Opnieuw de vluchtelingen

Harry van den Bergh z”l

vrijdag 23 oktober 2015

Zoals wij allen zag ik de beelden van een opeengepakte, eindeloze stoet van duizenden mannen, vrouwen, kinderen, in alle leeftijden, strompelend door de modder en doorweekt door de regen. Ik zag de beelden van een groep vluchtelingen die in groten getale midden in de nacht, verdwaald, door een rivier waadden op weg naar een verre grens. Ik kon het niet nalaten onmiddellijk te denken aan de foto's van grote groepen Joodse vluchtelingen in al hun schamelheid op weg naar een hoopvolle toekomst. De parallel met de beelden nu is toch onweerlegbaar?

Mij werd verteld, in gesprek met verontruste burgers van Amstelveen waar ik lid van de gemeenteraad ben, dat in het debat over het ‘vluchtelingenvraagstuk’ de ratio moest heersen over de emotie. Nu ben ik er in het algemeen vóór om de grijze cellen op topcapaciteit te laten werken bij het oplossen van ingewikkelde problemen. Ik vind ook dat in een aantal gevallen onze emotie een ethische of morele richtlijn verschaft om ergens pal voor te gaan staan of om krachtig te handelen omdat de omvang en betekenis van het probleem ons emotioneel overweldigt. Zo ook met het huidige vluchtelingenvraagstuk dat ons dwingt een keuze te maken en te doen wat vereist wordt. De geschiedenis van met name de Tweede Wereldoorlog en het ethische besef dat deze tijd teweeg bracht, leidde tot de vastlegging van de wijze waarop vluchtelingen behandeld moesten worden: het VN-Vluchtelingenverdrag van 1951. Ook, en misschien vooral, het jodendom stelt hoge ethische en morele eisen aan de wijze waarop Joden dienen om te gaan met vluchtelingen.

Ik heb mij wild geërgerd aan de wijze waarop officiële Joodse instanties en ook tal van individuen zijn omgegaan met de mededeling dat in Amstelveen een noodopvang zou komen voor asielzoekers. Ik geloof werkelijk dat opvang van vluchtelingen tot de hoogste morele of religieuze principes behoort van het jodendom. De orthodoxe rabbijn en dayan die ik raadpleegde, bevestigde dit. Om deze reden heb ik weinig begrepen van de dubbele en doorzichtige houding van officiële bestuurders van Joodse instellingen, die zeggen wel pro-vluchteling te zijn, maar niet in mijn backyard. Dit laatste staat gelijk aan wat ik in de afgelopen dagen veelvuldig heb gehoord, namelijk dat de noodopvang midden in de Joodse wijk van Amstelveen zou komen. Ik hoor een studentenrabbijn uit Amsterdam, die naar ik zeker weet vlakbij de ABN AMRO op de Zuidas woont, betogen dat hij in een Joodse buurt - wel kilometers van de plaats des onheils - geen risico kan nemen met de veiligheid van de Joodse gemeenschap omdat enkele honderden ‘sjlemielen’, op de vlucht voor dictators en jazeker Moslims, in een leegstaand kantoorgebouw worden gevestigd in een buurt waar inderdaad de Joodse populatie iets hoger is dan het geschatte gemiddelde percentage van 5% in Amstelveen en Buitenveldert.

Ik was stomverbaasd te horen van Joodse leiders dat wij een ‘Joodse wijk’ in deze buurt hebben, verbaasd vooral omdat ik er zelf woon en nog nooit op de gedachte ben gekomen in een Joodse wijk te leven. Dat is natuurlijk flauwekul. Elders in Europa bestaan nog evident Joodse wijken, maar hier zijn deze er om verdrietige redenen op geen enkele wijze meer. Het argument is een misselijkmakend gelegenheidsargument, gebaseerd op opgeklopte angst en tot mijn verbazing en woede, op vooringenomenheid tegen een groep mensen waarvan men alleen weet dat het om Moslims gaat. Deze nu zijn per definitie anti-Joods en gevaarlijk voor de vrouwen en kinderen van de Joodse gemeenschap. Conclusie is dan dat deze niet te benijden groep niet mag wonen in of nabij de Joodse wijk. Separatie van deze groepen is de enige keuze, alsof dit de terecht gewenste veiligheid voor de Joodse gemeenschap zou kunnen garanderen. Droevig vind ik ook dat op voorhand, zonder enige aanleiding en een vorm van bewijs, ervan wordt uitgegaan dat het hier om foute lieden zou gaan. De redenering die hier de grondslag van vormt, vind ik immoreel en volstrekt in strijd met de Joodse ethiek ten aanzien van vreemdelingen. Ik zou gedacht en gewenst hebben dat onze Joodse leiders op de bres zouden staan voor vluchtelingen, ongeacht hun geloof en zonder dat er enige aanleiding is te denken dat het hier om jihadisten zou gaan. De Joodse gemeenschap zou een groots en betekenisvol gebaar hebben gemaakt wanneer het beleid dat van toenadering en contact zou zijn geweest!

Ik ben 12 jaar voorzitter geweest van het bestuur van VluchtelingenWerk Nederland. Ik durf te zeggen dat het samenleven van Nederlandse burgers en vluchtelingen vrijwel nooit met vervelende incidenten gepaard gaat. Een van de redenen is dat tot het werk van VluchtelingenWerk behoorde de inzet van duizenden vrijwilligers om de vluchtelingen in hun moeizame omstandigheden van dienst te zijn. De Joodse gemeenschap van de ‘Joodse wijk’ zou zich een soortgelijke opdracht moeten opleggen.

Mij werd in de afgelopen dagen verweten dat ik slordig omga met de veiligheid van Joodse burgers. Dat verwijt raakt mij zeer. Separatie, zoals ik zei, zou de enige weg zijn. Dat is onzin en ik geloof bovendien dat wij een overheid hebben die met alle beschikbare middelen zich zal inzetten voor de veiligheid in die ‘Joodse wijk’, waar nu in een behoorlijk afgelegen gebouw vluchtelingen worden gehuisvest. Angst, opgeklopte angst, is een heel slechte raadgever. De vluchtelingen zijn er nog niet en er is nog tijd voor het Joodse establishment om zich te revancheren.

7 + 2 = ?
Beste Harry, Heel veel dank voor deze column. Toen ik de kranten las en het nieuws zag (o.a. AT5) met al die Amstelveense Joodse bewoners, die vergaten dat zij ooit behoefte hadden gehad aan hulp als vluchteling/uitgestotene, werd ik zó ontzettend kwaad, maar vooral treurig. Jouw column geeft me in ieder geval hoop, net als jij zegt, dat de Joodse gemeenschap (voorzover die werkelijk bestaat) in Amstelveen en Buitenveldert op zijn angstige opstelling ten aanzien van al die vluchtelingen, van welke origine dan ook, terug zal komen. Laten we het over één ding eens zijn: het zijn gewoon mensen ! Hartelijke groet, Bertie van Gelder
Ik ben enorm blij met de column van Harry vd Bergh. Een duidelijk antwoord op de beschamende opstelling van sommigen tov de oorlogsvluchtelingen.
Wat een perfect artikel. Ik ben blij met zo'n standpunt, al is de onderliggende oorzaak heel verdrietig
Beste Harry, In reactie op jouw column(s) over de tijdelijke opvang van vluchtelingen kan ik melden het met veel wat je daarin schrijft eens te zijn. Waar het echter velen die op de voorlichtingsbijeenkomst afgekomen Joden en niet-Joden om ging is de geschiktheid van de locatie naast de LJG begraafplaats, de ontmoetingsplaats en de fietsroute van de vele leerlingen van de Joodse scholen en de meerdere nog geen 100 meter er vandaan wonende Joodse families. Ik heb niemand horen zeggen "Niet in Amstelveen" of "Niet in mijn achtertuin", maar alleen horen vragen aan college en raadsleden of er niet een andere locatie in Amstelveen gevonden en nog kan worden, die mogelijk minder risico, angst en ophef veroorzaakt. Als dat geen mogelijk meer is, zal de Joodse gemeenschap zoals jij ook verwacht haar verantwoordelijkheid in positieve zin nemen. Daar is geen twijfel over mogelijk. Net zoals de miljoenen dollars en andere materiele en medische steun, die vanuit Israel wordt gegeven aan bijvoorbeeld de vluchtelingen in Jordanie, waar de Nederlandse samenleving en Arabische landen een voorbeeld mogen nemen en helaas in de pers geen aandacht voor is. Met hartelijke groet, Eron Wolf.

Columns 2020

Columns 2019

Columns 2018

Columns 2017

Columns 2016

Columns 2015

Columns 2014

Columns 2013

Columns 2012

Columns 2011

Doneren

Crescas kan niet zonder jouw steun. Met elke donatie, hoe klein ook, steun je onze activiteiten en zorg je dat wij nog meer voor Joods Nederland kunnen betekenen.