Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
zondag 23 oktober 2011
1 reactie
reageer op deze column
Delen |

Briefwisseling Roth en Zweig (1)

De tussen Joseph Roth en Stefan Zweig gewisselde brieven waren al grotendeels opgenomen in de door Hermann Kesten geredigeerde uitgave van de brieven van Roth uit 1970. Nu is de briefwisseling tussen deze schrijvers, die de jaren 1927 tot 1938 bestrijkt, door Wallstein Verlag opnieuw uitgegeven. Intussen zijn meer brieven teruggevonden en is meer bekend over Roth en Zweig. In uitvoerige toelichtingen is dat vastgelegd.

Deze boeiende briefwisseling is in de eerste plaats het portret van een vriendschap. Zwischen uns bestehen so viele Bindungen. De brieven maken echter ook duidelijk hoe verschillend Joodse schrijvers hebben gereageerd op het opkomend nationaalsocialisme. Over beide aspecten een column.

Eerst de vriendschap tussen Zweig (1881-1942) en Roth (1894-1939). Zweig was ouder dan Roth. Als je latere foto’s bekijkt, krijg je echter de indruk dat het andersom is. Ook op de foto, afgedrukt op de omslag van de briefwisseling, lijkt Roth ouder dan Zweig. Dat komt door de ongezonde levenswijze van Roth, vooral zijn overmatig drankgebruik. De foto op de omslag is geretoucheerd. Op de oorspronkelijke foto is te zien dat Zweig en Roth aan een tafel zitten waarop glazen staan. Roth heeft een wijnglas voor zich.

De foto op de omslag is genomen in Oostende, zomer 1936. Je hebt de neiging om de foto wat langer te bestuderen en daaruit af te leiden hoe Zweig en Roth met elkaar omgingen. Mark Schaevers, die een boekje heeft geschreven over Oostende, de zomer van 1936, houdt een slag om de arm maar merkt toch op: In de blik van Zweig (...) valt gemakkelijk een mengeling van bezorgdheid en bewondering ten overstaan van Roth te lezen. In de blik van Roth gelatenheid, gereserveerdheid, onbereikbaarheid. Niet onaardig want in de briefwisseling vind je bij Zweig die mengeling van bezorgdheid en bewondering terug. De laatste jaren van zijn leven staat Roth altijd zo op foto’s.

Veel brieven van Roth aan Zweig zijn bewaard gebleven, maar een belangrijk gedeelte van de brieven van Zweig aan Roth is niet teruggevonden. We missen daardoor de positieve reactie van Zweig op Juden auf Wanderschaft, het in 1927 verschenen boek van Roth, waarmee de briefwisseling had moeten beginnen. Roth leidde een onregelmatig leven, had geen eigen woning en verbleef in hotels. Daardoor is veel verloren gegaan. Die onevenwichtigheid in de briefwisseling is zo erg nog niet, daar kun je wel doorheen kijken. Maar er ontstaat in de loop van de tijd ook scheefgroei in de relatie.

Roth is altijd, zo schrijft hij, een arme kleine Jood gebleven. Ein glaübiger Ostjude, aus Radziwillow. Mededelingen van Roth, niet in Radziwillow maar in Brody geboren, moeten we soms met een korreltje zout nemen. Een arme kleine Jood, dat wel, want zijn persoonlijke en financiële omstandigheden waren moeilijk. Friederike Reichler, met wie Roth in 1922 was getrouwd, verbleef sinds 1929 in een psychiatrische inrichting. Roth, die zich tegenover haar schuldig voelde, heeft binnen zijn financiële mogelijkheden aan de opnamekosten bijgedragen. Vanaf 1933 was de Duitse markt voor hem gesloten en konden zijn boeken daar niet meer worden uitgegeven. Dat was eveneens een financiële klap en Roth’s overmatig alcoholgebruik kwam daar nog bij. Het is unmoralisch für dieses Gesöff mehr auszugeben, als eine normale Familie braucht, laat Zweig hem weten.

De geldzorgen groeiden Roth in de loop van de jaren boven het hoofd. Hij raakt steeds verder verstrikt in met verschillende uitgevers gemaakte afspraken van wie hij voorschotten had gekregen voor boeken die nog niet af waren of zelfs nog moesten worden geschreven. In de brieven aan Zweig staan soms gedetailleerde berekeningen van de noodzakelijke geldbedragen die hem ontbreken, vaak vergezeld van jammerklachten over uitgevers die hem geen tijd gunnen en hem bedriegen. Al doet Roth ook hier de waarheid nogal eens geweld aan.

Het maakt Roth tot een dorstige sjnorrer. Met zoveel woorden schrijft hij 22 januari 1936 aan Zweig: Mit lechzender Zunge laufe ich herum, ein Schnorrer mit heraushängender Zunge und mit wedelndem Schwanz. Wie soll ich nicht Verträge eingehn, auf neue Bücher? Nicht einmal diese Verträge bekomme ich. Wass soll ich tun, jetzt, heute, nächste Woche?

Roth schildert vaak uitgebreid hoe diep hij in de zorgen zit, psychisch, fysiek en financieel. Hij wringt zich in allerlei bochten en vraagt Zweig hem te helpen en te redden want hij is werkelijk geheel ten einde raad. Zo schrijft Roth op 25 maart 1936 vanuit Amsterdam: Sehen sie ein, dass ich ein Geschlagener bin und keine Strenge auch noch von Ihnen verdiene. Seien Sie jetzt wenigstens gut zu mir, ich brauche so sehr einen wirklichen Freund. Ich bin verloren. En op 30 april 1936, ook vanuit Amsterdam: Sehen denn nicht, Sie Mensch, Freund, Bruder – Bruder haben Sie mir einmal geschrieben – dass ich binnen kurzem krepiere.

Roth is dus steeds meer de klagende en de vragende geworden. Dat is geen benijdenswaardige situatie. Ook niet voor Zweig, die soms gereserveerd reageert, maar Roth niettemin regelmatig financieel heeft geholpen en bij uitgevers voor hem heeft bemiddeld. Als Zweig niet was bijgesprongen, was Roth waarschijnlijk nog eerder ten onder gegaan. Roth zag Zweig zeker als vriend, misschien nog meer als broer, aan wie hij zijn persoonlijke nood kon klagen. Maar ook telkens opnieuw zijn financiële nood. Zweig was immers een succesvol schrijver die het materieel voor de wind ging.

De bezorgde blik van Zweig op de omslagfoto is dus goed getroffen. Zweig was in de rol van bezorgde oudere vriend gedrongen. Hij wilde, het is begrijpelijk, dat Roth zich beter gedroeg, vooral minder ging drinken. Hij raad hem meermalen aan zich in een ontwenningskliniek te laten opnemen. Dat trekt een vriendschap al spoedig scheef. Roth moet zich in allerlei bochten wringen en is niet altijd helemaal eerlijk tegenover Zweig. Niettemin had ik bij het lezen van de brieven vaak de neiging mijn sympathie bij Roth te leggen. Zweig is van aard toch al gereserveerd en houdt vaak afstand. Je vindt dat ook terug in de toon van zijn brieven. Roth is, met al z’n mankementen, een man om van te houden.

Zweig moet dat, denk ik, ook zo ervaren hebben. Zweig vond Roth een belangrijk schrijver, een groter verteller dan hijzelf. Naast bezorgdheid dus inderdaad ook bewondering. Zweig zag bovendien de gevoeligheid en kwetsbaarheid van Roth, al vond hij hem soms überreizt. Daarom liet hij Roth niet los en bleef hij hem tot het eind toe Freund en Bruder noemen. In de laatste brief van Zweig van 17 december 1938 - hij had enige tijd niets meer van Roth gehoord - schrijft hij over unsere alte Freundschaft. Het is een brief die, anders dan sommige eerdere brieven, zacht van toon is.

Opvallend lijkt dat Zweig Roth in Die Welt von gestern in het geheel niet noemt. Dat kan echter ook positief worden geduid. Zweig liet immers in die herinneringen het al te persoonlijke weg en dus ook zijn diepe verbondenheid met Roth van wie hij heeft gehouden. Achterin de nu opnieuw uitgegeven briefwisseling zijn gedeelten van brieven van Zweig aan anderen afgedrukt. Na de dood van Roth schrijft Zweig: Ich habe ihm wie ein Bruder geliebt. En in een andere brief noemt hij Roth een groot schrijver, diesen jüdischsten aller Menscher.

Heinz Lunzer merkt in een nawoord op: Die Gemeinsamkeit des Jude-Seins als elementarer, tragender Aspekt der Freundschaft und des Briefwechsels, die das Entstehen von Vertrauen erst möglich machte. Raak samengevat, al laat het onverlet dat Roth en Zweig in eerste instantie verschillend reageerden op de politieke gebeurtenissen van hun tijd. Daarover volgende keer.

Reacties

Peter Manasse

woensdag 26 oktober 2011
Beste Leo Frijda, Vaak neem ik me voor op je uitstekende stukjes over literatuur en schrijvers te reageren. Het komt er niet van, maar wees gerust,ik lees ze wel. Ik bewonder je eruditie en doorzettingsvermogen en hoop dat je ons nog veel zal verrassen.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon