Bosbranden

Eva van Sonderen

vrijdag 31 mei 2019

Woensdagavond 12 mei begon Lag BaOmer, de dag van de Jahrzeit (sterfdatum) van rabbi Sjimon Bar Jochai. Op zijn sterfdag onthulde hij aan zijn leerlingen de diepste kabbalistische geheimen (later in de 13de eeuw door Mozes de Leon opgeschreven in de Zohar, het belangrijkste mystieke werk in de Joodse traditie). Daarom is het geen treurdag maar een feestelijke dag, waarop ter herinnering aan Bar Jochais grote spirituele licht, vreugdevuren worden ontstoken op de 15de dag van de Omertelling. Ik rook in Jeruzalem echter niet de gebruikelijke lucht van verbrande pallets; er was ook gewaarschuwd geen privé-vuurtjes aan te steken in verband met het ongewoon hete, droge weer.

Donderdag 23 mei klom de thermometer in Jeruzalem tot 37 graden Celcius – weer om binnen te blijven met de airco aan. ’s Avonds hoorde ik pas over bosbranden in het hele land, vooral in centraal Israël, het Ben Sjemen bos, vlakbij de stad Lod, en ten zuiden van de luchthaven Ben Goerion. Ik volgde het nieuws tot in de nacht, er woedden meer dan duizend verschillende bosbranden en kleine brandjes in grote delen van Israël. Kibboets Har-El stond in de fik en ook Mevo Modi’in, de Carlebach gemeenschap, woonplaats van onder anderen L. en haar volwassen kinderen en kleinkinderen. Ik belde haar mobiele nummer – “Leven jullie nog?!” – maar kreeg alleen een automatisch ingesproken boodschap.

Vrijdagochtend bleek Mevo Modi’in het zwaarst getroffen, veertig van de vijftig huizen in het dorp waren totaal verwoest, plus een aantal uitgebrande auto’s, en veel rook- en waterschade. Later op de dag hoorde ik via via dat de familie van L. samen met andere mosjavniks heelhuids in een ‘jeugddorp’ in Ben Sjemen zat en dat ze al een voorlopige huisvestingsaanbod had gekregen van een genereuze Nederlandse familie in Jeruzalem.

In Har-El brandden vijf huizen volkomen uit en waren andere zwaar beschadigd. Alle landbouwgrond van de kibboets liep door het vuur schade op. De extreme hittegolf hield vrijdag en zaterdag aan, met temperaturen die tot boven de 40 graden kwamen, gecombineerd met droge woestijnwinden. Netanjahoe had buurlanden om hulp verzocht – en die kwam, blushelikopters uit Egypte, Italië, Griekenland, Kroatië en Cyprus. Men had er maar van afgezien om Turkije om hulp te vragen.

Vijftienhonderd Israëlische brandweerlieden, aangevuld met driehonderd vrijwilligers en assistentie uit andere landen waren twee bloedhete dagen bezig om alles te blussen. Ook op de Westbank waren bosbranden uitgebroken, bewoners van een nederzetting ten zuiden van Hebron werden geëvacueerd maar konden tenslotte weer terugkeren, en vlakbij Asjkelon ging de tarweakker van een mosjav in vlammen op. Hier kregen de Israëli’s assistentie van Palestijnse brandweerkorpsen.

Als oorzaak van de branden dacht de brandweer aanvankelijk aan kortsluiting in overbelaste elektrische toevoerleidingen, en aan slecht uitgedoofde Lag BaOmer vuurtjes. Pas later dacht men ook aan opzettelijke brandstichting. In een tijdsspanne van 41 uur ontstonden er meer dan duizend bosbranden; bij de brand die Mevo Modi’im verwoestte, moet het vuur vanuit verschillende plekken ontstaan zijn. Er is nog steeds geen eenduidige verklaring afgegeven. Zaterdagnacht werd uiteindelijk het sein ‘brand meester’ gegeven. In totaal zijn volgens het Joods Nationaal Fonds ruim 200 hectare bos- en landbouwgrond verloren gegaan.

Zaterdagavond kreeg ik L. eindelijk te pakken. Die klonk als een echte chassied onverwacht opgewekt, vertelde dat ze in haar tijdelijke onderkomen een fantastische sjabbat had beleefd met alle mosjav-leden samen, en dat ze iedereen bij elkaar wilde houden, liever dan op verspreide huisvestingsaanbiedingen in te gaan. De mosjavniks hadden maar vijftien minuten gehad om iets bij elkaar te pakken voor ze werden geëvacueerd en bovendien had zij zelf rondgerend om mensen die nog lagen te slapen, wakker te maken. Ze had tenslotte een aantal fotoalbums meegenomen. “Hier heb ik mijn hele leven voor geoefend”, zei ze, “voor als er weer een Sjoa zou komen, wat ik dan zou meenemen.” “Je ben net als Anne Frank”, zei ik (die stopte haar dagboek, krulpennen, schoolboeken, oude brieven en “de gekste onzin” in haar schooltas toen ze hoorde dat het gezin de volgende dag moest onderduiken en schreef later: “Maar ik heb er geen spijt van; geef meer om herinneringen dan om jurken.”).

Ondanks de verwoestende brand zijn de collectieve plekken van de gemeenschap, het sjoeltje en de eetzaal, gespaard gebleven. En er stroomt van alle kanten hulp toe, zoals zakken met kleding, en de International Fellowhip of Christians and Jews heeft een campagne op touw gezet met het doel een half miljoen dollar in te zamelen. (Kijk op hun Facebookpagina.) Terwijl ik dit schrijf, staat de teller op 282.973 dollar. De bewoners van Mevo Modi’im zijn vastbesloten hun dorp weer op te bouwen, “mooier dan het ooit is geweest.”

Reageren op dit item is niet meer mogelijk.

Columns 2024

Columns 2023

Columns 2022

Columns 2021

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Columns 2014

Columns 2013

Columns 2012