sluiten
×
Mogen wij u om een kleine bijdrage vragen om het werk van Crescas blijvend mogelijk te maken? Alle content op deze website is vrij toegankelijk: de wekelijkse columns, video’s, geluidsbestanden, artikelen, etc. Dat willen wij graag zo houden. U kunt ons daarbij helpen met een kleine, vrijwillige bijdrage. Ieder bedrag is welkom. Met de groene knop hiernaast is dat zó geregeld. Dankuwel.
inloggen
×

Mijn Crescas

Inloggen met gebruikersnaam & wachtwoord






Zonder wachtwoord snel inloggen?

Gastcolumns

Weblogs disclaimer

Op deze pagina vindt u eenmalige bijdragen over uiteenlopende onderwerpen. Onderwerpen die natuurlijk altijd een link hebben met jodendom. Een gastcolumn bestaat uit een boek- of filmrecensie, een mening of opinie over een (actueel) onderwerp, het verslag van een Joodse-thema-reis, een bijzondere belevenis, etc. De gastcolumn is niet bedoeld voor reacties op eerder verschenen columns. Hiervoor is steeds ruimte ónder de betreffende column. Wilt u een gastcolumn schrijven? Neem dan contact met ons op via blocq@crescas.nl. De directie van Crescas beslist in alle gevallen over plaatsing van een gastcolumn.

vrijdag 30 juni 2017

Over de gastcolumnist

Harry Polak (1947), psycholoog, was tot zijn pensionering kwaliteitsadviseur in de geestelijke gezondheidszorg. Als voorzitter van de dialoogcommissie van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam was hij een belangrijke en graag geziene bruggenbouwer. In maart 2016 maakten Harry en zijn vrouw alija. Ze wonen nu in Herzliya.

Israël is geen groot land. Het staat qua oppervlakte op de 151e plaats in een op VN-gegevens gebaseerde lijst van 235 landen. Op de laatste plaats staat Vaticaanstad, bovenaan staat Rusland. Nederland is te vinden op de 133e plek en is met 41.543 km² bijna twee keer zo groot als Israël, dat 22.072 km² telt. Nederland is ongeveer 300 km lang en zo’n 200 km breed. Israël heeft goed beschouwd rare afmetingen. Het is een lang en smal land. Van Rosj Hanikra in het uiterste noorden tot Eilat in het verre zuiden is bijna 400 km. Waar wij wonen, in Herzliya, is Israël slechts 15 km breed. Dat is een lachertje en haast niet te verdedigen in een oorlog. Israël is met gemak in tweeën te knippen als de Arabische legers zouden oprukken. Dat is hen tot nog toe nooit gelukt. En als het aan de Israëli’s, in ieder geval de Joodse Israëli’s en de Druzen ligt, gaat dat ook nooit gebeuren.

De afgelopen maand (juni 2017) werd veel aandacht besteed aan de Zesdaagse Oorlog (1967), precies vijftig jaar geleden. Anderen hebben het meer over vijftig jaar bezetting. Die twee zaken zijn inderdaad aan elkaar gekoppeld. Dat had niet gehoeven als de Arabische landen en de Palestijnen een ander signaal hadden afgegeven in Khartoem in 1967, toen “land terug in ruil voor vrede” aan de orde was. Vlak na de voor de Arabieren vernederende Zesdaagse Oorlog konden ze echter slechts drie nee’s laten horen: geen gesprekken met Israël, geen erkenning van Israël en überhaupt geen vrede met Israël. Die halve eeuw bezetting had ook niet gehoeven als andere Arabische landen en de Palestijnen het voorbeeld van Egypte en Jordanië hadden gevolgd en tot een vredesverdrag waren gekomen met Israël.

Wat mij betreft komt er liever vandaag dan morgen een oplossing voor het steeds maar voort etterende en in wezen steeds meer uit de rails lopende conflict tussen Israël en de Palestijnen, die worden gesteund door de Arabische, en inmiddels zelfs de gehele islamitische wereld. Er is in mijn ogen maar één redelijke oplossing en dat is de twee-staten-oplossing. Dat weet iedereen. Net zo goed als iedereen weet dat er twee hele ingewikkelde kwesties zijn: Jeruzalem en de hardnekkige Arabische belofte aan de indertijd gevluchte of verdreven Palestijnen én nakomelingen om te mogen terugkeren naar hun oude woonplaatsen binnen het huidige Israël. Dat laatste zal nooit gebeuren of Israël moet ten gronde gaan, wat wel eens zou kunnen neerkomen op de volgende Sjoa: niet alleen het Joodse land verdwijnt, ook de Joodse inwoners gaan eraan. Kijk hoe Arabieren met elkaar omgaan; dat belooft weinig goeds als ze Israël zouden innemen. Het is niet voor niets dat er bijna geen Joden meer wonen in de Arabische landen en Iran. Vertrokken als het even kon met achterlating van alles.

Degenen in Israël die voor annexatie zijn van het aloude Judea en Samaria willen de Palestijnse bewoners er eigenlijk niet bij hebben. Zij willen hen het liefst weg hebben. Want als die bewoners worden opgenomen in Israël (uiteraard met alle rechten en plichten, zoals dat hoort in een rechtstaat en democratie) verdwijnt de Joodse meerderheid. Dat is dan tevens het einde van Israël als Joodse staat. Dag zionisme! Als ze worden opgenomen in de staat Israël zonder volledige burgerrechten betekent dat het einde van Israël als beschaafd land. Dag democratische rechtsstaat!

Natuurlijk is Israël completer mét de Westoever (een Jordaanse term, maar helemaal gemeengoed geworden). “Joden” is afgeleid van Judea (Jehoeda) en het is op zijn zachtst potsierlijk dat Israël als Joods land nu juist Judea moet ontberen. Het is niet anders, zou ik zeggen. Dat is de tol van de geschiedenis. Dat is de nasleep van de verdrijving door de Romeinen en de lange, te lange diaspora. Antizionisten verwijten Joden dat ze naar dit land zijn gekomen om er een eigen staat te stichten. Kolonialisme! Naar mijn idee kan je Joden dat niet aanwrijven. Dit was het Joodse land, er hebben hier altijd groepjes Joden gewoond na de catastrofe aan het begin van de Westerse jaartelling. Joden hebben op legitieme wijze dit land verkregen om er (opnieuw) een Joods vaderland op te bouwen na eeuwen van vervolging en uitmoording. Vooral in de christelijke wereld, maar net zo goed in de Arabische wereld, zij het in mindere mate. Je kan Joden voor de voeten werpen dat ze er wel erg lang mee hebben gewacht om als volk terug te keren naar hun oude thuisland.

Na de ramp van de Romeinse verdrijving, vele eeuwen geleden maar diep gegrift in het Joodse geheugen, kwamen er andere veroveraars. Ook de Arabieren waren veroveraars en indringers. En veel, doch niet alle van de zich Palestijnen noemende bewoners zijn net zo goed import. De Arabische instroom onder Mohamed Ali van Egypte, in de eerste helft van de achttiende eeuw, was vrij aanzienlijk. Later, toen de eerste zionisten hier aan kwamen in de late achttiende eeuw trok dat ook weer Arabieren aan uit de omringende landen. De stelling van de Palestijnen dat zij altijd al hier woonden, is net zo onwaar als het idee dat dit land totaal leeg was toen de eerste zionisten er aankwamen. Het is wel eeuwen lang een sterk verwaarloosd, heel dun bevolkt gebied geweest onder Turkse heerschappij. De zionisten hebben het met grote offers tot ontwikkeling gebracht.

Opdeling van dit land is de enige uitweg: de Joodse staat is er al, de Palestijnse staat nog steeds niet. Dat is in de eerste plaats de schuld van de Arabieren zelf, die keer op keer vredes- en verdelingsplannen hebben afgewezen. Hoog tijd dus voor een Palestijnse staat. In wezen de tweede, want Jordanië is de eerste met een Palestijnse meerderheid. Maar ze zitten onder de plak van de hasjemieten die daar hun land mochten vestigen nadat de Engelsen de Oostoever afsplitsten van het mandaatgebied Palestina. Wat mij betreft komt die Palestijnse staat, en dat geldt voor alle Israëli’s, in ieder geval de Joodse, er alleen als het met spijkerharde garanties gepaard gaat op het gebied van veiligheid. Spijkerhard is in dit geval echt spijkerhard. Een tweede Gaza kan Israël zich gewoonweg niet veroorloven. Zo’n vijandig gebied naast, of misschien juister ín het hart van Israël zou rampzalig zijn. Dan voelen wij ons als permanente ingezetenen zonder Israëlisch paspoort ook niet lekker meer in Herzliya. Op korte afstand van het Palestijnse Qualqilia met een Hamas-sympathisant als burgemeester. De inwoners van die Palestijnse stad worden in toom wordt gehouden door de veiligheidsbarrière (“de muur” die grotendeels hek is) en de Israëlische aanwezigheid in de B- en C-gebieden. Die status quo is niet oké, maar een vijandige Palestijnse staat is helemáál niet oké. En totaal in strijd met de twee-staten-oplossing waar velen verlangend naar uitkijken.

Delen |

vrijdag 9 juni 2017

Over de gastcolumnist

Harmen Snel werkt bij het Stadsarchief Amsterdam en is gespecialiseerd in Joodse genealogie. Hij publiceerde regelmatig over dit onderwerp in verschillende bladen en maakte met Jits van Straten en wijlen Dave Verdooner diverse bronbewerkingen zoals Trouwen in Mokum, met alle huwelijken van Joden in Amsterdam voor 1811. In 2006 schreef hij een boek over de Nederlandse afkomst van de Franse actrice Sarah Bernhardt. Hij is lid van de redactie van Misjpoge, het kwartaalblad van de Nederlandse Kring voor Joodse Genealogie.

In december 2012 verscheen van de hand van Tom Verwaijen het eerste deel van Joods Gouda. Dat had als ondertitel Een Joodse geschiedenis vanaf 1737 tot omstreeks 1850. In 2016 verscheen het vervolg over de honderd jaar daarna.

Verwaijen gaat in deel II wederom in op de verschillende facetten van het Joodse leven in Gouda. De Israëlitische Gemeente en de synagoge, het onderwijs, de gemeentelijke zorg en de jeugdfarm Catharinahoeve, opleidingsinstituut voor Palestina-pioniers. Daarna volgt onvermijdelijk de Goudse geschiedenis van de jaren ’30 van de vorige eeuw en de oorlogsjaren.

Door het boek bladerend valt direct de grote hoeveelheid foto's op van Joodse Gouwenaren. De auteur heeft veel moeite gedaan om van zoveel mogelijk vooroorlogse Joodse inwoners van Gouda een foto te vinden. Dat maakt dat het grootste deel van het boek, de beschrijving van de lotgevallen van de leden van de afzonderlijke Goudse families, gaat leven. Met de vele advertenties, afbeeldingen van grafstenen en originele documenten, maakt dat Joods Gouda II tot een rijk geïllustreerd boek.

In ruim tweehonderd pagina's komen, in alfabetische volgorde, de families die in Gouda hebben gewoond aan bod. Verhalend beschreven, maar toch met veel genealogische informatie. De beschrijvingen van de families zijn heel uitvoerig. Nazaten van sommige families, zoals Cats en Sanders, woonden al sinds de achttiende eeuw in Gouda. Anderen, zoals Kahn en Schenkolewski, hebben slechts een paar jaar in Gouda gewoond. De Cats-en, als oer-Goudse familie, beslaan daarom dertig pagina's, tegen het gezin Kahn anderhalve pagina. Maar ook als een gezin maar kort in Gouda heeft gewoond, heeft de auteur alle moeite gedaan om over die familie zoveel mogelijk informatie boven water te krijgen. Van een paar Joodse Gouwenaren zijn in bijlagen aan het eind van het boek boedelinventarissen opgenomen. Waaruit bijvoorbeeld precies blijkt hoeveel textiel Jacob Samuel Kijser in huis had liggen.

Joods Gouda II is een mooi boek geworden. Samen met het eerste deel is dit een zeer volledig overzicht van ruim twee eeuwen geschiedenis van Joden in een Hollandse stad in de mediene. Compliment voor Tom Verwaijen dat hij met deze twee fraaie boeken de oude Joodse Gouwenaren een gezicht heeft gegeven.

Tom Verwaijen, Joods Gouda II. De laatste 100 jaar Joods leven vanaf ca. 1850.
Eigen beheer, Engelen 2016, 375 pagina's. ISBN 978-94-62-28758-7.
Prijs € 24,90, rekening NL78INGB0686034511 t.n.v. de auteur o.v.v. Joods Gouda II.

Delen |

vrijdag 26 mei 2017

Over de gastcolumnist

Harry Polak (1947), psycholoog, was tot zijn pensionering kwaliteitsadviseur in de geestelijke gezondheidszorg. Als voorzitter van de dialoogcommissie van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam was hij een belangrijke en graag geziene bruggenbouwer. In maart 2016 maakten Harry en zijn vrouw alija. Ze wonen nu in Herzliya.

Vlak voordat we uit Nederland vertrokken, was ik bij de oogarts voor een vaste controle. Hij constateerde een macula pucker (littekenweefsel op het netvlies) in mijn rechteroog. Ik had al gemerkt dat het zicht met dat oog achteruit ging en ik dacht toen dat ik weer toe was aan een staaroperatie.

Geen staaroperatie dus volgens de oogarts in Nederland. Operatief ingrijpen zou kunnen helpen tegen de macula pucker, garantie kon hij helaas niet geven. Ik vertelde van ons aanstaande vertrek uit Nederland. De oogarts zei dat het nog kon worden gedaan als ik heel snel zou beslissen. Omdat ik niet veel vertrouwen had in de diagnose (het was volgens mij toch echt staar; het leek precies op wat ik eerder had gehad aan mijn andere oog), hield ik de beslissing aan. Daarna was het te laat, want we vertrokken naar Israël.

Mijn Israëlische oogarts spreekt goed Engels. Niet zo raar, want hij is vaak in Canada vanwege zijn beroep. Ik heb geen idee wat hij daar uitspookt, maar zijn assistent spreekt er altijd met veel achting over als hij weer eens een paar maanden geen afspraken kan maken. Het oogonderzoek lijkt als twee druppels water op wat mijn Nederlandse oogarts altijd deed. En ook in Israël moest ik een OCT-scan laten maken, waarbij het netvlies in beeld werd gebracht. Daarvoor ben ik helemaal naar Ashdod gegaan, omdat er in Tel Aviv een gigantische wachtlijst was. De resultaten van vroegere OCT-scans heb ik uit Nederland laten overkomen, zodat de dokter de progressie kon beoordelen. Hij was minder stellig dan zijn Nederlandse collega: hij wilde een advies over het littekenweefsel van een netvliesspecialist die hij kende in het Assuta-ziekenhuis. Deze man bekeek ieder geval apart, zo zei hij, en adviseerde alleen een operatie als dat echt zou kunnen helpen. De twee artsen kennen elkaar van hun tripjes naar Canada, begreep ik.

De collega had een soort privé-praktijk naast de gewone praktijk in het ziekenhuis. Gelukkig had hij ook een contract met mijn ziektekostenverzekeraar, zodat ik niet het volledige bedrag voor het oogonderzoek hoefde te betalen. De eigen bijdrage (contant betalen!) was echter hoog genoeg, rond de € 70.

Het was een wat aparte, maar niet onaardige man: hij was Israëlisch direct, zéér direct zelfs en maakte daarnaast grappen en grollen als “Ik moet mijn collega in Herzliya toch eens uitgebreid bedanken, want hij stuurt me allemaal patiënten” tot “Wie gaat er nou verhuizen van Amsterdam naar Israël” plus “Als je hier woont, moet je wel Hebreeuws leren en niet steeds Engels blijven praten.” Ik sputterde tegen dat ik op een oelpan zat en dat Israël niet in alles onderdoet voor Amsterdam.

Zijn advies: staaroperatie! En liefst zo snel mogelijk. De macula pucker kon tegelijkertijd worden aangepakt, doch dat raadde hij af. Eerst maar eens het resultaat van de staaroperatie afwachten en dan weer langs (met eigen bijdrage!) komen voor nadere analyse. Plus opnieuw een OCT-scan.

Terug in Herzliya zorgde mijn oogarts ervoor dat er snel een staaroperatie werd gepland. Hij heeft een lange wachtlijst maar vond toch een gaatje. De operatie was in de avonduren in Tel Aviv.

Op weg naar de operatie in het Assuta-ziekenhuis in het centrum van de stad – er zijn er twee, de andere zit in het noorden van de stad – werd ik al ongeduldig gebeld met de vraag of ik er snel zou zijn. De assistentes die het papierwerk rond de operatie regelen, zo bleek toen ik exact op tijd was aangekomen, wilden namelijk graag naar huis en ik was de laatste die zij nog moesten helpen.

Een staaroperatie is een relatief simpele ingreep. De voorbereidingen door de verpleegkundigen leken erg op hoe het in Nederland toegaat. Operatiekleding aan, eigen kleding in een kast en telkens vragen om welk oog het ging en of ik echt degene was die op de operatielijst stond, dus geboortedatum noemen en het ID-nummer opgeven, wat in Israël bij werkelijk alles van pas komt. Hét grote verschil zat in de manier van doen van het verplegend personeel. Het gaat er allemaal veel informeler aan toe. De gebouwen zijn vaak wat minder fraai dan in Nederland. Niet altijd, ik ben inmiddels ook in andere ziekenhuizen geweest vanwege de bevalling van onze oudste dochter in Tel Aviv, dus ik kan een beetje meepraten. De zorg zelf is goed en ik heb begrepen dat de Israëlische gezondheidszorg vrij efficiënt is. In ieder geval is de premie beduidend lager dan in Nederland, al zijn er meer eigen bijdragen. De staaroperatie kostte bijvoorbeeld aan eigen bijdrage circa € 125 (de sjekel staat steeds hoger, eerder was het nog circa € 100).

De staaroperatie duurde een kwartier tot een half uur. Ik heb het gedwee ondergaan, al was het felle licht waarmee het operatieoog werd beschenen erg onprettig. Mijn oogarts zei dat de OK-assistenten en anderen mij erg beleefd vonden, want ik gaf geen kik en deed nergens moeilijk over. De gemiddelde Israëlische patiënt maakt veel meer misbaar en piept blijkbaar over van alles.

Na afloop moest ik uiteraard even bijkomen. Omdat ik de laatste patiënt was, vertrokken er al allerlei personeelsleden en bleef ik achter met een Arabische verpleegkundige die mij in gebrekkig Engels probeerde uit te leggen hoe ik met de vele druppels die ik een maand lang moest gebruiken, hoorde om te gaan. Hij riep er een achtergebleven collega bij die minder accent had en die ik beter kon verstaan. Ook de oogarts kwam nog even langs en zei dat het een flinke staar was en dat de operatie goed was verlopen.

Nu maar afwachten of na deze staaroperatie weer een netvliesloslating optreedt, wat ik ook als bijwerking had gekregen na de eerste staaringreep. Inmiddels heb ik na mijn eerste Israëlische operatie het volste vertrouwen dat de artsen hier ongeveer hetzelfde kunnen bieden als in Nederland. Het is niet voor niets dat het gezaghebbende Engelse medische tijdschrift The Lancet in mei 2017 een special heeft over de Israëlische gezondheidszorg. Met als slotsom dat die op hoog niveau staat en een mooi toonbeeld is van goede onderlinge samenwerking tussen Joodse en Arabische Israëli’s.

Delen |

vrijdag 21 april 2017

Over de gastcolumnist

Harry Polak (1947), psycholoog, was tot zijn pensionering kwaliteitsadviseur in de geestelijke gezondheidszorg. Als voorzitter van de dialoogcommissie van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam was hij een belangrijke en graag geziene bruggenbouwer. In maart 2016 maakten Harry en zijn vrouw alija. Ze wonen nu in Herzliya.

De kabinetsformatie is in volle gang. Nederland heeft gestemd. Beter gezegd: Nederlanders hebben gestemd. Niet alleen in het vaderland, ook daarbuiten. Zoals in Israël. Mijn vrouw en ik hebben eveneens onze stem uitgebracht voor de Tweede Kamer. Tenslotte zijn we nog steeds Nederlandse staatsburgers. Dat zullen we blijven zolang we ons Nederlandse paspoort niet laten verlopen. Nederland is daar tegenwoordig heel streng in. Eén dag te laat en je bent je Nederlanderschap kwijt, zo heb ik me laten vertellen. Ongetwijfeld moet het mogelijk zijn het Nederlanderschap opnieuw te verwerven. Dat mag ik toch aannemen, als je ooit een Nederlands paspoort had. Maar waarom zou je het zo ver laten komen? Gewoon opletten tot wanneer het paspoort geldig is en dan op tijd verlengen.

Het stemmen in of vanuit het buitenland kan op verschillende manieren. Je kan een volmacht geven aan iemand die in Nederland gaat stemmen. Zo iemand kan maximaal twee volmachten krijgen. Je kan je stem ook per post uitbrengen. Mijn vrouw heeft per volmacht gestemd, dus in wezen iemand anders laten stemmen. In mijn geval gebeurde het per post.

Als je in Nederland woont, krijg je vanzelf een oproepkaart waarmee je je stem kunt uitbrengen. Als je in het buitenland zit, gaat het wat anders. Je moet eerst kenbaar maken dat je wil stemmen en hoe, dus per volmacht of anders. Dat werd door bijna 80.000 personen gedaan. Dat kan gelukkig per e-mail. Vervolgens wordt nagegaan of je stemgerechtigd bent. Per post kreeg ik een en ander thuisgestuurd en daarmee kon ik mijn stem uitbrengen. Het complete stembiljet stond op internet, want dat was te groot deze keer. Je kon via een verkorte versie van het stembiljet je partij en je kandidaat aangeven. Dat moest in een enveloppe met je bewijs van stemgerechtigheid erbij. Beide konden worden verstuurd naar de Nederlandse ambassade in Ramat Gan bij Tel Aviv. Daar werd gecontroleerd of de stem mocht worden uitgebracht en daarna werd het verkorte stembiljet – dat in een aparte binnen-enveloppe zat – gescheiden van het stembewijs ter garantie van de anonimiteit. Op de verkiezingsdag werden de enveloppen met de stembiljetten opengemaakt en de stemmen geteld.

Het was allemaal keurig geregeld, op zijn Nederlands. Wat echter minder goed geregeld was, was dat de uitslag in eerste instantie niet via internet openbaar werd gemaakt. Dat mocht niet vanwege het risico op vervalsing, als ik het goed heb begrepen. Als je wilde weten hoe Nederlanders in Israël hadden gestemd, dan moest je per se naar de ambassade om een en ander te bekijken. En dan overschrijven of zoiets. Dat hebben enkele enthousiastelingen gedaan. De uitslag verbaasde me eigenlijk niet: net als in Thailand was de PVV de grootste partij. In Israël op de voet gevolgd door de VVD. De resultaten van de stemming in Israël zijn overigens nu wel te bekijken via internet.

De Nederlandse stemmers hier zijn niet allemaal Joodse stemmers, want je hebt hier ook expats en studenten of anderen, die niks Joods hebben. Toch heb ik de enkele keren dat ik Nederlands-Joodse Israëli’s, om het zo maar te zeggen, ontmoette, gemerkt dat de PVV veel over de tong gaat. Zowel in positieve zin als in negatieve zin: er zijn veel enthousiaste aanhangers die zich zorgen maken over de richting waarin de Nederlandse multiculturele samenleving zich begeeft (“er wordt teveel toegegeven aan moslims en die zijn niet voor ons”) én er zijn fervente tegenstanders die Wilders en zijn partij niet vertrouwen. Pro-Israël, maar ondertussen tegen de rituele slacht zijn. Ongetwijfeld om de moslims dwars te zitten met de halal slacht. Ondertussen wordt het verbod op de sjechieta op de koop toe genomen door de PVV. Pech voor de Joden dan.

Toen ik nog in Nederland woonde, viel me op dat de PVV sterker was naarmate men verder weg woonde van de grote steden met hun multiculturele bevolking, onder wie veel moslims. In Abcoude was de PVV al veel groter dan in Amsterdam, en in Limburg deed de partij van Wilders, die uit Venlo, komt het heel goed. Volgens die redenering zullen Nederlanders die ver weg in Israël wonen in nóg ruimere mate voor die partij zijn.

In Israël is het geen kwestie van moslims versus de rest, of juist andersom, zoals de mensen van DENK het ongetwijfeld zullen brengen. Christelijke Palestijnen (Sabeel bijvoorbeeld) doen echt niet onder voor de islamitische Palestijnen waar het gaat om anti-Israëlische retoriek of erger. Hoe het precies zit met christelijke en islamitische Israëli’s (dat woord verkies ik boven Israëliërs) weet ik niet. Wel is bekend dat Arabieren uit christelijke kring beduidend vaker vrijwillig het leger ingaan dan hun islamitische broeders en zusters.

Ten slotte: heb ik nou anders gestemd als Nederlander “in den vreemde”? Dat valt niet te ontkennen. Ik ben, moet ik tot mijn spijt bekennen (echt waar!), opgeschoven naar rechts. Ik heb er sterk op gelet hoe politieke partijen in Nederland naar Israël kijken. Ongeveer net zoals een ander uitzoekt hoe een politieke partij met het milieuvraagstuk omgaat (terecht want dat is ook belangrijk). De PVV is het absoluut niet geworden, zo bont heb ik het niet gemaakt. Het is wel een partij geworden waar Wilders in wezen uit is voortgekomen. Ik ben er niet trots op. Ik had echter weinig keus, omdat de partij waarop ik traditiegetrouw steeds stemde al heel lang een tamelijk anti-Israëlische koers vaart. Het moest er een keer van komen, het zat er al een tijdje in. En ik was niet de enige die die partij – ondanks een sympathieke leider met een Joodse achtergrond – totaal in de steek liet.

Delen |

vrijdag 24 maart 2017

Over de gastcolumnist

Harry Polak (1947), psycholoog, was tot zijn pensionering kwaliteitsadviseur in de geestelijke gezondheidszorg. Als voorzitter van de dialoogcommissie van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam was hij een belangrijke en graag geziene bruggenbouwer. In maart 2016 maakten Harry en zijn vrouw alija. Ze wonen nu in Herzliya.

Vorig jaar maart ruilden we Nederland in voor "het land van onze voorouders". Dat laatste wordt eigenlijk alleen door (zionistische) Joden buiten Israël goed aangevoeld. De meeste niet-Joden snappen er vrij weinig van. En zelfs Israëli's hebben niet altijd door wat het betekent voor Joden in de galoet (diaspora) om hier naartoe te komen. Als je in Amsterdam hebt gewoond – zo krijgen we hier regelmatig te horen – waarom heb je dan je comfortabele leven daar opgegeven om naar Israël te komen - of all places? Je hebt gelukkig plenty Israëli's die voor geen goud zouden willen vertrekken uit het Joodse land, dat de afgelopen eeuw tegen de verdrukking in en met veel inspanning is opgebouwd. Maar je hebt ook zat Israëli's die niks liever zouden willen dan hun geluk elders beproeven.

Hoe het ook zij, de meeste jongeren kicken af in het buitenland wanneer ze hun dienstplicht erop hebben zitten. Ik denk dat het iets te maken heeft met: nu wegwezen, bevrijd zijn van de knellende banden die samenhangen met twee of drie jaar militaire dienstplicht. Het heeft naar mijn idee ook iets anders in zich. Is het elders niet beter? Ga je dit land (en zijn bewoners en vooral je familie) echt missen als je weg bent?

Op dit land wordt veel afgegeven. Dat gebeurt niet alleen door de boze buitenwereld; de niet aflatende stroom van kritiek komt net zo goed van binnenuit. Soms lijkt het een nationale sport voor in het bijzonder internationaal georiënteerde Israëli’s. Afgezien van de onophoudelijke kritiek uit de politieke hoek (de bezetting!), gaat het veelal over het vrij ongemanierde en tamelijk ongeorganiseerde dat het mediterrane Israël kenmerkt. Dat is zeker niet altijd prettig. Ons is het tot nog toe echter erg meegevallen, want wij hadden erger verwacht. Blijkbaar komen wij voornamelijk de goede mensen tegen. Het is ook mogelijk dat we niet zo veeleisend zijn en met weinig tevreden, hoewel we wel degelijk kritisch naar allerlei zaken blijven kijken. Onze liefde voor het land en zijn bewoners kent echt zijn grenzen, doch die zijn nergens zodanig overschreden dat we spijt hebben van onze alija.

Tegenover de ruwe buitenkant van veel Israëli's staat namelijk vaak de zachte binnenkant, want Israëli’s zijn zeer gastvrij en ook heel behulpzaam als je ze echt nodig hebt.

De twee tot drie sterkste kanten van het land zijn: het klimaat, de algehele sfeer (veel laisser faire) en het Joodse karakter. De zwakste punten zijn: de vrij lage lonen plus lange werktijden, hoge woonkosten plus forse kosten voor luxe goederen, zoals auto's. De laatste zaken zijn materieel, de eerste meer immaterieel.

De immense veiligheidsrisico's (Hamas, Hezbollah en Iran) zijn een hoofdstuk apart. Het gevaar komt echter niet alleen uit die hoek: antizionisme tiert ook welig in de Westerse wereld, zowel onder immigranten met een islamitische achtergrond als onder christelijke en seculiere autochtonen. Dit land wegzetten als racistisch, kolonialistisch en wat verder lelijk is, is tamelijk bon ton geworden in veel kringen. Ook onder sommige Joden die zich menen te moeten schamen voor ongeveer alles wat hier tegen de stroom in tot stand is gebracht.

Ons Hebreeuws is een beetje vooruit gegaan dankzij de oelpan en het hier wonen. Het is nog volstrekt onvoldoende om voluit aan het gewone leven mee te doen. Het leren van de taal geeft wel veel voldoening, al gaat het tergend langzaam. Gelukkig spreken veel Israëli’s Engels. Dat is in feite een soort reddingsboei.

De andere reddingsboei vanaf het allereerste begin is onze jongste dochter, die hier al bijna een derde deel van haar leven woont. Zij is een ware wegbereider geweest in allerlei opzichten, van woning tot en met allerlei noodzakelijke voorzieningen zoals internet, koelkast en auto. Op onze andere dochter, die vijf maanden na ons tot onze grote verrassing hier neerstreek met haar Israëlische man en zoontje (er is inmiddels een dochtertje bijgekomen), kunnen we zo nodig ook een beroep doen. Het is leuk haar inburgering te volgen en te zien dat ze inmiddels voor allerlei sollicitatiegesprekken wordt uitgenodigd. Dat moet wel tot een baan leiden, zij het slecht betaald als gezondheidzorgpsycholoog. Het moeten zoeken van werk heeft ons er altijd van weerhouden op alija te gaan gedurende ons werkzame bestaan. Voor een gepensioneerde valt die verplichting weg.

Inmiddels hebben we alles geregeld dat te maken had met onze aankomst en vestiging alhier. Wat ons nu nog te doen valt, is het regelen van belangrijke zaken die te maken hebben met de latere ouderdom en de slotfase van het bestaan. We hebben nu eenmaal niet het eeuwige leven en we willen ook niet dat onze kinderen moeten opdraaien voor onze oude dag als we hulpbehoevend mochten worden.

Het zijn tamelijk ingewikkelde en ondoorzichtige zaken, hebben we gemerkt. We hebben tot nog toe van alles onder de knie gekregen, dus we hopen dat dit ons ook zal lukken. Maar we zijn er nog niet.

Delen |
jun 2017Israël op zijn smalst
jun 2017Joodse geschiedenis van Gouda
mei 2017Staaroperatie in het Assutaziekenhuis
apr 2017Stemmen vanuit Israël
mrt 2017Een jaartje verder
mrt 2017Midden-Oostenpolitiek uit 1001 nacht
jan 2017Oelpan
jan 2017Nieuwsbriefredactrice Raya Lichansky 70
jan 2017Oude mannen en een dood paard
okt 2016Tweedehands of nieuw?
sep 2016Op zoek naar een auto
sep 2016Zachte landing
aug 2016Klein maar springlevend
aug 2016Het verkorte rijexamen (mivchan hamara = conversietest)
aug 2016Dubbelleven
jul 2016Mea (100)
jul 2016Nola
jun 2016Henriette Boas, vriendin en huisgast
jun 2016Cultuur
jun 2016Misrad Harishui (ministerie van Vergunningen)
mei 2016Antizionisme
mei 2016Geduld
mei 2016Zeg eens A(lef)
apr 2016Liften of niet?
apr 2016Een hele belasting
mrt 2016Alija
jan 2016Zondebok
dec 2015Wie is er bang voor Spinoza?
nov 2015Om toch
nov 2015Ahmad Dawabsheh blijft alleen
okt 2015Stilte in Joods Nederland
sep 2015Vluchtelingen: ruimhartig en meedogenloos
sep 2015Godgeklaagd
jul 2015I'm a European Jew - and No, I'm Not Leaving
mei 2015Culturele boycot Israël verzwakt de oppositie
mei 2015Boedapest
apr 2015Krakow
apr 2015Praag
mrt 2015Samen optrekken tegen jodenhaat en islamhaat
dec 2014Han Hollander (1886-1943), sportverslaggever
jul 2014Joden, Moslims, vooroordelen en Maison de Bonneterie
jun 2014De handel en wandel van de boekenjood
mei 2014Biografie van Esther de Boer–van Rijk
apr 2014Anne
apr 2014Inclusief of exclusief
apr 2014Het verrassende Egypte van vóór de Uittocht
feb 2014Op school
feb 2014Nieuw boek van Pauline Micheels: 'Vandaag'
feb 2014Allemaal hadden ze een naam
jan 2014Nooit meer Auschwitz
jan 2014Heruitgave van ‘De Samaritanen’
nov 2013Ariëlla Kornmehls 'Wat ik moest verzwijgen’
nov 2013Dialoog tussen Joden en Marokkanen of Turken
nov 2013Fietsen voor Alyn
nov 2013Limmoed en het orthodoxe fiasco
aug 2013Lemberg
jul 2013Joods Gouda
jul 2013Slavernij
jun 2013Een boek over rechtsherstel na de Tweede Wereldoorlog
jun 2013Lili, een boek dat geschreven mòest worden
mei 2013Hannah heet ik - Hannah Cohen
apr 2013Het kwaad van de banaliteit: Margarethe von Trotta's film Hannah Arendt
apr 2013Toespraak tijdens Jom Hasjoa-herdenking, 7 april 2013