De 'verwarring' over vaderJoden

Renée Citroen

vrijdag 21 juni 2019

De LJG rabbijn Joram Rookmaker werd geïnterviewd op Jonet. Hij is allang geïnteresseerd in Joodse identiteit en organiseerde nu in de LJG Amsterdam een symposium over vaderJoden. Hé, dacht ik, alweer? Ik herinner me nog levendig het vorige seminar dat de Amsterdamse LJG hierover organiseerde in 2006 en waar ik toen een uitgebreid verhaal heb gehouden. Een pleidooi om iedereen met minstens één Joodse ouder als Joods te erkennen. Dat is vastgelegd in de statuten van de progressieve gemeente Beit Ha'Chidush, en voor mij vanzelfsprekend, de gelijkwaardigheid van iedereen staat bij mij voorop. Maar dat is in Joods Nederland dus nog steeds een probleem. De LJG is ook niet verder gekomen dan in 2006, gezien het verhaal van rabbijn Rookmaker.

Ik kreeg een steeds ongemakkelijker gevoel bij het lezen van het interview. Het is weer eens zover: het gaat over óns, vaderJoden, maar met de blik van de buitenstaander. Dan blijft het een eenzijdig verhaal. Had even contact gezocht, denk ik dan. Met wie? Met mij bijvoorbeeld, maar zeker met Beit Ha'Chidush, waar het 'probleem' van de vaderJoden sinds de oprichting is opgelost.

Ook Aatje Huijser-Frijda had hij kunnen benaderen, die er al in de jaren negentig van de vorige eeuw een uitgebreide studie over schreef. De rabbijn van de LJG kijkt niet verder dan de LJG en maakt een probleem van iets dat niet alleen bij Beit Ha'Chidush is opgelost, maar onder andere ook in Engeland bij het Liberal Judaism, in Frankfurt bij de Egalitärer Minjan en vooral in de VS, waar bij de Reconstructionists en bij de synagogen van Aleph niemand moeilijk doet.

Ik kon helaas niet aanwezig zijn op het symposium van de LJG, maar door wat ik lees, zie ik geen reden om aan te nemen dat men er anders over gaat denken in de toekomst.

Er wordt niet openlijk gepraat over dit lastige thema, zegt Rookmaker. Niet binnen de LJG dus, daar is het “lastig”. Zeg je dat over medemensen? Het zegt meer iets over jezelf.

Hij beweert ook dat de reden dat de LJG vaderJoden niet zonder meer toelaat, is “dat mensen zelf prijs stelden op een formele rite de passage.” Dat klinkt verdacht veel als de redenering van mensen die vrouwen niet aan het werk willen hebben of orthodoxe Joden die vrouwen in sjoel achter een hek zetten: ze willen het zélf.

Heeft hij dat onderzocht, hoeveel mensen van alle vaderJoden in Nederland dat willen? Natuurlijk kloppen alleen de mensen bij de LJG aan die wél een examen willen doen om als 'echt' te worden erkend (en dan nóg niet eens echt zijn volgens de orthodoxie).

Maar is dat een reden om de anderen die daar geen behoefte aan hebben, uit te sluiten? Zelf hoef ik niet zo nodig, ik ben echt genoeg voor mezelf en kan lid worden van een gemeente als Beit Ha'Chidush, zonder door anderen te worden beoordeeld op echtheid. Maar anderen willen misschien wél lid worden van de LJG, zonder een 'examen' dat de moederJoden niet hoeven af te leggen.

Een andere reden volgens Rookmaker is “dat de LJG zich meer wilde conformeren aan wat elders in de Joodse wereld gebruikelijk is.” Weer kijkt hij niet verder dan zijn eigen club en vergeet hij dus voor het gemak de grote progressieve internationale stromingen, waar gelijkwaardigheid wél het uitgangspunt is.

Rookmaker spreekt ook over verwarring over de term vaderJoden, want die zijn dus niet Joods volgens hem. Die verwarring ontstaat, omdat de scholen Rosj Pina en Maimonides deze mensen niet als Joods beschouwen, ook niet als ze bij de LJG bevestigd zijn. Dat wist ik niet en vind het schokkend. Ik heb trouwens nooit iets van verwarring gemerkt, de term schept juist duidelijkheid en benadrukt de discriminatie van mensen met een Joodse vader. Maar ik gebruik hem al tijden niet meer, mijn Joodse identiteit is inmiddels sterk genoeg om mezelf 'gewoon' Joods te noemen.

De reden dat er nu weer een symposium was, begrijp ik eigenlijk ook niet helemaal, want Rookmaker zegt: “Gebruiken en regelgeving die over de eeuwen zijn ontwikkeld, gaan wij niet van de ene op de andere dag veranderen, maar we kunnen wel proberen om te kijken wat er binnen de geldende kaders wel mogelijk is.” Niets dus. Terwijl er al zoveel dingen veranderd zijn in de loop der tijd, ook binnen de LJG, dus dit slaat nergens op.

De keuze om werkelijk progressief en eigentijds te zijn en uit te gaan van de gelijkwaardigheid van man/vrouw en alle andere genders, laat de LJG weer liggen. Maar wie had ook anders verwacht?

PS: Mocht er iets anders uit het symposium van afgelopen zondag zijn gekomen, dan hoor ik het graag!

3 + 3 = ?

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Doneren

Crescas kan niet zonder jouw steun. Met elke donatie, hoe klein ook, steun je onze activiteiten en zorg je dat wij nog meer voor Joods Nederland kunnen betekenen.