Boekenrubriek

Samengesteld door Leo Frijda

Gepubliceerd op: 17 september 2026

Guzel Jachina, Op de trappen van Odessa
Vertaald door Arthur Langeveld
Uitgegeven in 2026 door Querido
ISBN: 9789025319694

Foto: Sergej Eisenstein (links) en Isaak Babel (rechts) uit 1936 (publiek domein). Zekerheidshalve de ‘misjpochologie'. Babel was Joods en Eisenstein niet, al valt te lezen dat de vader van de in Riga geboren filmer stamde uit een "gezin van Duits-Joodse origine" en op 27 oktober 1934 trouwde met de Joodse Pera Vogelman.

Voor mijn boek Tel me bij de amandelen bezocht ik in 2017 met vrienden Odessa, de stad van Isaak Babel, die in één van zijn verhalen, 'De Jodin', gefilte fisj "zinnebeeld van de gehele geschiedenis van dat gepeperde volk" had genoemd. Op de sporen van Babel aten we in Odessa dus gefilte fisj, met mierikswortel en met zelfs twee glaasjes wodka, zoals Babel in een ander verhaal had aanbevolen: "Thuis drinkt de Jood een glaasje wodka - God noch de Talmoed verbiedt hem er twee te drinken -, eet gefilte fisj en koegel met rozijnen."

Het was in de late avond na ons bezoek aan het Nationale Opera- en Ballettheater dat wij in Odessa gefilte fisj aten. Ik vermeld dit omdat dit schitterende theater uit 1887 in de huidige oorlog tussen Rusland en Oekraïne een enkele keer is geraakt. Gelukkig kunnen er nog steeds voorstellingen worden gegeven.

We logeerden indertijd in hotel Lodonskaya aan de Primorsky boulevard vlakbij de beroemde ‘Potjomkintrappen’. In dat hotel moet ook Babel, schrijft hij in één van zijn Brieven, eens "als een vorst" hebben gelogeerd. En Charles King schrijft in zijn boek over Odessa dat Eisenstein en zijn team dat hotel als uitvalbasis gebruikten.

De film van Sergej Eisenstein uit 1925, Pantserkruiser Potjomkin, acht ik voldoende bekend. De film is bovendien in zijn geheel te bekijken op internet, met daarin dus ook de beroemde scène van de kinderwagen die in het strijdgewoel de trappen af stuitert. In het nieuwe boek van Jachina komt de ontstaansgeschiedenis van deze film en de gedrevenheid van Eisenstein uitgebreid aan de orde.

Battleship Potempkin - Odessa Steps scene (Einsenstein 1925)

Jachina noemt haar boek uitdrukkelijk een "roman" en zij voegt daaraan toe: "Dit boek is mijn hypothese over Eisensteins persoonlijkheid. De structuur, taal en stijl ervan worden door de hoofdpersoon bepaald." Het is, schrijft ze, een "literair werk", "op de grens van fictie en non-fictie." Een recensent noemde het een "boek als een film over een filmer." En dat lijkt me een juiste typering.

Het werk aan de films die de cineast Eisenstein in zijn betrekkelijk korte leven, 1898-1948, heeft gemaakt, waaronder Pantserkruiser Potjomkin, neemt in het boek van Jachina een belangrijke plaats in. Daarnaast komen zijn complexe persoonlijkheid en de relatie met zijn moeder en met zijn medewerkers ruim aan bod. Bovendien speelt ook nog de omstandigheid dat Eisenstein onder het regime van Stalin onderworpen was aan censuur.

Er valt dus veel te lezen in dit zonder meer aan te raden boek, maar in deze rubriek beperk ik mij tot de samenwerking tussen Eisenstein en "zijn langjarige vriend" Babel. Bij de opnames van Pantserkruiser Potjomkin, schrijft Jachina, kwam "de halve stad kijken." "Isaak Babel, die in Odessa woonde, kwam langs, en niet alleen, maar met een hele sleep familieleden, vrienden en aanbidsters."

Die vriendschap tussen Eisenstein en Babel begon al vroeg, omstreeks 1925. Het was in die tijd dat Eisenstein het plan opvatte om naast Pantserkruiser Potjomkin ook een film te gaan maken aan de hand van de verhalen van Babel over Odessa, in het bijzonder de verhalen waarin de Joodse gangster Benja Krik centraal staat. Babel moet zelfs al een script voor deze film hebben geschreven, waarover Eisenstein echter niet erg tevreden was. Bovendien nam het werk aan Pantserkruiser Potjomkin te veel tijd in beslag om een tweede film te gaan draaien. Daarna is deze film aan de hand van een script van Babel alsnog gemaakt, zij het na ingrijpen van de censuur en onder regie van Wladimir Willner. Succes had die film niet.

Hiermee eindigde de samenwerking tussen Eisenstein en Babel niet. In de jaren dertig heeft Babel op verzoek van Eisenstein meegewerkt aan het script voor de film De weide van Bezjin. Nadat de censuur een eerste versie van deze film had afgekeurd, reisde Eisenstein, schrijft Jachina, "spoorslag af naar Odessa, naar zijn hulp in donkere tijden en langjarige vriend Babel, om het scenario aan te passen. Beiden gaan enthousiast aan de slag, zonder te weten dat Babel al geschaduwd wordt." De aanpassingen hebben niet geholpen. De film werd mei 1937 verboden en het materiaal vernietigd.

Babel wordt op 15 mei 1939 gearresteerd en op 27 januari 1940 geëxecuteerd. En Eisenstein? Hij wordt op afstand geplaatst. In Almaty, in het verre Kazachstan, zal hij een laatste film draaien, over Ivan de Verschrikkelijke, waarin hij "aan de toeschouwer de formule van de Macht" blootlegt. Het eerste deel kreeg de goedkeuring van Stalin. Bij het tweede deel ging het mis. De film werd alsnog verboden. Stalin noemde het nu een "walgelijk misbaksel."

Het was op 20 maart 1911 dat in Kiev Menahem Mendel Beilis was gearresteerd op verdenking van het doden van een christelijk kind met de kennelijke bedoeling diens bloed te gebruiken voor Pesach. De ruim twee jaar later gehouden rechtszitting trok in Rusland maar zeker ook daarbuiten veel aandacht.

The History of Antisemitism: Mendel Beilis

Voor ik daarover verder ga eerst een aanhaling van Konstantin Paustovski uit zijn boek Tijd van de grote verwachtingen, waarin hij Babel zelf aan het woord laat: “'Ik heb mijn nationaliteit niet zelf gekozen', zei hij onverwachts met stokkende stem. ‘Ik ben een Jood, een jid. Soms denk ik dat ik alles begrijpen kan, maar één ding zal altijd onverklaarbaar blijven: de reden van die duistere schande die men eenvoudigweg antisemitisme noemt'.”

In 1940 is Eisenstein begonnen om aan de hand van het toneelstuk van Lev Sheinin over Beilis en diens proces een filmscenario te schrijven. Werktitel Het prestige van het rijk. Het rijk is het tsarenrijk en het plan werd daarom niet door censuur getroffen. Was Babel begin van dat jaar niet omgebracht, dan is het niet ondenkbaar dat Eisenstein hem zou hebben gevraagd aan het script van deze film mee te werken en dat Babel, gelet op zijn uitlating tegenover Paustovski, daarin zou hebben bewilligd. De film is er niet gekomen. De oorlogstijd stond de uitvoering van dit plan in de weg. En op 11 februari 1948 kwam ook aan het leven van Eisenstein een einde.

Er is in de literatuurgeschiedenis een schrijver die het plan kan hebben opgevat over de zaak Beilis te schrijven. In de biografie van Max Brod over Franz Kafka valt te lezen dat Dora Diamant, met wie Kafka aan het eind van zijn leven enige tijd in Berlijn heeft samengewoond, op diens verzoek "manuscripten van hem heeft verbrand." "Onder de verbrande manuscripten bevond zich volgens een verklaring van Dora ook een verhaal van Kafka, dat het proces tegen Beilis naar aanleiding van de rituele moord van Odessa tot onderwerp had." Van Odessa? Brod vergist zich natuurlijk, maar dat Kafka een verhaal over de zaak Beilis heeft geschreven of heeft willen schrijven, is, noteer ik voorzichtig, niet ondenkbaar.

In 1966 heeft een belangrijk Joods schrijver de zaak Beilis alsnog in een roman verwerkt. Hij kreeg er de National Book Award en de Pulitzer Prize voor.

Bernard Malamud, De fikser
Vertaald door M. en L. Coutinho en met een nawoord van Arjan Peters
Uitgegeven in 2016 door Meulenhoff (alleen tweedehands verkrijgbaar)
ISBN: 9789029091688

Meulenhoff heeft in 2019 de vertaling van De fikser tevens opgenomen in een verzamelbundel tezamen met twee andere romans van Malamud, De bediende en De huurders. Op de website van Crescas is een meer algemeen artikel over Malamud te vinden. Bovendien is de roman van Malamud in 1968 verfilmd.

De roman van Malamud gaat, kort gezegd, over een eenvoudige Joodse werkman, Jakov Blok, die door persoonlijke omstandigheden in Kiev terecht is gekomen, waar hij zijn brood moet verdienen met het verrichten van kleine karweitjes. Hij is een ‘fikser’. Als in Kiev een kleine jongen om het leven is gebracht, wordt Jakov Blok daarvan beschuldigd. Men verdenkt hem van een rituele moord. Twee jaar brengt hij in detentie door voordat zijn proces begint. De kern van de roman is de standvastige houding van Jakov Blok. Hij denkt er niet aan om schuld te bekennen aan een misdaad die hij niet heeft gepleegd.

In dit kort bestek wil ik enkele aspecten aanstippen die deze roman een extra dimensie geven. Jakov Blok, een eenvoudige werkman, heeft een bloemlezing uit het werk van Spinoza gelezen. Spinoza "begreep de geschiedenis", constateert hij. Dom is de eenvoudige werkman Jakov Blok bepaald niet.

Nadat Blok is gearresteerd, blijkt dat Bibikof, de rechter van instructie, de bloemlezing uit het werk van Spinoza heeft zien liggen onder de van Blok in beslag genomen bezittingen. Bibikof vraagt de fikser vervolgens wat hem in Spinoza heeft aangetrokken. Die antwoordt voorzichtig waarop de rechter van instructie zegt: "Ik vraag dit omdat Spinoza behoort tot mijn lievelingsfilosofen en ik interesseer me voor de uitwerking die hij heeft op anderen." Het is een verhoor, natuurlijk, maar deze rechter van instructie maakt dat tevens tot een gedachtewisseling, een gesprek tussen twee personen.

Blok: "…ik denk dat hij erop uit was om een vrij man van zichzelf te maken – voor zover een mens dat kan volgens zijn filosofie, als u begrijpt wat ik bedoel – door de dingen dóór te denken en verbanden te leggen, als u ’t daarmee eens kunt zijn, edelachtbare." Bibikof vindt dat geen slechte benadering, maar laat Blok de filosofie van Spinoza nog "een beetje nader verklaren." Dat probeert Blok al weet hij niet of hij dat wel kan. "Misschien is het zo dat God en de natuur een en hetzelfde zijn, en de mens hoort daar ook bij…"

Hierna begint Bibikof de opvattingen van Spinoza zelf toe te lichten. Maar na enige tijd doet hij er het zwijgen toe "en toen hij weer begon te spreken, klonk zijn stem opnieuw als van een ambtenaar, belast met een onderzoek." Blok herhaalt dat hij onschuldig is en vraagt hem om barmhartig te zijn, want "ik heb weinig gehad in mijn leven." Daarop zegt de rechter van instructie: "Barmhartigheid komt van God, ik vertrouw op het recht. Het recht zal u beschermen."

Een uitstekende rechter van instructie. Hij luistert naar wat de verdachte te zeggen heeft zonder zijn rol als onderzoeksrechter te vergeten. En hij vertrouwt op het recht dat er mede is om de burger tegen een mogelijk bevooroordeelde overheid te beschermen. In de roman Van Malamud moet deze rechter van instructie zijn correcte manier van optreden met de dood bekopen. Hij wordt vermoord. In het vervolg van de roman blijken de overheid en de gerechtelijke ambtenaren, anders dan Bibikof, wel vooropgezette meningen te hebben en zelfs bewijsmiddelen te construeren en te manipuleren om maar tot een veroordeling van Jakov Blok te kunnen komen.

De historische Menahem Mendel Beilis werd in Kiev op 28 oktober 1913 na een hechtenis van zo’n twee jaar vrijgesproken. Hij verliet Rusland en is in 1936 in Amerika gestorven. Het recht heeft hem uiteindelijk toch beschermd.

Nieuwsbrief

Volg ons en blijf op de hoogte! Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief en wij zorgen dat je niks mist.