Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 26 juni 2009
reageer op deze column
Delen |

Heinrich Heine

Nu er geen romantici en nauwelijks meer linkse intellectuelen zijn, moet Heinrich Heine als een vergeten schrijver worden beschouwd. Althans in Holland. Het enige dat van hem in het Nederlands rest, zijn wat vertaalde gedichten benevens een bundeltje aforismen, met veel mazzel verkrijgbaar in de betere boekhandel. Dit schrijft Martin van Amerongen in 1997 in zijn boekje Heine en Holland. Wat vertaalde gedichten. Van Amerongen zal het oog hebben gehad op Denk ik aan Duitsland in de nacht uit 1988, met naast elkaar een aantal gedichten van Heine en de door Peter Verstegen en Marko Fondse van die gedichten gemaakte vertalingen.

Maar kijk aan, nu zijn die vertalingen uit 1988 aangevuld met nog veel meer door Peter Verstegen vertaalde gedichten van Heine. De fraaie, gebonden uitgave, getiteld Duitsland, een wintersprookje, en andere gedichten, is mogelijk gemaakt door Arnon Grunberg, die een gedeelte van het geld van de voor Tirza gekregen Libris Literatuurprijs bestemde voor een nieuwe uitgave van het werk van Heinrich Heine. Peter Verstegen heeft de nadruk gelegd op de satirische en absurdistische kant van Heine en ook twee langere gedichten toegevoegd, Deutschland, ein Wintermärchen en Atta Troll, ein Sommernachtstraum. Van de Hebräische Melodien is Disputation vertaald, de disputatie tussen een rabbijn en een frater-gardiaan, eindigend met de regels:

‘Wie gelijk heeft, weet ik niet,
Maar het komt me voor dat beiden,
Rebbe net zo goed als frater,
Een gemene stank verspreiden.’

Peter Verstegen kan niet genoeg worden geprezen om zijn sprankelende vertalingen die vaak lezen alsof Heine direct in het Nederlands had geschreven. Heine had een scherpe en humoristische pen en dat maakt hem nog steeds leesbaar. En ook aan actualiteit heeft Heine nog weinig ingeboet. Ik heb van deze nieuwe vertalingen genoten. Heine was, de geciteerde versregels tonen het aan, ook een provocateur en een onrustzaaier. En, merkt Reich-Ranicki op in zijn bespreking van Heine, Heine was geniaal in de haat-liefde, en voor niemand koesterde hij meer haat en meer liefde dan voor de Duitsers en de Joden. Wie over Heine schrijft en meent over het hoofd te kunnen zien dat hij een Jood was of dit feit bagatelliseert, slaat de plank mis.

Confessio Judaica, Bekenntnis zum Judentum is een handig boek voor wie in de relatie Heine en jodendom geïnteresseerd is. De door Heine aan het jodendom gewijde gedichten, prozastukken en brieven zijn daarin bijeengebracht. Het boek dateert al van 1925, maar is een paar jaar geleden herdrukt. Hierin staan alle Hebräische Melodien. Naast Disputation ook Prinzessin Sabbat (met de vaak geciteerde regel Schalet ist die Himmelspeise) en het prachtige Jehuda Ben Halevy. En bovendien het verhaal Der Rabbi von Bacherach, waarin ontroerende passages voorkomen, zoals de beschrijving van de sederavond (al loopt deze in dit geval niet goed af).

Maar, zal men tegenwerpen, Heine was toch gedoopt. Al kort na die doop schrijft Heine aan zijn vriend Moses Moser dat hij daarvan zeer veel spijt heeft en jaren later formuleert Heine het zo: Ich mache kein Hehl aus meinem Judentume, zudem ich nicht zurückgekehrt bin, da ich es niemals verlassen hatte. En die stinkende rebbe dan? Ja, orthodoxe rabbijnen met een baard zijn vaak het onderwerp van zijn spot. En in zijn gedicht Das neue Israelitische Hospital zu Hamburg noemt hij de Joodse afkomst een duizendjarige familieziekte. Toch heeft Heine voor de Joodse traditie altijd een warme belangstelling gehouden. En toen hij ziek in zijn matrassengraf lag (ich bin jetzt nur ein armer todkranker Jude), bloeide zelfs zijn interesse in de Joodse religie op. Hij bleef echter ook een scepticus. Ich bin kein Frömmler geworden. Kerstin Decker noemt Heine in haar biografie een religieuze atheïst. Een formulering die mij aanspreekt en die, tegenstrijdig als deze lijkt, wel bij Heine past.

Heine was in Duitsland lang controversieel. Maar hij werd gelezen, ook door de Duitse Joden. Presser vermeldt dat in de geïmproviseerde bibliotheek van Theresienstadt in 1945 een kleine 600 exemplaren van het werk van Heine bijeengebracht waren, door mensen, schrijft Presser, die naar dat kamp alleen het strikt onontbeerlijke konden meenemen. Voor de gedoopte Jood Heine was echter in het Israël van 1948 vrijwel geen plaats. Alleen het ruimdenkende Haifa had een Heinrich Heineplein en verder had Tel Aviv in een buurt waarvan de straatnamen naar chassidische rabbijnen verwijzen, een straat naar de rabbi van Bacherach vernoemd, een rabbijn die nooit heeft bestaan. Heine had dat misverstand vast zeer amusant gevonden.

Door het verschijnen, in 2000, van een boek over Heine van de hand van Yigal Lossin, een jaar later gevolgd door een congres in Jeruzalem, is er in Israël weer volop aandacht voor Heine. Er kwam een postzegel met de beeltenis van Heine op de markt en ook in Jeruzalem is nu een straat - in de nabijheid van de molen van Montefiore - naar Heine vernoemd. Het straatbord vermeldt: Heinrich Heine, Joods-Duits dichter, liefhebber van Jeruzalem.

Jüdischer Schriftsteller in der Moderne is de treffende titel van de biografie van Klaus Briegleb. Maar verder moet je maar niet proberen om Heine een etiket op te plakken of bij een bepaalde, al dan niet Joodse, stroming in te lijven. Heine was er te eigengereid voor. Ga zijn gedichten maar lezen. Daarom tot slot enkele regels uit de vertaling van Peter Verstegen van Atta Troll, ein Sommernachtstraum. Ook om nog een keer duidelijk te maken dat Heine, al schreef hij elders ich liebe sie (die Juden) persönlich, in dat gedicht het spotten, gelukkig maar, weer niet kon laten.

De joden zijn in twee kampen verdeeld
Die elk voor een ander doel staan,
Terwijl de jeugd naar de tempel gaat,
Blijft de oude garde naar sjoel gaan.

De jongeren eten varkensvlees
En zijn in de oppositie
Als democraten; de oudjes zijn meer
Van de fleem-de-adel traditie. 

Ik heb de ouden zo lief als de jeugd,
Maar dit is wat ik bij God zweer:
Dat ik meer van sommige visjes houd,
En vooral van gerookte sprot meer. 

Heinrich Heine, Duitsland, een wintersprookje, en andere gedichten, Athenaeum - Polak & Van Gennep, 2009.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon