sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 19 februari 2010

Uit de vervolging en bestraffing van Heinz Liepmann moet men niet de indruk krijgen dat het voor de oorlog in Nederland alleen maar kommer en kwel was voor Duitstalige Joodse schrijvers. In het bijzonder twee uitgevers, Emanuel Querido en Gerard de Lange, gaven een aantal schrijvers de kans toch te publiceren. Voor de Exilliteratuur waren zij van bijzondere betekenis. Wie daarin is geïnteresseerd, vindt veel wetenswaardigheden in de Erinnerungen eines Verlegers van Fritz Landshoff die aan de uitgeverij van Querido was verbonden. Uit die herinneringen haal ik dat Georg Hermann Querido en De Lange heeft gestimuleerd om boeken uit te geven die in Duitsland niet meer konden verschijnen. Georg Hermann woonde al vanaf maart 1933 in Nederland (hij was na een huiszoeking uitgeweken) en ook zijn boeken werden op 10 mei 1933 verbrand. Hij was een bekend en ook geliefd schrijver. Iedereen kende voor de oorlog zijn romans Jettchen Gebert en het vervolg Henriette Jacoby. Jettchen Gebert, dat in 1906 was verschenen, kende in 1927 al de 120e druk.

Ook Georg Hermann is een nu vrijwel vergeten schrijver, al is in Duitsland zijn verzameld werk uitgebracht. De aandacht van literatuurhistorici voor zijn werk is ook beperkt. Er is een proefschrift uit 1974, van de hand van C.G. van Liere. En er is een bundel artikelen over Georg Hermann, in 2004 uitgegeven in de serie Conditio Judaica, Studien und Quellen zur deutsch-jüdischen Literatuur- und Kulturgeschichte.

Dat was voor de oorlog wel anders. Siegfried E. van Praag behandelt in zijn boeken Wereldburgers uit 1933 en De arend en de mol uit 1973 ook Georg Hermann, wiens romans Jettchen Gebert en Henriette Jacoby, schrijft Van Praag in 1973, 'als de delicatesse van de joodse bourgeoisie van mijn jonge jaren golden.' In 1933 schreef Van Praag dat er misschien 'geen moderne schrijver is die op charmantere wijze, op vanzelfsprekender wijze Jood is dan deze auteur' en prijst hij 'die volkomen vanzelfsprekende Joodschheid, die het werk van Hermann kenmerkt.' Hermann is 'het type van een beschaafde Duitsche Jood.' Zijn taal heeft 'de glans van de oude meubelen van onze ouders.'

Georg Hermann is als Georg Borchardt op 7 oktober 1871 in Berlijn geboren en Berlijn zal de stad blijven waar zijn boeken zich afspelen. De schrijversnaam Hermann verwijst naar de voornaam van zijn vader die in 1890 overleed en die hij met dat pseudoniem heeft willen eren. In het proefschrift van Van Liere staan twee prachtige portretten van voorouders van moederskant, Rabbi Schemuel en Simche Bresch Broh. De laatste moet volgens overlevering 36 en in ieder geval 24 kinderen hebben gehad van wie een dochter getrouwd was met een zekere Gebert en die naam leeft in de romans van Georg Hermann voort.

De geschiedenis van Jetje Gebert speelt zich af in het Berlijn van 1840. In die Biedermeiertijd was het burgerlijke leven in Berlijn niet gemakkelijk voor een bij familie ondergebrachte wees als Jetje Gebert. Het loopt slecht met haar af en de lezer die haar in zijn hart heeft gesloten, lijdt mee. De Joodse identiteit van de romanpersonen speelt geen grote rol. Van een Joods (religieus) leven en ook van antisemitisme valt in de romans niets te bespeuren. Toch is dit niet alles. In de familie van Jetje Gebert zijn er nog bedenkingen tegen gemengde huwelijken. Uit Joods zelfrespect. Tegen de christelijke huwelijkskandidaat wordt gezegd: 'je vergeet een zekere trots, die onze familie heeft: dat we juist als Joden hier gezien en geacht zijn. Als mijn vader zichzelf en ons had laten dopen - en dat is hem meer dan eens te kennen gegeven - dan zouden we nu Von Gebert heten en officieren en regeringsraden zijn. En dat we dat niet gedaan hebben en niet hebben toegegeven en op geen enkele manier onze gezindheid verkocht hebben, dat is onze trots, en we willen ook niet graag, dat die voor de toekomst te niet gaat.'

Hermann was een geassimileerde en beschaafde Duitse Jood en zijn opvattingen, zo durf ik wel te constateren, wijken niet af van die van zijn romanfiguren. Typerend voor hem lijken de woorden: Juden wo sie am besten waren, in den Grossstädten Deutschland. Hermann heeft eens geschreven dat Joden als Einstein (er volgen nog meer namen) waardevoller zijn dan alle Rabbinim in Gelée serviert. Nee, religieus was Hermann zeker niet. Het betekent echter niet dat hij ook afstand neemt van zijn jodendom. Ich habe mein Judentum weder vergessen, noch je verleugnet, schrijft hij uitdrukkelijk.

Jettchen Gebert en Henriette Jacoby heb ik met plezier gelezen. Het is een aansprekend verhaal. Bovenal geeft het een boeiend tijdsbeeld en dat geldt ook voor de andere romans van Hermann. Daarin ligt nog steeds het belang van zijn boeken. Maar erkend moet worden dat veel boeken, vooral ook de vijfdelige romancyclus Die Kette, die veel autobiografische elementen bevat, enigszins verouderd overkomen, in taalgebruik en in wijdlopigheid. 'De glans van de oude meubelen van onze ouders.'

Menno ter Braak heeft op 16 maart 1937 in zijn krant Het Vaderland beschreven hoe een gesprek met Georg Hermann, een 'klein en gemoedelijk heertje' verliep. In het gesprek, aldus Ter Braak, 'overweegt de genoeglijke veelheid van aspecten, zoals de eenheid van standpunt erin ontbreekt. Een gedachte wordt opgeworpen om de inval, en met plezier weer losgelaten voor een nieuwe inval.' Georg Hermann plaudert schrijft Menno ter Braak boven zijn artikel.

In 1991 heeft Laureen Nussbaum de Briefe aus dem Exil 1933-1941 an seine Tochter Hilde uitgegeven. Die brieven zijn, zoals Weidermann terecht opmerkt, hartverscheurend. Uit die brieven kreeg ik niet de indruk dat Hermann in die tijd zijn Jood-zijn sterker is gaan beleven. Niet religieus en nog steeds geen zionist. Hij vond Palestina maar niets voor een geciviliseerde Europeaan. Zijn dochter aan wie de brieven zijn gericht, dacht daar anders over. En een andere dochter is na de oorlog in Israël gaan wonen. Zo gaat dat.

Over het Duitsland, dat hij heeft moeten verlaten, is hij echter duidelijk: Mars und die Dummheit und die Lüge, diese drei modernen Grazien, regieren. Voor de beschaafde en humane Duitse Jood was dat een reden om weinig hoop meer te hebben op een menselijke toekomst voor zijn kinderen en kleinkinderen. Ik ben hopeloos gedeprimeerd, schrijft de zieke en in geldnood verkerende schrijver aan zijn dochter, ik zal deze wahnsinnigste aller Welt niet lang meer meemaken. Ook na mei 1940 schrijft hij - onder censuur - nog steeds brieven, de laatste op 9 juli 1943. Enkele maanden daarna is Georg Hermann gepakt en in Westerbork terechtgekomen. Philip Mechanicus heeft hem daar ontmoet en schrijft op 9 september 1943 in zijn dagboek uit Westerbork: 'De oude letterkundige Georg Hermann, de schrijver van Jettchen Gebert, loopt als een deur zo stijf, maar in stranddracht met een pet en een wandelstok rond en vraagt iedereen: Na, mein Freund, gibt's Neues? Sie wissen doch so viel. En vertelt gemoedelijke grapjes, zoals in Jettchen.' Op 16 november 1943 is Georg Hermann op transport naar Auschwitz gesteld. Hoogstens enkele dagen heeft hij nog geleefd.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon