Corona

Ook Crescas past het programma aan. De bijeenkomsten worden tot nader bericht geschorst en de langlopende cursussen worden via een online platform verzorgd. Wij blijven u informeren over de overige lezingen en cursussen via de nieuwsbrief en mail. Onze online aanbod blijft natuurlijk beschikbaar!

inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Harrie Teunissen

Harrie Teunissen (1949) studeerde cultuur- en godsdienstpsychologie in Nijmegen en Parijs en islamwetenschappen in Leiden en Damascus. Van 1979 tot 1987 was hij werkzaam bij de vakgroep Theoretische en historische pedagogie (UVA) en publiceerde hij over opvoeding en psychoanalyse. Daarna verzorgde hij HOVO-cursussen, o.a. over ‘De Mythe van de Reconquista: Moslims, Joden en Christenen in de Spaanse Middeleeuwen’. Momenteel is hij zelfstandig historicus en een verwoed verzamelaar van kaarten, atlassen en reisgidsen. Zwaartepunten in zijn collectie zijn watermanagement, stadsontwikkeling, etnische relaties en militaire conflicten.

vrijdag 16 maart 2012

Als Israël, de Verenigde Staten en Iran rationeel handelen komt er geen oorlog. Maar als historische mythes een exclusieve bril vormen waardoor leiders en hun achterban vijanden én bondgenoten waarnemen, ziet de toekomst voor Israël en het Midden-Oosten er somber uit. En de tijd dringt. Deze derde en laatste column over de mythe van Masada schetst de dreiging van een nucleair Iran onder Ahmadinejad en actuele verwikkelingen die zijn geopolitieke strategie ondermijnen. Daarna ga ik in op de verstoorde verhouding tussen Netanyahoe en Obama en het gevaar van een strijd van Israël op twee fronten.

Het Internationaal Atoomagentschap, de nucleaire waakhond van de VN, rapporteert recent dat Iran haar nucleaire verrijking sterk heeft opgevoerd. Maar er zijn geen bewijzen dat de Islamitische Republiek besloten zou hebben kernwapens te bouwen. De ‘opperste gids’ ajatollah Khamenei veroordeelt in 2005 in een fatwa productie en gebruik van kernwapens als ‘onislamitisch’. Het lijkt er op dat Iran ‘strategische ambiguïteit’ nastreeft. Ze wil op korte termijn kernkoppen kunnen maken, test wellicht neutronenontstekers, maar mikt (nog) niet op een kernwapenarsenaal. President Ahmadinejad wordt niet moe te herhalen dat Irans nucleaire programma alleen civiele doelen dient. Maar er zijn goede redenen zijn intenties te wantrouwen, hij is een radicale messianist. Dit vraagt om uitleg. Voor de sji’a in Iran speelt het leerstuk van de terugkeer van de sinds 941 in de grote verborgenheid levende twaalfde Imam een centrale rol. Zijn komst wordt aangekondigd door kosmische verstoringen en natuurrampen die chaos veroorzaken en door de oprukkende macht van ongelovigen en valse messiassen. Maar bij de wederkomst van de Mahdi in Mekka worden ware gelovigen verlost van alle onheil. Vanuit Kufa, de oude hoofdstad van Ali, maakt de mooie jongeman met zwarte baard een einde aan corruptie en tyrannie en vervult de aarde met vrede en gerechtigheid. ‘De messias’ maakt ook korte metten met valse geestelijken.

De religies in het Midden-Oosten (1993)

Clerici onder Khamenei stellen dat alleen God die miraculeuze terugkeer kan bespoedigen. Ahmadinejad staat echter een politieke bespoediging van de komst van de Mahdi voor, te beginnen in Iran. Met zijn populisme is hij de laatste jaren steeds meer tegenover orthodoxe clerici komen te staan. In zijn radicaal messianisme past ook het gebruik van kernwapens. Diverse figuren rond Ahmadinejads spirituele mentor ajatollah Mesbah-Jazdi hebben zich in die zin geuit. Zo oordeelt Hodjatu’l-Islam Mohsen Gharavian: er is geen religieuze beperking bij het gebruik van kernwapens als vergelding. En Hodjatu’l-Islam Saidi stelt in het weekblad van de Revolutionaire Garde dat het nucleaire programma Iran transformeert tot de dominante regionale macht. Ahmadinejad noemt de Holocaust ‘een mythe die zionisten boven God en zijn profeten stellen’. En op massameetings wordt dood aan Israël en dood aan Amerika gescandeerd. Extern is Ahmadinejad nog steeds uit op een geopolitieke sji’itische as van Iran, via radicale sji’ieten in Irak en de dominante alawieten in Syrië, tot Hezbollah in Libanon. Al heeft hij niet letterlijk beweerd: ‘Israël moet van de kaart geveegd’, toch speelt zijn oproep het zionistische regime dat Jeruzalem bezet moet verdwijnen van de pagina’s van de geschiedenis in op Arabische rancunes jegens Israël. Zo wil hij rond de sji’itische as een brede buffer creëren met radicale soennieten én, ook met geld en wapens, tegenwicht bieden aan de druk op Hamas om Israël te erkennen.

De grimmige ‘Arabische lente’ in Syrië gooit evenwel roet in dit strategisch recept. Basjar al-Assad krijgt (wapen)steun uit Rusland en milities van Hezbollah en adviseurs van Iran helpen bij het bloedig neerslaan van een volksopstand. Maar de politieke leider van Hamas in Damascus (Khaled Meshal) haakt af, omdat verwante moslimbroeders in Syrië rebelleren. Door de enorme solidariteit in de Gazastrook met de Syrische opstandelingen ontstaat er binnen Hamas grote onenigheid tussen leiders die publiekelijk stellen buiten een gewapend conflict tussen Israël en Iran te willen blijven en leiders die even nadrukkelijk verklaren dat zij dan voluit zullen toeslaan. De recente raketaanvallen op Zuid-Israël spelen ook een rol in het forceren van die interne machtsstrijd. Cruciale schakels in Ahmadinejads buitenlandse strategie dreigen dus weg te vallen. In Iran zelf heeft hij op 3 maart bij de parlementsverkiezingen een gevoelige nederlaag geleden. Aanhangers van zijn orthodoxe tegenhanger Laridjani veroverden, na eenzijdige selectie van de kandidaten door de ‘Raad van wachters’, bijna tweederde van de zetels. Weliswaar heeft Laridjani als hoofdonderhandelaar nog verklaard dat de Iraanse kernenergie deel uitmaakt van de nationale identiteit, maar hij is een doorgewinterd politicus. Als hij in 2013 president Ahmadinedjad wil opvolgen, dan moet hij de arme massa’s iets te bieden hebben. Dat lijkt onmogelijk bij voortgaande sancties. Kan Ahmadinejad nog de vlucht vooruit maken?

Premier Netanyahoe en president Ahmadinejad zijn elkaars politieke tegenpolen, maar in hun apocalyptische verwachtingen komen ze overeen. Om het nucleaire programma van Iran een zware slag toe te brengen voordat dit deels ondergronds gaat, bereiden premier Netanyahoe en zijn minister van defensie Barak een ‘pre-emptive strike’ voor. Bij de termijn waarop Israël luchtaanvallen op Iraanse installaties wil uitvoeren spreken zij niet over weken of jaren, maar over maanden. Meer tijd om voldoende effect te sorteren lijken nieuwe sancties niet te krijgen. De regering van Israël heeft haast, zij ziet het voortbestaan van Israël bedreigd door kernwapens in handen van radicale Iraniërs. Er zijn al heimelijke aanslagen op kerngeleerden en virusaanvallen op computers van kerninstalaties uitgevoerd. Iran heeft recent gereageerd met aanslagen op Israëlische diplomaten in Dehli, Bangkok en Tbilisi. Maar volgens een peiling in Haaretz is 58% van de Israëliërs niet overtuigd van de noodzaak van een luchtaanval op Iran zonder deelname van de Verenigde Staten. Critici wijzen er bovendien op dat zo’n aanval het nucleaire programma met slechts enkele jaren vertraagt en ondertussen in Iran een breed draagvlak creëert voor productie van kernwapens. Zelfs Dagan, ex-chef van de Mossad, waarschuwt publiekelijk dat door zo’n roekeloos avontuur Israël het centrum van een regionale oorlog wordt. Om een tweefrontenstrijd te voorkomen moet Israël eindelijk het plan van Saoedi-Arabië accepteren: normale relaties met de Arabische staten in ruil voor een vredesverdrag met de Palestijnen.

De Arabische golfstaten worden immers ook door Iraanse kernwapens bedreigd. Als het zover komt staan we aan de vooravond van een proliferatie van die wapens in het instabiele Midden-Oosten met zijn diverse terroristische groepen. Israël heeft al kernbommen, maar dan willen ook Saoedi-Arabië, Egypte en Turkije ze bezitten. Het vermijden van dit scenario is ook een topprioriteit van het Westen. Vandaar dat president Obama begin maart op de conferentie van het American Israel Public Affairs Committee in Washington met nadruk stelt dat de diplomatieke contacten, de Westerse economische sancties en zo nodig het militair ingrijpen van Amerika, niet gericht zijn om het gebruik van Iraanse kernwapens te verhinderen, maar te voorkomen dat Iran over kernwapens beschikt. Omdat Amerika onder meer beschikt over Bunker Buster Bombs is haar termijn voor een eventueel ingrijpen langer dan dat van Israël. Voor Netanyahoe is die publieke belofte echter onvoldoende, hij vertrouwt Obama maar half. Op de AIPAC conferentie toont hij brieven uit 1944 van het World Jewish Congres en het US War department. Op hun smeekbede om Auschwitz te bombarderen reageert het Ministerie van Oorlog afwijzend, want: such an effort might provoke an even more vindictive action by the Germans. Het beslissende verschil tussen 1944 en 2012 is de Joodse Staat. Die zal nooit meer toestaan dat het overleven van het Joodse volk op het spel komt te staan.

Netanyahoe herinnert de conferentie en Obama tot slot aan Poerim, de viering van de dappere Esther die 2500 jaar geleden slaagt in het verijdelen van de vernietiging van het Joodse volk door een Perzische antisemiet. In Netanyahoes bewieroking van het eigenmachtig optreden van Israël komt de desperaatheid en het optimisme van de mythe van Masada weer om de hoek kijken. Hij waarschuwt al jaren voor een Iraanse kernbom, maar nu het erop aankomt, vertrouwt hij er niet op dat de Verenigde Staten, ondanks de steun van een meerderheid van de Amerikanen, in actie zal komen. Het lijkt wel alsof hij aan Obama de volgende politieke visie toedicht: ‘We hebben ons net ontworsteld aan Irak, maar zijn nog verwikkeld in een uitzichtsloze campagne in Afghanistan. Nu de economie, na de ergste crisis sinds WOII weer aantrekt en er verkiezingen zijn in november, laten wij ons niet door fanatici uit Jerusalem meeslepen in een krankzinnige oorlog’. Netayjahoes vlucht naar voren is niet alleen politiek theater dat Amerika onder druk moet houden. Het is ook politieke zelfmoord op twee hoofdfronten tegelijk op te treden: Iran en de Palestijnen. Ik denk dat het onvermogen om die fronten uit elkaar te halen en vertrouwen te stellen in bondgenoten voortkomt uit het trauma van Auschwitz dat is kortgesloten met Masada zal nooit meer vallen. Ik vrees voor de toekomst van Israël.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in