Honderd!

Harry Polak

vrijdag 5 maart 2021

Vijf jaar geleden kwamen we op vrijdag 11 maart 2016 als kersverse oliem (immigranten) in Israël aan. We zijn dus toe aan ons eerste lustrum in het Joodse land. Het voelt nu heel anders dan in het begin. We zijn aardig vertrouwd geraakt met het land, de cultuur plus natuur, en met veel, maar niet alle inwoners. Het Hebreeuws is een ander verhaal. Het gaat vooruit, al blijft het een moeizaam gestuntel.

Veel sociale situaties kennen we inmiddels. Niettemin leren we nog elke dag, want bijna elke dag doet er zich iets voor dat we nog niet eerder meemaakten. In het begin ging het om grote dingen, zoals van alles regelen met instanties en je weg vinden bij dokters- en ziekenhuisbezoek. Tegenwoordig zijn het meestal kleinere dingen, zoals daarnet, toen ik brood kocht bij Roladin (een vermaarde bakkersketen) en een onbegrijpelijke vraag op me af kreeg. Die was me voordien nog nooit gesteld. Iets over een Roladin-kaart, waarmee je korting kunt krijgen? Of een speciale tijdelijke aanbieding? Doorvragen vind ik altijd lastig op dat soort momenten, omdat de kans groot is dat ik steeds weer niet snap wat ze bedoelen en me met de seconde dommer ga voelen.

Is vijf eigenlijk een speciaal getal? Wel, ik las dat 5 het enige getal is dat lid is van twee priemtweelingen, namelijk 3-5 en 5-7. Voor wie het niet weet: een priemgetal is een getal dat alleen deelbaar is door zichzelf en door het getal 1. Dus 2 is een priemgetal, het eerste, net als 3, 5, 7, 11, 13, 17, 19, 23 enzovoorts. In het jodendom zal iedereen gelijk denken aan de vijf boeken (de choemasj) van Mozes. Oftewel de Tora. Voorwaar, niet niks. Toch denk ik dat het getal 7 bijzonderder is in het jodendom. Het staat voor ‘heelheid’, dat is dus volledigheid, perfectie.

Deze column is het honderdste exemplaar over onze belevenissen hier. Is 100 een bijzonder getal? Het is in ieder geval de som van de eerste negen priemgetallen. In het tientallig stelsel (en tevens in alle andere talstelsels) is het ook een beetje speciaal, want 10 x 10 is het eerste kwadraat.

In Joods opzicht is 120 bijzonderder. Dat wens je elkaar toe bij verjaardagen: ga zo door, op weg naar 120 levensjaren, omein! Het is de respectabele leeftijd die Mozes bereikt zou hebben. Daarmee was Mozes, onze leraar, een jonkie. In vroeger tijden werden mensen veel en veel ouder. Konden ze toen niet tellen? Of zat er wellicht wat anders achter?

Onze aankomst op vliegveld Ben Gurion kan ik me nog goed herinneren. Het was op een vrijdagmiddag en daardoor verliep die niet vlekkeloos, want alles ging of was reeds dicht vanwege de naderende sjabbat. Doch dat werd de zondag daarop rechtgezet toen de eerste formaliteiten werden afgehandeld. We kregen onder andere ons Israëlisch identiteitsbewijs, met daarop ons identiteitsnummer dat je hier zo ongeveer bij alles nodig hebt. Alle Israëli’s kennen het uit hun hoofd, net als je telefoonnummer en het kentekennummer van je auto, als je er een hebt.

Eén van de meest hilarische dingen die ik hier meemaakte, was het (eerste) bezoek aan het kantoor van het ministerie van harisjoe-i (vergunningen). Dat was nodig om het Nederlandse rijbewijs te kunnen inwisselen voor de Israëlische versie. In die tijd was een rijvaardigheidsexamen (afrijden) onderdeel van de inwisselingsprocedure. Nu hoeft dat niet meer als je je rijbewijs hebt gehaald in een betrouwbaar land, zoals Nederland.

Hoe ze hier allemaal ooit hun rijbewijs hebben gehaald, is mij een raadsel. Niet dat alle automobilisten zo beroerd rijden, maar het komt regelmatig voor dat je wordt gesneden, omdat iemand op het laatste moment bedenkt dat hij of zij wil afslaan. Van de linkerbaan naar de rechterrijstrook voor de afslag is voor zulke rijders een kleine moeite. Anderen moeten maar zien hoe zij het oplossen als zo’n manoeuvre wordt uitgehaald. En zo zijn er nog wat eigenaardigheden van Israëlische weggebruikers. Toch was rondrijden in dit land vanaf het begin geen probleem door de vele vakanties in Israël en de rijervaring opgedaan in landen als Frankrijk (Parijs!) en Italië.

Zo kan ik nog wel even doorgaan met het opsommen van zaken die in de afgelopen 99 columns langs zijn gekomen. Van ons lieve hondje Nola, dat vanaf het begin min of meer deelgenoot werd van onze belevenissen, en de staaroperatie in het Assuta ziekenhuis. Of de moeizame zoektocht naar een ander huis, die werd beloond met een prettig huis in het centrum van Ra’anana met een prima huiseigenaresse en vriendelijke buren. Oelpan (de Hebreeuwse lessen), uitstapjes in de natuur of bezoeken van culturele events, over dat soort zaken kon ik ook wat kwijt in mijn Crescas-columns.

Politiek kwam eveneens langs in de columns, onder andere over de veel verguisde Wet op de Natiestaat, wat me op felle kritiek kwam te staan uit de linkerhoek, doch waarvoor ik anderzijds complimenten kreeg vanuit gematigde hoek vanwege mijn poging om de materie genuanceerd te benaderen. Natuurlijk zijn antizionisme en antisemitisme onvermijdelijk als onderwerpen voor columns als je hier woont. Daarbij kon ik het niet laten om van tijd tot tijd mijn kijk te geven op wat er in de Nederlandse media langskwam: van de affaire rond de Vlaamse schrijver Dimitri Verhulst tot de Nederlands-Marokkaanse publicist Abdelkader Benali.

Het schier onoplosbare Palestijns-Israëlische conflict kon uiteraard evenmin ontbreken in de columns, waarbij ik me vastklampte aan twee publicisten die daar verstandige dingen over hebben geschreven: auteur en journalist Yossi Klein Halevi en voormalig politica en publiciste Einat Wilf.

Het aardigste aan het schrijven van columns is dat je je kijk kunt geven op allerlei zaken in de hoop dat je daarmee de lezers een plezier doet door hen nieuwe inzichten te verschaffen.

Zo las ik in Haaretz het verontwaardigde relaas van de zoon van een kibboetsnik en een niet-Joodse Deense vrijwilligsters. De zoon werd geboren in Chadera, maar spoedig verhuisde het gezin naar Denemarken. De Deense nationaliteit werd aangenomen en dat betekende dat de Israëlische moest worden opgegeven. Dan is Nederland toch wat schappelijker, want getrouwde stellen kunnen beiden de Nederlandse nationaliteit verwerven (mits één van de twee Nederlands is) en de eigen nationaliteit behouden. Voor de kinderen geldt dat ze twee nationaliteiten kunnen krijgen.

De zoon ging op alija, maar toen kwam het gedonder. Niet-Joods vanwege de niet-Joodse Deense mama – en papa was blijkbaar vergeten aan zoonlief uit te leggen dat om Joods te zijn de moeder Joods moet zijn. Dus de zoon kreeg geen papiertje van de Deense rabbijn. Had je maar moeten ‘uitkomen’ (Joods worden), denk ik dan, als je zo graag Joods wil zijn. Dat zijn nu eenmaal de regels, ook al vind je dat onzin.

Natuurlijk kwam de zoon binnen, want hij valt gewoon onder de Wet op de Terugkeer. Hij heeft immers een Joodse papa en wat ik uit het boze artikel begrijp, twee Joodse grootouders. Eén is genoeg volgens de wet, waarop hij een beroep heeft gedaan. Dan moet wel worden aangetoond dat vader of op zijn minst één van de grootouders Joods is. Dat kostte blijkbaar wat moeite in zijn geval, doch het is gelukt. Met medewerking, zij het niet con amore, van de Deense rabbijn.

En nu is de zoon kwaad op Israël, want hij noemt het racisme als je Joods moet zijn om hier te mogen gaan wonen volgens de Wet op de Terugkeer (naturalisatie voor niet-Joden kan ook en verloopt via andere wetgeving!). Hij schrijft verder dat hij nauwelijks iets heeft met jodendom. Hij kent God noch gebod, doch verwacht de rode loper vanwege zijn roots. Die heeft-ie niet helemaal gekregen, maar hij heeft de bureaucratie, die nu eenmaal hoort bij elke emigratie, overwonnen. Plus dat hij zijn verhaal kan doen in de Israëlische krant waarvoor hij werkt, dus wat zeurt-ie nou?

Niettemin heeft hij een punt als hij het bizar vindt dat in een modern land als Israël nog steeds geen burgerlijk huwelijk bestaat en de macht van de (ultra)religieuze autoriteiten en aan hen gelieerde politieke partijen steeds groter wordt. Al wordt daar – de Allerhoogste zij geprezen - door het Hooggerechtshof wel flink wat aan geknabbeld …

7 + 4 = ?
Even was ik bang dat deze column niet alleen een jubileumcolumn is, maar ook een afscheidscolumn en dat zou ik erg jammer vinden want ik lees uw columns altijd als eerste (en ik ben blij met de linkjes) Ook aan uw adviezen mbt boektitels heb ik erg veel. Zo heb ik twee jaar geleden 'Letters to my Palestinian neighbour' gelezen en volg ik sindsdien Yossi Klein Halevi op facebook, volg ik - nav ons gesprek van een paar maanden geleden - Einat Wilf op youtube en heb ik haar boek 'War of Return' in bestelling. Op dit moment ben ik David Brog: Reclaiming Israel's History aan het lezen. Ook een tip van u. Ik hoop dus dat u nog lang een bijdrage zal leveren aan Crescas! Shalom, Anat
Sjalom Anat, dank voor het genereuze compliment! Het is leuk als lezers reageren en zeker als het positieve reacties zijn (negatief mag ook, mits het zinnige kritiek is). Het wordt nog mooier als lezers iets overhouden aan de columns. Gelukkig worden de links gewaardeerd. Wees gerust, ik ga nog even door. Er valt hier genoeg te beleven om over te schrijven.
Begrijp het niet helemaal! De zoon van de Deense en de kinoetsnik kon als zijnde hun kind toch gewoon wel de dubbele nationaliteit krijgen? Of hebben? Dan kan hij als israeli toch gewoon op Alyah? Of althans ' terug ' naar israel? Hij is toch gewoon Israëlisch staatsburger? Of wilde hij Alyah doen zodat hij kon profiteren van alle benefits, belastingkortingen etc. die aan olim chadashim ( nieuwe immigranten) worden verstrekt. Beetje raar ferhaal dit, of begrijp ik iets niet?
Dag Marja. Dat vind ik ook onduidelijk aan zijn verhaal. Kennelijk kon je toen alleen een Deens paspoort krijgen als je je oude nationaliteit opgaf. Ik vermoed dat de Denen nu soepeler zijn geworden afgaande op wat ik tegenkwam na wat gezoek op internet. Die benefits vind ik overigens wel meevallen, want die dekken ongeveer de kosten rond de emigratie (container enzo). Maar het belastingvoordeel in de eerste tien jaar is aanzienlijk, al verdwijnt die als sneeuw voor de zon door de hoge huizenprijzen. Althans in Nederland woonden wij veel goedkoper, alhoewel het daar ook duurder is geworden.

Columns 2021

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Doneren

Crescas kan niet zonder jouw steun. Met elke donatie, hoe klein ook, steun je onze activiteiten en zorg je dat wij nog meer voor Joods Nederland kunnen betekenen.