Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 18 september 2009
reageer op deze column
Delen |

Leo Perutz

Een literair slippertje van Franz Kafka met Agatha Christie, heeft men van het werk van Leo Perutz gezegd. Inderdaad. De romans van Perutz zijn spannende historische verhalen met vaak hoogst eigenaardige gebeurtenissen en op het eind veelal een onverwacht en verrassend plot. Perutz weet de nodige spanning op te roepen door historische feiten en onwaarschijnlijke gebeurtenissen tot een logisch geheel samen te smeden. Die onwaarschijnlijke gebeurtenissen worden in een meesterlijke stijl wiskundig nauwkeurig beschreven. De romans van Perutz zijn zeker ontspanningsliteratuur, literaire thrillers noemt men dat tegenwoordig. Maar bij nader inzien bieden zij meer. Met antiek materiaal worden moderne huizen gebouwd, las ik in de biografie van Hans-Harald Müller. Een treffende typering, want nader beschouwd bevatten de romans moderne thema’s. De identiteitsvraag staat vaak centraal en de hoofdpersonen zijn veelal antihelden. Vandaar dat slippertje van Kafka.

De wijze van schrijven van Perutz is verbluffend. Na uitvoerig historisch onderzoek begint Perutz stap voor stap zijn hoofdstukken aaneen te rijgen. Perutz was in staat hoofdstukken in willekeurige volgorde te schrijven en bovendien aan twee romans tegelijk te werken. In zijn latere leven heeft hij romans die hij nog niet had voltooid, weer kunnen oppakken en tot een einde gebracht. Met een tussenpoos van meer dan twintig jaar! Maar men moet zich door de ogenschijnlijk gekunstelde wijze van werken niet op een dwaalspoor laten brengen. Perutz wist wat hij deed en het plezier van vertellen spat er vanaf. Prachtromans. Ik ben een liefhebber.

Leo Perutz is geboren op 2 november 1882. De familie Perutz had een textielhandel met een zaak aan de Graben, één van de mooiste straten van Praag. Het was een welvarend Duitstalig Joods gezin. In het leven van Leo Perutz speelt religie echter geen centrale rol. Al in 1901 is hij van Praag naar Wenen verhuisd. Daar is hij tot verzekeringswiskundige opgeleid. Een toevallige bijkomstigheid is, dat Perutz net als Kafka werkzaam is geweest bij de Assicurazioni Generali, Perutz echter in Triëst en niet als jurist maar als actuaris.

Met De Marques de Bolibar, geschreven in 1919, komt voor Perutz het grote succes en breekt hij literair door. Sindsdien leeft hij als schrijver in Wenen en vinden we hem terug in literaire cafés als Museum en Central, later vooral ook het café Herrenhof. Hij onderhoudt vriendschapsbanden met o.a. Egon Erwin Kisch en Franz Werfel. Bekende romans van zijn hand zijn De Meester van de Jongste Dag (1923) en Wohin rollst du, Äpfelchen ... (1928). De romans van Perutz kennen meer lagen en St. Petri-Schnee, dat in 1933 verscheen, is daarvan een goed voorbeeld. St. Petri-Schnee, of moedergodsbrand, is een drug waarmee geprobeerd wordt een proces van (religieuze) massahysterie op gang te brengen. Het moet voor veel lezers een schrikbeeld zijn geweest dat toen, in 1933, helaas actualiteit had. Uit die jaren, ik citeer, is er bijna geen Duitstalige tekst die met meer inzicht de gevaren van het nationaalsocialisme heeft blootgelegd. Het volgende boek van Perutz, De Zweedse Ruiter, in 1936 voltooid, kan al niet meer in Duitsland verschijnen. Die markt is voor hem gesloten. Perutz noteert: Finanzielle Lage düster. Deutschland für mich tot. Meine Bücher verramscht. Hij komt dan ook tot de conclusie dat es um deutsch-schreibende Autoren nichtarischer Herkunft Probleme gibt, die kaum mehr zu meistern sind en verzucht: Ist mein Leben sinnlos geworden?

De broers van Perutz verplaatsen de familiefirma en reiken hem de hand om naar Tel Aviv te gaan. Op 9 juli 1938 verlaat Perutz Wenen. In het helaas onvoltooid gebleven Mainacht in Wien schildert Perutz de ambtenarij waaraan de hoofdpersoon, een Joodse journalist, wordt onderworpen als hij probeert Oostenrijk te verlaten en in het buitenland een nieuw leven te beginnen. Hij schrijft aan dat verhaal tijdens de maanden die hij in Italië doorbrengt. Op 15 september 1938 komt Perutz met zijn gezin in Haifa aan. Tel Aviv wordt zijn laatste woonplaats.

Op 2 februari 1939 meldt Perutz vanuit Tel Aviv: we kunnen zeggen dat wij in de volledige betekenis van het woord een nieuw vaderland hebben gevonden. De biograaf van Perutz, Hans-Harald Müller, betwijfelt dat. Er zijn inderdaad aanwijzingen dat Perutz het in Tel Aviv moeilijk had. Perutz was een Duitstalige schrijver zonder lezerspubliek. Eens succesvol was hij nu volledig in vergetelheid geraakt. Bovendien kostte het hem moeite om Ivriet te leren, hoewel hij opnieuw werk als actuaris had gevonden bij de verzekeringsmaatschappij Menorah.

Na jaren van stilzwijgen heeft Perutz twee romans afgemaakt die hij had laten liggen. Voor Nachts unter der steinernen Brücke vond Perutz pas in 1953 een uitgever die geïnteresseerd was. De Judas van Leonardo verscheen postuum. Nachts unter der steinernen Brücke is een meesterwerk. Op het eerste gezicht een verzameling korte verhalen die zich omstreeks 1600 afspelen in de Judenstadt, het getto van Praag, in de tijd van rabbi Löw en keizer Rudolf II. Maar al lezende ontvouwt zich een samenhangend drama met als centraal gegeven de onmogelijke liefde tussen keizer Rudolf II en Esther, de mooie vrouw van de rijke Joodse koopman en bankier Mordechai Meisl. Het boek is bovendien zo opgebouwd dat aan het begin van de 20e eeuw de verhalen worden doorverteld aan een nog jonge schrijver die deze verhalen onthoudt en vijftig jaar later aan het papier toevertrouwt. En zo valt die jonge schrijver samen met Perutz. Nachts unter der steinernen Brücke, heeft Perutz dan ook gezegd, spielt ... in jenem alten Prag, dessen Kulissen ich noch als 15jähriger gesehen habe und dessen zauberhaftes und seit 55 Jahren verschwundenes Bild ich bis zu meinen Lebensende in mir haben werde. Toen Perutz de ode aan de stad van zijn jeugd gereed had, heeft hij terecht verzucht dat Kisch en Werfel, als ze nog geleefd zouden hebben, dit werk hadden weten te waarderen.

Vóór zijn overlijden op 25 augustus 1957 heeft Perutz gezegd dat het waarschijnlijk nog wel veertig jaar zal duren voordat zijn werk herontdekt wordt und ein Literaturhistoriker ein grosses Geschrei darüber erhebt, dass meine Romane zu Unrecht vergessen sind. Ironie met een vooruitziende blik want Perutz wordt opnieuw gelezen. In Nederland heeft De Arbeiderspers in de jaren negentig een aantal boeken van Perutz uitgegeven. Onduidelijk is waarom De Arbeiderspers hiermee is gestopt. Jammer want daardoor is Perutz in Nederland onvoldoende bekend en hebben we de uit Joods perspectief meest interessante werken, St. Petri-Schnee, Mainacht in Wien en Nachts unter der steinernen Brücke, niet in Nederlandse vertaling.

Hans-Harald Müller, Leo Perutz, Biographie, Paul Zsolnay Verlag, 2007 Bij De Arbeiderspers zijn verschenen: De Zweedse Ruiter, De Judas van Leonardo, De Marques de Bolibar en De Meester van de Jongste Dag.
St. Petri-Schnee, Mainacht in Wien en Nachts unter der steinernen Brücke zijn te koop bij DTV, de Deutscher Taschenbuch Verlag. Wie liever een fraaie gebonden uitgave heeft, kan terecht bij Paul Zsolnay Verlag.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon