Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 18 november 2011
reageer op deze column
Delen |

Abraham Mapu

In mijn vorige column schreef ik dat we binnenkort naar Kaunas gaan. Ik wees toen al op Abraham Mapu, in 1808 geboren in Slobodka, wat in die tijd maar een miserabele voorstad van Kaunas moet zijn geweest. Een kleine anderhalve eeuw later zal in Slobodka, de tegenwoordige wijk Vilijampolé, het getto van Kaunas worden ingericht.

De zeshonderd Joodse families die indertijd in Slobodka woonden, waren arm. Jekutiel Mapu was hun melamed. Eén van zijn taken was het onderwijs in het Hebreeuws. Zijn zoon Abraham Mapu werd de eerste Joodse schrijver die in die taal romans schreef. Het meest bekend is Ahavat Zion, verschenen in 1853 en in het Engels vertaald met The Love of Zion.

Het is me niet gelukt The Love of Zion al te lezen. Beter gezegd, geheel te lezen, want wel vond ik het boek van David Patterson, Abraham Mapu, A Literary Study of the Creator of the Modern Hebrew Novel, in 1964 door Horovitz Publishing, Londen, uitgegeven. Daarin staan niet alleen veel wetenswaardigheden over het leven van Mapu maar ook enkele hoofdstukken uit zijn drie romans. Twee daarvan zijn historische romans, The Love of Zion en The Guilt of Samaria. Het minder bekende The Hypocrite speelt zich af in Litouwen en is een eigentijdse roman. Ik kon me in ieder geval een beeld vormen. En dan denk ik dat zijn romans voor de lezer van nu verouderd overkomen, somewhat naïve and immature, schrijft Patterson. Niettemin zijn deze romans van belang omdat Mapu een brug heeft willen slaan tussen het toen nog steeds bestaande Joodse leven in arme en gesloten gemeenschappen en de moderne tijd waarin de Verlichting haar intrede had gedaan. Voor de lezers van de 19e eeuw opende The Love of Zion, ook al speelde het zich af in het Israël uit vroeger tijden, een geheel nieuwe wereld. It was the first novel, concludeert Patterson, that really broke new fresh grounds, that opened up the prospect of a free and independent life to a people hopelessly cramped and fettered by political, social and economic restrictions. Terugkijkend kan worden vastgesteld dat Mapu aan de wieg heeft gestaan van het zionisme en de wederopstanding van het Hebreeuws als een levende taal.

Sarah Neshamit, de schrijfster van The Children of Mapu Street, is in 1913 geboren in het grensgebied tussen Litouwen en Polen. Na de sjoa is zij naar Israël gegaan. Haar boek is in 1958 voor het eerst gepubliceerd, in het Hebreeuws, door Hakibbutz Hameuchad Publishing House. Uit de latere Engelse vertaling van het eerste hoofdstuk:

The year 1941. About forty thousand Jews live in Kovno – merchants and scholars, artisans and writers, doctors and teachers, lawyers and workers. They have expanded the city and beautified it; they have built the new Kovno.
Kovno is indeed a Jewish city, teeming with elementary schools, and all kind of institutions; Hebrew rolls of the children’s tongues.
The city is situated where the Viliya River spills into the Niemen.
How lovely the Niemen is and how grand the Viliya. Their tall banks are decked with green forests. On the Sabbath Kovnites leave the city to swim in the river and lounge in the shade of the trees. Many Jews have even built summer homes in the forests. At night, anyone who goes up the mountain adjoining the rivers can see the whole dazzling city spread before him. On one of those hills Abraham Mapu sat and wrote his famous novel, Love of Zion. Here on the banks of the Niemen, his mind’s eye saw the banks of the Jordan and the Sea of Galilee.
Kovno boasts a Mapu Street – and old thoroughfare, with gray buildings one, two, and three stories high. The houses have courtyards ... This is a tale about one of the courtyards in Mapu Street.

Kaunas, een Joodse stad met veel scholen en andere Joodse instellingen, schrijft Neshamit. Zo was op Mapustraat nummer 9 een Joodse kleuterschool gevestigd. Ik vond op internet een foto met de kinderen van die kleuterschool samen met hun leidster. De foto is uit 1932.

In 1941 waren die kinderen tieners. Over tieners gaat het boek van Neshamit. Over Shula Weiss bijvoorbeeld die net als Shmuli Cohen en Rivka Wilensky nog speelden op de binnenplaatsen van Mapustraat toen de Duitsers Litouwen binnenvielen. Niet voor lang. Shula and her mother entered the ghetto. Hard days came ... Nothing remained to them of their apartment on Mapu Street. Van de Mapustraat naar het getto in Slobodka, de wijk waar Mapu eens was geboren. Shula Weiss zal het als één van de weinigen overleven en naar Israël gaan.

Reacties op columns zijn heel welkom. Daardoor merk je dat je gelezen wordt. Na mijn vorige column over Kaunas wees Lida Boukris me op het boek van Jochanan Fein, Jongen met viool, in 2006 uitgegeven door Mets & Schilt.

De jongen met viool is, anders dan The Children of Mapu Street, geen fictie maar het verhaal van Jochanan Fein zelf. Fein, geboren in 1929, is de jongen met viool die op de omslag staat afgebeeld. Fein heeft het getto van Kaunas overleefd. Met een aantal anderen is hij gered door Jonas Paulavicius die ervoor koos de strijd tegen de nazi’s aan te binden door het redden van Joden. Paulavicius kon de grootschalige uitroeiing van de Joden niet verdragen en wat hem vooral raakte, was dat die uitroeiing door zijn eigen landgenoten, zijn Litouwse broeders, werd uitgevoerd. Het ging hem om intelligente Joden, om bijzondere Joden waaraan dit volk, meende hij, na de grote ondergang en de massale moord behoefte zou hebben.

Ook Fein moest na de Duitse inval naar het getto in Slobodka verhuizen. Hij was getuige van de grote actie, oktober 1941, waarbij éénderde van het getto afgevoerd werd om vermoord te worden. Hij heeft ook nog de kinderactie van maart 1944 meegemaakt, het vreselijkste uit de geschiedenis van het getto van Kaunas. Na de kinderactie waren de overgebleven kinderen in het getto vogelvrij. Fein kon kort daarna het getto ontvluchten. Omdat hij heel goed viool kon spelen, was voor hem een plek geregeld in het buiten de stad gelegen en daardoor minder opvallende huis van Jonas Paulavicius.

Kort na de bevrijding van Kaunas is Fein nog een keer teruggegaan naar Slobodka. Het getto was er niet meer. De Duitsers hadden alle huizen verbrand. Met de bewoners die zich in de kelders hadden verscholen. Onder hen een klein kind, Gettele, zo genoemd omdat zij in het getto was geboren. En daar dus ook is gestorven. De geschiedenis van Gettele is, dacht ik eerst, het meest aangrijpende dat ik in het boek van Fein heb gelezen. Tot ik op bladzij 174 was gekomen en nog een zin las, die ik maar niet vergeten kan. Fein is na de bevrijding van Kaunas weer naar school gegaan. Hij moest een examen afleggen om te laten beoordelen in welke klas hij kon worden geplaatst. Toen hij tegen zijn examinatoren zei wie hij was, werd er gegrinnikt. Kijk eens, een Joodse jongen. ‘Bestaan die dan nog?’

Na de nodige omzwervingen is Fein naar Israël gegaan. Een gammel Israëlisch schip, de Atsma’oet (Onafhankelijkheid), bracht me vanuit Venetië naar Haifa, waar ik op 9 februari 1950 aankwam ... Ik was aan land gekomen, ik was thuis gekomen.

Omhoog kijkend kon hij de Carmel zien liggen waarover bijna honderd jaar eerder zijn stadgenoot Abraham Mapu in The Love of Zion had geschreven:

The dawn shone brightly over the Carmel and the vineyards resounded with shouting and song. Young men and maids where gathering the grapes, loudly singing songs of wine and love.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon