inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Harry Polak

Harry Polak (1947), psycholoog, was tot zijn pensionering in 2012 kwaliteitsadviseur in de geestelijke gezondheidszorg. Als voorzitter van de dialoogcommissie van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam was hij een belangrijke en graag geziene bruggenbouwer. In maart 2016 maakten Harry en zijn vrouw alija. Ze wonen nu in Herzliya.

vrijdag 14 juni 2019

Zondag is de eerste dag van de week in Israël. Het is tevens de eerste werkdag van de nieuwe week. Het leven barst weer los na een doorgaans wat lome sjabbat. Zaterdagavond, uitgaande of motsaee sjabbat, gaat de wekelijkse rustdag al over in de volgende (werk)week, terwijl in Nederland de nieuwe werkweek pas ná de zondag begint. Zaterdagavond is in het Joodse bestaan een mooi bruggetje naar de werkweek, waarin alles weer op gang komt.

In Herzliya is niet alles dicht op de Joodse rustdag. In tegenstelling tot de omringende plaatsen is in onze woonplaats het grote overdekte, airconditioned winkelcentrum met verschillende verdiepingen, geheten ‘De zeven sterren’, zaterdag overdag open. Op vrijdagavond, de familieavond, zijn de winkels daar en bijna overal elders in Herzliya wél dicht. De mall is genoemd naar het aantal sterren in het stadswapen van Herzliya. Ze vormen een verwijzing naar het ideaal van Theodor Herzl: de zevenurige werkdag. Nog steeds niet gelukt overigens.


Buitenkant van Shivat Hakohavim

Israëli’s werken best hard en verdienen daarbij meestal geen geweldige salarissen. Het is één van de redenen waarom de economie zo goed draait in dit land. Over het algemeen hebben werknemers een vijfdaagse werkweek met de donderdag als laatste werkdag van de week. Maar vrijdag is net zo goed een hele drukke dag. In ieder geval moeten de meeste mensen de wekelijkse boodschappen doen om van alles in huis te halen, tenzij je de spullen laat bezorgen. Als je kinderen hebt, gaan die een halve dag naar de gan (crèche), die net als op de andere dagen vroeg begint. Daarom voelt vrijdag toch een beetje aan als een werkdag. De Israëlische vrijdag is natuurlijk vergelijkbaar met de Nederlandse zaterdag, zij het dat de crèches daar dan gesloten zijn. De zaterdag in Nederland is – evenals de Israëlische vrijdag – een dag waarop mensen volop in de weer zijn, voordat de rustdag aanbreekt: niet alleen winkelen, ook de auto wassen, klussen in of rond het huis en noem maar op.


Interieur van de 7 stars mall in Herzliya

Ons Joodse leven in Nederland kenmerkte zich door boodschappen doen op donderdagavond, zodat we op sjabbat echt een rustdag hadden – zij het op onze vrijzinnige manier. Regelmatig gingen we ’s ochtends naar sjoel, daarna gingen we wandelen in het bos of op het strand, en we deden andere leuke dingen, zoals met het openbaar vervoer of de fiets naar musea, een concert of de film gaan (volkomen ‘klokvrij’ dus). Na sjabbat kwam er voor ons gevoel in Nederland nóg een soort rustdag, de zondag. Geen Joodse rustdag, meer een profane weekdag waarop je niet hoefde te werken, tenzij je 24-uursdiensten draait.

Die luxe heb je in Israël dus niet. Zondag is het aanpoten voor het werkende volk. Ook voor pensionado’s, zoals wij, voelt het toch als een soort werkdag. We hoeven ons dan weliswaar niet te haasten om naar het werk te gaan (nog steeds heel bijzonder), maar we doen wel allerlei ‘werk’ dingen, zoals naar de tandarts gaan, kleine boodschapjes doen en dergelijke. De hele sfeer in de samenleving is die van een werkdag.

Daardoor lijkt het weekend hier korter dan in Nederland. Dat is eigenlijk onzin, want het verschil met Nederland is dat de werkdagen daar van maandag tot vrijdag zijn en hier is het alleen maar een dag verschoven, dus van zondag tot en met donderdag. Omdat vrijdag, zoals net geschetst, ook veel gehaast met zich meebrengt, komt daardoor de nadruk echt te liggen op die ene dag in de week dat het beduidend rustiger is dan anders (al geldt dat minder voor het autoverkeer, het strand of natuurparken): sjabbat.

In Israël zijn veel dingen vergelijkbaar met Nederland en tegelijkertijd zijn er ook tal van verschillen, met als grootste verschil de taal en cultuur (en helaas ook de vijandige landen om ons heen …). De weekenden zijn eveneens verschillend. Door de Israëlische zondag hebben we het gevoel dat we niet slechts één uur voorlopen op Nederland, we lopen zelfs een héle dag voor.

Delen |

vrijdag 31 mei 2019

Vorige week donderdag werd in Nederland gestemd voor het Europees parlement. Vanuit Israël (en andere ‘buitenlanden’) kon door Nederlanders die hun Nederlanderschap hebben behouden, worden meegestemd. Niet door naar een stembureau te gaan; de stemming gebeurde per post.

De Nederlandse ambassade in Ramat Gan bij Tel Aviv had best als stembureau kunnen fungeren. Maar dat is voor de meeste Nederlanders hier niet om de hoek. Dan is stemmen via de post wel zo praktisch. Dat Nederlanders die buiten het vaderland wonen hun stem mogen uitbrengen, is allerminst vanzelfsprekend. Israëli’s in het buitenland kunnen namelijk niet stemmen bij verkiezingen, tenzij ze bijvoorbeeld op de Israëlische ambassade of bij de Verenigde Naties werken. Sommigen vinden stemmen echter zo belangrijk dat ze er een reis naar huis, naar Israël, voor over hebben. Ongetwijfeld gecombineerd met familiebezoek.

Het postale stemmen bestond uit een wat omslachtige procedure. Onvermijdelijk, omdat stemmen nu eenmaal met geheimhouding wordt omgeven. Nederlanders zijn vaak niet zo open over hun stemkeus. Israëli’s daarentegen maken er meestal in het geheel geen geheim van. Mijn vrouw Irith en ik hebben ondanks de wat ingewikkelde procedure de kans met beide handen aangegrepen om onze Europese stem uit te brengen. Om dat te mogen doen, moet je je wel eerst via internet laten registreren als stemmer in het buitenland. Daarna kregen we begin maart per post van alles opgestuurd, te weten: een zogeheten briefstembewijs, een witte stembiljetenveloppe, een oranje retourenveloppe en een instructiefolder. De laatste stap in het stemproces bestond uit een e-mail met een stembiljet en een overzicht van partijen en kandidaten waarop je kon stemmen. De mail werd ongeveer een maand voor de verkiezingsdatum opgestuurd.

Het stembiljet stop je in de witte (stembiljet)enveloppe, die vervolgens wordt dichtgemaakt. Die enveloppe gaat samen met het briefstembewijs (het bewijs dat je gerechtigd bent om te stemmen, vergelijkbaar met de oproepkaart in Nederland) plus een kopie van het paspoort of een ander geldig identiteitsbewijs in de oranje retourenveloppe. Bij de eerste zending was vergeten om ‘Netherlands’ op te nemen in de adressering op de oranje enveloppe. Daarom kregen we een twééde zending, met het volledige adres op de oranje retouromslag. Kostbaar foutje!

We hebben onze stemenveloppen meegegeven aan vrienden die op bezoek waren bij één van hun dochters, niet ver bij ons vandaan. Natuurlijk hadden we de enveloppen hier op de post kunnen doen. Dan weet je echter niet precies hoe lang het gaat duren, terwijl de enveloppe uiterlijk op 23 mei vóór 15.00 uur ontvangen moest zijn.

We zagen dat er zestien partijen waren waaruit we een keus konden maken. ‘Jezus leeft’ en ‘Volt Nederland’ vielen onmiddellijk af. Zo zijn we doorgegaan met afstrepen. Beiden hebben we strategisch gestemd. Je zou kunnen zeggen: met het hoofd, niet met het hart. De linkse partijen waarop we graag hadden gestemd zijn in het Europarlement naar ons idee zo onredelijk kritisch over Israël dat we kozen voor een partij die wat dat betreft een beter standpunt heeft. Zonder dat het té rechts werd, dus voor ons geen PVV of Forum.

Van tevoren zagen we dat veel Joodse Nederlanders in Israël niet goed wisten op wie ze zouden gaan stemmen. Dat gold ook enigszins voor ons en daarom belde ik met het CIDI, dat bij de vorige Europese verkiezingen een overzicht had uitgebracht van wat de partijen in hun programma hadden staan over het Midden-Oosten en Israël. Zoiets waren ze weer van plan, kreeg ik te horen, doch dat zou veel te laat worden gepubliceerd voor ons, gezien onze stemprocedure per post (snailmail!). Onlangs zag ik dat er door het CIDI een analyse is uitgebracht over twee cruciale stemmingen in het Europese parlement (antisemitisme en erkenning van een Palestijnse staat), waaruit bleek dat we goed zaten met onze strategische stem.
Achteraf hebben we het verkiezingsdebat bekeken tussen Rutte en Baudet onder leiding van Jeroen Pauw. Thierry, de radicaal rechtse nieuwkomer, hield zich tot mijn verrassing redelijk staande ten opzichte van ouderwets rechtse Mark, de oude rot in het vak. Toen we zaten te kijken, bedacht ik dat ik dat het aan zoiets had ontbroken in Israël. Of was het er wel geweest, maar had ik het gemist als – vooral wegens taalproblemen – niet honderd procent geïntegreerde nieuwe immigrant?

Na wat zoekwerk op internet, las ik dat Netanjahoe en Gantz inderdaad niet op een dergelijke wijze de verbale degens hadden gekruist tijdens de afgelopen verkiezingsstrijd. Benny Gantz heeft Netanjahoe wel opgeroepen tot zo’n debat, maar Bibi hield dat af.

Dat had Rutte ook kunnen doen. Waarom zou hij zich als premier inlaten met een kamerlid dat net komt kijken? Het is prijzenswaardig dat hij toch met Baudet in de verkiezingsring is gaan staan. Zo hoort dat in een moderne democratie, waarin media een cruciale rol spelen. Kiezers hebben er gewoon recht op. Debatteren doe je als politici niet alleen in het parlement, ook daarbuiten ga je de confrontatie aan met je politieke tegenstanders ten behoeve van de kiezers als dat op correcte wijze wordt geleid en uitgezonden. Uiteraard deed Rutte het uit welbegrepen eigenbelang, want Forum voor Democratie werd bij de vorige (landelijke) verkiezingen de grootste en dat wilde Rutte ditmaal natuurlijk voorkomen. Dat is inderdaad gelukt, zij het dat een derde er volgens de prognoses met ‘het been’ vandoor is gegaan. Frans Timmermans nota bene, van de partij die in de afgelopen jaren min of meer is weggevaagd en waar ik vroeger meestal op stemde. De Eurosceptici zijn grotendeels thuisgebleven.

In Israël wimpelde Bibi het verzoek van Gantz nogal flauw weg (of is het gewoon laf): als Gantz en Lapid nu wilden duidelijk maken wie van de twee de beoogde kandidaat voor het premierschap zou zijn, dan wilde hij wel voor de camera’s met diegene in debat gaan. Daar gaat Netanjahoe helemaal niet over, dat is aan de concurrerende partij. Tekent hem dat nou, dat hij denkt dat hij inmiddels overál iets over te zeggen heeft?

Delen |

vrijdag 17 mei 2019

Een enkeling informeerde bezorgd of wij in het schootsveld lagen van de rakettenregen uit Gaza (bijna 700 in het weekend van 4 en 5 mei). We konden diegene gerust stellen. Herzliya, waar onze woning staat, lieten ze met rust. Zo niet, dan hebben we anderhalve minuut de tijd om een schuilplaats te vinden. Een ‘luxe’ in vergelijking met bewoners van Sderot.

Hamas en de Islamitische Jihad besloten Tel Aviv en omstreken ditmaal niet te bestoken. Dat ze het wel degelijk kunnen, bewezen zij eerder. In 2014 bijvoorbeeld – voordat we in 2016 op alija gingen – waren we op vakantie in Tel Aviv en moesten we schuilen voor enkele raketten. Die werden gelukkig door de kipat barzel (de ijzeren koepel, beter bekend als Iron Dome) uit de lucht geschoten, net zoals nu grotendeels geschiedde.

Bij de voorlaatste aanval vanuit Gaza (in maart 2019, vlak voor de Israëlische verkiezingen) werd Tel Aviv plotsklaps belaagd door twee raketten. Hamas stelde dat het om een ‘vergissing’ zou gaan. Ook werd er in die periode een huis in puin gelegd in mosjav Mishmeret. Dat ligt ten noordoosten van onze woonplaats. Hamas en co. lieten toen wederom blijken dat hun bereik groter dan is dan de wijdere omgeving van de Gazastrook. Let wel: wijder, want de steden Asjdod en zeker Beërsjeva, die ook op de korrel werden genomen, liggen niet direct naast Gaza.

Naar verluid werd de aanval van begin mei door Hamas ingezet omdat zij weten dat Israël geen gedonder wil voor Jom Ha’atsmaoet (de Onafhankelijkheidsdag) en vooral voor het naderende Eurovisie Songfestival. Israël is zo langzamerhand chantabel geworden voor gewelddadige druk vanuit de Gazastrook. Ook al slaan de Israëli’s terug met tal van precisiebombardementen, het weerhoudt Hamas c.s. er niet van om Israël met zelfgebouwde en hoogstwaarschijnlijk door Hezbollah of Iran geleverde raketten onder vuur te nemen – op het moment dat hén dat goeddunkt. En als ze dat nalaten dan zijn er nog altijd de wekelijkse gewelddadige grensrellen plus de vuurvliegers of brandballonnen die het leven van Israëlische soldaten of bewoners langs de grens met Gaza vergallen.

Hamas en hun kompanen houden er een vreemde logica op na. Tenminste, als je uitgaat van op Westers denken gebaseerd gezond verstand.

(1) Ze willen opheffing van de zogeheten blokkade. (Die geen echte blokkade is, omdat er zowat dagelijks talloze vrachtwagen van alles blijven aanleveren voor de bewoners van de dichtbevolkte grensstrook.)

(2) De Israëlische blokkade is vooral bedoeld om invoer van wapentuig te voorkomen.

(3) Dus wat doet Hamas? Ze laten zien dat ze ondanks de blokkade volop over raketten beschikken.

(4) Zolang de raketbarrages voortduren, zal Israël de blokkade uiteraard niet beëindigen. Als mét een blokkade raketten kunnen worden afgevuurd, wat zou er gebeuren als er géén blokkade was?

(5) Indien ze écht een eind aan de blokkade wensen, zullen ze tot een vergelijk moeten komen met hun Joodse vijand. In ieder geval de spijkerharde garantie geven dat ze de Joodse staat niet meer zullen aanvallen. Forget it, dat is onbestaanbaar voor deze fel antizionistische én antisemitische islamitische leiders met een groot bord voor hun kop.

In een analyse van een vroegere Israëlische veiligheidsadviseur werd gewezen op de rol van Iran, omdat dat land grote invloed heeft op de Islamitische Jihad in Gaza. Die beweging is stilaan een belangrijke speler geworden naast Hamas. Iran heeft er belang bij als Israël het druk krijgt met Gaza, omdat dan minder energie kan worden gestoken – hopen zij – in het Syrische front. Daar doet Hezbollah (gesteund door Iran) al jaren gevechtservaring op én tegelijkertijd is het bezig goede uitgangsposities te verwerven als het op een oorlog met Israël aankomt.

De Iraniërs krijgen het overigens gaandeweg steeds moeilijker door de ingrijpende boycotmaatregelen van de Verenigde Staten. Een kat in nood maakt gekke sprongen. Ze hebben al gedreigd het atoomakkoord, waar de VS onder Trump uit zijn gestapt, gedeeltelijk op te zeggen. Daarmee wil Iran Europa, Rusland en China, die het akkoord nog wel in stand willen houden, onder druk zetten. Iran verwacht van die landen meer support. Zij moeten voor (ruimere) verlichting zorgen van de Amerikaanse boycot.

Aan veel Israëlhaters in Europa zijn dat soort achtergrondanalyses niet besteed. Voor hen is het simpel: Israël is een racistische apartheidsstaat die de onschuldige Palestijnen wreed onderdrukt en dat kolonialistische land moet op allerlei manieren flink worden gestraft of liefst verdwijnen. Het Eurovisie Songfestival is uiteraard een prachtige gelegenheid om de wat sleetse oproep tot een Israëlboycot weer eens flink op te poetsen. Zie wat een Belgische artiest daarover te berde brengt. Gelukkig was er snel een weerwoord van de in België woonachtige Hans Knoop.

Onderhand maken veel Israëli’s in het zuiden zich toch wel steeds meer zorgen over de Gazastrook. En ze waren al 120 procent bezorgd. Of er opnieuw een rakettenregen te verwachten is, is al lang niet meer de vraag. Het gaat er om wannéér die gaat komen. Als het aan de Islamitische Jihad ligt, wordt het een hete zomer. Bluf? Zou kunnen, maar ze hebben net opnieuw laten blijken waar ze samen met Hamas toe in staat zijn. En ze laten zich nauwelijks meer weerhouden door Israëlische tegenacties vanuit de lucht. Israël zal anders en vooral slimmer moeten ingrijpen om hen af te stoppen. Na de drie oorlogen met Gaza in 2008, 2012 en 2014, waarbij het Israëlische leger Gaza binnentrok, is steeds afgezien van het inzetten van de landmacht. Dat leverde te weinig soelaas op en bracht te veel doden met zich mee. Weer overgaan tot gerichte aanslagen op de leiders, zoals vroeger? Zou kunnen, en Israël heeft dat tijdens de recente rakettenregen éénmaal gedaan.

Wie bedenkt nog iets beters om Hamas en consorten in de Gazastrook te beteugelen? Het wordt tijd voor Gaza 4.0. Met meer effectiviteit, want de Israëli’s rond Gaza verdienen al jaren een normaal leven. En de gewone Gazanen ook.

Delen |

vrijdag 3 mei 2019

Morgenavond is het Dodenherdenking in Nederland. Altijd loodzwaar. Als bestuurslid van JONAG (Joodse Naoorlogse Generatie) heb ik diverse malen de officiële herdenking bijgewoond in de Nieuwe Kerk, met daar achteraan de kranslegging bij het nationaal monument op de Dam. Eerst deed ik het niet, daarna zette ik mijn keppel op bij die gelegenheid.

Omdat het een Joods schrikkeljaar is, viel Jom Hasjoa laat (op 2 mei.) Bijna gelijk met de vierde mei. Voor mij had Jom Hasjoa veel meer betekenis dan de vierde mei. Nu we in Israël wonen, is dat nog sterker zo. Rond de meidagen beseft Nederland dat er ook hele andere tijden waren, met niets ontziende buitenlandse bezetters: de Duitsers van toen, die zich in groten getale met huid en haar hadden overgegeven aan hun nazistische leiders. Nederlanders hadden enigszins geluk bij een ongeluk, want de nazi’s beschouwden hen als een verwant Germaans volk. Joden telden, zoals bekend, in het geheel niet mee. Die werden gezien als minderwaardig, als ‘Untermenschen’. Dat gold ook voor Sinti en Roma.

In Israël is vanzelfsprekend geen aandacht voor de Nederlandse vierde mei, des te meer voor Jom Hasjoa. Het land staat dan collectief twee minuten stil om tien uur ’s morgens. ELAH, organisatie voor psychische hulp en steun, organiseerde weer de jaarlijkse herdenking in Herzliya. Voorts was in samenwerking met de IOH (Irgoen Oleh Holland, de immigrantenvereniging van Nederlandse Joden) de bijzondere filmvoorstelling The Forgotten Soldier te zien in de Cinematheques in Jeruzalem en in Haifa. De documentaire gaat over de verzetsdaden van Sally Noach z.l. in Lyon, die met veel bluf voor elkaar kreeg dat tal van Nederlanders konden ontsnappen naar bevrijd gebied. Bij beide voorstellingen waren zijn dochter en zoon aanwezig.

Het grote verschil met Jom Hasjoa in Nederland is dat het daar een particuliere herdenking is van een minderheid. Jom Hasjoa in Israël is een nationaal gebeuren. Hier wordt deze treurdag meestal aangeduid met de volledige naam: Jom Hazikaron Lasjoa Velagevoera (dag ter herinnering aan de grote ramp en het heldendom). Hij was oorspronkelijk gekoppeld aan de datum van de opstand in het getto van Warschau. Later is de datum vanwege Pesach ietwat verplaatst.

In Israël gaat het niet alleen om verleden en slachtofferschap. Het gaat ook om moed en verzet. Latent spelen tevens het heden en de ongewisse toekomst van het land en het volk een rol. Zo’n ramp als zich toen voor Joden – en anderen – in Europa voordeed, kan zich in deze regio opnieuw voltrekken. Het Joodse land heeft sinds de oprichting – en zelfs daarvoor – geen volwaardige vrede gekend. Het is bij voortduring door de buren met vernietiging bedreigd – en dat gaat ‘gewoon’ door. Niets is in deze roerige regio vanzelfsprekend. En dat geldt bij uitstek voor het in deze contreien gehate zionisme, dat bij het Jodendom hoort als fruit bij een boom. De onderlinge oorlogen en burgeroorlogen in deze door de islam gedomineerde regio laten zien hoe men elkaar in wreedheid weet te overtreffen. Er is weinig fantasie voor nodig om te bedenken wat er zou gebeuren als dit land na ongetwijfeld eerst te zijn bestookt met talloze raketten, vervolgens onder de voet zou worden gelopen door Hezbollah of andere Jodenhaters. Zoiets zal met alle middelen moeten worden voorkomen.

Jodendom vergelijk ik wel eens met een erfenis. Erfenissen kun je aanvaarden of verwerpen. Het Jodendom is echter niet zomaar een erfenis, het is een beladen erfenis. Die beladenheid komt niet zozeer door de Joden zelf (al zijn de 613 mitswot best zwaar), het is vooral niet-Joden aan te rekenen. Die hebben het Joden door de eeuwen heen steeds moeilijk gemaakt om allerlei redenen. Niet dat alle niet-Joden antisemieten zijn, chas wechalila (God verhoede), maar er zijn meer dan genoeg gojiem (volkeren) geweest die het op Joden gemunt hadden.

Niet zo raar dat nogal wat Joden het Jodendom vaarwel hebben gezegd. Bekijk het maar met je erfenis: ik pas. En tegelijkertijd net zo goed niet vreemd dat veel Joden ervoor kozen desondanks Joods te blijven, of om het Jodendom na de Sjoa nieuw leven in te blazen in plaats van verder te assimileren, zoals voor de Tweede Wereldoorlog velen deden. Het Jodendom heeft ook veel moois te bieden, wat tot je doordringt nadat je je erin hebt verdiept – of wanneer je ermee bent opgegroeid.

Het antisemitisme is enerzijds een grote bedreiging voor het Jodendom, anderzijds drijft het Joden bij elkaar. Inclusief degenen die op weg waren om op te gaan in de niet-Joodse wereld, wat hen nogal eens niet werd gegund.

Als lid van de naoorlogse generatie heb ik ontzag voor mensen die de Sjoa hebben weten te overleven en na die grote ramp min of meer trouw zijn gebleven aan hun Joodse erfenis (לדור ודור ledor vador – van generatie op generatie). Mijn ouders, die de Tweede Wereldoorlog buiten Europa hebben overleefd, hebben mijn broer en mij niet de zware last meegegeven die veel Joodse generatiegenoten in Nederland wel hebben ondervonden. Toch kregen we er meer van mee dan me lief was. Het heeft me wat jaartjes gekost om mijn agressiehouding beter op orde te krijgen. Want je afzetten tegen je ouders die al zoveel hadden meegemaakt, dat deed je liever niet als tweede generatiepuber. Dat verdienden ze niet. Dus slikte je je puberale boosheid tegen je ouders in, wat niet zo normaal is.

Alle eer aan hen die het verhaal van de Sjoa, hun verhaal, overeind hebben gehouden. Zo kwam ik de persoonlijke geschiedenis van Lous Steenhuis-Hoepelman, onze vroegere overbuurvrouw in Amsterdam, tegen op joodsamsterdam.nl. Na enig zoekwerk ontdekte ik daarna de oorlogsverhalen van haar en vele anderen. Sommigen ken ik slechts via de media, zoals de Ajaxied Salo Muller. Anderen ontmoette ik in besturen of commissies waar ik in zat. Het zijn allemaal schrijnende verhalen, die stuk voor stuk grote indruk maken.

Met Lous Steenhuis-Hoepelman heb ik heen en weer gemaild over wat Jodendom voor haar inhoudt, omdat ik bezig was met een artikeltje over Joodse identiteit voor ALEH, het blad van de IOH. Dat leidde tot een ontboezeming van haar kant van niet minder dan tien kantjes. Mede bedoeld voor haar eigen kinderen. Als ik zulke verhalen lees, zwijg ik stil als lid van de naoorlogse generatie. Wat heeft mijn generatie dan toch een ongelooflijke mazzel gehad.

Delen |

vrijdag 12 april 2019

Ze gingen helemaal aan onze neus voorbij. Natuurlijk bekeken we veel verkiezingsspotjes die ongevraagd binnenkwamen op onze smartphones. En de reclameborden of spandoeken voor diverse politieke partijen hebben we ook op tal van plekken zien hangen. Daar kon je niet om heen.



Affiche van de linkse Merets: “Geen revolutie zonder Merets


Likoed: ”Alleen een grote Likoed voorkomt een linkse regering

Maar we mochten niet meedoen, omdat we geen Israëlisch paspoort hebben. Hoe dat zit, is te lezen in een eerdere column.

De Israëlische verkiezingen trokken ook veel buitenlandse aandacht. Zo stond in Trouw bijvoorbeeld een artikel over de Palestijnse betrokkenheid bij de parlementsverkiezingen, geschreven door een Nederlandse journalist van hier, die we een beetje kennen. (Hij interviewde ons ooit over onze alija, onder andere voor het NIW.) Het net genoemde artikel ademt nogal wat Palestijnse verontwaardiging over de verkiezingen in Israël. Iemand is boos, omdat zij als Palestijnse niet mag stemmen. Maar sinds wanneer mogen mensen die geen inwoner van een land zijn en daar alleen ‘gastarbeid’ verrichten meedoen aan nationale verkiezingen? Verder wordt gedaan of de uitblijvende vrede met Palestijnen géén thema is bij de verkiezingen. Het is inderdaad geen gróót thema, want er zit al tijden niet veel schot in de zaak en andere zaken zijn belangrijker, maar het komt – het zou raar zijn als het niet zo was – wel degelijk langs. Het was naar mijn idee onmogelijk om het te missen.

In Times of Israel
stond bijvoorbeeld een groot interview met Benny Gantz, de uitdager van Benjamin Netanjahoe, die koste wat het kost gaat voor de eer van de langst zittende premier van Israël, ondanks corruptieschandalen. Gantz zegt daarin over de Palestijnse kwestie: “We don’t want to control another people. There is nothing for us in the Nablus casbah. But we cannot give up on our security. And we are not willing to give up on Jerusalem. Nobody is withdrawing to the ’67 lines, and the settlement blocs will remain on our side.

Let’s begin the journey, let’s start the process, let’s engage with one another and see what kind of outcome we can have. Everyone is looking at these words from the perspective of the endpoint and is alarmed by them. If I were to tell you now “two states,” what does that mean? What would the [Palestinian] state look like? Let’s start the process.
What should Netanyahu have done? What he said he wanted to do. But he hasn’t. He did nothing on the Palestinian issue.”

Bij het artikel in Trouw stond ook een apart stukje over hoe hard Israël ‘gastarbeiders’ nodig heeft. Israëls economie draait immers goed. Er is schreeuwend gebrek aan personeel. In Tel Aviv kun je geen terras of winkel voorbij lopen of er hangt een plakkaat met de vraag om nieuwe medewerkers.

Uit Trouw van 5 april 2019 (met door mij vetgemaakte passages):

Israël heeft Palestijns personeel hard nodig

"Op de Westelijke Jordaanoever wonen 2,9 miljoen Palestijnen en ruim 410.000 Joodse kolonisten. Afhankelijk van de zone waar zij wonen vallen de Palestijnen onder Israëlisch militair bestuur of onder het gezag van de semi-onafhankelijke Palestijnse Autoriteit.

"100.000 Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever hebben een vergunning om in Israël te werken. Door oplopende personeelstekorten in Israël is hun aantal de afgelopen jaren fors toegenomen.

"Naar schatting nog eens 50.000 Palestijnen werken illegaal in Israël. Ze doen vaak zwaar lichamelijk werk en maken lange dagen, met name door de lange wachttijden bij de Israëlische checkpoints.

"In Oost-Jeruzalem wonen 300.000 Palestijnen met een aparte status. Zij zijn permanent ingezetenen van Israël en mogen doorgaans overal werken, maar kunnen geen Israëlisch paspoort aanvragen en zijn niet stemgerechtigd.”

Einde kaderstukje in Trouw.

In het stukje lees ik dat de Palestijnen in Oost-Jeruzalem een “aparte status” zouden hebben. De associatie met ‘apartheid’ is snel gemaakt. Zij zijn permanent ingezetene en “kunnen geen Israëlisch paspoort aanvragen.” Pardon? De auteur van het stukje heeft het niet goed uitgezocht of wil een gitzwart beeld geven van hoe het zit. Na de annexatie van het oostelijk deel van Jeruzalem werden de Arabische inwoners permanent ingezetene én kregen zij (toen of later) de mogelijkheid om het Israëlisch staatsburgerschap aan te vragen. Dat werd massaal geweigerd. Inmiddels is er meer animo voor, maar de bureaucratie zorgt voor een langdurige procedure, lees ik wel eens.

Het kan ook zijn dat het wordt tegengewerkt, wat niet oké is. Zonder Israëlisch staatsburgerschap kan je echter toch in het land blijven wonen als permanent ingezetene (als je langdurig vertrekt, wordt het anders). Maar dan heb je geen stemrecht voor de Knesset-verkiezingen. Wel voor lokale verkiezingen. Zo ging het ook bij ons als permanent ingezetenen zonder Israëlisch paspoort. Dan hadden we maar voor de Israëlische pas moeten kiezen – op straffe van het verliezen van het Nederlanderschap.

In Nederland is het overigens net zo: inwoners met een verblijfsvergunning voor langdurige of onbepaalde tijd (zonder Nederlands staatsburgerschap) mogen lokaal meestemmen, landelijk niet.

Bij de recente gemeentelijke verkiezingen in Jeruzalem kozen veel Arabische stemmers ervoor om thuis te blijven. De laatste verkiezingen in Palestijns gebied waren meer dan een decennium geleden. Daar werd niet over geklaagd in de interviews van de ons bekende journalist met Palestijnse gastarbeiders die bij Qualandia in een mum van tijd op efficiënte wijze de grens passeerden.

Selectieve verontwaardiging heet zoiets.


P.S. Ook heb ik een (korte) ingezonden brief gestuurd aan Trouw (tekst hierna). Die werd niet geplaatst. Op de Facebookpagina van de betreffende journalist heb ik ook iets geplaatst. Dat werd me niet in dank afgenomen. Ik heb te felle bewoordingen gebruikt, vrees ik, waardoor de journalist zich aangetast voelde in zijn professionaliteit en integriteit. Hij bleef bij zijn standpunt dat Arabische inwoners van Oost-Jeruzalem geen Israëli kunnen worden.

“In Trouw van 5 april staat dat de Palestijnen die in het oostelijk deel van Jeruzalem wonen geen Israëlisch paspoort kunnen aanvragen. Dat is feitelijk onjuist. Ze kunnen en mogen dat wel degelijk, maar de meesten hebben dat bewust geweigerd. Om die reden zijn zij ‘permanent ingezetenen’ van Israël. Zij mogen wel lokaal stemmen (wat ze doorgaans uit protest niet doen), maar zij mogen niet meedoen aan de verkiezingen voor het nationale parlement. Dat is vergelijkbaar met Nederland, waar dat net zo is geregeld voor permanente inwoners die geen Nederlands paspoort hebben.”

Delen |
jun 2019Sjabbat is geen zondag
mei 2019Verkiezingsdebat: in Nederland wel, in Israël niet
mei 2019Hoogste tijd voor Gaza 4.0
mei 2019Erfgenamen
apr 2019Verkiezingen voor de 21ste Knesset
mrt 2019Vlinders
mrt 2019Habrigada hajehoediet (הבריגדה היהודית)
mrt 2019Brabants bont
feb 2019Einat Wilf
feb 2019Longontsteking
jan 2019De gan
jan 2019Nazareth
dec 2018Conserverende aanslag
nov 2018De 30ste november
nov 2018Stadsparken
nov 2018Bitoeach sioedi (ביתוח סיעודי)
okt 2018Lokale verkiezingen
okt 2018Herzliya - Amsterdam v.v.
sep 2018Laat de UNRWA opgaan in de UNHCR
sep 2018Bezeq is niet HOT
aug 2018Israël als natiestaat
aug 2018Aardbevingen
jul 2018Familiebezoek
jul 2018Nederlanders over de grens
jun 2018Op stap naar Spanje
jun 2018Films en nieuws kijken
jun 2018Nederlandse taalles in Israël
mei 2018De Giro d’Italia en nog wat
mei 2018Jom Ha Sjoa
apr 2018Dialoog
mrt 2018Het huurcontract
feb 2018Oelpan (Hebreeuws les) – de volgende klas en nog wat
jan 2018Winkelsluitingswet
dec 2017Witgoed
nov 2017Geoefende analfabeten
okt 2017Thuis
okt 2017Israël. Hoe kun je dáár nou gaan wonen?
sep 2017Op en neer naar Nederland
aug 2017Hollanders ‘in den vreemde’
jun 2017Israël op zijn smalst
mei 2017Staaroperatie in het Assutaziekenhuis
apr 2017Stemmen vanuit Israël
mrt 2017Een jaartje verder
jan 2017Oelpan
okt 2016Tweedehands of nieuw?
sep 2016Op zoek naar een auto
sep 2016Zachte landing
aug 2016Het verkorte rijexamen (mivchan hamara = conversietest)
aug 2016Dubbelleven
jul 2016Mea (100)
jul 2016Nola
jun 2016Cultuur
jun 2016Misrad Harishui (ministerie van Vergunningen)
mei 2016Antizionisme
mei 2016Geduld
mei 2016Zeg eens A(lef)
apr 2016Liften of niet?
apr 2016Een hele belasting
mrt 2016Alija