sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 23 januari 2015

Maar weer eens naar Parijs gaan, dacht ik de laatste tijd regelmatig. Dat kwam echter niet door de bloedbaden die daar hadden plaatsgevonden en de hartverwarmende weerzin die veel Fransen toonden en dus hield ik een column met mijn voornemen spoedig weer eens naar Parijs te gaan vorige week maar achterwege.

De aanleiding tot mijn verlangen naar Parijs was het lezen van de boeken van Patrick Modiano. Modiano kreeg in 2014 de Nobelprijs voor de Literatuur en de vertalingen van zijn boeken zijn daarom vorig jaar herdrukt, sommige voor de prijs van slechts 10 euro. Ik kocht een stapeltje om tijdens de laatste dagen van 2014 te lezen en ik had dezelfde ervaring, al zou ik het anders formuleren, als Arjen Fortuin die in NRC schreef: ‘ik bracht Kerst door met een stapeltje heruitgaven en voelde me als een kind op vrijdagmiddag met een grote zak drop.’ Zo las ik onder andere In het café van de verloren jeugd en Het gras van de nacht, uitgegeven door Querido en vertaald door Maarten Elzinga. Ik was Modiano op het spoor en was meteen gegrepen door zijn romans waarin steeds opnieuw wordt geprobeerd greep te krijgen op de brokstukken van de herinnering.


Patrick Modiano

Modiano schrijft heel precies over de straten en gebouwen van Parijs. Parijs is zijn houvast. ‘Ik ben gelukkig als ik alleen door de straten van Parijs loop’, schrijft hij in één van zijn boeken. De roman In het café van de verloren jeugd speelt in de rue de Condé, tussen Odéon en Le Jardin du Luxembourg. Het gras van de nacht in Montparnasse waar ik met mijn geliefde verblijf als we naar Parijs gaan. We spoeden ons dan altijd meteen naar Le Select, een café dat Modiano in zijn boek zijdelings noemt.

Bij Modiano gaat het natuurlijk om meer dan aangenaam verpozen en Manet van Montfrans heeft dat in haar vorig jaar verschenen boek Steltlopen door de tijd, Over geheugen en geschiedenis in de moderne Franse literatuur, mooi omschreven:

De Parijse topografie vormt het stramien van het universum van Modiano. In de verhalen die hij op dat stramien schrijft, functioneren bepaalde plaatsen als uitgangspunt voor interpretatie. Modiano’s personages lijken op goed geluk door Parijs te dolen (…), maar als men hun zwerftochten reconstrueert op een plattegrond van de stad, dan blijken deze heel precies geprogrammeerd te zijn, als een rondleiding langs publieke en persoonlijke plaatsen van herinnering.

In het begin van haar opstel over Modiano verwijst Van Montfrans naar de Quarto-reeks van Gallimard waarin in één band tien boeken van Modiano zijn verschenen. Vooral nieuwsgierig naar de foto’s die in de uitgave van Gallimard zijn opgenomen, raadpleegde ik deze verzamelband, hoewel mijn schoolfrans onvoldoende is om Modiano in die taal te kunnen lezen. De foto’s laat ik in deze column uiteindelijk maar achterwege. Ik citeer liever Modiano zelf die in zijn inleiding bij de verzamelband opmerkt (in de vertaling van Van Montfrans):

Deze ‘romans’, die voor het eerst in één band verschijnen, vormen één werk en ze zijn de ruggengraat van de andere teksten die hierin niet zijn opgenomen. Ik dacht dat ik ze los van elkaar geschreven had, als ik met de ene bezig was, was ik de vorige vergeten, maar vaak keren dezelfde gezichten, dezelfde namen, dezelfde plaatsen, dezelfde zinnen van boek tot boek terug, als patronen in een tapijt dat je in een halfslaap geweven zou hebben.

Wat ik de lezer van deze column te bieden heb, is niet meer dan een samenvattend verslag over wat ik van Modiano de afgelopen weken op het spoor kwam. Gefascineerd door Modiano wilde ik vooral Dora Bruder en Pedrigree graag lezen. Beide boeken heeft Modiano voor de verzamelband van Gallimard geselecteerd. Dora Bruder is in de vertaling van Maarten Elzinga uitgegeven door Meulenhoff. Pedrigree is vertaald door Bernlef en in 2005 onder de titel Een stamboek door Querido uitgegeven. In het in 2012 postuum verschenen boek van Bernlef, Onbewaakt ogenblik, vond ik twee ‘notities over Patrick Modiano’.

Tot mijn verdriet bleek Een stamboek in 2014 niet herdrukt en ook antiquarisch kon ik geen enkel exemplaar vinden. Wel bleek mij dat kort na het verschijnen van Een stamboek Martin de Haan de vertaling van Bernlef in de Volkskrant had afgekraakt. In zijn artikel staat het advies van De Haan om aan Maarten Elzinga de opdracht te geven dit boek van Modiano opnieuw te vertalen. Misschien is dat de reden dat Querido of Meulenhoff een vertaling van Pedigree in het jaar van de Nobelprijs nog niet heeft uitgebracht.

Eenmaal op het spoor van Modiano kon ik echter niet wachten en heb ik Pedigree noodgedwongen maar in het Duits gelezen. De autobiografisch gekleurde roman uit 2005 bleek een centraal boek binnen het oeuvre van Modiano. Het is, in de woorden van Van Montfrans, ‘het kale, afstandelijke verslag van een stuurloze jeugd’. Net als in de andere romans die ik las, is Pedigree geschreven als een zoektocht aan de hand van de herinnering aan plaatsen en gebeurtenissen, een zoektocht ‘in het drijfzand van het verleden’.

Ik ben geboren, zo begint Modiano Pedigree, op 30 juli 1945, in Boulogne-Billancourt, Allée Marguerite 11, als kind van een Jood met een Zuid-Europese achtergrond en een actrice uit Vlaanderen die elkaar hebben leren kennen toen Parijs was bezet. ‘Ik schrijf Jood, zonder te weten wat dit woord voor mijn vader betekende en omdat het indertijd in zijn persoonsbewijs vermeld stond.’

De vader, Albert Modiano, komt in Pedigree bepaald niet gunstig naar voren. Hij houdt zich met illegale praktijken bezig en verlaat de moeder van Modiano voor een andere vrouw zonder zijn vroegere gezin financieel te ondersteunen. De moeder, Louisa Colpijn, komt er niet beter vanaf. ‘Ik herinner mij,’ staat in de roman, ‘van haar geen liefdevolle of tedere gebaren’. De schrijver van Pedigree is als ‘een hond zonder stamboom die teveel aan zichzelf was overgelaten’. Inderdaad ‘een stuurloze jeugd’ en dat is misschien zelfs een eufemisme.

Over de vader en diens jodendom twee aanhalingen. ‘Vader heeft mij nooit verteld’, schrijft Modiano, ‘hoe hij als Jood de jaren van bezetting in Parijs heeft ervaren. Had hij angst en het gevoel dat op hem werd gejaagd omdat men hem onder te jagen wild had ingedeeld, terwijl hij zelf niet eens wist wie hij eigenlijk was?’ Ook toen ze samen in een bioscoop een documentaire over de processen van Neurenberg zagen, Modiano was dertien en zag toen voor het eerst de beelden van de concentratiekampen, liet zijn vader niet merken wat in hem omging. ‘Daarover spraken zij nooit met elkaar, zelfs niet bij het verlaten van de bioscoop’.

In Pedigree staat een scène die ook elders in de boeken van Modiano voorkomt en die zich afspeelt in een groene politiewagen waarin hij samen met zijn vader naar een politiebureau wordt gebracht. Hier past, merk ik, een aantekening. Ik schrijf steeds Modiano hoewel ik natuurlijk weet dat de ik-figuur van een roman niet zonder meer met de schrijver kan worden vereenzelvigd. Dat ligt gecompliceerder. De moeder van Modiano, blijf ik toch maar schrijven, had hem naar zijn vader gestuurd om een financiële bijdrage te vragen. Dat pakte faliekant verkeerd uit. Modiano werd wegens lastigvallen en onheus gedrag bij de politie aangegeven en zat toen voor het eerst van z’n leven samen met zijn vader in een groene politiewagen. Hij bedenkt dan dat zijn vader februari 1942 en winter 1943 ook in zo’n wagen moet hebben gezeten toen hij tijdens razzia’s was gesnapt. Tijdens de rit in de politiewagen zegt zijn vader echter geen woord.

Pedigree eindigt op het moment dat de eerste roman van Modiano af is. En als een uitgever die roman wil publiceren, kunnen de laatste zinnen van Pedigree worden geschreven. ‘Voor het eerst is de dreiging die hem dwong steeds op z’n hoede te zijn, opgelost in de lucht van Parijs’. In de boeken van Modiano zal Parijs steeds opnieuw de plaats blijven waar hij aan de hand van straten en gebouwen heden en verleden met elkaar probeert te verbinden.

Zo kwam de politiewagen waarmee zijn vader na een razzia naar het ‘hoofdkwartier van de jodenpolitie’ werd gebracht, ook al voor in Dora Bruder, de roman van Modiano uit 1998. Mogelijk, denkt Modiano, zat in dezelfde politiewagen de toen zestienjarige Dora Bruder. De roman verhaalt de speurtocht van Modiano naar het Joodse meisje Dora Bruder. Zij kan echter, zo blijkt hem later, onmogelijk tegelijk met de vader van Modiano zijn opgepakt. Opgepakt is Dora echter wel, op 19 juni 1942, waarna zij op 13 augustus is doorgestuurd naar Drancy. Haar vader, Ernest Bruder, was toen al enkele maanden in Drancy geïnterneerd. Vandaar zijn Ernest en Dora Bruder op 18 september naar Auschwitz gedeporteerd. Dit alles is Modiano in een lange zoektocht, die hij in zijn roman beschrijft, te weten gekomen.

De drie laatste alinea’s van Dora Bruder wil ik hier graag aanhalen:

Op zaterdag 19 september, de dag nadat Dora en haar vader vertrokken, stelden de bezettingsautoriteiten een avondklok in, als wraak voor een aanslag in bioscoop Rex. Vanaf drie uur ’s middags tot de volgende ochtend mocht niemand zijn huis verlaten. De stad lag er uitgestorven bij, als om Dora’s afwezigheid te benadrukken.

Sindsdien is het Parijs waarin ik haar sporen heb geprobeerd terug te vinden, even uitgestorven en stil gebleven als op die dag. Ik loop door lege straten. Voor mij blijven ze leeg, zelfs ’s avonds, tijdens het spitsuur, als de mensen zich in drommen naar de ingang van de metro haasten. Ik moet steeds weer aan haar denken, en in bepaalde wijken voel ik onwillekeurig een echo van haar aanwezigheid. Pas geleden nog gebeurde me dat ’s avonds, in de buurt van het Gare du Nord.

Ik zal nooit weten hoe ze haar dagen doorbracht, waar ze zich verborgen hield en in wiens gezelschap ze zich die winter bevond, toen ze de eerste keer was weggelopen en gedurende de paar weken in het voorjaar toen ze opnieuw was ontsnapt. Dat is haar geheim. Een armzalig en kostbaar geheim dat de beulen, de verordeningen, de zogenaamde bezettingsautoriteiten, het huis van bewaring, de kazernes, de kampen, de Geschiedenis, de tijd – alles wat ons bezoedelt en vernietigt – haar nooit meer kunnen ontfutselen.

Reist men dezer dagen naar Parijs, dan zal men in de rue Nicolas Appert, in het 11e arrondissement, en bij de Porte de Vincennes, tussen het 12e en 20e arrondissement, de echo nog voelen van hen die daar in een redactielokaal en in een Joodse supermarkt zijn omgebracht.

Vergeet dan niet om over enige tijd ook naar het 18e arrondissement te gaan. Nog maar enkele dagen geleden, op 19 januari, heeft de burgemeester van Parijs, Anne Hidalgo, aangekondigd dat in dat arrondissement, waar eens het Joodse meisje Dora Bruder heeft gewoond, een straat naar haar zal worden genoemd.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon