sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 15 maart 2013

Stel dat volgend jaar iets gebeurt waardoor men zal zeggen dat het in de wereld nooit meer hetzelfde zal zijn en stel dat daarna iemand een boek wil schrijven over 2013, dit laatste gouden jaar van de eenentwintigste eeuw. Welke politici, wetenschappers en kunstenaars van nu zijn dan zo toonaangevend dat zij in dat boek over 2013 niet kunnen worden gemist?

Wat voor 2013 nog niet te doen valt, heeft Florian Illies gedaan voor het jaar 1913 (1). Illies heeft vooral schrijvers en kunstenaars bijeengebracht om zo een tijdsbeeld te geven van het oververhitte jaar vóór het uitbreken van de Grote Oorlog. Illies rijgt maand na maand aaneen aan de hand van anekdotes over Rilke, Kafka, Thomas Mann, Proust, Else Lasker-Schüler, Alma Mahler, Franz Marc en vele anderen. Ondanks het sterk anekdotische karakter van het boek blijf je gespannen doorlezen. Dat komt, denk ik, omdat je weet over wie het gaat.

De politiek speelt in het boek van Illies nauwelijks een rol. Wel waren, schrijft Illies, in de eerste maanden van 1913 met Stalin, Hitler en Tito de twee grootste tirannen en een van de ergste dictators van de twintigste eeuw op het zelfde moment in Wenen. Hitler en Stalin hielden er van om te wandelen in het park van Slot Schönbrunn. Misschien, stelt Illies zich voor, hebben ze elkaar beleefd gegroet en hun hoed gelicht toen ze hun rondje liepen door het eindeloze park. Hun namen waren in 1913 echter nog onbekend.

De vorig jaar overleden historicus Eric Hobsbawm laat zijn boek Een eeuw van uitersten (2) in 1914 beginnen. Interessant is wat Hobsbawm schrijft in het hoofdstuk De kunsten 1914-1945:

Tegen 1914 lag alles dat samengebracht kan worden onder de brede en nogal vage aanduiding ‘modernisme’ eigenlijk al op zijn plaats: kubisme, expressionisme, futurisme, puur abstracte schilderkunst, functionalisme en het afwijzen van het ornamentele in de architectuur, het verlaten van de totaliteit in de muziek, de breuk met de traditie in de literatuur. Een groot aantal kunstenaars die de meeste mensen op hun lijst zouden zetten van ‘eminente modernisten’ waren in 1914 al rijp en productief en zelfs al beroemd.

Dit is precies de ervaring die ik had bij het lezen van het boek van Illies. De schrijvers en kunstenaars die Illies de revue laat passeren, kleuren niet alleen het zinderende jaar 1913 maar vaak ook nog de jaren nadien, als Hitler en Stalin naar voren komen en zich van de macht meester maken.

In 1913 waren Wenen, Berlijn, München en Parijs de vier frontsteden van de moderniteit. Vooral Wenen blaakte van kracht, was een wereldstad geworden, het was bovendien, Illies citeert hier Lou Andreas-Salomé, de meest erotische stad ter wereld.

Op naar Wenen dus, het hoofdkantoor van de moderne tijd anno 1913. Hun hoofdrolspelers heten: Sigmond Freud, Arthur Schnitzler, Egon Schiele, Gustav Klimt, Adolf Loos, Karl Kraus, Otto Wagner, Hugo von Hoffmannsthal, Ludwig Wittgenstein, Georg Trakl, Arnold Schönberg, Oskar Kokoschka. Om slechts een paar namen te noemen. Hier woedden de gevechten rond het onbewuste, de dromen, de nieuwe muziek, het nieuwe kijken, het nieuwe bouwen, de nieuwe logica, de nieuwe moraal.

Op naar Wenen dus. Aangezien ik onlangs over de vrienden Stefan Zweig en Joseph Roth voor Crescas een lezing hield, vroeg ik mij af wat deze schrijvers in 1913 bezig hield.


Stefan Zweig omstreeks 1913

In het boek van Illies komt de in 1881 in Wenen geboren Stefan Zweig terloops voor, slechts in verband met andere schrijvers die hem hebben ontmoet. Onder mei merkt Illies op dat het voor Rilke in Parijs een vermoeiende lente is. Aan dichten, schrijft Illies, komt Rilke nauwelijks toe. Wel ontmoet hij vrienden en kennissen: hij gaat ontbijten, lunchen, dineren, ontmoet André Gide, Henry van de Velde, de uitgever van Insel Anton Kippenberg, Romain Rolland en Stefan Zweig.

Stefan Zweig was echter niet in mei, maar van begin maart tot de tweede helft van april in Parijs, de stad met een magische aantrekkingskracht op iedere Europeaan, schrijft Illies, en Europeaan voelde Zweig zich.

Zweig logeerde in Hôtel Beaujolais met uitzicht op de tuinen van het Palais Royal en heeft Rilke, Emil Verhaeren, Romain Rolland en Leon Balzagette uitgenodigd voor een déjeuner op 17 maart 1913 in Le Bœuf à la Mode, Rue de Valois. De heren sturen een kaart naar Anton Kippenberg (3):

In die tijd schrijft Zweig gedichten voor Friderike von Winternitz, zijn toekomstige bruid, waarin strofen als: Und ich zittre in süssem Gedenken, Liebste, an dich. Het weerhoudt hem niet in Parijs een verhouding te beginnen met een modiste die naar de naam Marcelle luistert en na het déjeuner naar Marcelle toe te snellen om daarover naderhand te noteren: Entlastung von allem Geistigen in starkem körperlichen Spiel bis zur Ermattung.

Anders dan Zweig komt de dertien jaar jongere Joseph Roth in het boek van Illies in het geheel niet voor. Daar kan men vrede mee hebben want in 1913 was Roth vermoedelijk nog student in Lemberg al zal hij kort daarna, mogelijk reeds hetzelfde jaar, in Wenen gaan studeren.


Joseph Roth als student

Kafka komt wel uitgebreid aan bod, vooral als brievenschrijver aan zijn verloofde Felice Bauer. Illies laat Kafka in de maand september uit Praag weggaan om van zijn wanhoop en ‘neurasthenie’ te genezen. De beschrijving van de reis van Kafka is exemplarisch voor de wijze waarop Illies zijn vergezichten voor de lezer ontvouwt:

Zijn bestemming is het sanatorium van dr. Von Hartungen in Riva aan het Gardameer. Eigenlijk had hij samen met Felice willen reizen, maar haar vader heeft nog niet geantwoord op zijn brief over zijn bruid, en dus gaat hij op pad, omdat hij, ambtshalve, eerst naar Wenen moet, waar hij van 9 tot en met 13 september samen met zijn superieur hert Tweede Internationale Congres voor het Reddingswezen en de Ongevallenpreventie bezoekt. Vervolgens reist hij door naar Triëst, de enige havenstad van Oostenrijk-Hongarije aan de Middellandse Zee, die in die jaren een ongekende bloei beleeft. De haven zorgt voor een unieke multiculturele mix in de straten en koffiehuizen, en het is de stad waar James Joyce zich heeft teruggetrokken, Engelse les geeft en dag in, dag uit aan zijn voorstudies voor Ulysses werkt. Goed, op 14 september zijn Franz Kafka en James Joyce in Triëst. En ook Robert Musil is dezer dagen in de stad, op zijn reis van Rome naar Wenen. We kunnen ons voorstellen dat ze allemaal aan het eind van de middag koffie aan de haven drinken voordat ze weer ieder huns weegs gaan.

Illies slaat in deze beschrijving echter iets over. In september 1913 vond in Wenen het elfde Zionistencongres plaats en op 8 september heeft Kafka, al in Wenen, dat congres bezocht waarover hij aan Max Brod in een brief bericht. Het congres verveelde hem, hij vond het maar een vreemde vertoning, al gooide hij geen propjes naar de gedelegeerden zoals een meisje op de galerij tegenover hem.


Musikverein Wenen

Ook Joseph Roth, zo weten wij uit de herinneringen van Soma Morgenstern (4), heeft in september 1913 in Wenen het Zionistencongres bezocht. We kunnen ons voorstellen, om Illies te parafraseren, dat Kafka en Roth tegelijk in de zaal van de Musikverein aan de Karlsplatz zaten, waar op 8 september het congres werd gehouden. Kafka op de galerij. Roth waarschijnlijk ook. Al is het niet onmogelijk dat hij bij de gedelegeerden zat; misschien werd hij wel geraakt door één van de propjes van het meisje op de galerij tegenover Kafka.

Zat Joseph Roth bij de gedelegeerden? Het is inderdaad niet uitgesloten als je het volgende verhaal mag geloven dat Roth naderhand, jaren later, aan Morgenstern heeft verteld:

Obwohl ich damals schon nicht mehr so ein eifriger Zionist war, war ich sehr neugierig auf die Vorgänge im Kongress. Ich wollte (…) die grossen Redner hören, deren Reden bei den Kongressen wir in der Zeitschrift ‘Die Welt’ so gierig gelesen hatten (…) Zufällig hatte ich damals genug Geld. Ich liess mich rechtzeitig ein Zimmer reservieren im Hotel Imperial. Ich wusste, dass die meisten Delegierten im Imperial wohnen würden und hoffte die Gelegenheit zu finden, einige von ihnen kennenzulernen. Das Hotel war natürlich vollbesetzt.

Ein paar Tage vor der Eröffnung kam der schon damals weltberühmte Schriftsteller Scholem Alejchem ins ‘Imperial’ und wollte dort ein Zimmer haben. Der Portier sagte ihm: ‘Bedaure. Alles ausverkauft. Die meisten Delegierten zum Kongress wohnen bei uns.’ Scholem Alejchem liess sich die Liste zeigen und fand einen Namen, der ihm nicht bekannt vorkam, in einem Einzelzimmer (…) Scholem Alejchem beschloss, die Bekanntschaft dieses Delegierten zu machen, der allein und unbeweibt in einem Zimmer wohnte. Er ging also hinauf und klopfte an die Tür. Ich war zu Hause und öffnete. Er trat ein und zeigte mit dem Zeigefinger auf mich gerichtet: ‘Du bist der Delegierte?’ Ich kannte sein Gesicht von vielen Bildern. Ich sagte ihm gleich, dass es mir eine grosse Ehre sein würde, ihn als Gast in meinem Zimmer zu haben – obwohl ich kein Delegierter war. Wir lachten beiden (…)

Scholem Alejchem entschied sogleich, dass er im Bett und ich auf dem Sofa schlafen werde (…) Er stellte mich, sooft sich die Gelegenheit bot, diesem oder jenem von den Berühmten immer mit einem verschmitzten Blick als Delegierten Joseph Roth vor.

Een mooi verhaal maar Joseph Roth hield zich bij het vertellen over eigen wetenswaardigheden niet altijd geheel aan de waarheid. Wel staat vast dat Roth in 1913 het Zionistencongres heeft bijgewoond. Maar wat doet het ertoe of het verhaal over Scholem Alejchem tot in alle details klopt? Ik hou van zulke anekdotes en daarom ook heb ik het boek van Illies over het gouden jaar 1913 met zoveel genoegen gelezen.

(1) Florian Illies, 1913, Het laatste gouden jaar van de twintigste eeuw, vertaling Jan Bert Canon, Uitgeverij Atlas Contact, 2013.
(2) Eric Hobsbawm, Een eeuw van uitersten, De twintigste eeuw 1914-1991, vertaling André Abeling en Martha Heesen, Het Spectrum, 1995.
(3) De kaart is afgebeeld in Stefan Zweig, Leben und Werk im Bild, Insel Taschenbuch 3213, 2006.
(4) Soma Morgenstern, Joseph Roths Flucht und Ende, Erinnerungen, Kiepenheuer & Witsch, 2008.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon