sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Columns

Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Van 2009 tot en met 2016 schreef Leo Frijda literaire columns voor Crescas. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een deel van zijn columns onder de titel ''Het jodendom laat je niet los''. Eveneens bij Amphora Books verscheen begin 2015 ''Op het balkon van de elektrische tram'', een verzameling door hem geschreven opstellen over en rondom Franz Kafka.

vrijdag 21 augustus 2009

‘Na de oorlog schrijf ik uiteindelijk een paar boeken. Ze gaan over oorlog en deportatie. Ik kan over niets anders vertellen. Het kernpunt van mijn leven’. Grete Weil had nog slechts één opdracht. Gegen das Vergessen anzuschreiben ... Vergessen tötete die Toten noch einmal, Vergessen dürfte nicht sein. Und so schrieb ich weiter, und immer häufiger wurde ich gelesen, und das war ein schwacher Abglanz von Glück.

In deze columns ligt de nadruk op het Joodse aspect van schrijvers en boeken. Onze geschiedenis in literatuur weerspiegeld. Ook W.B. van der Grijn Santen heeft op die manier naar literatuur gekeken en in zijn vorig jaar verschenen proefschrift Makum Aleph, Amsterdam als jüdischer Zufluchtsort in der deutschen und niederländischen Literatur twee perioden onder de loep genomen, de 16e en 17e eeuw en de jaren 1933 tot 1940. Hij heeft onderzocht wat schrijvers ons laten zien over Amsterdam als toevluchtsoord voor vervolgde Joden. Een boeiend palet, vaak van schrijvers die langzamerhand in vergetelheid dreigen te raken, onder wie Konrad Merz, Elisabeth Augustin en Grete Weil. Hun portretten zijn op de omslag van het boek van Van der Grijn Santen afgedrukt.

Grete Weil, de schrijfster van Tramhalte Beethovenstraat, zal nog wel enige bekendheid genieten. Maar herdrukt worden haar boeken in Nederland niet meer en haar autobiografie uit 1998 Leb ich denn, wenn andere leben is al niet meer in het Nederlands vertaald. En dat is jammer. Grete Weil heeft ons iets te vertellen en in haar boeken staat centraal wat haar in Nederland van 1935 tot 1947 is overkomen. Hoewel Grete Weil nog tot 1999 heeft geleefd, eindigt ook haar autobiografie in 1947.

Grete Weil, geboren in 1906, was de dochter van Siegfried Dispeker en Isabella Goldschmidt. Siegfried Dispeker was parnas van de Joodse gemeente, maar hij heeft in zijn leven nooit een synagoge bezocht. Grete Weil groeide op in een volledig geassimileerd gezin dat zich Duits voelde. Geheel zonder Joodse bindingen en Joodse traditie opgevoed, heeft het Joodse lot mij in alle hevigheid getroffen, schrijft Grete Weil. ‘Ik had vier Joodse grootouders, dat telde. Mijn taal en mijn cultuur waren Duits, dat telde niet’. Jood op bevel heeft Kertész dit voor zichzelf genoemd.

In 1935 is zij samen met haar man Edgar Weil noodgedwongen in Nederland terechtgekomen. Ook haar moeder is na het overlijden van haar vader naar Nederland uitgeweken. De emigratie viel haar van het begin af aan zwaar. Emigration ist ein Sturz ins Bodenlose, ist nich nur der Verlust der Heimat, der Landschaft, der Menschen, die den Alltag gestaltet haben, ist am allerschlimsten der Verlust der Sprache.

Nederland stond haar bovendien tegen, ze vond de mensen maar grauw en in haar boeken heeft ze de nodige voorbeelden gegeven van de weerstand die de naar Nederland gevluchte Duitse Joden ondervonden, ook van Joodse kant. Wir sind für die Holländische Juden, was einst die Ostjuden für uns waren, fremd, abzulehnen. Grete Weil is niet de enige die dat zo heeft ervaren. Daarvan zijn in het boek van Van der Grijn Santen ook andere voorbeelden te vinden. Naar het gevoel van Grete Weil is Nederland bovendien altijd met de oorlogsjaren verbonden gebleven. Ze reisde na de oorlog wel weer af en toe naar Amsterdam, dat ze intussen recht gern habe maar, voegt ze eraan toe, für mich bleibt Amsterdam besetzt. Die arme Stadt kann nichts dagegen tun. Ich kan nichts dagegen tun. Es ist so.

Edgar Weil is al op 11 juni 1941 in het kader van een vergeldingsactie op straat gepakt en vervolgens op transport gesteld naar Mauthausen. Hij is daar op 17 september 1941 omgebracht. Het heeft Grete Weil diep en blijvend geraakt en het is vooral de zorg voor haar moeder die haar de kracht gaf toch door te willen leven. Die zorg voor haar moeder bracht haar er ook toe om van juli 1942 tot september 1943 voor de Joodse Raad te gaan werken. Wie voor de Joodse Raad werkt, hoeft niet weg. Eerst toen ook dat niet meer hielp, is ze ondergedoken.

In haar roman Mijn zuster Antigone heeft Grete Weil dit alles beschreven en haar eigen ervaringen en handelen afgezet tegenover Antigone, het voorbeeld van een vrouw die van geen wijken wist. Grete Weil schrijft dat ze werd geplaatst voor beslissingen die, hoe ze ook uitvielen, haar schuldig maakten. Mijn zuster Antigone en De bruidsprijs zijn naast de autobiografie haar meest indringende boeken omdat zij daarin moeilijke schuldvragen niet uit de weggaat en haar eigen identiteit tegen het licht houdt. Zo heeft ze over haar werk voor de Joodse Raad gezegd. Heute empfinde ich es als Schuld, dass ich im Jüdischen Rat mitgemacht habe. Niemand weiss, was passiert wäre, wenn es ihn nicht gegeven hätte. Ob das Entsetzliche noch viel grausamer abgelaufen ware oder nicht... Es is aber für mich keine Schuld, die mein Leben verdüstert. Ich kan nur sagen, mir wäre wohler, wenn ich nicht mitgemacht habe. In een radiolezing zei ze later kernachtig: Man kann nicht als reiner Engel durch Dreck schweben.

In 1947 is Grete Weil weer naar Duitsland gegaan. Waarom? Een belangrijke rol speelde het terugvinden van haar oude vriend Walter Jockisch, met wie zij in 1960 is hertrouwd. Maar ook de taal. Ich wil schreiben, deutsch schreiben, in einer anderen Sprache ist es mir unmöglich, und dazu brauche ich eine Umgebung, in der Menschen Deutsch sprechen. Naar Duitsland, Land meiner Mörder, Land meiner Sprache, woorden van Grete Weil, door Lisbeth Exner gebruikt als titel voor haar biografie. Maar Duitsland als Heimat was verleden tijd, dat gevoel is nooit meer teruggekomen. De hoop haar Duits zijn en haar Joods zijn met elkaar te kunnen verzoenen, heeft ze uiteindelijk opgegeven. Net als Heine, zo besluit Grete Weil haar autobiografie.

In De Bruidsprijs schrijft Grete Weil: ‘Veel moeilijker is de vraag naar mijn Joodse identiteit. ... Ik ben van mening dat voor een Joodse identiteit het geloof nodig is ... en ook de verbondenheid met het land Israël ... Ik bezit noch het een noch het ander, heb het nooit bezeten, daarom denk ik dat ik ook nooit een Joodse identiteit heb gehad. Wat overblijft is dat ik als Jodin heb ervaren wat lijden betekent’. Ongeveer tien jaar later, in haar autobiografie, herhaalt ze de vraag naar haar identiteit en kon ze daar toch nog een paar zinnen aan toevoegen. Trotzdem bin ich Jüdin. Alle sagen es. Ich sage es selbst, sage es ohne zu zögern. Ich bin Jüdin.

W.B. van der Grijn Santen, Makum Aleph, Amsterdam als jüdischer Zufluchtsort in der deutschen und niederländischen Literatur, Königshausen & Neumann, 2008. Grete Weil, Leb ich denn, wenn andere leben, Nagel & Kimche, 1998. Lisbeth Exner, Land meiner Mörder, Land meiner Sprache, Die Schriftstellerin Grete Weil, A 1 Verlag, 1998.

Delen |

Uw reactie:

vul de beveiligings-code in
jan 2017Een laatste column
okt 2016Kafka’s dierentuin
okt 2016De verbanning van de dood
sep 2016De kleine marktplaats Sadagora
sep 2016Irmgard Keun
aug 2016Brody
jul 2016Clarice Lispector
jun 2016Vuurontstekers
mei 2016Itzik Manger uit Czernowitz
apr 2016Tel me bij de amandelen
apr 2016Stadt der Dichter
apr 2016Tsjernivtsi
mrt 2016Langs de zuidelijke Boeg
mrt 2016In de schaduw van een boom
feb 2016Lin Jaldati
feb 2016Winternabijheid
jan 2016Bleib gesund!
dec 20152015
dec 2015Ruiter in de wolken
nov 2015Hommage aan Andreas Burnier
sep 2015'Jij schrijdt in trotse vrijheid'
sep 2015Een handvol sneeuw
aug 2015Schaduwen van het verleden
aug 2015Onze geschiedenis
jul 2015Damals im Romanischen Café
jul 2015Café Grössenwahn, Königin aller Cafés
jun 2015Kurt Löb
mei 2015Van hagedissen en ratten
mei 2015De benoemer en de verzwijger
apr 2015Aghed
feb 2015Asperges en gevulde eieren
jan 2015Op het spoor van Patrick Modiano
jan 2015Terugblik
nov 2014Mooie series
nov 2014Met een boek naar het museum
aug 2014Appie Drielsma (1937-2014)
jul 2014Opzij geschoven en gezwegen
jul 2014Exilliteratuur
jun 2014Kurt Lehmann of ook Konrad Merz
mei 2014Hommage
mei 2014Joseph Roth (1894-1939)
mei 2014Kafka en de Joden uit Galicië
mei 2014Schrijf dat op, Kisch!
apr 2014Kafka augustus 1914
feb 2014Heine, een voorproefje
jan 2014Kafka's raam
jan 2014Arnold Zweig en Hermann Struck
jan 2014Arnold Zweig
dec 2013Mijn lijstje 2013
dec 2013Nogmaals Jacob Israel de Haan
nov 2013Austerlitz
nov 2013W.G. Sebald
okt 2013Freud, Kafka en Wenen
sep 2013Marcel Reich-Ranicki (1920-2013)
sep 2013De beslissing
aug 2013Dan Pagis
aug 2013jewsandwords
aug 2013Voor de wet
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (2)
jun 2013De groeten van meneer Onhandig (1)
mei 2013Klassenfoto met Walter Benjamin
mei 2013Amsterdam
apr 2013Treinreis naar Czernowitz
apr 2013Het Odessa van Jabotinsky
mrt 20131913
feb 2013Selma Meerbaum-Eisinger
feb 2013Van majestueuze katten en onmuzikale schrijvers
jan 2013Ravensbrück
jan 2013Milena Jesenská
dec 2012Mijn lijstje 2012
dec 2012Varia
nov 2012Schiller in Barnow
nov 2012De gedaanteverwisseling
nov 2012Joseph Schmidt
okt 2012Rondom Kafka (2)
okt 2012Appelfeld en Kafka
okt 2012Appelfeld en de taal
sep 2012Met Kafka naar de synagoge
sep 2012Rondom Kafka
aug 2012Vriendschap
jul 2012Kalman Polgar
jul 2012Een knipoog naar Max Brod
jun 2012Steinbarg en Manger
jun 2012Josef Burg
jun 2012Klara Blum
mei 2012Mythos Czernowitz
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon