Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 30 januari 2009
reageer op deze column
Delen |

Dora Diamant

Als Kafka in juli 1923 Dora Diamant ontmoet, is hij al ernstig ziek. Zijn liefde voor Dora geeft hem echter weer hoop. Voor het eerst van zijn leven gaat hij met een vrouw samenwonen, een idylle noemt Max Brod het als hij het paar in Berlijn opzoekt. Eind 1923 gaat het met de gezondheid van Kafka bergafwaarts. Uiteindelijk wordt hij opgenomen in sanatorium Kierling waar Dora en de medisch student Robert Klopstock hem tot zijn dood hebben verzorgd. Dat is met veel aandacht en respect gebeurd. Wie Dora heeft gekend, weet wat liefde is, heeft Klopstock aan de ouders van Kafka geschreven. Wie was Dora Diamant en hoe is het haar na het overlijden van Kafka op 3 juni 1924 vergaan? Daarover weten we meer na het verschijnen van Kafka’s last Love, het boek van Kathi Diamant uit 2003.

Dora Diamant is op 4 maart 1898 in Pabianice (vlakbij Lodz) geboren als Dworja Diament, dochter van Horn Aron Diament en Frajda Frid Diament. De vader, bekend als Herschel der Schleikesmacher, was een streng orthodoxe man en aanhanger van de chassidische Gerer Rebbe. Het is Dora gelukt uit die omgeving, die haar benauwde, weg te komen, eerst naar Breslau en daarna naar Berlijn. Toen Kafka haar ontmoette, was zij al 25 jaar oud en niet een naïef, hulpvaardig meisje van 19 of 20 jaar oud, zoals eerdere biografieën haar meestal beschrijven. Dora was een zelfstandige vrouw en tussen Kafka en haar bestond een meer volwassen relatie dan vaak is gedacht. Van het literaire werk van Kafka heeft Dora maar weinig geweten. En er moeten ook schriften zijn geweest met aantekeningen van Kafka uit de tijd dat hij met Dora in Berlijn samenwoonde. Die schriften zijn helaas verloren gegaan. Het was alleen de goudkleurige haarborstel van Kafka die Dora steeds heeft kunnen bewaren.

Na het overlijden van Kafka is Dora aan het toneel gegaan. Ze zal er goed in zijn geweest, maar - zo lijkt het - geen toptalent. Na haar opleiding aan de toneelschool in Düsseldorf is ze voor één seizoen aan een toneelgezelschap verbonden geweest. In 1929 keerde Dora werkeloos naar Berlijn terug. Ze werd lid van de communistische partij en ontmoet Lutz Lask, met wie zij in 1932 trouwde. In augustus 1933 is Lutz Lask gearresteerd. Dora was toen zwanger van Marianne, die op 1 maart 1934 is geboren. Lutz Lask wist na enige tijd naar de Sovjet-Unie te ontkomen en Dora en haar dochter zijn hem gevolgd. Dora nam de goudkleurige haarborstel van Kafka mee. In Rusland hebben Lutz Lask en Dora niet samengewoond, ook omdat aan hun liefdesrelatie al een einde was gekomen. Politiek veilig was het in Rusland evenmin. Lutz Lask is naar Siberië verbannen en Dora heeft in 1938 met de toen al zieke Marianne, Rusland weer verlaten. Hoe dat haar is gelukt, is niet duidelijk, maar uiteindelijk wist ze in de loop van de winter Den Haag te bereiken, waar de zuster van Lutz Lask en haar man al vanaf 1933 woonden. In augustus 1939 zijn Dora en Marianne in Engeland toegelaten. Het betekende, na de ontsnapping uit de klauwen van Hitler en Stalin, eerst weer internering.

In Engeland heeft Dora zich vooral bezig gehouden met Jiddisch theater. In die tijd is ze zich steeds vaker de vrouw van Kafka gaan noemen. Dat zij in haar ogen de vrouw van Kafka was, heeft uiteindelijk haar leven bepaald. Vlak voor haar dood is zij begonnen haar herinneringen op te schrijven. Het is bij fragmenten gebleven en Dora heeft maar weinig aan het beeld van Kafka kunnen toevoegen. Het moet voor haar verwarrend zijn geweest. Voor haar gevoel was Kafka van haar en in haar herinnering was hij een man van vlees en bloed. Tegelijkertijd was Kafka, die zij als schrijver niet echt heeft gekend, steeds meer van iedereen geworden.

Herfst 1949 is Dora Diamant naar Israël gereisd. Dat bezoek heeft veel voor haar betekend. De zusters van Kafka zijn tijdens de Sjoa vermoord. Dat gold ook voor de meeste broers en zusters van Dora Diamant. Maar in Israël vond zij haar broer David en haar zuster Sara terug. Zij ontmoette Max Brod en andere vroegere vrienden van Kafka. Het moet een heerlijke tijd voor haar zijn geweest en ze bleef in Israël tot januari 1950. Vooral haar verblijf in kibboets Ein Charod gaf haar het gevoel eindelijk thuis te zijn. Dat was de plek waar zij de rest van haar leven wilde gaan wonen. In kibboets Ein Charod liet zij de goudkleurige haarborstel van Kafka achter, toch een stukje van Kafka in Israël en bovendien een talisman ter verzekering van haar terugkeer naar Israël. Helaas is het daar niet meer van gekomen. Niet alleen Marianne was voortdurend ziek, waardoor op alijah gaan feitelijk niet goed mogelijk was, ook Dora zelf werd ernstig ziek. Op 15 augustus 1952 overleed Dora Diamant in Plaistow Hospital. Zij is begraven op de United Synagogue Cemetery in East Ham.

In Israël moet nog ergens een goudkleurige haarborstel liggen.

Kathi Diamant, The Mystery of Dora Diamant, Kafka’s last Love, Secker & Warburg, 2003. Hierover schreef ik eerder in Kol Mokum 2005/5766-2. Deze webcolumn is een verkorte versie daarvan. Kathi Diamant is geen familie maar de gezamenlijke familienaam heeft haar wel de aanzet gegeven tot de speurtocht naar Dora Diamant.

Ook over Klopstock is in 2003 een boek verschenen: Kafkas letzter Freund, uitgegeven door Inlibris. Klopstock, afkomstig uit Hongarije, heeft zijn studie afgemaakt en zich als longarts gespecialiseerd. Toen in 1938 de situatie in Boedapest voor Joden onhoudbaar werd, wist Klopstock, geholpen door Thomas Mann, Amerika te bereiken. Hij wordt hoogleraar in New York, waar hij op 15 juni 1972 overlijdt.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon