Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 8 januari 2010
4 reacties
reageer op deze column
Delen |

Het succes van Feuchtwanger

De herontdekking van een groot Europees schrijver. Zo beveelt Wereldbibliotheek de nieuwe vertaling van De lelijke hertogin van Lion Feuchtwanger aan. Het is de bedoeling dat ook andere boeken van Feuchtwanger opnieuw worden uitgegeven. De lelijke hertogin (Die hässliche Herzogin Margarete Maultasch) wordt aangeprezen als het eerste grote succes van Feuchtwanger en dat kan erop duiden dat Wereldbibliotheek de volgorde van verschijnen aanhoudt. Süss de Jood (Jud Süss) was weliswaar al eerder geschreven dan De lelijke hertogin, maar voor Süss de Jood kon Feuchtwanger eerst geen uitgever vinden. S. Fischer stuurde hem het manuscript ongelezen retour. Süss de Jood is waarschijnlijk het bekendste werk van Feuchtwanger. Het is opgenomen in de vaker door mij aangehaalde canon van de moderne Joodse literatuur. Süss de Jood stond op de lijst van boeken die in Duitsland op 10 mei 1933 werden verbrand. Die titel is daarna misbruikt voor een antisemitische propagandafilm van de nazi´s.

De herontdekking van een groot Europees schrijver. Misschien wat overdreven want nog in 2008 gaf De Vuurbaak De dochter van Jefta (Jefta und seine Töchter) uit, de laatste historische roman van Feuchtwanger. Feuchtwanger staat vooral te boek als schrijver van veelgelezen historische romans. Maar hij heeft ook drie eigentijdse boeken geschreven, Succes (Erfolg) uit 1930, De erven Oppermann (Die geschwister Oppermann) uit 1933 en Exil uit 1940, samen Die 'Wartesaal'-Trilogie genoemd. Van Succes verscheen al in 1930 bij Querido een Nederlandse vertaling van de hand van Anthonie Donker. Een herdruk van die vertaling kwam in 1984 uit bij De Prom. Een literaire herontdekking, stond ook toen op de flap! En in 1987 bracht Cypres een nieuwe vertaling van De erven Oppermann. Voor zover mij bekend is Exil nooit vertaald.

Succes had in Duitsland geen succes. In zijn Erinnerungen eines Verlegers schrijft Fritz Landshoff dat toen de roman in 1930 verscheen, het politieke klimaat al zo vergiftigd was dat veel boekhandelaren de roman slechts schoorvoetend of in het geheel niet bestelden. De vertegenwoordiger van de uitgever werd zelfs vaak hinausgeschmissen. Een groot deel van de pers ging aan de betekenis van het boek voorbij en de nazipers sabelde het boek neer. De Völkischer Beochbachter was van mening dat Feuchtwanger sich einen zukünftigen Emigrantenpass reichlich verdient hat. In 1933, drie jaar na het verschijnen van Succes, zou dat werkelijkheid worden.

Ook in Nederland werd de betekenis van Succes niet door iedereen gezien. Du Perron schreef over het ‘domme dikke’ boek van Feuchtwanger dat Anthonie Donker ‘met zoveel ijver en zo weinig genie als het vereiste’ heeft vertaald. En in een brief van 23 december 1930 aan Victor E. van Vriesland: ‘Wat ontbreekt het dien besten Feuchtwanger allerovertuigendst aan ieder sprankeltje van genie! (...) Ik vrees dat ik onverzoenlijk ben: die Duitsche mentaliteit (Duitsch-Joodsch altijd) gaat mij voorbij... Ik weet niet wat ik belabberder vind, Succes of Berlin-Alexanderplatz.’ Du Perron, die naderhand zonder enige twijfel aan de goede kant stond, zag in 1930 niet wat Feuchtwanger met zijn boek te vertellen had. Hij had daarvoor geen antenne.

Vier jaar later, in Het Vaderland van 5 juli 1934, schrijft Ter Braak dat men Feuchtwanger niet een schrijver ‘van de allereerste rang’ kan noemen. ‘Daarvoor is hij te zeer een man van breedvoerige gedegenheid.’ ‘Als auteur van het ook tamelijk langademige Succes (1930) werd hij de kroniekschrijver van het na-oorlogse Duitsland, meer speciaal voor München.’ Dat zegt nog niet veel maar intussen is ook De erven Oppermann verschenen: ‘In zijn laatste roman De erven Oppermann vergunt Feuchtwanger de lezer een blik op de lotgevallen ener Joodse familie die door de antisemitische actie uit elkaar wordt geslagen en rechteloos gemaakt.’ Ter Braak is in goed gezelschap van Klaus Mann die over De erven Oppermann schreef dat het de indrukwekkendste, meest gelezen literaire verbeelding van het Duitse onheil is.

Feuchtwanger is inderdaad vaak breedsprakig en het lezen van Succes vraagt een lange adem. Dat geldt overigens in veel mindere mate voor De erven Oppermann. Vervelend of dom is Feuchtwanger zeker niet. Succes, met in de Duitse uitgave als ondertitel Drei Jahre Geschichte einer Provinz, wordt thans terecht beschouwd als de eerste anti-Hitler roman, een roman die al in een vroeg stadium het nationaalsocialistische gevaar heeft blootgelegd. Succes is voor München wat Buddenbrooks van Thomas Mann voor Lübeck was. Niet het verval van een familie maar van een stad. ‘Vroeger’, schrijft Feuchtwanger, ‘had de mooie, behaaglijke stad de beste koppen van het rijk getrokken. Hoe kwam het dat die nu weg waren en dat in hun plaats alles dat lui was en niet deugde en elders in het rijk zich niet staande wist te houden, nu als magnetisch aangetrokken naar München de wijk nam?’

Ook Feuchtwanger was in 1925 uit zijn geboortestad München naar Berlijn gegaan. Daar schreef hij Succes, de roman over München in de jaren na de Eerste Wereldoorlog waar het gedachtegoed van Hitler en zijn partij, in de roman Rupert Kutzner en de ‘Ware Duitsers’, steeds meer gehoor vindt. Als eerste in Duitsland hebben de Joden van München aan den lijve ervaren hoe de atmosfeer in hun stad veranderde, de stemming radicaliseerde en hoe de rechtse regering tegen de giftige denkbeelden van de nationaalsocialisten aanschurkte. Feuchtwanger heeft dat proces indringend beschreven. Hij heeft niet alleen uit eigen herinneringen geput. Aan de roman is minutieus speurwerk voorafgegaan. In die zin is de roman een sleutelroman. De personen en verhalen zijn steeds op werkelijke personen en verhalen gebaseerd. Dat geldt helaas ook voor het antisemitisme waarmee de Joden van München dagelijks werden geconfronteerd. Al in die jaren werden de synagogen met hakenkruizen besmeurd. In de roman wordt de Joodse advocaat Geyer voor Saujud uitgescholden en in elkaar geslagen. In een koffiehuis zegt men over dit voorval dat de Joden daaraan ‘zelf schuld hebben’. ‘Waarom bemoeien ze zich ook met onze zaken die hen niets aangaan.’

Het is te hopen dat de uitgave van De lelijke hertogin het begin is van een reeks nieuwe vertalingen van de romans van Feuchtwanger, waaronder de drie romans van Die 'Wartesaal'-Trilogie. Feuchtwanger verdient zijn succes.

Reacties

Dr. W.B. van der Grijn Santen

vrijdag 8 januari 2010
Weer een voortreffelijke column. Maar: Duits blijft een moeilijke taal. Maultausch betekent zoiets als muilruil, maar de hertoging had een onderlip als een kopje, vandaar: Maultasch. zukünftiche moet zijn zukünftige Die Wartesaale is onzinnig niet-Duits. Wartesaal is een manlijk woord (meervoud Säle) en Die slaat op Trilogie (zie uw 2e alinea). Verder niets dan goeds...

Leo Frijda

vrijdag 8 januari 2010
Dank voor uw reactie en uw terechte opmerkingen over fouten in de Duitse teksten. Ik heb die nu verbeterd.

Leo Frijda

zaterdag 9 januari 2010
Dank voor uw reactie en uw terechte opmerkingen. Ik heb de fouten hersteld.

I.Petiet

dinsdag 12 januari 2010
De schrijver Feuchtwanger verdient alle eer die Frijda hem toezwaait. Al jaren geleden heb ik een aantal van zijn boeken gelezen. Vooral De erven Oppermann is bijna verbijsterend als je bedenkt dat hij toen al zoveel wist en begreep van de gang van zaken in Duitsland. Hij is vast niet de enige geweest.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon