Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 6 november 2009
reageer op deze column
Delen |

De zwarte zwaan van Israël

Else Lasker-Schüler is er altijd voor uitgekomen dat zij een Jodin was. Hebräische Balladen noemde zij de dichtbundel die in 1912 verscheen. Zij nam daarin ook gedichten op die al in eerdere bundels stonden, zoals Versöhnung (over Jom Kipoer) en Mein Volk. Met deze beide gedichten opent Hebräische Balladen. Ook Sulamith was al eerder gepubliceerd. Dit gedicht uit Hebräische Balladen eindigt met de regel: Und meine Seele verglüht in den Abendfarben Jerusalems. Het zal de laatste jaren van haar leven letterlijk het geval zijn.

Op 19 april 1933 ontvlucht Else Lasker-Schüler Duitsland. Zij gaat naar Zürich. Daar schrijft zij enkele gedichten die tot de mooiste van de exilliteratuur behoren. Toen Else Lasker-Schüler hals over kop en voor altijd Berlijn moest verlaten, liet zij twee koffers inpakken die verloren zijn gegaan. Maar misschien heeft ze haar blauwe Puppenklavier toch nog kunnen meenemen. In een ontroerend gedicht maakt ze die kleine piano tot symbool van wat verloren ging:

Ich habe zu Hause ein blaues Klavier
Und kenne doch keine Note.

Es steht im Dunkel der Kellertür,
Seitdem die Welt verrohte.

(...)

Een ander gedicht, Die Verscheuchte, heeft Klaus Mann opgenomen in zijn tijdschrift Die Sammlung, dat bij Querido in Amsterdam uitkwam. Een eerdere versie had Else Lasker-Schüler Das Lied der Emigrantin genoemd. In het gedicht staan de volgende twee regels:

Die Welt erkaltete, der Mensch verblich.
- Komm bete mit mir - denn Gott tröstet mich.

Na 1933 gaat Else Lasker-Schüler met een zekere regelmaat naar de synagoge en onderhoudt ze meer dan voorheen contacten met rabbijnen en anderen uit de Joodse gemeenschap. In Zürich bezoekt zij de synagoge van rabbijn Martin Littmann. De Joodse gemeente van Zürich betaalde voor de berooide dichter van Hebräische Balladen de huur van haar woning. Tweemaal is zij voor enige tijd naar het toenmalige mandaatgebied Palestina gereisd, in 1934 en in 1937. Van haar eerste reis heeft zij in haar boek Das Hebräerland verslag gedaan.

Op 27 maart 1939 reist Else Lasker-Schüler, ze is dan al 70, voor de derde keer naar Palestina waar ze op 4 april 1939 aankomt. Definitief, want Zwitserland zal haar geen inreisvergunning meer geven. Ze is ziek en moe. Er is een enkele foto van haar laatste levensjaren in Palestina en Miron Sima heeft een tekening van haar gemaakt. Een oude vrouw. Maar, zei Miron Sima, haar ogen kijken je doordringend aan en je hebt de indruk dat ze wil aftasten wat er in je omgaat. Else Lasker-Schüler is doodop, maar vindt toch de energie om nog zoveel mogelijk te doen. Ze schrijft brieven om achtergebleven vrienden en bekenden die gevaar lopen te helpen. Ze richt zich tot paus Pius XII met het verzoek zich om de Joden te bekommeren. Ze zet zich in voor betere relaties tussen Joden en Arabieren, doch unsere Brüder im Herzen. En ze dicht nog steeds. De in 1943 in Jeruzalem uitgekomen bundel, Mein blaues Klavier, Neue Gedichte, bevat naast de al in Zürich geschreven gedichten ook een aantal nieuwe gedichten. An Ihn, gedichten voor Ernst Simon die zij in Palestina heeft ontmoet. Op hem richt ze haar laatste liefdesgedichten, Komm zu mir in der Nacht - wir schlafen engverschlungen. Een dichterlijk verlangen, want van een liefdesrelatie is geen sprake geweest. Bovendien schrijft ze een eerste versie van een theaterstuk, IchundIch.

De gedichtenbundel Mein blaues Klavier werd goed ontvangen, door Werner Kraft bijvoorbeeld, door Schalom Ben-Chorin en de nog jonge Lea Goldberg. Maar ook in Palestina stuit Else Lasker-Schüler soms op weerstand. Op één van haar eerdere reizen wilde zij Hugo Bergmann opzoeken maar trof diens buurman Gershom Scholem. Aan hem vertelde ze over haar ontmoetingen en gesprekken met koning David en dat schoot Gershom Scholem in het verkeerde keelgat. Gershom Scholem schreef aan Walter Benjamin: Sie hat eine halbstündige Unterredung mit dem König David gehabt, über die sie nun von mir kabbalistischen Aufschluss verlangt. Und ich bin leider nicht einmal überzeugt, dass sie ihn wirklich gesehen hat. Op een andere plaats laat hij zich nog scherper over haar uit: Eine Ruine, in der der Wahnsinn weniger haust als gespenstert. Ook Martin Buber had zij over haar openbaringen verteld. Martin Buber ziet er evenmin iets in en probeerde haar het verschil tussen een openbaring en dichterlijke inspiratie uit te leggen. Daaraan had zij echter geen boodschap. Martin Buber heeft ook altijd getwijfeld over de betekenis van haar gedichten. Was het nou wat of was het niks? Toch ging Martin Buber op 20 juli 1941 naar de Berger Club in Jeruzalem waar Else Lasker-Schüler uit IchundIch las. Hij moest op de grond zitten want het was stampvol. Toch was niet iedereen gekomen. Gershom Scholem liet verstek gaan.

De lezers van deze tijd kunnen de gedichten van Else Lasker-Schüler op hun eigen merites beoordelen. Gedichten kunnen immers niet liegen. Else Lasker-Schüler staat de beoordeling niet meer in de weg. Haar gedichten worden nog steeds gelezen. En dat komt omdat zij haar gedichten heeft geleefd.

In Jeruzalem ging Else Lasker-Schüler graag naar de synagoge Emet weEmoena van rabbijn Kurt Wilhelm. Op 22 januari 1945 sterft ze. Kurt Wilhelm leidde de dienst en citeerde haar gedicht Ich weiss, dass ich bald sterben muss met als laatste regels: Ich setze leise meinen Fuss / Auf den Pfad zum ewigen Heime. A.J. Agnon zei Kaddiesj.

Naast de nieuwe biografie van Kerstin Decker heb ik gebruik gemaakt van een eerdere biografie uit 2004 van de hand van Sigrid Bauschinger, die veel feiten geeft. De biografie van Sigrid Bauschinger en ook Die Gedichte zijn te koop als Suhrkamp Tachenbuch. Verder verwijs ik naar de mooie uitgaven van het werk van Else Lasker-Schüler in de Jüdischer Verlag van Suhrkamp.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon