sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Simon Soesan

Simon Soesan (1956, Beverwijk) woont sinds 1973 in Haifa, Israël, waar hij zijn eigen sales-en-marketing bureau had. Tegenwoordig is hij vertegenwoordiger van Keren Hayesod – United Israel Appeal in Duitsland. Soesan is bekend van columns in diverse Nederlandse bladen, zoals NRC-Handelsblad, het Reformatorisch Dagblad, Israël Actueel en het Nieuw Israelietisch Weekblad. Zijn korte verhalen werden gebundeld in 'Pita met hagelslag' (2005) en ‘Patatje vrede’ (2007). Zijn familie en vriendschappen met Joden, Moslims en Christenen, inspireren hem bij het schrijven.

vrijdag 28 april 2017

Ik heb vaker over hem geschreven, Simon Caun, het jongere broertje van wijlen mijn moeder, dat op 16-jarige leeftijd door de Duitsers werd opgeroepen om voor Das Reich te komen werken en dat binnen enkele dagen na zijn vertrek uit Amsterdam in Auschwitz werd vermoord.
Hij werd geboren op 20 maart 1926 – ik werd geboren op 20 maart 1956.

Deze week herdenken wij alle afgeslachte Joden uit de Sjoa. Het zijn er zes miljoen. Er ontbreken erg veel namen en overige gegevens, omdat vooral in Oost-Europa de Duitsers hele dorpen – inclusief alle inwoners en de volledige administratie – in brand hebben gestoken en daar niets van over is gebleven.
De gezamenlijke families van mijn ouders, Soesan en Caun, verloren in totaal 337 familieleden en waren ook bijna geheel uitgeroeid door de Duitsers. Mijn ouders hadden het geluk gered te zijn door de familie Snellen uit Sevenum, waar zij ondergedoken zaten. Zonder mensen zoals zij zouden ik, en veel Nederlandse Joden met mij, er niet zijn.

We leven in een turbulente wereld waarin de meerderheid de Sjoa nog steeds niet als waarheid accepteert en waarin de meerderheid de slachtoffers van deze massale afslachting nog steeds niet wil herdenken.

Al vroeg in mijn leven heb ik besloten dat ik, na alles wat ik had gehoord en geleerd over de rol van Nederland tijdens de Sjoa, niet in Nederland zou blijven wonen. Een land waar de koningin in 1939 persoonlijk de vestiging van een vluchtelingenkamp voor Duitse Joden in Elspeet heeft tegengehouden omdat zij ‘geen Joden in haar achtertuin’ wilde; een land waar diezelfde koningin met haar hele familie naar het buitenland vluchtte om ‘het volk’ achter te laten onder het juk van een bezetting. Een land waar de meerderheid van de bevolking samenwerkte met de Duitsers om ons, Joden, te vermoorden, was geen plek waar ik een gezin wilde stichten. Met uitzondering van de familie Snellen, en al die andere helden die hun leven hebben geriskeerd door Joden in hun huis te verbergen, heeft Nederland voor het overgrote deel duidelijk gemaakt hoe het tegenover Joden staat en naar mijn mening is er nog steeds niets veranderd.

Aangezien het verzet van de Joden tegen de Duitse roof- en moordzucht minimaal was, besloot ik, en velen met mij, dat de tijden van de Jood die niet terugslaat, voorbij is. Ik ging 44 jaar geleden naar Israël en diende in het eerste Joodse leger sinds bijna tweeduizend jaar, net zoals een van mijn broers en vele, vele anderen. Tot mijn spijt is onze generatie er niet in geslaagd in vrede te leven met al onze buren. Daarom moesten ook onze kinderen in het leger dienen. Wel is het ons gelukt de wereld te schokken met ‘de nieuwe Jood’, die terugslaat, ongelooflijke dingen uitvindt en in minder dan zeventig jaar een prachtig land heeft opgebouwd. Dromend van vrede met onze buren blijven er buren die andere plannen met ons hebben, waardoor we wakker moeten blijven en niet in slaap kunnen vallen. Zoals koning David zei: “wie over Israël waakt zal niet sluimeren, noch slapen”.

Van ondergang tot wederopbouw, zeggen wij hier in Israël. En we bouwen nog steeds. En zullen altijd blijven bouwen. Het leven in Israël is niet perfect. Er valt nog veel te doen en er valt ook nog heel veel te repareren. Op politiek gebied, op sociaal gebied en op nog veel meer gebieden.

Maar we kunnen het aan.
We gaan gewoon door.
Want we zijn een vrij volk.
In ons land.
Het land van Zion en Jeruzalem.


Bewerkt en geredigeerd door Hendrien Kloots

© Caun & van Beem

Delen |

vrijdag 7 april 2017

Of ik nog matses nodig heb. Nee echt, elk jaar dezelfde vraag, of we nog matses nodig hebben. Het zal inmiddels geen geheim zijn dat mijn gezin weliswaar traditioneel, maar niet zozeer religieus is. Zo zien wij de sjabbat als een dag van ontspanning, vaak met de familie, zonder te werken, en gewoon met elkaar genietend van een rustige dag. We gaan op stap, of naar het strand, maar voor ons is het gewoon een rustige dag. We maken er geen religieuze sjabbat van.

Ook Pesach is bij ons meer een ‘Pesach Light’. We genieten van een gezellige seideravond met 26 personen, voorafgegaan door een ‘pakjesavond’ voor de kleintjes. Gedurende de Pesachweek laten we eenieder het zijne doen, zonder al te veel te vragen. Tijdens Pesach is het in Israël verboden brood te verkopen of zelfs te kopen, maar in de ‘gemengde’ stad Haifa mogen de niet-Joden rustig doen wat ze willen, waar ook vele Joden dankbaar gebruik van maken. Ieder diertje zijn pleziertje, zeggen we dan.

Aangezien ik bekend sta als ‘de gelovige’, weten ook Kobi en Danny, van onze buurtsuper, daar alles van en bieden ze mij weken voor Pesach al dagelijks matses aan. Hoewel ze weten dat ik ongeveer de enige in ons huishouden (van twee personen) ben die die krengen dagelijks eet, vinden ze het leuk mij in de maling te nemen. Vooral op de laatste dag, de dag van de Seider, proberen ze me nog een pakket matses in de maag te splitsen. Ze pretenderen me ook te matsen, door de prijs eerst te verhogen en dan met een royaal gebaar te verlagen naar een prijs die net boven normaal ligt. Op zo’n manier hoef ik niet gematst te worden … Het zou trouwens zomaar kunnen dat mijn eega er iets mee te maken heeft, want als ik voor Pesach in de buurtsuper ben, krijg ik vaak een sms van haar met de tekst: vergeet de matses niet … Terwijl ze weet dat we ze allang in huis hebben!

De Seider komt er dus aan. Ik kan niet wachten tot de kleintjes op een stoel zullen staan en Ma Nisjtana zullen zingen, waar wij ouderen dan weer zingend op zullen antwoorden. Als zionist, als iemand die er bewust met zijn levenspartner voor gekozen heeft een gezin in Israël te stichten, is dit een van de hoogtepunten in ons Joodse jaar. De familie om je heen, wat vrienden erbij en een gezin van nieuwe immigranten als extra bonus aan tafel, is voor ons een bijzonder belangrijke traditie.

En als we elkaar aan het eind van de avond L’sjana haba’a biroesjalajim wensen, weten we dat wij er al zijn. In het mooiste land van de wereld waar alle Joden, religieus of niet, elk jaar opnieuw ondanks alles op vele manieren gematst worden.

Ik wens u allen een Chag Pesach sameach.


Bewerkt en geredigeerd door Hendrien Kloots

© Caun & van Beem

Delen |

vrijdag 31 maart 2017

Ik ben een geboren en getogen Beverwijker. Niet bepaald een plek waar je Joden zou verwachten, maar toch kom ik daar vandaan. Mijn ouders hadden daar diverse winkels en in navolging van mijn oudere broers en zusters ben ik er ook naar school gegaan en heb er heel wat jeugdavonturen beleefd. Nooit heb ik geweten – en nooit heb ik ernaar gevraagd – wat er tijdens de Tweede Wereldoorlog in Beverwijk is gebeurd. Er waren daar toch amper Joden?

Onlangs vroegen vrienden uit ‘de Wijk’ me of ik tijd had om iets te zeggen bij een herdenkingsdienst voor de vermoorde Joden uit Beverwijk. Ik was verbaasd. Joden, en dan nog vermoorde Joden, uit Beverwijk? Daar moest ik meer van weten.

Inmiddels weet ik dat er 79 Joden uit Beverwijk zijn weggevoerd en afgeslacht tijdens de fantastische en succesvolle samenwerking van de Nederlandse overheid en die van Duitsland gedurende de Sjoa. Ongelooflijke verhalen heb ik gehoord over helden en ook over verraders in Beverwijk. Over een sjoeltje dat niet meer bestaat. En wat ik ook heb geleerd, is dat er mensen zijn die het oprecht verschrikkelijk vinden wat er is gebeurd.

Op 26 maart herdacht Beverwijk haar Joodse inwoners die gedeporteerd en vermoord zijn. Samen met de Israëlische ambassadeur in Nederland, Aviv Shiron, mocht ik erbij zijn en ik had de eer een toespraak te mogen houden.

Dit is wat ik onder andere gezegd heb:
Mijn naam is Simon Soesan, jongste zoon van Jaap en Betty Soesan-Caun. Ik ben 61 jaar en zes dagen geleden geboren op de Baanstraat 78 in Beverwijk, niet ver hier vandaan. Ik ben in deze stad opgegroeid. Ik speelde in de speeltuin van Grapie, waar we naar Rintintin films keken en heel hard de laatste tien seconden voordat de film begon mee aftelden. Als kind ging ik in de zomer dagelijks naar de vakantiekolonie in Wijk aan Zee; ik slenterde door de Breestraat en ging vaak op zondag naar de matineevoorstelling in het Luxor Theater. Ik zat op de Groene Kikker oftewel de Julianaschool, eerst nog geleid door meneer Frijling, later door de legendarische meneer König. Daarna heb ik op de Plantage mavo gezeten. Met luilak haalden we kattenkwaad uit en in de winter schaatsten we op de tennisbaan naast het Harmonielaantje. Ik ben Beverwijker.

Mijn naam is Simon Soesan, jongste zoon van Jaap en Betty Soesan-Caun. Op de lagere school hoefde ik niet naar catechismusles, omdat ik Joods ben. Soms werd ik door kinderen voor ‘rotjood’ uitgescholden en soms waren er kinderen die ‘centenbak, centenbak, zo riep het Joodje’ zongen als ik naar of van school liep. Ik kocht elk jaar mijn nieuwe RIJAM schoolagenda bij Dingler, droomde weg op de speelgoedafdeling bij Blokker, liet het apenorkest tekeergaan bij V&D, ging naar de kinderboerderij bij het treinstation en kreeg een voorkeur – tot de dag van vandaag – voor de heerlijke patat en snacks van Snackbar Oase, ook niet ver hier vandaan in Beverwijk. Ik ben Beverwijker.

Mijn naam is Simon Soesan, jongste zoon van Jaap en Betty Soesan-Caun. Mijn vader is inmiddels 94 jaar oud. Helaas kan hij er vandaag niet bij zijn, maar hij heeft mij gevraagd alle Wijkers van hem te willen groeten. Mijn moeder is helaas drie jaar geleden overleden. Mijn ouders bezaten diverse winkels hier in Beverwijk, die allemaal door burgemeester Bruinsma zijn geopend.

De eerste boetiek in Europa, in samenwerking met de ontwerpster van de minirok Mary Quant, was Shop a Gogo van mijn ouders, op het Meerplein hier in Beverwijk, en werd in 1965 geopend met medewerking van de Bintangs. Mijn ouders, die in de Tweede Wereldoorlog samen 337 familieleden verloren, kregen vijf kinderen, dertien kleinkinderen en – tot nu toe – 26 achterkleinkinderen.

In het Joodse boek de Talmoed staat geschreven dat wie een leven redt, de hele wereld redt. De familie Snellen uit Sevenum redde twee levens uit mijn familie, mijn beide ouders, en nog vele andere levens. Omdat zij “nee” durfden te zeggen, bleven mijn ouders in leven, leven mijn twee broers, twee zusters en ik, leven onze kinderen en leven onze kleinkinderen.

Als kind leerde ik al snel dat er iets heel ergs was gebeurd met Joden zoals ik. Mijn ouders werden in Limburg verborgen door de familie Snellen uit Sevenum, en kwamen later te weten dat in die gruwelijke periode 337 van hun familieleden zijn gedeporteerd en vermoord. Omdat ze Joods waren. Mannen, vrouwen en kinderen. Mijn ouders overleefden deze hel omdat er gewone Nederlanders waren die simpelweg “nee” durfden te zeggen tegen deze jodenjacht. 337 familieleden werden afgeslacht door de Duitsers omdat er heel veel Nederlanders waren die zich nergens mee wilden of durfden te bemoeien, en omdat er helaas ook veel Nederlanders waren die het eigenlijk allemaal niet zo’n slecht idee vonden en de Duitsers actief hielpen.

Ik sta hier niet met een beschuldigende vinger te wijzen, noch sta ik hier om mensen te veroordelen. Ik vertel u slechts de simpele feiten. Nuchter, want ik ben Beverwijker.

In 1973 besloot ik dat ik, als Jood, vooral vanwege de droevige voorgeschiedenis, niet als minderheid in een land wilde leven en vertrok naar het enige land waar ik als Jood vrij kon leven: Israël. Trouwens, als ik voor ‘rotjood’ werd uitgescholden, werd daar vaak aan toegevoegd ‘naar je eigen land’ te gaan, dus daar ging ik als zeventienjarige.
Toen ik achttien jaar was geworden, werd ik parachutist in het eerste Joodse leger in 2000 jaar en ontmoette in datzelfde leger het liefste meisje van de hele wereld waarmee ik trouwde. Veertig jaar later koesteren wij de warmte van twee dochters en een zoon en – voorlopig – vijf kleinkinderen. Wij wonen bewust in Haifa, de stad waar Joden en niet-Joden in vrede met elkaar leven en zetten ons in om begrip en daadwerkelijk samen-leven te bevorderen. Ik heb drie boeken uitgegeven in Nederland met korte verhalen, die door sommigen als humoristisch worden betiteld, die dat leven in Haifa beschrijven.

In al die jaren kon ik, dankzij de banen die ik had en waarbij ik veel moest reizen, enkele malen per jaar naar Beverwijk komen, door de Breestraat slenteren, naar het strand in Wijk aan Zee gaan, soms met mijn gezin, en de lekkerste patat en snacks eten bij – u begrijpt het al – Oase. Want ik ben Beverwijker.

Ik heb mijn volwassen leven opgebouwd in Israël en daar heb ik nooit spijt van gehad. Maar heimwee, ja heimwee had en heb ik vaak, nog steeds. Als in december de feestdagen dichterbij komen, verlang ik naar de Breestraat, naar de avondmarkt, naar de Zwarte Pieten en Sinterklaas, ik verlang naar pepernoten en speculaas en ik verlang naar de eerste stappen in de verse sneeuw, wanneer we ’s morgens in het donker naar school liepen. Ik verlang naar de geur van vers brood van bakkerij Klees, ik verlang naar het vuurwerk tijdens oud en nieuw van de Chinees in de Zeestraat en denk aan het bijna onvergeeflijke verraad dat we soms pleegden door het stiekem eten van een kroketje bij van Etten en niet bij Oase. Ik ben nou eenmaal een Beverwijker.

Dankzij de moderne sociale media blijf ik Beverwijk volgen en ben ik in contact met Wijkers zoals Alex van Luyn en Jackie Roetz, die mij voor vandaag hebben uitgenodigd, waarvoor ik beiden zeer dankbaar ben. Ook zijn we bezig met een ongelooflijk verhaal, een waargebeurd drama, hier in Beverwijk, wat hier in de Tweede Wereldoorlog is gebeurd en waarvan we hopen dat we het kunnen regelen dat de helden alsnog geëerd zullen worden. Want ook in Beverwijk heeft men geprobeerd Joden te redden. En uiteraard zet ik me hiervoor in, want ik ben Beverwijker.

Meer dan zeventig jaar geleden verloor Beverwijk haar Joodse inwoners. De kleine synagoge is er niet meer, en er zijn nog amper Joden in de stad. Zoals ik eerder al zei: we zijn hier vandaag niet samengekomen om te oordelen of te veroordelen. Vandaag gaat het om de herinnering aan die Beverwijkers die vermoord zijn omdat ze ‘anders’ waren. Ze waren Joods. Joden onderscheiden zich niet door agressief of onaangepast gedrag. In alle synagogen in Nederland eindigen de religieuze diensten met een gebed voor het Nederlandse koningshuis en een gebed voor de Nederlandse regering. Tot op de dag van vandaag. Als Joden hebben wij geprobeerd, en blijven wij proberen, Nederlanders te zijn en iets bij te dragen en toe te voegen aan de Nederlandse samenleving, cultuur en economie. Mijn familie arriveerde in 1639 in Nederland. Helaas mocht dat niet baten, want driehonderd jaar later werd de Joden gezegd dat ze geen Nederlanders waren en verloor mijn familie 337 leden.

Ik vertel u vandaag niet wat we van deze Holocaust kunnen leren. Vandaag gaat het om de herinnering. Misschien ook dat het kan gaan om het in de toekomst voorkomen van een dergelijke industriële moord. De gemeente Beverwijk heeft onlangs besloten de kosten te dragen om de namen van de tijdens de Tweede Wereldoorlog vermoorde Joodse Beverwijkers bij te laten schrijven op het nieuw te bouwen Holocaust Namenmonument in Amsterdam. Daarvoor ben ik de gemeente Beverwijk, het College van Burgemeester en Wethouders, de gemeenteraad en allen die zich hiervoor hebben ingezet bijzonder dankbaar. Want het gaat erom dat het nooit vergeten mag worden. Het gaat erom dat altijd onthouden zal worden waar blinde haat en dom populisme toe kunnen leiden. En als u toch stilstaat in herinnering, denkt u dan toch ook eens aan de mensen die deze Joden op de treinen hebben gezet. Het gaat hier om veel, heel veel, te vroeg beëindigde levens en elk leven is een wereld op zichzelf.

En ondanks de vele jaren in Israël, blijf ik terugkomen naar Beverwijk. De Breestraat is de Breestraat niet meer, de Zeestraat is voor mij onherkenbaar geworden, de velden bij de Baljuwslaan, waar we ons tussen de struiken verstopten, zijn veranderd in mooie grote huizen. Het gemeentehuis op het Westerhoutplein is het gemeentehuis niet meer en als ik in de ramen van de winkels op de Plantage kijk, waar de mavo ook al weg is, dan zie ik een forse man van 61 en niet de kleine brillenjood van Soesan. Alles is veranderd, behalve één ding, en daar ga ik zo een patatje halen. Want ik blijf Beverwijker.

Mijn naam is Simon Soesan, jongste zoon van Jaap en Betty Soesan-Caun. Ik dank u voor het luisteren en voor uw geduld. Ik dank u ook voor het herinneren van uw Joodse burgers. Door te herinneren heeft hun leven zin gehad, door het vastleggen van hun namen in het Holocaust Namenmonument leven zij voort.



Bewerkt en geredigeerd door Hendrien Kloots

© Caun & van Beem

Delen |

vrijdag 10 maart 2017

Nu alles goed is verlopen, kan ik opgelucht en ook met trots berichten dat ik afgelopen weekend in het diepste geheim samen met onze premier een bezoek aan Amsterdam heb gebracht. Omdat het een persoonlijk bezoek van onze premier betrof - we kennen elkaar al jaren en zijn oude legermaten – moest het om voor de hand liggende veiligheidsredenen volstrekt geheim blijven. Vandaar dat er nog niets over is gepubliceerd.

De premier had mij kort geleden verzocht voor hem “een avondje Amsterdam” te organiseren. Het ging hem er vooral om, zeker nu het gebruik van soft drugs in Israël niet meer strafbaar is, deze genotsmiddelen eens persoonlijk in Amsterdam te ervaren. In Israël zou dat teveel opvallen. En zo kon het gebeuren dat de El Al vlucht van Tel Aviv naar Amsterdam onlangs op het laatste moment enkele minuten vertraging had, omdat de premier snel met een minimum aan lijfwachten aan boord moest worden gebracht. Ik wachtte hem op Schiphol op, waar twee onopvallende, veilige auto’s klaarstonden die mijn goede vriendin H voor mij had geregeld. Geen zwaailichten of andere toeters en bellen, zodat het toestel, dat in het donker landde, de premier onopvallend kon laten uitstappen, waarna we snel naar de stad reden.

Ik had geen afspraken voor ons gemaakt en met de security was overeengekomen dat ze zoveel mogelijk op afstand zouden blijven. De premier was op mijn advies casual gekleed en droeg een pet die het grootste gedeelte van zijn gezicht verborg. Het stond hem goed. De eerste stop die we maakten, was bij de FEBO, omdat ik het tijd vond hem eens de echte Hollandse keuken te laten ervaren. Vorig jaar had hij weliswaar een vorkje geprikt met zowel WA en M als met MR, maar zij hebben toen verzuimd hem van deze Nederlandse delicatessen te laten proeven. Ik moet zeggen dat hij onder de indruk was van de Hollandse dis. Dus na diverse kroketten, kaassoufflés en berenhappen was het tijd voor het echte werk en gingen we samen lopend de binnenstad in.

We liepen een rondje door de rosse buurt, wat langer duurde dan ik hoopte, omdat de premier erg vaak wilde blijven staan om goed in de etalages te kunnen kijken. Onze volgende bestemming was het uiteindelijke doel van zijn trip, coffeeshop de Bulldog, waar altijd veel BN’ers komen, en waar een BN meer of minder dus in het geheel niet opviel. Ik bestelde, op advies van mijn zeer dierbare S, die inmiddels als expert op dit gebied mag worden beschouwd, een middelgrote voorgerolde sigaret voor hem. De premier is een ervaren sigarenroker, dus had hij geen probleem om deze speciale sigaret onder de knie te krijgen.
Na vier van deze sigaretten vond ik het welletjes. De premier was echter inmiddels in een geanimeerd gesprek verwikkeld met andere gebruikers. Ik hoorde een van hen zeggen dat hij zich net zo machtig voelde als Trump, waarop de premier antwoordde dat dat wel zo mocht wezen, maar dat hij de premier van Israël was. Even was ik bezorgd, maar toen iedereen er hard om moest lachen en sommige aanwezigen bij de kassa vroegen om “dezelfde joint als die man had gerookt”, wijzend op de premier, stelde mij dat gerust.

Later die avond vloog de premier terug naar Israël en naar ik heb begrepen zijn er diezelfde avond nog een aantal omstreden wetsvoorstellen om onverklaarbare redenen toch goedgekeurd en direct ondertekend …

Poerim Sameach!


Bewerkt en geredigeerd door Hendrien Kloots

© Caun & van Beem

Delen |

vrijdag 3 maart 2017

In mijn tijd als vertegenwoordiger van Israël in Duitsland zie ik ieder jaar in februari met weerzin de carnavalstijd aankomen. Dit betekent namelijk hordes stomdronken mensen op straat die ter plekke hun behoefte doen, overgeven, bewusteloos raken of andere aantrekkelijke dingen doen. Hetgeen niet echt mijn definitie van een gezellig feestje vieren is … Daarom zal men mij tijdens het carnaval in Duitsland niet op straat aantreffen, mede omdat het op de donderdag ervoor – Fasching heet dat in Frankfurt – daar gewoonte is alle stropdassen die men tegenkomt, met een schaar af te knippen. “Rare jongens, die Duitsers”, zou Obelix wellicht hebben gezegd.

Dit jaar was het een beetje spannend omdat er veel waarschuwingen waren voor mogelijke terreurdreiging. In Duitsland heet dat eufemistisch “mögliche Unfälle”. Via een contact bij de politie hoorde ik dat de regering – zowel van de deelstaten als de Bondsregering – de politie gevraagd had geen uitgebreide voorzorgsmaatregelen te nemen omdat “het publiek daar misschien te nerveus van zou worden”, en dat was nergens voor nodig.

Zoals wellicht inmiddels bekend, is het in Europa gewoonte geworden terreurdaden niet naar buiten te brengen zolang dat niet echt nodig is, en in die schaarse gevallen dat dat toch nodig is, dan zo weinig mogelijk details naar buiten te brengen. Men acht dat beter. Zo hebben veel mensen er waarschijnlijk geen idee van dat grote delen van de stad Parijs inmiddels dagelijks oorlogsgebieden zijn, waar Franse militairen bijzonder gewelddadige veldslagen voeren met jongeren met een voornamelijk buitenlandse achtergrond. Ik probeer hier politiek correct te blijven …

Terug naar Duitsland, waar in Heidelberg afgelopen zaterdag een meneer op de carnavalsparade inreed. Hij rende daarna de gehuurde Opel uit met een mes in zijn handen, herhaaldelijk “Allah hoe akbar” schreeuwend, en begon op mensen in te steken. Na een korte achtervolging schoot de politie hem neer en werd hij in zorgwekkende toestand naar het ziekenhuis gebracht. Dat gebeurde om drie uur ’s middags. Tot vijf uur werd er in de Duitse media niets over naar buiten gebracht. De internationale media zonden het meteen uit; YouTube toonde zelfs al meteen een video van het neerschieten van de dader, maar de Duitse media zwegen oorverdovend.

Om vijf uur werd een korte mededeling naar buiten gebracht en op het nieuws van acht uur was het slechts een geschreven bericht, maar geen reportage. De volgende dag was het filmpje op YouTube verdwenen, deelde de politie mee dat de dader een Duits staatsburger was en geen immigrant en dat terreur “ausgeschlossen” was.

Tot het schrijven van dit stukje is er geen verder nieuws over gepubliceerd.

Uiteraard heb ik mijn contacten om uitleg gevraagd. Inmiddels weet ik wat meer over de dader, die een zoon is van immigranten. Het antwoord dat ik kreeg op mijn vraag waarom er niets over werd gepubliceerd en vooral niet over de herkomst van de dader was “dat er geen enkele reden is om mensen ongerust te maken”. “Als je er niet uitgebreid over publiceert, zijn de geruchten in een paar dagen doodgebloed, er gebeurt toch al genoeg. En als je er niet over praat, is het ook eigenlijk niet gebeurd”, was de uitleg.

Dus mocht iemand zich afvragen waarom steeds minder scholen in Nederland en ook in andere landen de Sjoa behandelen, dan is dit wellicht de reden: als je het er niet over hebt, dan is het ook niet gebeurd.

Meer dan honderd terreurdaden hebben zich tussen 1 december 2016 en eind februari 2017 voorgedaan in Duitsland. Ik vermoed dat het aantal waar u van heeft gehoord, op één hand te tellen is.

Wat weer kan verklaren waarom iedereen zo rustig blijft en dit stukje waarschijnlijk glimlachend terzijde zal leggen.


Bewerkt en geredigeerd door Hendrien Kloots

© Caun & van Beem

Delen |
apr 2017De nieuwe Jood
apr 2017Gematst
mrt 201775 jaar later, 79 namen
mrt 2017BN onder de BN'ers
mrt 2017Über alles
feb 2017Taxi Frankfurt
feb 2017Het lucifersdoosje
feb 20172 minuten, 37 seconden
feb 2017Bayt Cham
jan 2017Wraak is zoet
jan 2017Wij, het probleem
jul 201655432
jun 2016Piekiediekie
jun 2016Terreur
mei 2016Nee, saba!
mei 201647
mei 2016Am Jisraeel Chai
apr 2016Lone soldiers
apr 2016Opa, loop toch niet zo snel
mrt 2016Saba Balagan
mrt 2016Tekenles
feb 2016Dag speen!
feb 2016Dol fijn
feb 2016Stampen
jan 2016Heppikniegedaan
jan 2016Koekel met 350
jan 2016Vuurwerk
dec 2015Wintermarkt
dec 2015Feest der Feesten
nov 2015Ter informatie
nov 2015Steek je rijk (oftewel Steek van de week)
okt 2015Wat een spreker is die man
okt 2015Bezorgd
okt 2015Tot de volgende keer
sep 2015Op het terras
aug 2015Waar is Menachem?
aug 2015Dagje Dachau
aug 2015Voor de duidelijkheid
aug 2015Praatjes vullen geen straatjes
jul 2015Snurk
jul 2015Mijn mooie overhemd
jul 2015Geen probleem
jun 2015Sharien en de soldaten
jun 2015Ver-keuring
jun 2015Antisemitisme op Sicilië
mei 2015... aldus Mantsoer
mei 2015De smeichelaar
mei 2015Family Business
mei 2015De rotonde
apr 201567 jaar Israël
apr 2015Pesach-tsores
apr 2015Antisemieten
mrt 2015De Vrijmatzeballen – een duizenden jaren oud geheim gedeeltelijk ontrafeld
mrt 2015Eén li eretz acheret – ik heb geen ander land
feb 2015Het lek
feb 2015De bofkonten
feb 2015De verkleedpartij
jan 2015Terug naar de hel
jan 2015Je suis … wat …?
jan 2015Vader weet het beter
dec 2014De achterste rij in sjoel met Chanoeka …
dec 2014Gratis Krant
dec 2014De Karmelieten
nov 2014Samen. Leven.
nov 2014Wat een schandaal!
nov 2014Medor ledor
nov 2014De Makollet
okt 2014Dankbaar
okt 2014Justitie
okt 2014Ziekenfonds
okt 2014Een mitswe doen
okt 2014Vast wel
sep 2014Wij geloven in vrede
sep 2014Te gast
sep 2014Duitse worst
sep 2014Neumann
aug 2014Het verhaal van Chamdi en Maria
aug 2014Tsadok
aug 2014Inpakken en wegwezen
aug 2014Het tunnelongeluk
jul 2014Laat me niet lachen
jul 2014Absurd
jun 2014Omgekeerde wereld
jun 2014Deurtje open, deurtje dicht
jun 2014Technion
jun 2014Moederdag
mei 2014Spin
mei 2014Stom-Stom
mei 2014Israël en de wereldkaart
mei 2014En uw naam is?
mei 2014Kinderen van
apr 2014Het jaar erna
apr 2014Apoetaah!
mrt 2014Sprookje
mrt 2014Kleine boodschap
mrt 2014Grapjas
mrt 2014Traditie, traditie
feb 2014Echt Hollands
feb 2014Doen we meteen!
feb 2014De blinde wacht
feb 2014De mesjoggene hond
jan 2014Joodse Stamppot
jan 2014De kip en de hond
jan 2014Lachen met Arik
jan 2014Daarom!
jan 2014Woord van het jaar
dec 2013Een verhaal van twee steden
dec 2013Hier ben ik thuis
dec 2013Hesped voor mijn moeder
dec 2013Yunis en de kaarsjes
nov 2013Lo Janoem We Lo Jisjan
nov 2013Dag vriend
nov 2013Klikken of knippen
nov 2013En gij gelooft het
nov 2013Mijn collega
okt 2013Traditie
okt 2013Het antwoord op de vraag
okt 2013Briefje aan Driesje (en Gretteke)
sep 2013Negentig
sep 2013Im een ani li, mi li?
aug 2013Chag Sameach
aug 2013IJzeren koepels
aug 2013De hitte van juli-augustus
jul 2013Cadeautje
jul 2013Ramadan
jul 2013Mijn vriend Ahmed
jun 2013Kan jou wat schelen!
jun 2013De Dode Zee
jun 2013Nooduitgang
jun 2013De toekomst
mei 2013Anders nog iets?
mei 2013Vriendjespolitiek
mei 2013Kaaskoppen
mei 2013Lag B'Omer
apr 2013Ladies and gentlemen: we have him!
apr 2013Gekke Yuval
apr 201368 Jaar later
apr 2013Simon Caun, één van de zes miljoen
mrt 2013Oy – Bama ...
mrt 2013De vijfde zoon
mrt 2013Dit is het enige land
mrt 2013Het complot
mrt 2013Twitter
feb 2013Bij de beesten af
feb 2013Een boom van een vent
feb 2013Een nieuw parlement
feb 2013De show
jan 2013Rubik’s kubus
jan 2013De hoop van de toekomst
jan 2013Geluidsoverlast
jan 2013Jihad is een miljoen waard
dec 2012Aliyah
dec 2012Eén van de honderdtweeënveertig
dec 2012De gouden wc
nov 2012Verkeerd adres
nov 2012Mein Shtetl brennt
nov 2012Krachtpatser
nov 2012Amsterdam Klezmer Band
nov 2012Circus
okt 2012De agressor
okt 2012De Armeense Elvis
okt 2012Stoelendans
okt 2012De Italiaanse school
sep 2012Excuses aan Ban Ki Moon
sep 2012Licht uit, spot aan
aug 2012Alles is overleefbaar?
aug 2012Aardbeien
jul 2012Wij, burgers van Israël
jul 2012De maan die boven ons schijnt
jun 2012De Palestijnse ramp
jun 2012Vier vingers en een duim
jun 2012De drollenbrigade
jun 2012Geluk
jun 2012Club 504 viert zestig
mei 2012Verontschuldigingen
mei 2012Maakt u zich vooral niet druk
mei 2012Welke Roemeen?
mei 2012Gewetenloos
apr 2012Onafhankelijk
apr 2012'Meant to go, not to stop ...`
apr 2012Het verloren volk gevonden?
apr 2012De overbodige stoel
mrt 2012Sterke verhalen
mrt 2012Het is niet elke dag Poerim!
mrt 2012Het verhaal van Ruth
mrt 2012De geschiedenisles
mrt 2012Jiddisje Kop
feb 2012Gorilla
feb 2012Rochamma
feb 201290 Kilometer van Haifa
feb 2012Het wonderkind
jan 2012Goed dat er politie is
jan 2012Petje af
jan 2012Hoop van de toekomst
dec 2011Het licht van de Almachtige
dec 2011De laatsten
dec 2011En Anwar redt er vier
dec 2011Sje Hichianoe
nov 2011Praatjesmaker
nov 2011Achmed Ismail Chatib
nov 2011Geinponem
nov 2011De uitzondering op de regel
okt 2011Deis je
okt 2011En de zonen keerden terug naar hun grenzen
okt 2011De eerlijke dokter
okt 2011Dakwerk
sep 2011Beste wensen
sep 2011Gekke Shai
sep 2011En ze moedigt militaire dienst aan!
sep 2011Staatsgeheim
sep 2011Het is ook nooit goed
aug 2011Verkeerd verbonden
jul 2011Mary - Miriam
jul 2011Onverdoofd
jul 2011Gekke Achmed
jun 2011Lachen met de man van 9 miljard
jun 2011Het verhaal van Chamdi en Maria
jun 2011De laatste der Zitany's
jun 2011Sjeintje Boterkoek
mei 2011Het gespetter, niet de steak
mei 2011De wandelclub
mei 2011De geschiedenisles
mei 2011Je lacht je dood
apr 2011Sprakeloos
apr 2011Wat deze avond verschilde
apr 2011De Koffer
apr 2011Een klein symbool
apr 2011Licht uit, spot aan
mrt 2011De mesjoggene hond
mrt 2011Yunis
mrt 2011Dankzij de redders van mijn ouders
mrt 2011Soldate X