sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 4 februari 2011

Egon Erwin Kisch (1885-1948), der rasende Reporter, mag in deze columns niet ontbreken. De reportages van Kisch zijn nog steeds heel leesbaar en enige tijd geleden is over hem bij Aufbau-Verlag een prachtig boek verschenen, Eine Biographie in Bildern. Op de omslag een foto van Kisch met sigaret, zoals op vrijwel alle foto’s van Kisch het geval is. De titel, eine Biographie in Bildern, doet de inhoud eigenlijk geen recht, want naast het vele beeldmateriaal staan teksten van Kisch en van andere schrijvers. Samen met de foto’s geven ze een indringend beeld van de eerste helft van de vorige eeuw. Kisch als getuige van zijn tijd.

Kisch past goed in deze columns omdat ook hij behoort tot de kring van geassimileerde Joodse schrijvers die hier al zijn behandeld. Nimmer heeft Kisch verdrongen of ontkend dat hij Jood was maar wel is hij, ik citeer één van zijn biografen, zonder gebedsriemen door het leven gegaan. Ook voor Kisch geldt dat in latere jaren het jodendom steeds meer voor hem is gaan betekenen.

Kisch is 29 april 1885 in Praag geboren als zoon van een welvarende Joodse textielkoopman. Dat het de familie Kisch voor de wind ging, is zichtbaar aan het in Eine Biographie in Bildern afgedrukte geboortehuis dat grootvader Jonas Enoch Kisch in 1866 had gekocht. In de twee gouden beren, al buiten het getto gelegen en met een prachtig portaal, door Kisch later in Marktplatz der Sensationen beschreven. Het lag aan dezelfde straat, de Melantrichgasse, waar ook de familie Weltsch woonde.

Daarna zien we Kisch als jonge stadsverslaggever van Bohemia. Zijn daarin verschenen reportages over Praag, Aus Prager Gassen und Nächten, zijn later gebundeld. Naar café Arco kwamen sinds 1908 de jonge Praagse schrijvers, onder wie Werfel, Brod en Kafka. Maar dat café vond Kisch te saai. Kisch vinden we terug in het legendarische en nog steeds bestaande café Montmartre, waar hij in de nachtelijke uren de tango placht te dansen met Anna Cacká, bijgenaamd Emca Revoluce, de koningin van het Praagse nachtleven. Op één van de foto’s staat Emca Revoluce, een leuke meid met een houding van 'kom maar op'.

In 1914 zien we Kisch terug in het uniform van korporaal, natuurlijk weer met een sigaret in de mond. De Eerste Wereldoorlog heeft een blijvende invloed op Kisch gehad. Eén van zijn broers is in die oorlog gesneuveld en zelf heeft hij een granaatverwonding opgelopen. Er is een foto waarop Kisch in een ziekenhuisbed ligt, zelfs dan met een sigaret. Zijn ervaringen aan het front maakten van Kisch een overtuigd pacifist en communist. Het communisme zag hij als de enig mogelijke weg naar een rechtvaardiger samenleving.

In het Wenen van kort na de Eerste Wereldoorlog vinden we Kisch terug als revolutionair, als de leider van de zogenaamde Rode Garde. Het heeft maar enkele weken geduurd. Een aantal schrijvers, Franz Werfel en ook Robert Musil, was ooggetuige en heeft over die periode geschreven. Zo heeft Werfel in zijn boek Barbara of de vroomheid Kisch geportretteerd in de figuur van Ronald Weiss, journalist van naam en revolutionair.

En als journalist en revolutionair is Kisch bekend gebleven. Op de foto’s zien we hem niet alleen in Wenen maar ook in Duitsland, in Frankrijk, in de Sovjet-Unie. En zelfs tot ver buiten Europa. Der rasende Reporter is geboren. Zijn reportages zijn niet alleen goed geschreven maar ook altijd boeiend. Er zitten vaak de nodige anekdotes in, die zo reëel overkomen dat de lezer zich laat meeslepen en graag wil aannemen dat het allemaal waar gebeurd is wat Kisch vertelt. Zo eindigt het verhaal Idylle in Den Haag, de reportage van een bezoek aan de Gevangenpoort, met de ‘toevallige’ ontmoeting tussen Kisch en luitenant Vogel, de moordenaar van Rosa Luxemburg.

Logische fantasie, aldus Kisch, is nodig om feiten met elkaar te verbinden. Kisch kon de feiten zo schikken dat het verhaal onmiskenbaar een bepaalde richting opgaat. Toch bleef zijn werk altijd en in de eerste plaats journalistiek. Dat geldt ook voor zijn reportages uit de Sovjet-Unie. Zijn communistische overtuiging maakte hem niet tot een blinde partijganger. Klaus Mann heeft in zijn autobiografie Kisch een wereldverbeteraar en romanticus genoemd, zij het met marxistisch-materialistischen Grundsätzen.

Op 4 februari 1933 is Kisch in Berlijn. De mooie tijden dat je Kisch met Brecht en met zijn geliefde Jarmila Haasová kon treffen in het Romanische Café zijn voorbij. Vanuit Berlijn schrijft Kisch aan zijn moeder de vooruitziende woorden: niemand kan zeggen of een buitenlander hier een oude Jood zal worden. 28 Februari 1933, een dag na de rijksdagbrand, wordt Kisch in hechtenis genomen en overgebracht naar Spandau. Hij zal 6 mei 1933 door de nazi’s ‘knarsetandend’ worden vrijgelaten, ze moeten wel omdat hij een Tsjechisch paspoort bezit. Enkele dagen daarna, 10 mei 1933, worden in Duitsland de boeken van Kisch verbrand.

In 1934 reist Kisch per schip naar Australië om daar uitleg te geven over de bedreigingen van het nationaalsocialisme. Kisch wordt echter de toegang tot Australië geweigerd, omdat hij een communistische agitator zou zijn. Het wordt een enorme rel, mede omdat Kisch, die het schip niet mocht verlaten, toch op de kade sprong, een afstand van ruim vijf meter, en daarbij, maar helemaal zeker is dat niet, zijn benen brak. Dat trok veel publiciteit, we zien hem op de foto’s met krukken en met sigaret. Uiteindelijk is Kisch, zij het na de nodige rechtszaken, toch toegelaten. Legendarisch is de oneliner van Kisch: my english is broken, my leg is broken, but my heart is not broken.

Kisch had de Australiërs wat te vertellen. Hij wijst hen op het gruwelijke regime van Nazi-Duitsland en al in 1934 laat hij niet onvermeld: Die Juden hat man unterdrückt und misshandelt, sie wurden durch die Strassen geschleppt, brutal geprügelt und umgebracht, und ihre Eigentum wurde beschlagnahmt.

Voor Joodse schrijvers was er geen mogelijkheid meer om in Duitsland hun boeken te publiceren. Het gold ook voor Kisch. Dieser Prager Jude zählt zu den gehässigtsten Feinden des neuen Reiches, schreef men. Kisch kwam mede daarom regelmatig naar Amsterdam. Nederland heeft in die tijd, ik heb het vaker beklemtoond, een belangrijke rol gespeeld bij het publiceren van de boeken van verbannen schrijvers. Bij Allert de Lange verscheen zijn Geschichten aus sieben Ghetto’s dat begint met het verhaal Auswanderer, derzeit Amsterdam. Kisch koos in 1934 uitdrukkelijk voor een bundel met louter Joodse verhalen. Eerder had hij slechts enkele verspreide verhalen met een Joods onderwerp geschreven. Bijvoorbeeld het poëtische Der tote Hund und der Lebende Jude. Of het verhaal Der Golem auf der Spur.

In de eerste uitgave van Geschichten aus sieben Ghetto's uit 1934 staan tekeningen van Paul Urban, een Duitse Jood die naar Amsterdam was gevlucht en omslagen tekende voor de boeken van Allert de Lange en Querido. Urban is in 1936 naar Moskou gegaan. In de zomer van 1937 is voor het laatst iets van hem vernomen.

Kisch heeft uiteindelijk ook Praag moeten verlaten en is, via Frankrijk en de VS, naar Mexico gegaan. Hij heeft daar van 1940 tot 1946 de sjoa overleefd. Voor veel anderen geldt dat helaas niet, onder wie twee van zijn broers. 21 Maart 1946 keert Kisch terug naar Praag. Hij kan slechts zeggen: Ich habe viele Tote getroffen... En in een brief schrijft hij: Prag ist voll von Freunden, die nicht mehr leben, jedes Haus, jede Strassenecke drängt Tränen in die Augen. Kisch is geestelijk en lichamelijk op. Toch neemt Kisch, de schrijver die zonder gebedsriemen door het leven is gegaan, nog één functie aan: erevoorzitter van de (progressieve) Joodse gemeente van Bohemen en Moravië. En in Eine Biographie in Bildern staat een hoogst ontroerende foto van Kisch op leeftijd. Op de Joodse begraafplaats in Praag, bij het graf van zijn grootvader Jonas Kisch. Zelf zal Kisch 31 maart 1948 aan een hartaanval overlijden.

Tot slot zijn verhaal Indiodorf unter dem Davidstern. Het staat in Entdeckungen in Mexiko uit 1946. Kisch beschrijft daarin hoe hij naar voren komt om kaddisj te zeggen:

Meine Eltern, die ihr Leben im Bährenhaus der Prager Altstadt verbrachten, ahnten nicht, dass ihre Söhne einmal aus dem Bärenhaus verjagt sein würden, nach Mexiko der eine, nach Indien der andere und die beiden, die dem Hitlerterror nicht entfliehen konnten, in unbekannte Stätten unvorstellbaren Grauens. Meine Gedanken schweifen weiter, Verwandte, Freunde, Bekannte und Fremde, Opfer Hitlers, alle haben Anspruch darauf, dass ihrer im Totengebet gedacht werde.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon