sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

donderdag 28 mei 2009

Imre Kertész, geboren in 1929 in Boedapest, heeft het nodige met Appelfeld gemeen. Allebei hebben zij als enig kind uit een geassimileerd gezin de sjoa overleefd, allebei zijn ze schrijver geworden met als drijfveer hun jeugdjaren vóór en vooral tijdens de sjoa.

In 1944 is de vader van Kertész, László Kertész (de familienaam luidde oorspronkelijk Klein), in de kampen verdwenen. Enige tijd daarna is ook Kertész opgepakt en naar Auschwitz op transport gesteld. Na enkele dagen is Kertész doorgestuurd naar Buchenwald en daarna naar het werkkamp Zeitl. Doodziek teruggebracht naar Buchenwald, is hij daar door de Russen bevrijd. Uiteindelijk wist hij Boedapest weer te bereiken. Geïnspireerd door wat er tijdens de sjoa met hem is gebeurd, heeft Kertész eerst Onbepaald door het lot (1975) geschreven en daarna onder andere nog Het fiasco (1988) en Kaddisj voor een niet geboren kind (1990). Wie geïnteresseerd is in het denken van Kertész, wijs ik op Dagboek van een galeislaaf (1992), Ik, de ander (1997), De verbannen taal (2004) en vooral Dossier K, een onderzoek, dat uit 2006 dateert en in 2007 bij De Bezige Bij in het Nederlands is uitgekomen.

Kertész, die in 2002 de Nobelprijs voor literatuur kreeg, heeft over het schrijven van zijn eerste werk, Onbepaald door het lot, ongeveer dertien jaar gedaan en het heeft hem daarna nog enkele jaren gekost om in Hongarije een uitgever te vinden. Over het ontstaan van deze roman vinden we veel terug in Dagboek van een galeislaaf en in Dossier K.

Het bijzondere van Onbepaald door het lot is dat het verhaal is geschreven vanuit het beleven en de gedachtewereld van een vijftienjarige jongen en zo voor de lezer, die weet wat er tijdens de sjoa is gebeurd, indringend weerspiegelt wat Kertész in die jaren heeft meegemaakt. Daarover is Kertész in zijn boeken steeds blijven nadenken en ook in zijn andere boeken komt hij telkens weer terug op wat hij samenvattend Auschwitz noemt. Hoe autobiografisch is Onbepaald door het lot?

Iets is of een roman of een autobiografie en uiteindelijk lijkt een romanfiguur waarschijnlijk meer op degene die de roman schreef dan op degene die die dingen beleefde, schrijft Kertész in Dossier K. Dossier K. heeft als ondertitel Een onderzoek en het boek heeft de vorm van een interview. De interviewer stelt de vraag of de in Onbepaald door het lot beschreven eerste indruk van Auschwitz fictie of werkelijkheid is en Kertész antwoordt: de meest authentieke werkelijkheid, die de structuur van de fictie uitstekend diende. Een interessant antwoord omdat het laat zien dat, ook als het gaat om authentieke werkelijkheid, deze moet passen in de structuur van het verhaal. In Dossier K. geeft Kertész een voorbeeld van een weggelaten scène die niet paste in de structuur van de roman. Toen de jonge Kertész in Boedapest door gendarmes werd opgepakt, verkeerden deze gendarmes in een moordlustige stemming, maar het vermelden daarvan kwam niet goed uit, omdat Kertész in dat stadium van de roman wilde laten zien hoe onwetend zijn hoofdpersoon nog was van wat hem in Duitsland te wachten stond.

Het aan het eind van de roman weergegeven en voor het duiden van de roman cruciale gesprek met twee buren (na de terugkomst in Boedapest) is fictie, is een constructie, ingelast om te beschrijven hoe de hoofdpersoon had ervaren wat er was gebeurd. Ook daarover is Kertész duidelijk. Ik heb Onbepaald door het lot nooit een holocaustroman genoemd, zoals anderen, schrijft hij in Dossier K., want datgene wat holocaust genoemd wordt kan niet in een roman worden gevat. Ik schreef over een toestand en ofschoon de roman de onuitsprekelijke ervaring tot menselijke beleving probeert om te vormen, hielden me toch in de eerste plaats de ethische gevolgen van beleven en overleven bezig.

Ook bij Kertész gaat het daarbij om wat Appelfeld heeft genoemd ‘the naked Jewishness’. In de door Kertész geschreven fictie is de assimilatie van vóór de sjoa sterk aangezet. Zo lezen we in Onbepaald door het lot dat in het gezin van de hoofdpersoon varkensvlees werd gegeten (alleen een nog orthodoxe oom sloeg dit af). En als het in het kamp vrijdagavond is en een rabbijn gebeden zegt, hoort de hoofdpersoon een eigenaardig gemompel en vraagt hij zich af wat er aan de hand is. Tijdens de executie van ontsnapte maar weer opgepakte gevangenen, begrijpt hij niettemin (zelfs ik) dat er kaddisj wordt gezegd. En er wordt aan toegevoegd: op dat moment speet het me voor de eerste keer in mijn leven dat ik niet religieus was opgevoed.

Uit Dossier K. weten we nu iets meer over het gezin waaruit Kertész afkomstig is. Bij de grootvader kwam nog geen varkensvlees op tafel, al ging ook hij volgens Kertész maar een doodenkele keer naar de synagoge. De nog meer geassimileerde vader heeft Kertész toch nog bar mitswa laten worden bij rabbijn Izsák Schmelczer (tegen betaling van een gans). In De verbannen taal vertelt Kertész bij een bezoek aan een synagoge dat hij tijdens zijn schooltijd voor het laatst in een synagoge was geweest. Ik leid uit dit alles af dat Kertész vanuit zijn jeugdjaren meer weet moet hebben gehad van de Joodse gebruiken dan de hoofdpersoon uit Onbepaald door het lot. Maar veel zal zijn kennis toch niet om het lijf hebben gehad en Kertész zal het zoveel mogelijk weg hebben gelaten om des te scherper te kunnen aangeven dat hij (en de geassimileerde Joden in het algemeen) om geen enkele andere reden dan hun Jood-zijn in de verschrikking van de sjoa terecht zijn gekomen. Het is een centraal thema in het werk van Kertész.

Kertész noemt zich Jood op bevel. Hij is een mens die toevallig Jood is. Maar omdat ik een Jood ben, heb ik een heel bijzondere ervaring gehad, en wel de meest absolute ervaring die denkbaar is van overgeleverd zijn aan het totalitarisme, aldus Kertész in Dagboek van een galeislaaf. Ook in Dossier K. vinden we dit terug. Ik was Jood geworden door de Holocaust. Die notie maakt het Kertész mogelijk de rassenwaan van het Derde Rijk in zijn meest elementaire vorm bloot te leggen.

Delen |

Reacties

Hans Pol

donderdag 9 juli 2009
L.S.

Enige jaren geleden heb ik in een krantenartikel gelezen een verhaal/interview van/met Kertesz. Het ging over een Jood die in een trein werd beledigd en zwaar gekwetst. Hij sloeg degene die het deed heel hard zodat het tot een rechtzaak kwam. De geslagene begreep dat hij geslagen was, maar waarom zo hard geslagen? Hij antwoordde dat met hem 6 miljoen hadden mee-geslagen. Het heeft toen (ca 2002???) grote indruk op me gemaakt
Heel graag wil ik weten in welk boek ik dit fragment kan vinden.
Met vriendelijke groet,
Hans Pol

Leo Frijda

donderdag 1 oktober 2009
Het verhaal komt me bekend voor maar of het van Kertesz is en waar dat te vinden zou zijn, weet ik niet. Weet een andere lezer van de columns dit misschien?

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon