Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns bloeme

Een tweewekelijkse column van Bloeme Evers-Emden

IETS OVER JOODS MESSIANISME

Het Hebreeuwse woord Masjieach betekent: gezalfde. Het woord is al in de Tora gebruikt voor wie via olie op het hoofd tot een hoge taak geroepen werd. Samuel zalft Saul (I Sam. 10:1), die daar aanvankelijk geen raad mee weet. Hij gaat gewoon door met zijn leven als boerenzoon. Ook David wordt gezalfd (I Sam. 16:12) en net als Saul zet hij aanvankelijk het tot dusverre geleide leven voort.

In Wajikra (Leviticus) 4 en 6 betreft het de Hogepriester die gezalfd, gewijd wordt, later worden de koningen van Israël gezalfd bij hun ambtsaanvaarding.

De Masjieach zal de wereldvrede brengen. Er is een groot verlangen naar vrede, naar bevrijd zijn van kwellende omstandigheden, naar gelukzalige rust, belichaamd in de verlossing, bevrijding, eeuwige vrede en teweeggebracht door God's Gezalfde. Dit verlangen leefde vanaf vroege tijden in de hoofden van de mensen. Echter, de voorstelling hoe dat verlangen verwezenlijkt zou worden, wat de taak van de Masjieach zou zijn en hoe die volbracht zou worden, het geloof zelf in de Verlosser, onderging veranderingen, ook in betekenis en gevoelswaarde, in de loop van de tijden, mede onder invloed van de nood om lijfsbehoud.

De komst van de Masjieach is één van de geloofspunten van Maimonides, de grote codificator uit de Middeleeuwen. In onze sidoer, ons gebedenboek, staan de 13 geloofspunten opgesomd; het vaste geloof aan de komst van de Masjieach is in de 12e stelling als volgt verwoord: (zie sidoer Dasberg op p. 384) "Ik ben volledig zeker van de komst van de Masjieach en al kan hij ook lang uitblijven, toch verwacht ik iedere dag dat hij komt".

Wat is de taak van de Masjieach?

Er zijn enkele, hier en daar tegenstrijdige ideeën over.

De Messias zal een universele vrede bewerkstelligen: "geen volk zal het zwaard opheffen tegen een ander volk en zij zullen de oorlog niet meer leren", zegt Jesaja (2:4); ook zal er geen gebrek meer zijn. Daarnaast wordt de spiritualiteit op een hoger plan getild en humane daden zullen alledaags zijn: de mens zal in perfecte broederschap rechtvaardigheid uitoefenen.

In de rabbijnse opvattingen is de Messias de koning die Israël verlossen en regeren zal als climax van de menselijke geschiedenis. Hij zal Israëls vijanden verslaan, de zegeningen van de profeten verwezenlijken, het volk verzoenen met God. Hij is een profeet, een generaal, een rechter in Israël, een koning en een leraar van Torah.

Het klinkt nationalistisch en militaristisch, terwijl we hopen op een universele vrede.

Er is een wijdverbreide opvatting dat aan de komst van de Masjieach een periode van duisternis vooraf gaat; uit het negatieve komt het positieve voort en de uiteindelijke verlossing wordt voorafgegaan door ballingschap.

De duisternis gaat dus vooraf aan het licht dat de Messias vertegenwoordigt en dat is te merken aan het steeds slechter worden van de mensen. In de tijd dat "de voetstappen van de Masjieach al gehoord kunnen worden, aan het einde van de ballingschap zullen brutaliteit en grofheid in alle vormen toenemen; kinderen zullen zich tegenover hun ouders niet meer gêneren voor verregaande onbeschaamdheid". Ook economisch zal het slecht gaan.

De barensweeën van de komst van de Masjieach worden vooral begrepen in de vorm van een oorlog. Als de Masjieach komt zal hij de strijdenden gebieden de wapens neer te leggen, ze te vernietigen.

Nogal wat verschil in opvattingen.

Elijahoe de profeet is de aankondiger van de komst van de Masjieach. Deze profeet speelt ook een rol bij de seder, de jaarlijkse herdenking van de Uittocht uit Egypte. Speciaal deze avond wordt hij verwacht: we houden één beker wijn apart voor hem op de sedertafel. Mocht blijken dat hij de volgende ochtend er weer niet van gedronken heeft, dan maken wij er kiddoesj, heiliging van de wijn, over.

Toen mijn kinderen nog jong waren gingen ze de ochtend ná Sederavond kijken of Elijahoe uit de beker gedrionken had en ja, zij zagen duidelijk dat er minder wijn in zat....


Wanneer komt de Masjieach?

Allerlei auteurs hielden zich bezig met het mogelijke tijdstip van de komst van de Messias in de loop van de eeuwen. Bijvoorbeeld astrologische voorspellingen omtrent de datum van zijn komst. Het vinden van data was trouwens een met overgave beoefende poging om lucht en een uitweg te vinden, met name in tijden van nood.....

Er zijn -uiteraard- tegenstellingen in de opvattingen over het belang en over de tijd van de komst van de Masjieach. Rabbi Josef Albo (ca. 1450) meent dat zijn komst voor de Torah geen hoofdzaak is, dit in tegenstelling tot Maimonides die dus het vaste geloof in zijn komst dus als één van de dertien grondbeginselen, geloofspunten ziet van het Jodendom.

Opvlammingen in de hoop op de verlossing, pogingen tot vaststellen en berekening van de datum zijn vooral in tijden van grote ellende actueel. Zo bij de vervolging door de kruisvaarders (1096), ten tijde van de Zwarte Dood in Europa (tussen 1348 en 1350), de verdrijving uit Spanje (1492), de vervolgingen in oost-Europa (1648). Als dan zo'n datum voorbij ging zonder dat de Messias gekomen was, dan kwam dat omdat de Joden er niet rijp voor waren of te veel gezondigd hadden en de komst van de Messias nog niet verdienden.

Het zal geen verbazing wekken dat velen in de oorlog van 1940-1945 die duisternis, de barensweeën en die oorlog belichaamd zagen.



Een nog bestaande mening -want die datum ligt in de toekomst- is dat, evenals er een rustdag is als de zevende dag, een zevende jaar als rustjaar, bij het zevende duizendtal van de schepping van de wereld volgens de Torah, de grote rustperiode van de wereld begint. Dus mensen, nog even een paar honderd jaar doorzetten, we zijn nu in het jaar 5760.



Er zijn ook ideeën dat mensen invloed hebben op zijn komst. Zo zegt men dat, als álle Joden één keer Sjabbat zouden houden, de Masjieach zijn komst zal verhaasten.

Weer anderen: het zal geleidelijk gebeuren, geen plotselinge zaak, beetje bij beetje, maar bij het voortschrijden van de tijd met steeds grotere helderheid.

Er zijn levendige verhalen rondom de komst van de Masjieach. Bijvoorbeeld: als je een boom plant en je hoort dat de Masjieach is gekomen, dan moet je het planten van de boom afmaken alvorens hem te gaan begroeten. Of het verhaal van de man die elke dag vurig om de komst van de Masjieach bad. Desondanks slaagde hij zeer naar genoegen van zijn vrouw en hem om een goede bruidegom voor zijn dochter te vinden. Toen de bruid op een dag gereed stond om onder de choepah, het huwelijksbaldakijn, gevoerd te worden, vernam men het bericht dat de Masjieach was gekomen! Waarop de vader uitriep: had-ie niet één dag kunnen wachten?



Wie is de Maschiach?

Koning David is uit de stam Juda, Jehoeda, afkomstig en eens, zo luidt de verwachting, zal een nakomeling van David de Masjieach zijn die het Joodse volk terugvoert naar het Land. Jehoeda is een zoon van aartsmoeder Lea. Echter, één keer (in Talmoed Bawli, Soeka 52b) staat er: De Masjieach is een afstammeling van Joseef. Deze is een zoon van Rachel.

De Gaon van Wilna, een zeer belangrijke geleerde, die leefde van 1720-1797, meende dat de zoon van David zich vooral op geestelijk gebied zal manifesteren en de zoon van Joseef de verlossing zal brengen van het onderdanig-zijn aan de volkeren, d.w.z. Israël zal niet meer dienstbaar zijn aan vreemde overheersers.

Maimonides en zijn volgelingen waren het daarmee wel eens.



De Masjieach kan een aards-lijkende persoon zijn die op een ezel rijdend zal verschijnen. Dit kan meerdere betekenissen hebben: 1e. de eenvoud van de persoon die het niet nodig heeft indruk te maken met aardse goederen, zoals vele met macht beklede figuren. Voorts dat er geen oorlog meer gevoerd hoeft te worden, een ezel werd immers niet in de strijd gebruikt.

Hij zal een volmaakt mens zijn, helemaal goed, integer, met een duidelijke stamboom -waar het Jodendom zeer aan hecht, zie de vele geslachtsregisters in de Torah-, nl. een nazaat van koning David. Soms rijdt hij op de wolken; is dat te interpreteren als een vliegtuig?



Mijn vraag hierbij is: wie weet nog van wie zij of hij afstamt? Het is nog een klein wonder dat vele Cohaniem, de priesters van voorheen en Levi'im, nakomelingen van de stam Levi het weten, al zal er veel verloren zijn gegaan gedurende de assimilatie.

De gebeden bevatten vele verwijzingen naar de Messiaanse periode. In de periode van Gods Koningsschap zullen ook de doden herleven. Over die herleving bestaan eveneens meerdere ideeën. De eerste gedachte die een gewoon mens heeft daarbij is: wat zal het vól worden op aarde, we kampen nu al met ruimtegebrek. En hoe gáát het dan? Hervatten ze hun leven van weleer, sterven de herleefden wel of niet een tweede keer, of staan ze maar eventjes op en keren spoedig terug in hun graf?

Maar dit terzijde.

Iets over de geschiedenis van het Joodse messianisme

Er zijn tumultueuze en ook beschamende zogenaamde Messiaanse perioden geweest, waarin de Joden, aangevuurd en aangevoerd door een man die beweerde dat hij de Masjieach was, misleid werden. Hun voorspellingen kwamen niet uit, tot grote schade van het Joodse volk.

Er waren meerdere mannen in de loop van de vele eeuwen die door hun omgeving beschouwd werden, danwel van zichzelf dachten, dat ze de Messias waren. Ze traden op in de toen bekende wereld, zoals Spanje tijdens het Arabische gezag, ook in Islamitische landen. Sommigen konden aanzienlijke massa's Joden op de been brengen maar geen ervan slaagde erin naar Jeruzalem te komen en daar het koningschap van God te vestigen.



Gedurende de steeds zwaarder drukkende Romeinse overheersing -rondom het begin van de gebruikelijke jaartelling- ontstond de politiek gekleurde messianistische verwachting, zoals altijd in zwarte perioden. Daarom dacht men ook wel dat de Messias een anti-Romeinse rebel zou kunnen zijn, zoals Bar Koziba, die rondom het jaar 135 opereerde. Zijn opstand tegen de Romeinen mislukte echter.

De nationalistische basis van de messiaanse idee ten tijde van Bar Koziba werd na de nederlaag gespiritualiseerd. Sommigen meenden dat David zou herrijzen, anderen denken dat de Masjieach nog geboren moet worden, danwel geboren is op de dag van de teloorgang van de Tempel.



De Middeleeuwse (van 500 tot 1500 n.d.g.j.) ideeën over de Messias en de midrasjiem daaromheen weerspiegelen de uiteenlopende opvattingen over de Messias. Hoe meer ellende hoe groter de hoop. Uit die tijd stamt de idee dat de komst van de Messias wordt voorafgegaan door veel ellende.

Gezien de politieke onrust, spanningen, oorlogen en revoluties en de veelal verschrikkelijke gevolgen voor de Joden daarvan in de late Middeleeuwen en daarna is het niet te verbazen dat er meerdere Messiaanse bewegingen ontstonden. Vele geschriften met Messiaanse visioenen deden de ronde, men wilde er zo graag in geloven! De intensiteit van de dromen, de visioenen, de gedachten die eromheen cirkelden waren een uitdrukking van enerzijds de ellendige omstandigheden waarin vele, vele Joden verkeerden, alsook de hoop op de in heel oude geschriften reeds voorgespiegelde verlossing.

Opvallend is de soms complete afwezigheid van religieuze of ideologische elementen, maar het uitgangspunt is: het einde van de wereld is onafwendbaar en daarna begint een nieuwe. Aan één kant was die afwezigheid voordelig: het was acceptabel voor alle stromingen binnen het Jodendom en was te meer geloofwaardig omdat er vele Talmoedische en bijbelse elementen in verwerkt waren. Die afwezigheid van ideologie druist toch in tegen wat Joden aan ideeën over de Messias hebben: de grote vredebrenger, waarbij de eigen bijdrage van de Joden aan de komst van de Messias benadrukt worden.



Messiaanse bewegingen

Er ontstonden dus in vele tijden Messiaanse bewegingen. Het geloof in de Messias en dat in de komende wereld gaf velen ook de kracht de vervolgingen te doorstaan. En had God ons niet uit Egypte gevoerd, zou Hij ons dan niet in onze dagen een man als Moshé Rabbenoe kunnen geven die voor koningen gaat staan die, net als Farao toen, onze wensen zouden inwilligen?

Om maar bij de Oudheid ergens te beginnen:

1. De profeet Zecharja maakt melding van twee messiaanse figuren: de Hogepriester en de messiaanse koning. Voor de secte die bekend werd door de vondst van de Dode-Zee-rollen zijn deze figuren van eschatologische betekenis. Er is nog een derde, nl. de profeet van de Laatste Dagen, zijnde de idee van een ideale Joodse staat. Er zijn derhalve drie functies: die van koning, hogepriester en profeet.

2. Tijdens de regering van koning David, rondom het jaar 1.000 voor de gewone jaartelling, ontstond de idee dat God Davids afstammelingen heeft bestemd om over Israël te regeren tegen de eindtijd - dit vanuit de veronderstelling dat de regeringen aldoor door deze afstammelingen gevormd zouden worden. Deze idee werd door het verloren gaan van het Davidische rijk de bodem ingeslagen.

3. Eén van de Messiaanse bewegingen was de Qumran-secte, bekend geworden door de vondst van de Dode-Zeerollen. De secte trok zich in de woestijn terug, was zeer bedacht op cultische reinheid, ze bereidde zich voor op de komst van de Messias via een heel strenge leefwijze.

Veel is over hen bekend geworden door de vondst van deze Rollen, waarvan delen te zien zijn in The Shrine of the Book, onderdeel van het Israël Museum in Jeruzalem. Deze vondst wierp een ander licht op het beeld van Jezus dan het traditionele, maar daar weet ik te weinig van.

4. Bekend is de reeds genoemde Bar Koziba, de man die het Joodse volk militair zou bevrijden van de Romeinen; de beroemde Rabbi Akiwa kon ook in de fout gaan; hij meende dat Bar Koziba de Masjieach was (hoewel Bar Koziba zelf dat niet beweerde) en Rabbi Akiba heeft zijn naam veranderd in Bar Kochba = sterrenzoon.

5. Voorts Jezus van Nazaret, door de Joden niet als de Masjieach erkend, terwijl de christenen hem dus als de Verlosser zien, hetgeen zo ver gaat dat sommigen zelfs haar of zijn gebeden tot Jezus richt in plaats van tot God.

6. In de 11e eeuw hadden meerdere mensen een openbaring van Elijahoe de profeet gehad in Saloniki, er waren tekenen en wonderen. Er was opgewonden antecipatie en geruchten dat de tocht naar Jeruzalem aanstaande was. Dit was een beweging zonder Messias.

7. Ook in Marokko rondom 1127 was er een grote geleerde, Mozes al Dari geheten, die zelfs door Maimonides werd bewonderd, met Messiaanse aspiraties. Deze gaf te kennen dat de Messias de eerste nacht van Pesach zou verschijnen. Men verkocht alle bezittingen, want daar had men in het nieuwe tijdperk geen behoefte meer aan. Ook het huis, de meubelen, eventueel vee. Men betaalde zijn schulden en de rest van het geld gaf men weg voor goede doelen. De Joden maakten zich reisvaardig en stonden op de daken van de huizen te wachten op de engelen die de Joden zou vervoeren naar het Heilige Land. Vrouwen huilden omdat ze vreesden dat hun babies apart zouden vervoerd worden en dan niet op tijd te eten zouden krijgen....

Zijn voorspellingen kwamen niet uit. De volgelingen waren in diepe ellende gedompeld want ze waren door de verkoop van al hun bezittingen zeer arm, zonder middelen van bestaan en, wat erger was, ten zeerste gedesillusioneerd. Een diepe depressie maakte zich meester van dat deel van het Jodendom dat zich verloren had in deze Messiaanse droom en het kon een generatie of langer duren voor men zich daar enigszins bovenuit had gewerkt.

8. Er zijn geschriften waarin de terugkeer naar Jeruzalem uit de verstrooiing en de erkenning dat de God van Israël de Enige is, beschreven staan, zónder een Messiaanse figuur. In het jaar 1700 was het verlangen naar de verlossing zó groot, diep en omvattend uit het uitzichtloze bestaan van vele Joden, vooral in Oost-Europa, dat toen een grote groep Joden naar het toenmalige Palestina vertrok om daar op de komst van de Messias te wachten.

9. De grootste beweging van Messiaanse hoop werd gevormd door de leer van de valse Messias Sabbatai Tsewi in de 17e eeuw, gecentreerd rond het jaar 1660.

De Kozakken hadden vanaf 1648 de verschrikkelijkste moorden onder de Joden begaan, hun dorpen verwoest en hun broodwinning onmogelijk gemaakt. Een grote wanhoop overviel hen. En dat is zo een periode waarin weer het geloof aan een verlossing het gemakkelijkste postvat.

In die rampzalige periode sprak in Smyrna een 22-jarige jongeman plechtig de Vierletterige Naam uit, die alleen mag worden uitgesproken na de komst van de Masjieach. Sabbatai Tsewi geloofde heilig in zichzelf en wist anderen daarvan ook te overtuigen. Hij bestudeerde de Zohar, de geheimleer en hield bijna 20 jaar zijn missie binnen een kleine kring; het jaar 1666 zou het jaar van de grote ommekeer zijn. Desondanks deden de rabbijnen hem in de ban en op zijn reizen keerden zij zich van hem af. Maar hij won de sympathie van velen en kreeg veel aanhangers. Hij was een mooie, rijzige man, had een prachtige stem en een sterk charisma. Hij wist overal in de Joodse wereld een wild enthousiasme en een uitzinnige vreugde te ontketenen om de aanstaande verlossing, om het aanbreken van de wereldvrede. Ook nu ontdeed men zich van zijn materiële goederen en maakte zich gereed voor vertrek. En niet alleen simpele zielen, ook rabbijnen, filosofen en Talmoedisten werden aangestoken. De Amsterdamse Joodse Gemeente werd bijna geheel Sabbatiaans.

Op zijn tocht naar Constantinopel werd Sabbatai Tsewi door de Turken gevangen genomen, maar dat vergrootte slechts zijn aanzien: een Messias moet het niet te gemakkelijk hebben. De gevangenis werd een bedevaartplaats voor de steeds talrijker aanhangers. De sultan wist eigenlijk niet goed raad met hem en wilde de volgelingen van de Messias in zijn machtsgebied eventueel doden.

Toen de sultan via een moslim geworden Jood Sabbatai Tsewi voor de keus stelde: de dood of de leer van Mohammed te aanvaarden, koos hij voor het laatste!

Men trachtte dit te verklaren door te zeggen dat hij daarmee de onder Turks bereik levende volgelingen redde, maar de bittere ontgoocheling en diepe schaamte over dit onvoorstelbare verraad vrat diep in in de Joodse wereld. Desondanks echter verliep de beweging niet, hield niet op te bestaan! Merkwaardig genoeg, misschien kon men psychisch de diepe val niet aan, wilde men de hooggestemde verwachtingen niet prijs geven.

Fanatieke volgelingen van deze valse Messias reisden de Joodse wereld door, verkondigden allerlei theorieën over de geloofsovergang, moedigden gelovigen aan standvastig te blijven. Ze verwekten veel onrust en splitsing van de gemeenschappen in wel en niet aanhangers, met rabbijnen die voor of tegen waren. Het was een halve eeuw later nog een zeer ernstige beschuldiging, besmet te zijn met Sabbatiaanse sympathieën. Zelfs in 1750, bijna een eeuw later, vond er een zware strijd plaats en ik verhaal U ervan omdat het in één van die gevallen mijn (hoogstwaarschijnlijke) voorvader betreft: Jacob Emden, in Amsterdam geboren, een onvermoeibare strijder tegen het ketterse Sabbatianisme, evenals zijn vader Chacham Zwi.

Jacob Emden dong naar een rabbinale aanstelling in Duitsland maar een concurrent, rabbijn Eybeschütz, werd gekozen. Emden beschuldigde Eybeschütz van Sabbatiaanse smetten, die deze heftig ontkende, maar Emden kreeg gedaan dat Eybeschütz van zijn post ontheven werd. Deze liet het er niet bij zitten en streed gedurende zes jaren om eerherstel, met behulp van zelfs christenen, hetgeen hem tenslotte gelukte.



Dat klinkt onbloedig, maar dat was het niet. De emoties liepen hemelhoog op, men bestreed elkaar, ik zou haast zeggen: te vuur en te zwaard, want het idee van de Masjieach zowel als het verraad raakte het diepst van de Joodse ziel. Hele gemeenschappen kozen partij, er werd de ban uitgesproken over en weer en dat was niet mis: de banneling werd uit de gemeenschap gestoten, religieus én sociaal volstrekt geïsoleerd. Er werden gewelddaden gepleegd, de zaak verscheen zelfs voor burgerlijke rechtbanken, iets waaraan men in een tijd van de Joods-rechterlijke autonomie waar het geloofszaken betrof, een grote hekel had.

10. In 1755 trad Jacob Frank op, een bedrieger, die zich uitgaf als de reïncarnatie van Sabbatai Tsewi. Hij bracht een leer die veel weg had van de christelijke drie-eenheid, ging zich o.a. te buiten aan sexuele uitspattingen die hij ook zijn volgelingen aanbeval. Hij werd al spoedig in de ban gedaan door de rabbijnen. Hij verscheen voor een bisschop waarbij hij de Talmoed bespotte en het bloedsprookje bevestigde. Dat bevat het verhaal dat de Joden bloed van een christenkind gebruiken voor de bereiding van de matzes; een onvoorstelbaar onzinnige bewering, zeker als men weet dat de Joden op meerdere plaatsen in de Torah het gebruik van bloed is verboden. Maar Frank prees dit verhaal als waarheid aan. Daarop werden duizenden exemplaren van de Talmoed verbrand! Frank en zijn volgelingen gingen over tot het katholicisme, maar hij werd later gearresteerd door de kerk en beschuldigd van ketterij omdat zijn leer van drievuldigheid toch niet de ware leek te zijn. Ook zíjn gevangenschap vermeerderde zijn prestige bij zijn volgelingen, maar desondanks verliep zijn beweging langzamerhand, zijn volgelingen gingen op in de omgeving.

11. Een andere opvatting van het Messianisme, en die doet opgeld in de moderne tijd, is, dat de verlossing een proces zal zijn dat op een gegeven moment zijn voltooiing nadert en gekenmerkt is door de inzameling der ballingen en de herbouw van de Tempel. Er zijn geleerden die menen dat er langs de weg van de geleidelijkheid een betere aardse wereld zal ontstaan. In de laatste eeuw begon men ideeën en bewegingen te zien als de Messias, die dus niet noodzakelijkerwijs een man, maar ook een streven kan zijn, bijvoorbeeld het Zionisme, dat overigens ook zijn profeet heeft: Herzl. En deze keer eens geen valse, want de idee won veld dat ook een seculier Messianisme het Joodse volk terug kan voeren naar het Land der Vaderen. Dat seculaiere Messianisme is overigens wel gevuld met vele traditionele noties.

Er zijn er die de vestiging van de Staat Israël, voorwaar een groot wonder op zichzelf, zien als "het begin van het ontspruiten van de verlossing", reesjiet tsemiechat geoelatenoe; dit is vaak ingevoegd in het dagelijkse bensjen na het eten van brood en in het gebed voor de Staat Israël dat op Sjabbat en feestdagen wordt gelezen. Ook vele, niet alle, orthodoxen konden dit aldus zien: de fundamenten voor de verlossing worden, weliswaar onder God's leiding, door mensen gelegd, om door God zelf te worden voltooid. Zo'n staat zal de Joodse principes van rechtvaardigheid en barmhartigheid huldigen.

14. De laatste vorm van Messianisme, als een man echter, is de verschijning en het optreden van de Chassidische Lubavitcher Rebbe, Menachem Mendel Schneersohn, in onze tijd.



Al vele jaren is het Chassidisme, een Joods-religieuze stroming, erin geslaagd een groeiend empirium op te bouwen. Het Chassidisme is enkele eeuwen geleden ontstaan in reactie op het intellectualistische Midden-Europese Jodendom, waaraan de zeer arme, voor een karige boterham zwoegende Joodse massa's geen deel hadden. De Chassidiem leerden o.a. dat je God met blijdschap moet dienen en dat God ook prijs stelt op het gestamelde gebed van een ongeletterde.

U begrijpt waar dit op uitliep: oorlog tussen de chassidiem en hun tegenstanders. Na lange tijd sloot men een koude vrede.



De Chassidiem, in verschillende "onderafdelingen" verdeeld, noemen zich naar de plaats van herkomst van hún Rebbe, een charismatische en religieuze man, die een dynastie kan vormen. Grote vlucht nam de beweging van de Rebbe uit Lubawitch in het begin van deze eeuw, vooral toen hij opgevolgd werd door zijn schoonzoon, de Rebbe, Rabbijn Schneersohn. De beweging deed en doet nog steeds zeer veel goed Joods werk over de hele wereld, o.a. penetreerde zij dwars door het toenmalige IJzeren Gordijn. Zij proberen "afgedwaalde" Joden dichter naar het Jodendom toe te brengen en zij hebben een belangrijk aandeel gehad in de zogenaamde Tesjoewa-beweging, tesjoewah betekent terugkeer, hier terugkeer tot het orthodoxe Jodendom.

De Rebbe werd door zijn volgelingen steeds zwaarder bewierookt. Wie een beslissing van belang moest nemen vroeg het aan de Rebbe: een werkkring aanvaarden, waar te gaan wonen, trouwen, etc. Een groot deel van zijn volgelingen zag in hem zelfs de zo lang verbeide Messias. Een aantal jaren was hij zelf daar ernstig tegen gekant, later zei hij geen ja en geen neen, maar in de laatste jaren van zijn leven, nadat hij door een beroerte niet meer spreken kon, knikte hij steeds vaker ja op de vraag of hij als Messias mocht aangesproken worden.

De Rebbe stierf, enkele jaren geleden en de wereld is niet verlost.



Denkers van de huidige tijd zijn verdeeld over de vorm en het verloop van de verlossing. Sommigen veronderstellen dat er toch een beter, hoger mensensoort kan ontstaan, anderen menen dat de wereld zichzelf niet kan verheffen, dat de mensen altijd zullen blijven vechten, dat er verlossing moet komen door Goddelijk ingrijpen. De Messiaanse vrede kan alleen bereikt worden door innerlijke harmonie. Daar die kennelijk niet mondiaal bereikbaar is, blijven velen toch maar bij de idee van een mens die door God gezonden is als de Messias.

Als een soort conclusie moge het volgende dienen. Het Joodse Messianisme heeft zich gemanifesteerd in diverse vormen en opvattingen en is nog steeds een levend concept. Een concept van verlossing, van koningschap, van charisma, van terugkeer naar het eigen Land en de vorming van een eigen staat als weleer, de herbouw van de Tempel, via Goddelijk ingrijpen en bevorderd door de devotie van Gods volk. Dat nu de Staat Israël bestaat is voor velen niet een doorslaggevend bewijs, want de staat is niet bepaald theocratisch.

Er zijn hevige teleurstellingen en er is veel desillusie geweest na elke zeer duidelijke mislukking van de boodschap van de zich noemende Messias, maar er is ook een revitalisering, vernieuwde daadkracht en zich toch elke keer weer oprichten van het Joodse volk te zien geweest, ondanks de bittere periode die na elke ontgoocheling volgde.


Bloeme Evers-Emden




Bronnen: Encyclopedia Judaica

voordracht rabbijn Rodrigues Pereira

Rufus Learsi: Het Joodse volk, Meulenhoff, 1955

P. Birnbaum: a book of Jewish concepts

Gecontroleerd en aangevuld door Rabbijn Mr. Drs. R. Evers

<< PesachSjawoeot - wekenfeest >>