sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 8 juni 2012

Van 30 augustus tot 4 september 1908 vond in Czernowitz de eerste internationale conferentie over het Jiddisj plaats. De conferentie was een initiatief van Nathan Birnbaum, geboren 16 mei 1864 in Wenen. Birnbaum is in 1933 naar Nederland uitgeweken en 2 april 1937 in Scheveningen overleden.


Jiddisje schrijvers op de conferentie in Czernowitz

De deelnemers aan de conferentie spraken zich uit voor het Jiddisj als taal van het Joodse volk. Naast het Hebreeuws. Men wilde bereiken dat het Jiddisj niet langer als jargon zou worden beschouwd maar als een volwaardige taal waarin men zich ook literair kan uiten. In Czernowitz leidde dit tot een bloei van het Jiddisj met als meest bekende schrijvers Elieser Steinbarg (1880–1932) en Itzik Manger (1901-1969). Op hen kom ik nog terug. In deze column staat de minder bekende Jiddisje schrijver Josef Burg centraal.

Om twee redenen. Ik schreef vorige week dat de schrijvers uit Czernowitz die de rampspoed hebben overleefd, over de wereld zijn uitgezwermd. Een uitzondering vormt Josef Burg die na de oorlog naar Czernowitz is teruggekeerd. Bovendien is dit voorjaar een informatief boek over Burg verschenen.


Raphaela Kitzmantel, Die jiddische Welt von gestern
Josef Burg und Czernowitz
Mandelbaum Verlag 2012

Josef Burg is 30 mei 1912 in Wischnitz geboren. Wischnitz was een kleine plaats in de Boekovina, gelegen aan de rivier de Czeremosz, met indertijd nog geen 7.000 inwoners. Onder hen veel Joden die vrijwel allemaal Jiddisj spraken. Het was armoe troef. Krumme, enge jüdische Gassen mit niedrigen, halb verfallenen Häuschen unter schwarzen, traurigen Dächern, schrijft Burg over Wischnitz. In zo’n half vervallen huisje kwam ook Burg ter wereld:

Mein Leben erwachte in einer windschiefen Hütte gleich am Ufer eines reissenden Bergflusses. Meinen Kopf umbrauste unruhig und unbändig das Getöse des Wassers, durchrieselt vom sanften Geraschel der Wälder, die der Nacht heimliche Märchen erzähten.
Meine Mutter sagte, ich sei am Freitagabend zur Welt gekommen, am vorletzten Tag des Monats Mai, genau zu dem Zeitpunkt, wo sie den Segen über den Sabbatkerzen hätte sprechen sollen.

Alle gegevens en citaten komen uit het boek van Kitzmantel, die Burg veelvuldig zelf aan het woord laat. Ik heb hieronder ook twee afbeeldingen uit haar boek mogen overnemen. De Jiddisje teksten van Burg zijn, voor wie het Jiddisj onvoldoende beheerst, gemakkelijk in Duitse vertaling te vinden, vooral bij Hans Boldt Verlag. In het Nederlands is, voor zover ik weet, Burg niet vertaald. De lezer van mijn columns moet het dus ook deze keer met Duitse teksten doen.

Burg kwam, dat zal duidelijk zijn, uit een eenvoudig gezin. Zijn vader werkte in Wischnitz als houtvlotter. Een hard bestaan, door Burg in zijn verhalen Auf dem Czeremosz beschreven. Nee, een romantisch oord om nostalgisch aan terug te denken was Wischnitz niet. Toch zal Burg veel van zijn werk enten op wat hij in zijn jeugd had meegemaakt:

Die Personen, die ich (...) portraitiert habe – von Eltern und Geschwistern über Verwandte und Bekannte bis zu Lehrern, Geistlichen, Schriftstellern und Gelehrten – sind lebendigen Vorbildern nachgestaltet worden. Ebenso die Bukowiner Lebensweise und nicht zuletzt die Darstellung der Bukowiner Landschaft (...) gehen auf Geschehnisse und Erfahrungen jener frühen Jahre meines Lebens zurück.

In 1924 verhuist de familie Burg naar Czernowitz. Burg kiest uitdrukkelijk voor het Jiddisj en niet voor het Duits, ook voor zijn literaire werk en dat kon in Czernowitz. Het Jiddisj was na de conferentie en onder invloed van Steinbarg en Manger meer salonfähig geworden al bleven het Duits en de Duitse cultuur domineren in Klein-Wenen aan de Proet. In zijn latere herinneringen beschrijft Burg het Czernowitz van die tijd zo:

(...) ein jiddisches Kulturzentrum mit jiddischen Schriftstellern, jiddischer Presse, jiddischem Theater (...). Begeistert und eingenommen von Steinbargs unübertrefflichen Fabeln, berauscht von Itzik Mangers Balladen, beginnt die Jugend sich nach und nach aus dem Assimilationsnetz zu befreien und zu Jiddisch zu kommen wie Schmetterlinge zum Licht.

Wel enigszins te mooi voorgesteld. Waar is, dat in het Jiddisj kan worden gepubliceerd, in de Czernowitzer Blätter. Burg noemt het een Jiddisj literair weekblad, um die, wie der Erdball um die Sonne, eine ganze Generation junger jiddischer Schriftsteller kreiste. In de Czernowitzer Blätter debuteert Burg in 1934 met zijn verhaal Auf dem Floss waarin de rivier de Czeremosz en zijn vader centraal staan. Burg vermeldt dat zijn vader zo zijn bedenkingen had, wat bewijst dat Burg het Jiddisje Czernowitz achteraf idealiseert. Zijn vader zou hem hebben gevraagd:

‘Warum schreibst du auf Jiddisch? Wer braucht das? Wer wird das lesen? Der Schneider oder der Schuster vielleicht. Hättest du Deutsch geschrieben, so hätten es auch der Herr Doktor und der Herr Professor gelesen!’


Josef Burg omstreeks 1932
Foto nalatenschap Josef Burg (Mandelbaum Verlag)

In 1934 gaat Burg eerst naar Boekarest en vervolgens naar Wenen om germanistiek te studeren. Het is onduidelijk of hij in Wenen daadwerkelijk colleges heeft gevolgd. Hoe dan ook, na de Anschluss verlaat Burg Wenen om terug te gaan naar Czernowitz. Daar komt zijn eerste in het Jiddisj geschreven verhalenbundel uit. In 1940 vallen de Russen de Boekovina binnen. Als de Russen zich moeten terugtrekken, vlucht hij met hen mee. Zijn verblijf in de Sovjet-Unie zal bijna twintig jaar duren, tot 1959.

In 1937 is zijn broer naar Spanje gegaan om te strijden tegen het fascisme en daar omgekomen. In 1938 is zijn vader overleden. Zijn moeder en een zuster hebben de sjoa niet overleefd. In Das Leben geht weiter schrijft hij later:

Sie ist schon lange nicht mehr, meine gute, scheue, fromme Mutter. Und tausende andere Mütter sind auch nicht mehr. Irgendwo am Rande der Karpatenberge gibt es ein Massengrab. Dort ist meine Mutter begraben. Dokumente gibt es nicht. Auch keine Zeugen. Nur der Wind trägt seine Melodie über die Berge wie ein ewiges Kaddisch ...
Und das Leben geht weiter.

Wanneer Burg in de Sovjet-Unie aankomt, probeert hij aan het werk te komen als leraar Duits en dat lukt hem ook, zij het met vallen en opstaan. Daarover staan in het boek van Kitzmantel enkele mooie verhalen. Zo kiest Burg het plaatsje Rosendamm in de Wolgarepubliek als eerste verblijfplaats, louter en alleen om de welluidende naam. Daarna trekt hij verder naar een plaats in Oezbekistan. Hij wil als leraar aan het werk maar er is al een leraar Duits. Of deze goed onderwijs geeft, betwijfelt de directeur van de school en Burg wordt gevraagd dat na te gaan. Burg gaat op het verzoek in: Und was höre ich? Der Lehrer spricht überhaupt kein Deutsch – er spricht jiddisch! Er bringt den Kindern Jiddisch bei! Burg vertelt de directeur dat de leraar prima is. Ich weiss nicht, was aus dem jiddischen Deutschlehrer in der usbekischen Kolchose geworden ist – aber ich habe dieses Bild nicht vergessen.

Zoals ik al schreef, het gaat met Burg in Rusland met vallen en opstaan. Hij krijgt de kans les te geven aan een universiteit. Hij ontmoet de vrouw met wie hij zal trouwen. Maar daar staat tegenover dat hij in 1948 wordt verbannen, wat duurt tot de dood van Stalin in 1953. Burg is in de ogen van de stalinisten een Kosmopolit, een voor Joden in die tijd gebruikelijk scheldwoord. Joden stonden onder verdenking van westerse invloeden en zionistische ideeën. So habe ich zwanzig Jahre in Russland gelebt. Schöne Jahre und fürchterlich schlechte Jahre. Ich will mich an diese Zeit nicht erinnern. Es waren die schwersten Jahre meines Leben.

De vraag is dus waarom Burg niet eerder naar Czernowitz is teruggegaan. Ook dat heeft Burg onder woorden gebracht. Alle sind umgekommen, meine ganze Familie, meine Verwandten. Alle, alle, alle ... Ich konnte nicht nach Czernowitz zurück. In 1959 neemt hij uiteindelijk toch de beslissing om terug te keren.

Ich bin nach Czernowitz gekommen, bin am Bahnhof ausgestiegen, hab gedacht, wohin gehen, wen fragen? Czernowitz ist meine eigene Stadt, hier bin ich als Mensch, als Schriftsteller geboren worden. Und doch: die Steine unter meinen Füssen weinen.

In het Czernowitz van die tijd heeft Burg niet direct de mogelijkheid in het Jiddisj te publiceren. Pas in 1967 neemt het Jiddisje maandblad Sowjetisch Heimland zijn verhalen op. Vanaf 1980 kunnen ook zijn boeken weer in het Jiddisj verschijnen, als eerste Das Leben geht weiter.


Uitgave van Das Leben geht weiter uit 1980
Foto nalatenschap Josef Burg (Mandelbaum Verlag)

Burg heeft altijd vastgehouden aan het Jiddisj. Hij kan het daardoor niet laten het verleden soms iets te idealiseren. Bovendien brengt het hem tot een onhoudbare definitie van Joodse literatuur:

Er (Celan) gehört der deutschen Literatur oder der österreichischen, wie man es sehen mag, jedenfalls nicht der jüdischen. Es gibt keine jüdische Literatur in einer anderen Sprache. Das gilt auch für alle anderen, die glauben, sie seien jüdische Schriftsteller, nur weil sie über jüdische Themen schreiben. Stefan Zweig ist Jude und hat Geschichten wie die vom ‘Buchmendel’ geschrieben, aber er ist deswegen doch kein jüdischer Schriftsteller. Eine jüdische Schriftsteller ist Scholem Aleichem zum Beispiel. Zur jüdischen Literatur gehört, was in Jiddisch oder Hebräisch geschrieben wurde. Man kann über Chinesen schreiben – wenn es in Jiddisch geschieht, ist man ein jüdischer Dichter. Der Sprache ist das Entscheidende.

Es ist ein ungutes Gefühl, der letzte Mohikaner einer einst blühenden Literaturlandschaft zu sein. In tegenstelling tot de meeste schrijvers die de rampspoed hebben overleefd, is Josef Burg na de oorlog naar Czernowitz teruggekeerd. Hij is inderdaad de laatste der Mohikanen uit een land waar eens mensen en boeken leefden. Het huidige Czernowitz, aldus een citaat uit het boek van Kitzmantel, kan slechts een unvollkommendes Bild jener lebendigen Stadt vermitteln, die es einst und bis zum Zweiten Weltkrieg noch war. Wie es wirklich entdecken und wissen will, der kann das über die Literatur – nicht nur die der grossen Namen – versuchen. Het loont de moeite tijdens die ontdekkingsreis Josef Burg niet over te slaan.

Burg zou eind vorige maand honderd jaar zijn geworden. Dat heeft hij niet gehaald, hij overleed in Czernowitz 4 oktober 2007. In Czernowitz, gelukkig maar. Want toen Burg eens werd gevraagd waarom hij naar Czernowitz is teruggegaan, antwoordde hij: Der Pruth spricht mit mir Jiddisch. Ich kann mir nicht vorstellen, dass die Donau Jiddisch spricht.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon