Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 20 maart 2009
reageer op deze column
Delen |

Jeruzalem stond om ons heen

Ik toon je Jeruzalem, had Ilana Shmueli tegen Paul Celan gezegd bij hun ontmoeting in Parijs op 11 september 1965. Lang geleden, in Czernowitz, behoorden ze tot dezelfde vriendenkring, maar ze hadden elkaar uit het oog verloren. Shmueli wist in 1944 naar Palestina te ontkomen en Celan was uiteindelijk naar Parijs gegaan. Het heeft tot oktober 1969 geduurd voordat Celan voor de eerste en enige keer daadwerkelijk naar Israël ging, waar hij op uitnodiging van de Hebreeuwse schrijversbond gedichten las. Vooral het tijdens de zesdaagse oorlog van juni 1967 ontstane gedicht Denk dir maakte grote indruk. Denk dir: der Moorsoldat von Massada bringt sich Heimat bei ... Een gedicht over Israel noemde Celan het.

Bedenk: je
eigen hand
heeft dit weer
in het leven omhoog-
geleden
stuk
bewoonbare aarde
vastgehouden.

Celan had Shmueli en Israël laten wachten. In een indringend gedicht uit 1968 heet het: Mandelnde ... dich liess ich warten, dich. En het gedicht eindigt met Hachnissini, het neem mij in je op uit het bekende gedicht van Bialik. Ik heb niets op deze wereld, neem mij onder je vleugels, zo ging Celan in 1969 naar Israël. Hij nam zichzelf mee.

De briefwisseling tussen Celan en Shmueli is warm en triest tegelijk. Het begint met warmte, letterlijk, de hitte telt ons bij elkaar in het ezelgebalk voor Absaloms graf, ook hier. Shmueli heeft Celan Jeruzalem laten zien en tussen hen is een liefdesrelatie ontstaan. Wat ze hebben gezien, heeft Shmueli bijgehouden: de Mount Scopus, de Olijfberg, de oude stad en haar poorten, de molen van Montefiori, het graf van koning David en niet te vergeten café Atara, het café dat ook Aharon Appelfeld, eveneens uit Czernowitz afkomstig, vaak bezocht. Of ze elkaar hebben ontmoet, weet ik niet. In een nawoord bij de briefwisseling heeft Shmueli haar herinneringen aan Celan samengevat. Wat Celan in Israël heeft ervaren, heeft hij vormgegeven in de twintig gedichten uit de Jeruzalemcyclus, opgenomen in de postuum verschenen bundel Zeitgehoft. De relatie met Shmueli maakt dat in die gedichten Jeruzalem en de geliefde met elkaar verweven zijn: Jeruzalem stond om ons heen, dicht Celan.

Israël betekende veel voor Celan. Ik stond in jou: Celan voelde zich in Jeruzalem geborgen. En terug in Parijs schrijft hij aan Shmueli: dass Jerusalem eine Wende, eine Zäsur sein würde in meinem Leben - das wusste ich. Enkele dagen later herhaalt hij: Jerusalem hat mich aufgerichtet und gestärkt. Paris drückt mich nieder und hohlt mich aus. Toch heeft Celan vier dagen eerder dan gepland Israël hals over kop verlaten en is hij teruggegaan naar Parijs.

Waarom? Celan heeft zich daar niet duidelijk over uitgelaten. Er zijn een paar aanwijzingen. In Tel Aviv las hij voor aan Israëliërs die afkomstig waren uit de Boekovina. Als hun lotgenoot werd hij erkend maar als dichter voelde hij zich ook door hen onvoldoende begrepen. Hij was bovendien bezorgd om Israël en schreef al eerder over eine Kette von Kriegen die hij voorzag. Aan Shmueli zegt hij dat zijn denken an Israel auch ein Bangen um Israel is. Maar is dit alles genoegzaam als verklaring voor de angstgevoelens die de laatste vier dagen voor zijn plotselinge vertrek overheersten? De belangrijkste reden voor zijn vlucht zal Celan zelf zijn geweest. Hij was voordien langere tijd, van november 1968 tot februari 1969, in een psychiatrisch ziekenhuis behandeld. Door de reis naar Israël en de ontmoeting met Shmueli waren zijn angsten niet geweken. Het kleurt de na oktober 1969 voortgezette briefwisseling. Al op 23 november 1969 schrijft Celan: ich fühle, ich weiss, dass die Kräfte, die ich in Jerusalem hatte, geschwunden sind. Shmueli antwoordt hem: wir werden uns nicht mehr quälen müssen. Ze ziet zijn eenzaamheid en vertwijfeling, maar bereikt hem niet meer. Ook hun ontmoeting in Parijs, januari 1970, brengt geen verbetering. In mir ist höllische Leere, noteert Celan.

Nog op 6 maart 1970 schrijft Celan aan Shmueli: Wäre ich, ich sagte es Dir ja, im Vollbesitz meiner Kräfte, ich ginge nach Israel, ohne Illusionen, aber - ich ginge hin. En op 27 maart 1970: Es ist ein Kampf, Ilana, ich kämpfe ihn aus, Du weisst, dass es ein jüdischer Kampf ist. In zijn brief van 12 april 1970, een week voor zijn zelfgekozen dood, drukt Paul Celan jegens Ilana Shmueli zijn dankbaarheid uit. Deze laatste brief eindigt: Du weisst, was meine Gedichte sind - lies sie, das spüre ich dann.

Paul Celan - Ilana Shmueli, Briefwechsel, Suhrkamp 2004. De vertalingen van de gedichten van Celan zijn van de hand van Ton Naaijkens (Paul Celan, Verzamelde gedichten, Meulenhoff 2003).

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon