sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 25 maart 2016

Een Paul Celan uit Czernowitz, een Franz Kafka uit Praag, een Joseph Roth uit Brody zullen er nooit meer zijn. Het is een zin die ik vaker heb geschreven of in een lezing over Czernowitz heb uitgesproken. Ik probeer zo de betekenis en de teloorgang van de belangrijke centra met Duitssprekende Joden in het oosten van Europa te benadrukken en zichtbaar te maken. Czernowitz, dat ik enkele jaren geleden samen met Michel Waterman heb bezocht, kan daarvoor model staan, ook omdat zoveel schrijvers uit die stad of uit de Boekovina afkomstig zijn. Niet alleen Paul Celan, maar, om enkelen te noemen, ook Itzik Manger, Edgar Hilsenrath en Aharon Appelfeld. De stad Czernowitz eert zijn schrijvers. Aan hun geboorte- of woonhuizen zijn vaak plaquettes aangebracht. Als voorbeeld de plaquette aan het geboortehuis van de dichteres Selma Meerbaum-Eisinger:


(foto: Michel Waterman)

Enkele jaren geleden verscheen in Czernowitz een mooi uitgeven verzamelbundel Literaturstadt Czernowitz, een project van de onvermoeibare Peter Rychlo, hoogleraar aan de plaatselijke universiteit, waarin 28 schrijvers worden behandeld, overigens niet alleen van Joden die in het Duits schreven. Zij vormen echter wel de meerderheid. Een van de gedichten die ik hierna zal aanhalen, van Alfred Kittner, staat in deze verzamelbundel.

Naar aanleiding van het verschijnen begin dit jaar van een nieuwe vertaling van een boek van Appelfeld, Plotseling, liefde, wees ik in mijn vorige column op zijn niet vertaalde boek Die Eismine, dat zich afspeelt in Czernowitz en langs de oevers van de Zuidelijke Boeg. Vandaag enkele andere schrijvers over dat deel van onze geschiedenis.

Transnistrië. Laten we die naam in ons geheugen opslaan. Het gebied dat tijdens de Tweede Wereldoorlog Transnistrië werd genoemd, was groter dan wat vandaag de dag onder die naam bekend is. Transnistrië besloeg indertijd het gehele gebied tussen de rivieren de Djnestr en de Zuidelijke Boeg, dat eveneens aan het Roemenië van maarschalk Antonescu was toebedeeld. Antonescu had gezegd ‘Ich bin für die Zwangsmigration des gesamten jüdischen Elements aus Bessarabien und der Bukowina.’ En zo is het ook uitgevoerd. Velen hebben in het door de Roemenen gecontroleerde Transnistrië het leven gelaten.

Bovendien zijn naar Transnistrië gedeporteerde Joden soms ook aan de andere kant van de Boeg tewerkgesteld, waar niet Roemenië maar de Duitse Organisation Todt het voor het zeggen had. Die naar de andere oever van de Boeg gedeporteerde Joden bevonden zich eerst in Ladijin of in Cariera de Piatra, Steinbruch am Bug.

Isak Weissglas heeft zijn herinneringen opgetekend onder de titel Steinbruch am Bug, Bericht einer Deportation nach Transnistrien. Het boek is in 1995 uitgegeven door Literaturhaus Berlin en daarin staat een kaartje dat ik overneem. Ik gebruik de op dit kaartje gebezigde spelling van de plaatsnamen, tenzij deze in een citaat anders luidt.


Langs de Zuidelijke Boeg

Isak Weissglas is de vader van de dichter Immanuel Weissglas, geboren in 1920, in hetzelfde jaar als Paul Celan. Immanuel Weissglas en Paul Celan waren klasgenoten en met elkaar bevriend. In de uitgebreide literatuur over Paul Celan speelt Immanuel Weissglas vooral een rol omdat in één van zijn gedichten, Er, dezelfde motieven voorkomen als in Celan’s Todesfuge en de vraag is opgeworpen of Celan wellicht plagiaat heeft gepleegd. Geconstateerd moet worden dat er duidelijk verwantschap is en in hun vroege gedichten putten zij uit gelijke ervaringen. Maar daarmee houdt het op. De gedichten van Weissglas en Celan zijn te verschillend van toon en lyrische zeggingskracht om het verwijt van plagiaat te kunnen dragen. Weissglas heeft dat ook zelf met zoveel woorden erkend.

In zijn Bericht einer Deportation nach Transnistrien vertelt Isak Weissglas hoe hij, zijn vrouw en zijn twee zonen, Immanuel en Theodor, eind juni 1942 op transport zijn gesteld. Op het station van Czernowitz werden zij in veewagens geladen en zo tot aan de rivier de Djnestr gebracht. ‘Die menschliche Würde,’ schrijft Weissglas, ‘wurde an der Grenze Transnistriens aberkannt, was konnte uns wohl dort noch erwarten?’ Na opnieuw een treinreis, in gesloten wagons, ‘ohne Luft und Wasser’, bereiken ze Steinbruch am Bug. Daar worden ze in groepen van ongeveer 30 personen bijeengebracht. Tot de groep van Weissglas behoorde ook de dichter Alfred Kittner.

Medio augustus 1942 arriveren de Duitsers. ‘Einem schwarzen geschlossenen Personenauto, mit weissem Hakenkreuz und Totenkopf geschmückt, entstiegen drei Männer in der Uniform der deutschen SS.’ Eerst wordt nog gevraagd of men bereid is voor de Duitsers te gaan werken. Een Roemeense luitenant, Vasilescu, waarschuwt hen daar niet op in te gaan. ‘Aus einfacher Menschlichkeit,’ schrijft Weissglas. ‘Das gehen zu den Deutschen bedeute unseren sofortigen Untergang und er erzählte bisher nicht geähnte Schauergeschichten von jenseits des Bugs, wo die endgültige Ausrottung der Juden im Programme der Deutschen gelegen sei.’

Enkele dagen later bepalen de Duitsers wie voor hen moeten gaan werken. ‘Deutsche Offiziere gingen an unseren Reihen vorüber und musterten uns wie Tiere, die zur Schlachtbank geführt werden.’ De meeste Joden uit Steinbruch am Bug en uit het nabijgelegen Ladijin worden naar ‘de andere kant van de Boeg’ gedeporteerd. De familie Weisglass mag blijven, als ‘Spezialisten für die rumänische Verwaltung’. Het is hun redding.

Alfred Kittner heeft in zijn Erinnerungen 1906-1991, uitgegeven door Rimbaud Verlagsgesellschaft te Aken, over zijn tijd in Steinbruch am Bug een vrijwel gelijke beschrijving gegeven. Ook hij kan daar blijven maar verreweg de meeste gevangenen werden naar de andere kant van de Boeg gedeporteerd. ‘Von denen, die das Lager damals verliessen, sind nur wenige am Leben geblieben. Fast alle sind über dem Bug entweder vor Entkräftung gestorben oder wurden durch Genickschüsse getötet.’

Immanuel Weissglas heeft in 1947 zijn in Transnistrië ontstane gedichten samengevoegd in de bundel Kariera am Bug, later opgenomen in de verzamelbundel Aschenzeit, ook bij Rimbaud uitgegeven. Een van de gedichten, Sieben Wochen am Bug, begint zo:

Ich habe in den letzten sieben Wochen
mit dir so oft von unserm Tod gesprochen,
dass du, versöhnt mit dem, was kommen muss,
von nun an ihn erwarten willst am Fluss.

In een ander gedicht, Das Massengrab, staan de volgende regels:

Was hab ich mehr auf dieser Welt zu tun
als nachzusehn, wo meine Toten ruhn?

Alfred Kittner heeft over die tijd eveneens gedichten geschreven, waaronder Abschied vom Steinbruch. Ik neem de laatste coupletten van dat gedicht over uit de verzamelbundel Literaturstadt Czernowitz:

Hoe het de Joden is vergaan die vanuit Transnistrië naar de andere kant van de Zuidelijke Boeg werden gedeporteerd, heeft de schilder Arnold Daghani in een door hem bijgehouden dagboek genoteerd en op door hem gemaakte tekeningen vastgelegd. Ik noemde Daghani al in mijn column over de dichteres Selma Meerbaum-Eisinger. In deze column citeer ik de Duitse uitgave: Lasst mich Leben, Stationen im Leben des Künstlers Arnold Daghani. Daarnaast noem ik de eveneens bij de uitgever zuKlampen! uitgegeven tentoonstellingscatalogus Verfolgt – Gezeichnet, Der Maler Arnold Daghani.

Daghani, oorspronkelijk Korn, is in 1909 in de Boekovina geboren en in 1942 naar Transnistrië gedeporteerd. Op 18 augustus 1942 bereikt hij samen met zijn vrouw, hij noemt haar in zijn dagboek Nanino, het bij de rivier de Boeg gelegen plaatsje Ladijin. Op het verkeerde moment, op de verkeerde plaats, zo weten we uit de herinneringen van Weissglas en Kittner. Van daaruit werden zij rechtstreeks naar Michailovka aan de andere kant van de Boeg gedeporteerd. ‘Wir waren am Ziel: ein mit Stacheldraht umzäunter Stall, der von einer Dorfwache bewacht wurde.’ Daghani en zijn vrouw worden tewerkgesteld, eerst in een grindgroeve later bij de aanleg van een weg. Degenen die het werk niet meer goed aankunnen of proberen te vluchten, worden doodgeschoten. Daghani geeft verschillende voorbeelden van zulke gebeurtenissen. Laat ik maar volstaan met wat een lid van de Organisation Todt tegen een gevangene moet hebben gezegd: ‘Ihr seid wie vom Schlachter gekauftes Vieh. Der eine wird heute getötet, der andere morgen. Erwischen wird es euch alle.’

Daghani houdt bij wie aan de door de Duitsers begane wandaden ten offer vallen. Onder hen de dichteres Selma Meerbaum-Eisinger en de ouders van Paul Celan, Leo en Fritzi Antschel.

Daghani noemt de 18-jarige Selma Meerbaum-Eisinger voor de eerste keer in een dagboekaantekening van 18 oktober 1942. Zij heeft een boek van Rabindranath Tagore meegenomen naar Michailovka, Das Heim und die Welt, dat Daghani graag wil lenen maar zover komt het niet, want het is intussen in rook opgegaan, gebruikt om vuur te maken. ‘Arme Selma,’ schrijft hij op 6 december, ‘sie ist seit einiger Zeit krank.’ Op 16 december noteert Daghani dat zij is gestorven en op 30 december: ‘Ich habe aus der Erinnerung auf ein liniertes Blatt papier (6 cm x 15 cm) mit Bleistift gezeichnet, wie Selma vor zwei Wochen auf einer Leiter herausgetragen worden ist.’ Op de site van Yad Vashem is die tekening te zien.

Op 17 september 1942 vermeldt Daghani: ‘Dreissig Handwerker sollen nach Gaisin überführt werden. Unter ihnen ist (…) der Baumeister Antschel (…)’ Op 20 september komt Antschel naar Michailovka om zijn vrouw naar het nabij gelegen Gaisin mee te nemen. Daghani heeft daarna niets meer van of over hen vernomen en gaat er vanuit dat zij in Gaisin zijn gestorven. Wij weten nu dat de vader van Celan aan tyfus is overleden en de moeder van Celan is doodgeschoten.

Al in 1944 dichtte Paul Celan (in de vertaling van Ton Naaykens):

Kent nog, moeder, het nat van de zuidelijk Boeg,
de golf die diepe wonden in jou sloeg?

En in het latere gedicht Wolfsbohne, dat Celan bij leven niet heeft gepubliceerd, staan de regels (wederom in de vertaling van Ton Naaykens):

Ver, in Michailovka, in
de Oekraïne, waar
ze mijn vader en moeder doodden: wat
bloeide daar, wat
bloeit daar? Wat voor
bloem, moeder,
deed jou daar pijn
met haar naam?

Daghani en zijn vrouw weten juli 1943 uit Michailovka te ontsnappen en moeten op hun vlucht de rivier de Boeg oversteken, Daghani met een zak waarin de door hem in Michailovka gemaakte tekeningen. Op 20 juli bereiken ze Bersad.

Sommige tekeningen zijn tijdens de oversteek van de Boeg nat geworden. Boven één van die tekeningen heeft Daghani naderhand geschreven:

Done early February, 1943, on a Sunday. (…) The top of the painting was damaged when on our escape we were wading through the river Bug.

Deze tekening, die zich met andere tekeningen van Daghani in de bibliotheek van de universiteit van Sussex bevindt, is afgedrukt op de voorkant van de tentoonstellingscatalogus Verfolgt – Gezeichnet, Der Maler Arnold Daghani.

Delen |

Reacties

rolf kat

vrijdag 1 april 2016
weer een schitterende column leo. dank!

Margriet Hos

maandag 18 april 2016
Een prachtig verhaal. Dankuwel!
Graag zou ik willen weten of het boek van Peter Rychlo, Literaturstadt Cernowtz, nog te koop is.

Met vriendelijke groet,
Margriet aHos

Leo Frijda

dinsdag 19 april 2016
Literaturstadt Czernowitz is niet makkelijk te vinden. Googlen levert, zag ik, weinig op. Ook op Amazon zag ik het boek niet. Mijn uitgave is een tweede, verbeterde druk uit 2009. Mogelijk is het een uitgave die voor bezoekers van de Boekovina is bestemd en heb ik bij mijn bezoek van 2013 het boek in het museum gekocht. Ik weet het niet meer zeker. Een uitgever staat niet in het boek, wel Druck Art Czernowitz. Inhoudelijk is Peter Rychlo de bezorger. Als vormgever staat vermeld: Oleg Liubkivskyj. Het is ook mooi vormgegeven. Meer kan ik er niet van maken.

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon