sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 19 november 2010

Het is wat het is / zegt de liefde, luidt één van de bekendste gedichten van Erich Fried, vertaald door Remco Campert. Maar over zijn liefdesgedichten gaat deze column niet, wel over zijn werk als politiek geëngageerde dichter nu Meltzer Verlag Höre Israel, Gedichte gegen das Unrecht, september van dit jaar heeft herdrukt.

Klaus Wagenbach heeft eerder twee boeken van zijn vriend Erich Fried uitgegeven, een herdruk van diens herinneringen met de titel Mitunter sogar Lachen en vorig jaar een aantal brieven met de titel Alles Liebe und Schöne, Freiheit und Glück. Deze boeken zijn niet alleen mooi vorm gegeven, maar bieden samen ook een goede kijk op wie Erich Fried is en wat hem beweegt.

Erich Fried is op 6 mei 1921 in Wenen geboren. In zijn herinneringen schrijft hij met veel gevoel over zijn grootmoeder Malvine Stein, door wie hij als kind grotendeels is opgevoed. Op bijna tachtigjarige leeftijd is zij via Theresienstadt in Auschwitz terechtgekomen en daar op 26 maart 1943 omgebracht. Thuis was het voor Erich Fried niet altijd gemakkelijk. Zijn ouders gingen ieder hun eigen weg. Wel hebben zij hem al vroeg de liefde voor boeken bijgebracht. Uit zijn herinneringen blijkt niet dat hij van huis uit veel van de Joodse cultuur en traditie heeft meegekregen. En met religie, schrijft Fried, is hij alleen als kind in aanraking gekomen. Later, op het gymnasium, wordt hij er hardhandig mee geconfronteerd dat hij een Jood is. Als hij voor Saujud wordt uitgescholden, is zijn antwoord: Ja, ich bin ein Jude. Und ich bin stolz, ein Jude zu sein.

Het jaar 1938 is voor het verdere leven van Erich Fried beslissend. De gebeurtenissen van die tijd verwandelten ihn aus einem österreichischem Oberschüler in einen verfolgten Juden. Ook hij een Jood op bevel. Zijn herinneringen leggen daarvan indringend getuigenis af. Maar laat ik volstaan met wat er met zijn ouders gebeurt. 24 April 1938 worden zij in hechtenis genomen op verdenking geld naar het buitenland te willen smokkelen. Tijdens die detentie wordt zijn vader door een man van de Gestapo hard in de maag getrapt. Hij komt op 24 mei in een zo erbarmelijke toestand weer thuis dat zijn zoon hem eerst niet herkent. Nog dezelfde avond sterft hij. De moeder van Erich Fried heeft in totaal 13 maanden vastgezeten. Na haar invrijheidstelling kon zij alsnog Londen bereiken. Erich Fried was al eerder, 5 augustus 1938, via België naar Londen gevlucht. Tot zijn dood op 22 november 1988 zal hij er blijven wonen. De eerste jaren heeft hij gewerkt voor het Jewish Refugee Committee en heeft hij bovendien op eigen initiatief meer dan zeventig vluchtelingen, onder wie zijn eigen moeder, weten te redden door hen naar Engeland te halen. Tegelijkertijd begint zijn dichterschap. Ik haal het gedicht aan dat hij heeft gewijd aan zijn vader die is begraven op het Wiener Zentralfriedhof, neue Israelitische Abteilung. Erich Fried dicht in 1945:

...
Die mir die Gärten meiner Stadt versagen,
die Bank im staubigen Grün am Kai,
sie haben mir den Vater totgeschlagen,
dass ich ins Freie komm und Frühling seh.

Later schrijft Erich Fried een brief aan Heinrich Böll waarin hij hem over de dood van zijn vader vertelt. Toen nam hij het besluit, schrijft hij aan Heinrich Böll, om wenn ich lebend aus dem Lande komme, gegen diese Barbarei und alles vom gleichen Schlag zu kämpfen, solange ich lebe.

Dat heeft hij onvermoeibaar gedaan. Erich Fried ontwikkelt zich tot een politiek geëngageerde dichter die door zijn stellingname vaak op weerstand stuit. Al in 1966 verschijnt zijn bundel und VIETNAM und waarin hij een duidelijk, toen zeker nog niet door iedereen gedeeld standpunt inneemt over het Amerikaans optreden in Vietnam. Die gedichten zijn door Gerrit Kouwenaar vertaald. Ik kan dus de volgende dichtregels in het Nederlands weergeven:

Waarom was je niet als de boom Trung Kwan?
zegt een meisje

Dat wil zeggen
haar geliefde is één van hen
die verbrand zijn

De bladeren van de boom Trung Kwan vatten geen vlam
zoals bamboestokken of mensenhuid

En dan is het 1967. De gedichtenbundel Anfechtungen verschijnt met het onmiddellijk omstreden gedicht Höre, Israel waarin Erich Fried zich onomwonden keert tegen het optreden van Israël. Ik citeer de beginregels:

Als wir verfolgt wurden
war ich einer von euch
Wie kan ich das bleiben
wenn ihr Verfolger werdet?

In de door Wagenbach bij elkaar gebrachte brieven, staan ook brieven van Paul Celan en Jean Améry, die ik allebei in deze columns al eens heb behandeld. De verstandhouding met Paul Celan, de opgenomen brief dateert uit 1952, zal door het standpunt van Erich Fried over Israël bekoelen. En in 1975 gaat het Jean Améry veel te ver om het optreden van Israël imperialistisch en misdadig te noemen. Deze bewoordingen staan in de gedichtenbundel Höre Israel, die een jaar eerder was verschenen en waarvan nu een herdruk op de markt is gebracht.


Uitgave 1974

Uitgave 2010

Met de wijze waarop deze nieuwe uitgave van Höre Israel wordt gepresenteerd, ben ik niet onverdeeld gelukkig. De herhaling van de titel in het Hebreeuws raakt me in het hart. Het Sjema is immers één van onze belangrijkste gebeden. Op de omslag van de uitgave uit 1974 staat de Hebreeuwse tekst niet. De toevoeging Gedichte gegen das Unrecht zag ik evenmin op de omslag uit 1974. Op de omslag wordt verder een foto van kinderen in een Duits concentratiekamp geplaatst naast een foto met Palestijnse kinderen. In het boek wordt dat procedé enkele malen herhaald. Goed mogelijk is dat dit in 1974 ook al het geval was. Ik ken alleen de omslag van de uitgave uit 1974, de uitgave zelf heb ik niet.

Mijn grote bezwaar tegen deze foto’s en ook de gedichten van Erich Fried betreft de herhaalde koppeling van wat tijdens de sjoa is gebeurd met wat in Israël gebeurt. Die vergelijking gaat niet op en moet je mijns inziens niet willen maken, ook niet als je het met het optreden van Israël oneens bent. De achtergrond van Erich Fried, ik zeg dit in alle behoedzaamheid die daarbij past, maakt dat wat mij betreft niet anders. Onrecht is onrecht, zou men kunnen tegenwerpen. Ja, maar niet altijd, in de woorden van Erich Fried zelf, vom gleichen Schlag. Hij gaat daarin bovendien wel heel erg ver. Zo eindigt het gedicht Ein Jude an die zionistischen Kämpfer met Hakenkreuslehrlinge, een woord dat ik in deze context maar met moeite kan overtypen.

De titel van dat laatste gedicht, Ein Jude an die zionistischen Kämpfer, maakt een dilemma zichtbaar waar ik niet zonder meer een antwoord op heb. Jean Améry schreef in 1975 aan Erich Fried: wir wollen doch um keinen Preis die “querelles juives” ausgerechnet auf deutschem Boden austragen! Men kan een dichter echter niet ontzeggen Warngedichte te schrijven en te publiceren. De mooie laatste regels van het laatste gedicht uit Höre Israel luiden:

Ein Mensch
der ein Mensch ist
kann nicht schweigen
zu dem was geschieht

Maar het dilemma blijft dat men in het geval van kritiek op Israël niet zeker weet wie er mee aan de haal gaan en met welke motieven.

Nu de andere kant, want daar heeft Erich Fried recht op. Daarom ook ben ik deze column begonnen met twee boeken die zicht geven op wie Erich Fried is en wat hem beweegt. Erich Fried is oprecht en zijn schaamte over wat in Israël gebeurt, is des te groter juist omdat hij een Jood is en de jaren van vervolging aan den lijve heeft ondervonden. In mijn column van 5 november jl. citeerde ik Hannah Arendt die aan Gershom Scholem schreef dat onrecht, begaan door het eigen volk, haar meer aan het hart gaat dan ander onrecht. Dat herken ik. Als de radio aanstaat en het optreden van Israël weer eens het onderwerp van berichtgeving is, heb ook ik soms de neiging om van schaamte onder de dekens weg te kruipen.

Mijn kritische opmerkingen moeten dus niet tot de conclusie leiden dat deze Warngedichte maar beter ongelezen kunnen worden gelaten. Juist wij moeten deze gedichten lezen. Om de eigen mening tegen het licht te houden en eventueel bij te stellen. De gedichten, 35 jaar geleden geschreven, hebben bovendien niet aan actualiteit ingeboet. Erich Fried:

Wie lange werdet ihr brauchen
um über das
was ich sage
nicht mehr empört zu sein?

Und werde ich dann noch da sein
um es zu sagen?
Und wird es dann noch helfen
wenn man es sagt?

Wird es dann nicht zu unverständlich sein
oder zu selbstverständlich?
Und werde ich dann nicht krächzen:
“Ich hab es schon immer gesagt”?

We hebben de neiging te denken dat het gelijk geheel aan onze kant ligt. Maar zelfs Erich Fried was daarvan misschien toch niet helemaal zeker. En dat geldt ook deze columnist. Dus nog een enkele regel uit één van de gedichten:

... hab Angst
vor dem
der dir sagt
er kennt keinen Zweifel.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon