sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 25 april 2014

‘Duitsland heeft Rusland de oorlog verklaard. – ’s Middags naar het zwembad,’ schrijft Kafka op 2 augustus 1914 in zijn dagboeken. Enkele dagen daarvoor had Oostenrijk Servië de oorlog al verklaard en had de Duitse keizer vanaf het balkon van het slot in Berlijn de enthousiaste menigte toegesproken: ‘In dem jetzt bevorstehenden Kampfe kenne ich in meinem Volke keine Parteien mehr. Es gibt unter uns nur noch Deutsche.' In zijn Burgfriedensrede van 4 augustus herhaalt de Duitse keizer de woorden ‘ich kenne nur noch Deutsche’ en hij voegt daaraan toe: ‘ohne Parteiunterschied, ohne Stammesunterschied, ohne Konfessionsunterschiede.'


Het eerste nummer van Kriegszeit
met een lithografie van Max Liebermann,
voorstellende de jubelende burgers
en daaronder de woorden van de Duitse keizer

De meeste Joden in Duitsland en Oostenrijk juichten mee. Zij kregen, meenden ze, de kans te laten zien dat ze erbij hoorden, dat zij loyale burgers waren. De Central Verein deutscher Staatsbürger jüdischen Glaubens deed de volgende oproep:

An den deutschen Juden! In schicksalsernster Stunde ruft das Vaterland seine Söhne unter die Fahnen. Dass jeder deutsche Jude zu den Opfern an Gut und Blut bereit ist, die Pflicht erheischt, ist selbstverständlich. Glaubensgenossen! Wir rufen Euch auf, über das Mass der Pflicht hinaus Eure Kräfte dem Vaterlande zu widmen! Eilet freiwllig zu den Fahnen.

Ook de zionisten lieten zich niet onbetuigd. Ook zij spraken de verwachting uit dat ‘unsere Jugend freudigen Herzens freiwillig zu den Fahnen eilt.' In de zionistische pers van Oostenrijk kon men lezen:

Verschwunden sind die Unterschiede von Rassen und Religionen; wie ein Mann ziehen Oesterreichs Truppen ins Feld der Gefahr und Ehre. Auch das jüdische Volk hat viele tausende seiner Sohne zu der blutigen Walstatt gesendet, wo sie mit Makkabäermut Kaiser und Vaterland zu dienen bereit sind.

En Kafka? Kort na het uitbreken van de oorlog bevond Ernst Popper, een vroegere schoolkameraad van Kafka, zich op de Wenzelsplatz. Popper zag een mensenmassa in extase, vervuld van vaderlandsliefde en opgezweept door militaire muziek. En tussen de mensenmassa zag hij Franz Kafka, ook hij in trance, schrijft Popper.

In de loop van de avond kwam Popper Kafka opnieuw tegen, in een Praags café. Kafka ontkende niet dat hij die dag op de Wenzelsplatz was. Integendeel. ‘Es war herrlich,’ zou hij tegen Popper hebben gezegd. Al merkte Kafka wel op dat ‘sein Beigeisterungsausbruch nicht dem Krieg gegolten habe, den er fürchte und verabscheue, sondern dass es die Grösse des patriotischen Massenerlebnis gewesen war, die ihn überwaltigt hatte.'

Aangenomen al dat het verhaal van Popper correct is, hij diepte het eerst vele jaren later uit zijn geheugen op, dan nog moet worden geconstateerd dat Kafka al snel van zijn enthousiasme voor massabijeenkomsten was bekeerd. Op 6 augustus 1914 schrijft hij in zijn dagboeken (in de vertaling van Nini Brunt):

Patriottische optocht. Toespraak van de burgemeester. Dan verdwijnen, dan weer tevoorschijn komen en de Duitse uitroep: ‘Lang leve onze geliefde monarch, hoera!’ Ik sta erbij met mijn boze blik. Deze optochten zijn één van de walgelijkste bijverschijnselen van de oorlog.


Tekening van Kafka
bij de dagboekaantekening van 6 augustus 1914

Wie de dagboeken leest, zou, oppervlakkig beschouwd, kunnen menen dat Kafka zich van de buitenwereld afsloot en de oorlog hem verder koud liet. Kafka, zo lijkt het, stond erbij en keek ernaar. Op 6 augustus merkt hij bovendien op dat van de literatuur uit beschouwd, zijn lot hoogst eenvoudig is. ‘De neiging om mijn gefantaseerd innerlijk leven uit te beelden (die Darstellung meines traumhaften innern Lebens), heeft al het andere naar de achtergrond gedrongen …’ Kort daarna begint Kafka aan Het proces en op 15 augustus noteert hij: ‘Ik schrijf sinds een paar dagen, moge het zo blijven. Zo totaal beschermd en in het werk ingekapseld als ik het twee jaar geleden was, ben ik nu niet, maar in ieder geval heeft mijn bestaan zin gekregen … Ik kan weer een gesprek met mijzelf voeren en staar niet zo in de absolute leegte.'

Nog maar kort daarvoor, op 12 juli 1914, was de verloving van Kafka met Felice Bauer verbroken in het Berlijnse hotel Askanischer Hof. Het Gerichtshof, heeft Kafka dat zelf genoemd. En zeker kunnen tussen dit Gerichtshof en Het proces verbanden worden gelegd. In Het andere proces, Kafka’s brieven aan Felice, heeft Elias Canetti van zijn zoektocht naar die verbanden verslag gedaan.

Toch is het een vergissing te menen dat Kafka alleen maar aan zijn persoonlijke omstandigheden dacht en de oorlog aan hem voorbij ging. De in het begin van deze column aangehaalde dagboekaantekening kan daarvoor niet als bewijs dienen. Integendeel, benadrukt Reiner Stach, het is één van de zeldzame gevallen dat Kafka in zijn zo persoonlijk gekleurde dagboeken naar een politieke gebeurtenis verwijst. Het is daarom veeleer opvallend dat Kafka het van belang heeft gevonden het uitbreken van de oorlog te vermelden.

Door de oorlog was ook het leven van Kafka door elkaar geschud. In een uitvoerige brief aan zijn ouders, van 20 of 21 juli, ruim een week dus na het verbreken van de verloving, ontvouwt Kafka zijn plannen om uit Praag weg te gaan, zijn baan op te geven en zich ergens in Duitsland geheel aan literair werk te wijden. ‘Ich kann ausserhalb Prags alles gewinnen, d.h. ich kann ein selbständiger ruhiger Mensch werden, der alle seine Fähigkeiten ausnützt …’ Kafka bezit 5.000 K. en hij heeft uitgerekend dat hij daarmee zo’n twee jaar vooruit kan. Het uitbreken van de oorlog doorkruiste deze plannen. Kafka’s persoonlijke omstandigheden verslechterden drastisch. Hij zat gevangen in Praag.

Dat kan Kafka door het hoofd hebben gespeeld toen hij aan Het proces begon. De beroemde eerste zin van de roman luidt: ‘Iemand moet Josef K. belasterd hebben, want zonder dat hij iets slechts had gedaan, werd hij op een ochtend gearresteerd.’ Stach wijst erop dat in het manuscript eerst het woord ‘gefangen’ stond, naderhand gecorrigeerd in ‘verhaftet’, wat in het verband van het verhaal veel beter is.


Eerste bladzij van het manuscript van Het proces
met de wijziging van ‘gefangen’ in ‘verhaftet’

Veel van Kafka’s vrienden moesten in dienst of meldden zich vrijwillig voor een militaire functie. Kafka echter was ‘untauglich’, ongeschikt verklaard. Toch drong tot hem door wat een ellende de oorlog met zich bracht. Mede door zijn werk voor de Arbeiter-Unfall-Versicherung was hij, in de woorden van Stach, een Mitwisser des Krieges. Door zijn werkgever was Kafka belast met het in kaart brengen van de gevolgen van door soldaten in de oorlog opgelopen verwondingen en traumatische ervaringen. In één van de door Kafka opgestelde Amtliche Schriften valt het volgende te lezen:

Bald nach Kriegsausbruch zeigte sich in den Strassen unserer Städte eine sonderbare Schrecken und Mitleid erregende Erscheinung. Es war ein von der Front gekommener Soldat. Er könnte sich nur an Krücken vorwärts bewegen oder wurde geführt. Sein Körper wurde nämlich ununterbrochen geschüttelt wie von masslosen Frostanfällen oder als stehe er mitten in der friedlichen Strasse unter dem unmittelbaren Eindruck seiner Erlebnisse an der Front. Man sah auch andere, welche sich nur springend vorwärts bewegen konnten; arme, bleiche, ausgemergelte Menschen führten Sprünge aus, als halte sie eine unbarmherzige Hand im Genick, die sie in diesen qualvollen Bewegungen hin- und herreisse.

Niettemin wordt 1914 voor Kafka een vruchtbaar literair jaar. Het lukt hem om in oktober enkele weken verlof te krijgen om, zoals hij in zijn dagboek schrijft, ‘met de roman wat op te schieten.’ En op 31 december kan hij in zijn dagboek optekenen:

Sinds augustus gewerkt, over het geheel genomen niet weinig en niet slecht, maar noch in het eerste, noch in het laatste opzicht tot aan de grenzen van mijn capaciteit … Aan onvoltooid werk geschreven: ‘Der Prozess’, ‘Erinnerungen an die Kaldabahn’, ‘Der Dorfschullehrer’, ‘Der Unterstaatsanwalt’, en het begin van kleiner werk. Aan voltooid werk alleen: ‘In der Strafkolonie’ en een hoofdstuk van ‘Der Verschollene’, alle twee in mijn twee weken verlof. Ik weet niet waarom ik dit overzicht geef, het is niets voor mij!

De vraag laat zich stellen of in dit werk de oorlogsomstandigheden zijn terug te vinden. Met zoveel woorden niet, al hebben sommigen de invloed van de oorlog op teksten van Kafka kunnen blootleggen of gemeend een en ander te kunnen aantonen. Wie daarin is geïnteresseerd, verwijs ik naar de hierna genoemde essaybundel over Kafka, Praag en de Eerste Wereldoorlog. In deze column volsta ik met de constatering dat Kafka zijn persoonlijke omstandigheden en de wereld om hem heen met elkaar heeft weten te verbinden.

Canetti formuleert dat zo (in de vertaling van Theodor Duquesnoy):

Tezelfdertijd vergaderde het wereldgerechtshof – de eerste wereldoorlog was uitgebroken. Zijn afschuw van de massale gebeurtenissen, die met het uitbreken van deze oorlog gepaard gingen, verhoogde zijn kracht …

Wie meent dat het hem vergund is om zijn innerlijke wereld van zijn uiterlijke te scheiden, bezit in het geheel geen innerlijke wereld waarvan iets te scheiden zou zijn …

Canetti spreekt van ‘een verstrengeling van die helse wereld buiten hem met de wereld in zichzelf.’ ‘Dat was in augustus 1914 het geval,’ vervolgt Canetti, ‘hij heeft dit verband zelf onderkend en op zijn manier duidelijk uitgesproken.' Canetti zal hier doelen op de dagboekaantekening van Kafka van 13 september:

De gedachten die zich aan de oorlog vastknopen lijken, met de kwellende manier waarop ze mij in de meest verschillende richtingen vernietigen, op het oude verdriet om F.




Noten:

Voor deze column heb ik vooral gebruik gemaakt van Kafka, Prag und der Erste Weltkrieg, Prague and the First World War, de gebundelde bijdragen van de in 2010 door het Oxford Kafka Research Centre georganiseerd symposium, uitgegeven door Königshausen & Neumann, Würzburg 2012. Een van de bijdragen is van de hand van Reiner Stach.

De tekening van Kafka staat in Einmal ein grosser Zeichner, Franz Kafka als bildender Künstler, herausgegeben von Niels Bockhove und Marijke van Dorst, Vitalis 2006.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon