen warmt het religieuze klimaat ook op in het jodendom: het is weer Elloel. U weet wel, die van oorsprong Babylonische maand die in het teken van de inkeer staat. Oriëntaalse Joden staan elke ochtend vroeg op om smeekgebeden te zeggen, voor het dagelijkse ochtendgebed. Dit is één van de redenen dat de wintertijd in Israël vroeg ingaat zodat de mensen op tijd, vroeg in de ochtend, kunnen smeekbidden, dan ‘gewoon’ bidden en dan naar hun werk. Anders zou iedereen te laat komen en zo. En we blazen ’s ochtends op de sjofar, de ramshoorn om ons spiritueel wakker te maken: Rosj Hasjana komt er aan! De Dag des Oordeels. De Hoge Feestdagen, de Ontzagwekkende Feestdagen. Wie is er dan niet bang en gaat niet keihard aan zichzelf werken?!

Toch is er iets raars aan de hand. Kan je je eigenlijk wel voorbereiden op inkeer? Doorzie je je eigen gedrag wel? Zie je je eigen fouten wel, zodat je ze niet meer zult maken? En weet je nog wat je allemaal gedaan hebt het hele jaar? Ik bedoel – kunt u precies beschrijven wat u de hele vorige maandag allemaal hebt gedaan? Ik niet. Als je al niet eens meer weet wat je gedaan hebt, hoe kan je dan nog tot berouw komen voor je verkeerde daden? Je weet niet eens meer wat je hebt gedaan, laat staan wat je verkeerd hebt gedaan ... Bovendien: wie zegt dat je wat fout is ook als fout beoordeelt? Blijkbaar vond je het toen niet fout, anders had je het niet gedaan. Natuurlijk geldt dat niet voor duidelijke misstappen. Maar veel speelt zich af in het grijze circuit. Wat is een èchte leugen? Wanneer is iets kritiek en wanneer kwets je iemand? Wanneer lach je een beetje om iemand, en wanneer maak je hem in het openbaar belachelijk? En ken je de uitkomsten van je daden altijd wel? Alleen God kent die, zou je toch denken ...

Allemaal gefilosofeer en gepsychologiseer zou de religieuze fanaticus zeggen. De klassieke boete, hel & verdoemenis-insteek zegt dan ook duidelijk dat inkeer wel kan en je je er ook op kunt voorbereiden. Tuurlijk, als je je best maar doet dan zie je je fouten meteen. Maimonides is daar overigens minder stellig in. Eerst erkent Maimonides de noodzaak en mogelijkheid van inkeer, maar dan volgt er een wonderlijke passage in de Wetten over de Inkeer H 2:2 (vert. A. van der Heide, te lezen op de website Beth Hamidrash):

De afweging hiervan geschiedt niet op grond van het aantal goede of slechte daden, maar veeleer op grond van de zwaarte ervan. De ene goede daad kan opwegen tegen een aantal zonden, zoals er geschreven staat: ‘Omdat in hem iets goeds gevonden werd (... in het huis van Jerobeam)’ (1 Kon. 14, 13). Ook kan een zonde opwegen tegen een aantal goede daden, zoals er geschreven staat: ‘Eén zondaar kan veel goeds te niet doen’ (Pred. 9, 18). Dit afwegen geschiedt alleen in het weten van de God der kennis en Hij alleen weet hoe de verdiensten ten opzichte van de zonden worden afgemeten.

Met andere woorden: zelfs als je al je zonden herkent en tot inkeer komt, dan nog weet je niet wat nou hoe zwaar telt. Waar moet je je dus op concentreren? En hoe weet je of je inkeer voldoende is, en of God er tevreden mee is? Je weet immers helemaal niet hoe de Goddelijke boekhouding werkt ...

Bovendien schrijft hij vlak daarvoor in de tekst ook iets wonderlijks:

Wanneer iemands zonden talrijker zijn dan zijn goede daden, sterft hij terstond in zijn boosaardigheid, want er staat geschreven: ‘(Ik heb u geslagen zoals de vijand toeslaat..) wegens de meerderheid van uw zonden’ (Jer. 30,14-15).

Met andere woorden: wie op dit moment leeft, is zeker geen zondaar (rasja) omdat hij anders niet meer zou leven. Dus je bent òf een gemiddelde (benoni) die in evenwicht is – 50:50 zondes/verdiensten – òf een tsaddiek wiens daden in merendeel positief zijn. Tja, dan is de urgentie van inkeer weer niet zò hoog ... Een merkwaardige paradox. (En wat doe je volgens Maimonides in vredesnaam met echte schurken die vrolijk leven???).

Misschien komt ècht inzicht nou wel juist als je ergens even niet aan denkt. Even op iets anders focussen. Dat suggereert bepaald onderzoek en de menselijke ervaring. Wanneer je ergens een oplossing voor zoekt, kan het helpen om het vraagstuk even te laten rusten – even wandelen, een douche of bad nemen, of gewoon verder gaan met iets anders. En dan opeens – terwijl je software op de achtergrond aan blijft staan – zie je de oplossing. Eureka! Ik pleit natuurlijk niet voor het vervangen van de traditionele liturgie in de sjoel door het spelen van spelletjes, een ommetje maken, verhalen vertellen, lezen, zingen of iets anders ...

Enfin, tot slot een verwijzing naar een chassidisch verhaal dat in het Nederlands heet: de verstoorde sjabbat. De pointe van het verhaal is dat de Baal Sjem Tov op een van zijn omzwervingen samen met zijn leerlingen ergens strandt in het bos. Zij zien een klein hutje dat bewoont blijkt door een norse en botte man – grof van uiterlijk en innerlijk... Ze zijn gedwongen de sjabbat bij deze nare man door te brengen. Maar het wordt een verstoorde sjabbat: zonder zingen, zonder het uitvoeren van de rituelen en zeer karig in materiële zin. Dan volgt de ontknoping: de Baal Sjem was 20 jaar eerder in gebreke gebleven tegenover de vrouw des huizes die destijds het dienstmeisje was van de Baal Sjem en zijn vrouw. Omdat hij niet optrad wegens de pijn die zijn vrouw het jonge meisje had veroorzaakt was er besloten dat de Baal Sjem zijn aandeel in het Hiernamaals zou verliezen. Het jonge meisje werd een volwassen vrouw en huwde met de boertige man die één van de 36 rechtvaardigen blijkt te zijn. Deze verborgen tsaddiek weet te bewerkstelligen dat de straf van de Baal Sjem wordt omgezet in een mildere vorm: hij moet 1 sjabbat in zijn leven doorbrengen op een geheel andere manier dan hij gewend is – ontdaan van elke religieuze franje en comfort. Dan zal hij boete hebben gedaan voor zijn zonde van 20 jaar eerder ...

Ook de Baal Sjem kent zijn zondes blijkbaar niet ...

Een (zeer) verkorte versie van het verhaal is hier in het Engels te lezen.
Het verhaal inspireerde Hendrik Nicolaas Werkman tot deze illustratie.

3 + 3 = ?

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Columns 2014

Columns 2013

Columns 2012

Columns 2011

Columns 2010

Columns 2009

Columns 2008

Doneren

Crescas kan niet zonder jouw steun. Met elke donatie, hoe klein ook, steun je onze activiteiten en zorg je dat wij nog meer voor Joods Nederland kunnen betekenen.