sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Gastcolumns

Weblogs disclaimer

Op deze pagina vindt u eenmalige bijdragen over uiteenlopende onderwerpen. Onderwerpen die natuurlijk altijd een link hebben met jodendom. Een gastcolumn bestaat uit een boek- of filmrecensie, een mening of opinie over een (actueel) onderwerp, het verslag van een Joodse-thema-reis, een bijzondere belevenis, etc. De gastcolumn is niet bedoeld voor reacties op eerder verschenen columns. Hiervoor is steeds ruimte ónder de betreffende column. Wilt u een gastcolumn schrijven? Neem dan contact met ons op via blocq@crescas.nl. De directie van Crescas beslist in alle gevallen over plaatsing van een gastcolumn.

vrijdag 30 mei 2014

Over de gastcolumnist

Lydia Blom studeerde aan het Amsterdams Conservatorium. Zij is het gelukkigst wanneer ze muziek kan maken. Met Carolien Kamminga vormt ze het duo Blom & Ca. Onder de naam Kochawiem speelt dit duo een programma met overwegend Joodse en Israëlische muziek. Momenteel volgt Lydia een studie Algemene cultuurweten-schappen.

Droomkoninkje, het jongetje met zijn klompvoetje en grote dromerige ogen heeft me, samen met Remi uit Alleen op de wereld, vele uren jeugdig romantisch verdriet opgeleverd. Droomkoninkje, van Herman Heijermans, de schrijver die in het jaar 1900 het toneelstuk Op hoop van zegen schreef.

Joosje Lakmaker schreef een biografie over de actrice Esther de Boer-van Rijk, de actrice die meer dan 1200 keer de rol van Kniertje speelde in Heijermans’ toneelstuk Op hoop van zegen. Ook in twee verfilmingen (1918 en 1934) speelde ze deze rol. Lakmaker maakt in haar biografie onder andere gebruik van de autobiografie van Esther de Boer-van Rijk, Ik kijk terug. Episodes uit mijn leven, Amsterdam, 1934.

Het boek beschrijft fantastisch en met veel humor de opkomst en ontwikkeling van het theatervak. Hoe de strenge scheiding tussen het dilettantentoneel en de professionele acteurswereld verdween. Hoe men in de 19e eeuw aankeek tegen acteurs. Op wat voor manier de acteurs moesten reizen. Er gingen vanuit Rotterdam alleen treinen naar Amsterdam, Utrecht en Den Haag.

De laatste treinen vertrokken vroeg. Wie alleen in het tweede bedrijf optrad had geluk en kon nog naar huis; de rest van het gezelschap overnachtte in een logement. En net als in de postkoets was het daar meestal koud.

De rest moest per postkoets bereisd worden, of, van Rotterdam naar Nijmegen per stoomboot.

In een strenge winter raakte de boot met acteurs ingevroren tijdens de terugtocht vanuit Gelderland naar Rotterdam.

Het theaterseizoen duurde van september tot juni, in de zomermaanden trokken de toneelgezelschappen door het land, vaak met een eigen tent, van kermis naar kermis. Het was vaak moeilijk om aan werk te komen, en er is constant sprake van
faillissementsdreiging.

Ester werd geboren in 1853.

Aan het begin van haar toneelcarrière, toen ze een beetje gedistingeerde naam wel kon gebruiken, werd het Esther, met een h. Voor iedereen in haar omgeving bleef het Hesje of Hes.

De ouders van De Boer-van Rijk waren beiden kinderen van een lompenhandelaar. Na hun trouwen trokken ze in bij de ouders van de bruid aan de Schiedamschedijk in Rotterdam. Zoals getypeerd in Physiologie van Rotterdam:

Op de Schotse Dijk (bij de Schiedamse Dijk stond de Schotse kerk) verspreidt het uitschot der twaalf stammen Israëls de lieflijkste geuren en sjachert en krioelt in holen en gaten, die u op het bloote gezicht een rilling op het lijf jagen …

Het balanceren tussen fatsoen en beschamende, echte armoede zou haar leven tekenen. Esther vertelt in haar memoires hoe ze als kind van tien met haar broer naar de Groote Schouwburg ging. Een overweldigende toneelervaring, de avond betekende een omslag in haar leven.

Het was afgelopen met op straat spelen. Op zolder doorleefde ze de volgende dag het verdriet van de ongelukkige moeder uit het stuk.

Haar eerste toneelkans kwam bij een ‘dilettanten’-toneelvereniging waar ze om haar mooie zangstem werd gevraagd. Dilettantentoneelverenigingen waren een herleving van de vroegere rederijkerskamers. Heren van goeden huize met liefde voor vaderlandse letterkunde oefenden welsprekendheid, droegen gedichten voor en speelden toneel. Er waren grote internationale toneelwedstrijden, met jury’s van professionele acteurs. Het publiek beleefde de stukken intens en vereenzelvigde de acteurs volledig met hun rol. Regelmatig moest een acteur de achteringang gebruiken om niet op zijn gezicht geslagen te worden.

Opleidingen bestonden nog niet, de meeste acteurs werden in een toneelfamilie geboren en leerden het vak van kleins af aan. De oprichting in 1873 van een toneelschool in Amsterdam was een eerste stap naar de professionalisering en erkenning van het acteursvak.

Esther begon haar professionele leerschool bij ‘De Rotterdamse Tooneelisten’, die de Kleine Komedie aan de Coolsingel bespeelden. In 1884 verhuisde zij naar Amsterdam. Ze krijgt een eerste engagement in de Salon des Variétés, een vrijwel geheel Joodse aangelegenheid, waar stukken speelden als Wat hebt U een grote neus! A propos bent u de heer Meijer? En De matze in de waterleiding.

Rond 1889 drong in Nederland een nieuwe toneelstroming door, het naturalisme, dat in het Franse toneel en in de literatuur al langer de toon bepaalde. Voor het eerst zag het publiek gewone mensen, zij het welgestelde, in een realistisch decor op het toneel. Ibsens Nora was het eerste naturalistische stuk dat werd opgevoerd in Nederland, in 1889. De snel groeiende vrouwenbeweging adopteerde Nora als het eerste feministische toneelstuk. Na Nora ontstond in Nederland een ware Ibsenrage. Het was een opwindende nieuwe periode voor het avantgarde-theater.
In 1898 schreef Herman Heijermans Ghetto, over de verhouding tussen Joden en Christenen. Ghetto was het gesprek van de dag en zorgde voor volle zalen. In 1899 verscheen *Het zevende gebod. Burgerlijke zedenkomedie in vier bedrijven.

Het zevende gebod* - gij zult niet echtbreken - is een felle aanklacht tegen het immorele karakter van het wettige huwelijk en de dubbele moraal. Op 24 december 1900 is de première van Op hoop van zegen. Een aanklacht tegen niet-zeewaardige schepen en de praktijken van verzekeringsmaatschappijen. ‘Drijvende doodskisten’ werd een begrip, en de verontwaardiging leidde tot politieke druk om aan deze wantoestand een eind te maken. Uit de recensie in het Algemeen Handelsblad van 26 december 1900:

… mij heeft het stuk gepakt. Het was leven, meestal waarheid, echt lijden, echte smart. Heijermans heeft mooie rollen geschreven. En Esther de Boer is uitmuntend …

Haar roem dankt Van Rijk aan de stukken van Heijermans. Maar bij het grote publiek was ze ook enorm geliefd vanwege haar komisch talent en haar rollen in de vele populaire Joodse stukken van haar tijd.

In het Joods Historisch Museum is t/m 28 september 2014 de tentoonstelling Hollands populairste actrice, over leven en werk van actrice Esther de Boer-van Rijk te zien.

In de Digitale Bibliotheek van Crescas zijn veel boeken en toneelteksten van Herman Heijermans te vinden en gratis te downloaden.



Joosje Lakmaker, Esther de Boer–van Rijk. Hollands populairste actrice
Uitgeverij Wereldbibliotheek, 2014
ISBN 978 90 284 2551 4

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
apr 2018Dialoog
mrt 2018Het huurcontract
feb 2018Oelpan (Hebreeuws les) – de volgende klas en nog wat
jan 2018Winkelsluitingswet
dec 2017Witgoed
nov 2017Geoefende analfabeten
nov 2017Eindelijk
okt 2017Thuis
okt 2017Israël. Hoe kun je dáár nou gaan wonen?
sep 2017Op en neer naar Nederland
sep 2017In memoriam Rob Boerboom
aug 2017Hollanders ‘in den vreemde’
jun 2017Israël op zijn smalst
jun 2017Joodse geschiedenis van Gouda
mei 2017Staaroperatie in het Assutaziekenhuis
apr 2017Stemmen vanuit Israël
mrt 2017Een jaartje verder
mrt 2017Midden-Oostenpolitiek uit 1001 nacht
jan 2017Oelpan
jan 2017Nieuwsbriefredactrice Raya Lichansky 70
jan 2017Oude mannen en een dood paard
okt 2016Tweedehands of nieuw?
sep 2016Op zoek naar een auto
sep 2016Zachte landing
aug 2016Klein maar springlevend
aug 2016Het verkorte rijexamen (mivchan hamara = conversietest)
aug 2016Dubbelleven
jul 2016Mea (100)
jul 2016Nola
jun 2016Henriette Boas, vriendin en huisgast
jun 2016Cultuur
jun 2016Misrad Harishui (ministerie van Vergunningen)
mei 2016Antizionisme
mei 2016Geduld
mei 2016Zeg eens A(lef)
apr 2016Liften of niet?
apr 2016Een hele belasting
mrt 2016Alija
jan 2016Zondebok
dec 2015Wie is er bang voor Spinoza?
nov 2015Om toch
nov 2015Ahmad Dawabsheh blijft alleen
okt 2015Stilte in Joods Nederland
sep 2015Vluchtelingen: ruimhartig en meedogenloos
sep 2015Godgeklaagd
jul 2015I'm a European Jew - and No, I'm Not Leaving
mei 2015Culturele boycot Israël verzwakt de oppositie
mei 2015Boedapest
apr 2015Krakow
apr 2015Praag
mrt 2015Samen optrekken tegen jodenhaat en islamhaat
dec 2014Han Hollander (1886-1943), sportverslaggever
jul 2014Joden, Moslims, vooroordelen en Maison de Bonneterie
jun 2014De handel en wandel van de boekenjood
mei 2014Biografie van Esther de Boer–van Rijk
apr 2014Anne
apr 2014Inclusief of exclusief
apr 2014Het verrassende Egypte van vóór de Uittocht
feb 2014Op school
feb 2014Nieuw boek van Pauline Micheels: 'Vandaag'
feb 2014Allemaal hadden ze een naam
jan 2014Nooit meer Auschwitz
jan 2014Heruitgave van ‘De Samaritanen’
nov 2013Ariëlla Kornmehls 'Wat ik moest verzwijgen’
nov 2013Dialoog tussen Joden en Marokkanen of Turken
nov 2013Fietsen voor Alyn
nov 2013Limmoed en het orthodoxe fiasco
aug 2013Lemberg
jul 2013Joods Gouda
jul 2013Slavernij
jun 2013Een boek over rechtsherstel na de Tweede Wereldoorlog
jun 2013Lili, een boek dat geschreven mòest worden
mei 2013Hannah heet ik - Hannah Cohen
apr 2013Het kwaad van de banaliteit: Margarethe von Trotta's film Hannah Arendt
apr 2013Toespraak tijdens Jom Hasjoa-herdenking, 7 april 2013