sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 24 februari 2012

De schrijver Hans Fallada (1893-1947) wordt weer gelezen. Ook in Nederland. Uitgeverij Cossee heeft zijn twee belangrijkste boeken opnieuw in Nederlandse vertaling uitbracht. Mooi uitgegeven. Ik las eerst Wat nu, kleine man? Die roman is in 1932 verschenen en al van dat jaar dateert de Nederlandse vertaling van de hand van Nico Rost (1896-1967).


De uitgave van 1932

Anne Folkertsma heeft de vertaling van Rost herzien. Zijn vertaling, schrijft Folkertsma, is hier en daar onvolledig en onzorgvuldig. Wat zij vervolgens meedeelt, intrigeerde me:

In de vertaling Wat nu, kleine man? van Rost waren onder andere over de Nacktkultur, het ideologisch gemotiveerde naturisme, en ook over antisemitisme hele passages geschrapt. Werden deze stukjes ten tijde van de Nederlandse vertaling door de vertaler of uitgever te brisant geacht? Of zijn het omissies van de vertaler? Ik heb het niet kunnen achterhalen, maar de vertaling op de betreffende plaatsen wel aangevuld.

Een in 1932 door Rost weggelaten en nu wel opgenomen passage staat in een gesprek tussen Pinneberg, één van de hoofdpersonen uit het boek, en een mevrouw Nothnagel die als handelsreiziger in dameswaren langs de deuren gaat:

‘(...) Want weet u,’ zegt ze voorzichtig, ‘ik ben namelijk Joods, hebt u dat gemerkt?’
‘Nee ... niet direct’, antwoordt Pinneberg bedeesd.
‘Ziet u’, zegt ze, ‘ze merken het toch. Ik zeg altijd tegen Max dat de mensen het merken. En dan vind ik toch dat antisemieten een bordje op hun deur moeten maken, zodat ik ze niet lastigval. Nu komt het altijd als een donderslag bij heldere hemel. “Rot op met je smerige rommel, vuile Joodse teef,” zei gisteren iemand tegen me.’
‘Wat een schoft,’ zegt Pinnenberg woedend.
‘Ik heb wel overwogen afstand te doen van het joodse geloof, weet u, ik ben niet erg gelovig, ik eet ook varkensvlees en zo. Maar kan ik dat wel doen nu iedereen op de Joden zit te hakken?’
‘U hebt volkomen gelijk’, valt Pinneberg haar bij. ‘Dat kunt u beter niet doen.’

Laat ik maar meteen zeggen dat ook ik niet heb gevonden waarom een passage als deze in de Nederlandse vertaling van 1932, overigens een geautoriseerde vertaling, kan zijn weggelaten. Wel heb ik me wat meer in Rost en Fallada verdiept. Het heeft me niet echt verder geholpen. Eerst, als aanloop, Rost en volgende keer Fallada.

Rost heeft van 1923 tot 1933 in Duitsland gewoond. Hij is het meest bekend door zijn vele vertalingen uit het Duits. Niet alleen van Fallada maar vooral ook van Joodse schrijvers als Lion Feuchtwanger, Joseph Roth, Egon Erwin Kisch, Alfred Döblin en Anna Seghers. Rost was een overtuigd communist en een fervent tegenstander van het fascisme. In 1941 trouwde hij met de Joodse Edith Lissauer. Op 6 mei 1943 is hij door de Duitsers gearresteerd. Zijn Nederlandse illegale contacten waren hem noodlottig geworden, concludeert zijn biograaf Hans Olink. Na eerst in Scheveningen en Vught te zijn gedetineerd, is Rost juni 1944 naar Dachau overgebracht waar hij 29 april 1945 is bevrijd.


Nico Rost

Goethe in Dachau


Rost schreef het in 1947 gepubliceerde dagboek Goethe in Dachau, literatuur en werkelijkheid. Het is het verslag van wat hij in Dachau heeft meegemaakt. Opvallend is dat hij daar veel boeken kon lezen, vooral ook de klassieke Duitse literatuur die, schrijft Rost, in de Lager-bibliotheek aanwezig was. Maar ook op andere plekken vond Rost boeken. Onder in de medicamentenkast lag een exemplaar van Goethe´s Campagne in Frankreich met voorin Ex libris Moses Mandelbaum. Rost noteert in zijn dagboek: Waar zal de eigenaar nu wel zijn – als hij tenminste nog leeft ...

Ook noteert Rost: Een vlucht in de literatuur? Ik kan dit niet zo precies analyseren, maar ik weet wel, dat ik daardoor de werkelijkheid niet uit het oog verlies. Door te blijven lezen en daarover met medegevangen te praten heeft Rost zijn menselijkheid proberen te bewaren, ook in een concentratiekamp als Dachau. Door de oorlog, en vooral door zijn kampervaringen, meent zijn biograaf, was Rost toleranter geworden tegenover andersdenkenden.

In 1956 publiceerde Rost De vrienden van mijn vader, herinneringen aan de Folkingestraat, met tekeningen van Lies Veenhoven. Rost woonde in zijn jeugd in Groningen en heeft opgetekend wat hij zich nog herinnerde van het verdwenen Joods leven in en rond de Folkingestraat.

Wie deze column tot hier heeft gelezen, zal een positieve indruk van Nico Rost hebben gekregen. Wie de biografie van Hans Olink uit 1997 kent, zal mogelijk niet alleen maar positief over Rost oordelen. Er zijn ook mindere kanten en de nodige onduidelijkheden. Een mindere kant is ongetwijfeld de brochure Het geval Jef Last, in 1938 gepubliceerd door Pegasus, de uitgeverij van de CPN. Het pamflet is een opeenstapeling van vuilspuiterij, door Du Perron terecht weerzinwekkend genoemd. Ook De vrienden van mijn vader lokte discussie uit. Jaap Meijer meende dat Rost het boekje had geschreven uit schuldgevoelens.

Er zijn daarnaast onduidelijkheden in het leven van Rost, die een ingewikkelde persoonlijkheid moet hebben gehad. En daarmee kom ik op Hans Fallada.

In zijn dagboek Goethe in Dachau noteert Rost dat hij altijd een voorliefde voor Duitse literatuur heeft gehad en zich sinds 1933 bijna vereenzelvigde met de uitgeweken Duitse schrijvers. Hun zaak had hij tot de zijne gemaakt. Dat kan dus niet op Fallada slaan die in Duitsland is gebleven en niet is uitgeweken. Rost merkt op dat hij zich op dezelfde manier is blijven opstellen nadat de Duitsers ons land overrompeld hadden:

Anders, doch niet minder intensief, geloof ik. Daarna drong ik binnen in het hol van de leeuw en bereikte dat veel niet verscheen, wat ze wilden laten verschijnen, en dat verscheen wat ze eigenlijk niet wilden – en mochten laten verschijnen. Ik saboteerde iedere Nazi-literatuur en drong hun de uitgave van klassieke en democratische schrijvers als het ware op.

Ik saboteerde iedere Nazi-literatuur. In 1938 had Jef Last zich echter al afgevraagd, in zijn antwoord op de brochure van Rost, hoe het mogelijk was dat Rost het werk van Fallada was blijven vertalen ook nadat deze fascist was geworden. Rost en Last gooiden met modder naar elkaar en bij dat nadat deze fascist was geworden kunnen de nodige kanttekeningen worden geplaatst. De laatste vertaling van een boek van Fallada dateert uit 1936 en betreft Een oud hart gaat spelevaren, een zonder twijfel niet-fascistische roman. Wel is deze roman door Fallada, die geld nodig had, naderhand enigszins aangepast aan de wensen van het naziregime. Het hielp weinig. Fallada werd september 1935 zum unerwünschten Autor erklärt. Het betekende dat zijn werk niet meer mocht worden vertaald. December van dat jaar is die verklaring weer ingetrokken.

Fallada en Rost vinden we nog een keer samen in De kleine collaboratie, deel 3 A van het boek van Adriaan Venema over Schrijvers, uitgevers & hun collaboratie:

Wat in hemelsnaam heeft Nico Rost ertoe bewogen zich in te laten met George Kettmann en zijn uitgeverij van onvervalst nationaalsocialistische snit? Rost was een vooraanstaand links publicist en hij zou de bezettingsjaren in Dachau eindigen. Toch vinden we twee brieven van hem terug uit september 1940, toen de kaarten dus al waren geschud. Hij had in Duitsland gehoord dat nieuw werk van Hans Fallada bij Kettmann zou verschijnen. Hij schreef Kettmann: Het zou me dus spijten als u de vertaling van dit nieuwe werk aan een ander opdroeg. Is u ook niet van meening dat het een beetje van zelfsprekend is, dat de vertaler van alle andere boeken van een auteur ook de nieuwe vertaalt?

Van de vertaling door Rost, het ging om Der ungeliebte Mann, is het nooit gekomen. Al lijkt het niet meer dan een mogelijk vlekje op het blazoen van Rost, het is toch verrassend omdat al twee jaar vóór 1940 Der eiserne Gustav was verschenen, de omstreden roman van Fallada die op ‘verzoek van Goebbels’ door hem was aangepast.

Olink neemt in zijn biografie van Rost voetstoots en zonder enig voorbehoud aan dat Fallada sinds 1933 een metamorfose had ondergaan: als anti-fascistisch schrijver had hij zich tot het nationaalsocialisme bekeerd.

Wie de nieuwe Nederlandse vertaling van Alleen in Berlijn in de winkel heeft zien liggen, zal hier wellicht van opkijken. Op de kaft staat immers dat Primo Levi Alleen in Berlijn de beste roman heeft genoemd die ooit over het Duitse verzet tegen de nazi’s is geschreven. Over Fallada valt een veel genuanceerder verhaal te vertellen dan Olink suggereert. Daarover kan men al het nodige lezen in het nawoord van Geoff Wilkes bij Alleen in Berlijn. Wilkes haalt de brief aan die Fallada in 1946 aan zijn vriend Nico Rost heeft geschreven. Fallada schreef aan Rost dat hij er uit angst voor het concentratiekamp in had toegestemd Der eiserne Gustav aan te passen, ook al word ik tot op de huidige dag gekweld door schuldgevoel over iedere regel die ik toen heb geschreven. Fallada’s loopbaan in nazi-Duitsland, concludeert Wilkes, kan niet eenvoudig en adequaat onder één bepaalde noemer worden ondergebracht: hij was geen enthousiaste collaborateur, maar ook geen verzetsstrijder.

Het in 2009 voor het eerst openbaar gemaakte Gefängnistagebuch 1944 van Hans Fallada, In meinem fremden Land, bevestigt die conclusie. Een opmerkelijk boek met een even opmerkelijke ontstaansgeschiedenis. Maar daarover volgende keer meer.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon