Crescas handje
Bel Crescas: 020 - 640 23 80
Crescas schoolbord
Columns
Weblogs disclaimer

Leo Frijda

Leo Frijda was rechter en bestuurslid van verschillende Joodse organisaties. Na zijn pensionering is hij over literatuur gaan schrijven, eerst in Kol Mokum, het kwartaalblad van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam, waarvan hij redacteur was, en daarna ook voor de website van Crescas. Hij werkte mee aan Ik heb u den Havelaar niet verkocht, Multatuli contra Van Lennep, in 2010 verschenen bij uitgeverij Bas Lubberhuizen. Najaar 2011 publiceerde Amphora Books een aantal van zijn columns, uitgebreid met een laatste, meer persoonlijk gekleurd hoofdstuk, onder de titel Het Jodendom laat je niet los.
vrijdag 5 november 2010
reageer op deze column
Delen |

Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)

Liebe zu den Juden, Ahabath Israel, davon ist bei Ihnen, liebe Hannah, nichts zu merken, schrijft Gershom Scholem aan Hannah Arendt op 23 juni 1963, zes weken nadat hij haar boek Eichmann in Jerusalem heeft gelezen. Scherpe en persoonlijke kritiek, ook al twijfelt Gershom Scholem er niet aan dat Hannah Arendt tot het Joodse volk behoort. Dat hij het nodig vindt die opmerking te maken, verbaast Hannah Arendt op haar beurt want natuurlijk is zij een Jodin, Judesein gehört für mich zu den unbezweifelbaren Gegebenheiten meines Lebens, schrijft zij in haar antwoordbrief van 20 juli 1963. Die brief sluit zij af met de woorden in alter Freundschaft. Maar de kloof is te groot geworden. Er zullen daarna nog maar weinig brieven tussen Hannah Arendt en Gershom Scholem worden gewisseld.

Gershom Scholem gaat ver in zijn veroordeling van het boek van Hannah Arendt. Ihr Buch, schrijft hij haar, bewegt sich um zwei Zentren, die Juden und ihre Haltung in der Katastrophe, und Eichmann und dessen Verantwortung. Gershom Scholem ziet niets in de analyse van Hannah Arendt die heeft geleid tot de ondertitel: Ein Bericht von der Banalität des Bösen. Dat gedeelte van de kritiek van Gershom Scholem is in de briefwisseling echter nauwelijks uitgewerkt en ik heb in deze columns al eerder gesignaleerd dat er een naar mijn mening onbegrijpelijk, maar niettemin hardnekkig misverstand bestaat over wat Hannah Arendt met de banaliteit van het kwaad heeft bedoeld. Kort samengevat constateert Hannah Arendt in haar rapportage van het proces dat Eichmann niet in staat was te denken. Daarin zag Hannah Arendt de banaliteit van het kwaad. De vreselijke uitkomst van de banaliteit van het kwaad, zo beëindigt Hannah Arendt haar boek over Eichmann, is het schipbreuk leiden van het eigen denken. Dit inzicht doet niets af aan de gruweldaden die tijdens de sjoa zijn gepleegd en aan de verantwoordelijkheid van degenen die daaraan hebben meegedaan.

En daarmee kom ik op het andere centrale thema dat Gershom Scholem in het boek van Hannah Arendt aantreft, de houding van de Joden in de catastrofe. Gershom Scholen komt op dit thema naar aanleiding van wat Hannah Arendt heeft geschreven over het functioneren van de Joodse Raden. Ik gaf al aan dat haar boek een rapportage is. Hannah Arendt was als verslaggever voor The New Yorker naar Israël gegaan en de hoofdstukken van haar boek moeten dan ook gelezen worden als rechtbankverslagen. Dit betekent dat bepaalde onderwerpen, die in het proces ter sprake kwamen, niet altijd voldoende zijn uitgediept. Een voorbeeld daarvan zijn haar negatieve opmerkingen over het optreden van de Joodse Raden. Ik kan me wel voorstellen dat Gershom Scholem zijn bedenkingen heeft omdat het ging om extreme omstandigheden, in dem wir beide nicht gewesen sind. Wer von uns kann heute sagen, welche Entschuesse jene Aeltesten der Juden oder wie man sie nennen will, unter den damaligen Umstaenden haetten fassen muessen, vraagt hij zich af. Natuurlijk, es hat die Judenraete gegeben, einige unter ihnen waren Lumpen, andere waren Heilige. Gershom Scholem blijft dan ook van mening dat bij Hannah Arendt geen sprake is van ein Abgewogenes Urteil. En in een vervolgbrief verwijt hij haar eine Herzlosigkeit und eine Sicherheit im Urteil, die mir an den entscheidenden Stellen Total unbegruendet scheint. Te zeker in haar oordeel, daar zit in dit geval wel iets in. Maar Herzlosigkeit?

In haar antwoordbrief van 20 juli 1963 neemt ze een passage op over een gesprek met Golda Meir. Ik citeer die passage hier in haar geheel:

Wir sprachen über die meines Erachtens verhängnisvolle Nicht-Trennung von Religion und Staat in Israel, die sie verteidigte. Dabei sagte sie sinngemäss, ich besinne mich auf den genauen Wortlaut nicht mehr: “Sie werden ja verstehen, dass ich als Sozialistin nicht an Gott glaube, ich glaube an das jüdische Volk.” Ich bin der Meinung, dass dies ein furchtbarer Satz ist, und ich habe ihr nicht geantwortet, weil ich zu erschrokken war, aber ich hätte antworten können: Das Grossartige dieses Volkes ist es einmal gewesen, an Gott zu glauben, und zwar in einer Weise, in der Gottvertrauen und Liebe zu Gott die Gottesfurcht bei weitem überwog. Und jetzt glaubt dieses Volk nur noch an sich? Was soll daraus werden?

Het is een passage om over na te denken en dat ligt mooi in de lijn van Hannah Arendt die het zelfstandig blijven denken altijd heeft gepropageerd. Maar toch nog één zin. Hannah Arendt vervolgt haar brief aan Gershom Scholem met: Ich kann Ihnen in diesen ganzen Frage nur eine Sache zugeben, nämlich, dass Unrecht, begangen von meinem eigenen Volk, mich selbstverständlich mehr erregt als Unrecht, das andere Völker begehen. Ja, Herzlosigkeit, dat gaat te ver.

Tussen beide gebeurtenissen, van 1945 en van 1963, die uiteindelijk de briefwisseling hebben laten opdrogen, ligt een periode dat Gershom Scholem en Hannah Arendt een meer zakelijke correspondentie voerden. Interessant is te ontdekken dat beiden kort na de Tweede Wereldoorlog enkele jaren met enorm veel inzet hebben gewerkt voor de Jewish Cutural Reconstruction (JCR), een organisatie die de door de nationaalsocialisten geroofde Joodse kunst maar ook bibliotheken en archieven, handschriften en Torarollen, zoveel mogelijk heeft gered en vervolgens heeft overgedragen aan Joodse instellingen vooral in Israël en de Verenigde Staten. Marie Luise Knott, de bezorger van de briefwisseling, schrijft in haar samenvatting dat Gershom Scholem en Hannah Arendt, fieberthart arbeiteten um Menschen in den bundesdeutschen Bibliotheken, Ämtern und Museen für jüdischer Rechte und den treuhänderischen Anspruch zu sensibilieren und zum Mitdenken oder zu Mithilfe zu animieren.

In die tijd reizen Gershom Scholem en Hannah Arendt voor dat doel allebei regelmatig naar Europa en vaak ook naar Duitsland. Spuren werden verfolgt, Personen, die vielleicht den kleinsten Hinweis auf den Verbleib von Büchern und Zeremonialobjekten geben können, werden angeschrieben und angesprochen. Wieder und wieder.

Marie Luise Knott: Ausgerechnet die Zionistenkritikerin Hannah Arendt also, die von den jüdischen Organisationen später so heftig attackiert (...) wurde, ausgerechnet diese Hannah Arendt - das weiss man nach der Lektüre der Briefe - hat mehr für die Zukunft der jüdischen Kultur getan als viele ihrer Kritiker. Dit terechte compliment geldt, mutatis mutandis, natuurlijk ook Gershom Scholem.

Uw reactie:

Naam
Email
Reactie
vul de beveiligings-code in
mei 2012De odyssee van Edgar Hilsenrath
mei 2012Nacht in Mogilev-Podolski
apr 2012Sereth
apr 2012Eichmann in Wenen
apr 2012Anna Seghers ontmoet Franz Kafka
mrt 2012Anna Seghers
mrt 2012Netty Reiling
mrt 2012Fallada past zich aan
feb 2012Nico Rost en Hans Fallada
feb 2012Karel van het Reve
feb 2012Kafka, Brenner en Feuchtwanger
jan 2012Holocaust Memorial Day
jan 2012De heerlijkheid van het leven
jan 2012Wassermann, Roth en Nederland
dec 2011De Hoge Raad buigt mee
dec 2011Isaak Babel
dec 2011Gerron
nov 2011Aharon Barak
nov 2011Abraham Mapu
nov 2011Naar Kaunas
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (2)
okt 2011Briefwisseling Roth en Zweig (1)
okt 2011Rabbi Nachman en Kafka (2)
sep 2011Rabbi Nachman en Kafka (1)
sep 2011Czernowitz 1907
jul 2011Kafka in Berlijn
jul 2011Met Joseph Roth naar Berlijn
jul 2011Joseph Roth in Amsterdam
jun 2011Ik teken het gezicht van de tijd
jun 2011Het Joodse geheugen
jun 2011De memoires van Claude Lanzmann
apr 2011Heinrich Heine in Jeruzalem
apr 2011Jiri Weil houdt van katten
apr 2011Jiri Weil, getuige
apr 2011Laurent Binet, HhhH
mrt 2011Dan Porat, The Boy
mrt 2011De geheugenhut
mrt 2011The Search Committee
mrt 2011De Finklerkwestie
feb 2011Stefan Zweig, Joods schrijver
feb 2011Stefan Zweig, verdreven Europeaan
feb 2011Kisch, der rasende Reporter
jan 2011Verkeerde grootouders
jan 2011Ilse Aichinger en Kafka
jan 2011Perec, een leeservaring
jan 2011Van Kafka naar Perec
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (2)
dec 2010Kafka, Weltsch en het zionisme (1)
dec 2010Franz Kafka en Mania Tschissik
nov 2010Franz Kafka en Jizchak Löwy
nov 2010Erich Fried
nov 2010Harry Mulisch is zelf een mens
nov 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (2)
okt 2010Hannah Arendt en Gershom Scholem (1)
okt 2010Alexander Granach: ‘Da geht ein Mensch’
okt 2010Karl Emil Franzos: ‘Der Pojaz’
okt 2010Karl Emil Franzos: Zweigeist
sep 2010Hans Keilson
sep 2010Een intelligent hart
sep 2010Ernst Toller
sep 2010Jakob Wassermann: gebroken moralist
aug 2010Jakob Wassermann: Duitser en Jood
aug 2010Byron en de Joden
jul 2010Rathenau, ein begeisterter Deutscher, ein aufrechter Jude
jul 2010Walther Rathenau: Höre, Israel!
jun 2010Multatuli en de Joden
jun 2010Multatuli en W.A. Paap
jun 2010Herman de Man: Jood onder de boeren
mei 2010Herman de Man: ik ben een Jood
mei 2010Carry van Bruggen: een moedige Jodin
mei 2010Carry van Bruggen: De verlatene
apr 2010Carry van Bruggen: Seideravond
apr 2010Izak de Haan
apr 2010Carry van Bruggen
apr 2010Franz Baermann Steiner: Gebet im Garten
mrt 2010Franz Baermann Steiner: Praag, Jeruzalem, Oxford
mrt 2010Assaf Gavron
mrt 2010Celan en Bachmann (2)
mrt 2010Celan en Bachmann (1)
feb 2010Georg Hermann, een beschaafde Duitse Jood
feb 2010Heinz Liepmann bestraft
feb 2010Tussen orthodoxie en assimilatie
jan 2010Soma Morgenstern in de vergeethoek
jan 2010Hooligan in Roemenië
jan 2010Nogmaals Feuchtwanger
jan 2010Het succes van Feuchtwanger
dec 2009Paul Hellmann, medeaanklager
dec 2009Lezen over Auschwitz
nov 2009Ernst Weiss
nov 2009Bruno Schulz
nov 2009De zwarte zwaan van Israël
okt 2009Kafka en Else Lasker-Schüler
okt 2009Rahel Varnhagen
okt 2009Jacob Israël de Haan
okt 2009Noem het slaap
okt 2009Ongemakkelijk
sep 2009Bernard Malamud
sep 2009Leo Perutz
sep 2009De kant van Jeanne Weil
sep 2009De familie Pringsheim
aug 2009Simone Veil
aug 2009Grete Weil
jun 2009Heinrich Heine
jun 2009Ferrara
mei 2009Imre Kertész
mei 2009Aharon Appelfeld
mei 2009Joseph Roth (2)
apr 2009Joseph Roth (1)
apr 2009Zoektochten
mrt 2009Tegen het vergeten
mrt 2009Jeruzalem stond om ons heen
mrt 2009Berditsjev
mrt 2009Engführung
feb 2009Het lezen van Celan
feb 2009Moederland woord
feb 2009Abraham Sonne
feb 2009Canetti en het jodendom
jan 2009Dora Diamant
jan 2009Kafka en het zionisme
jan 2009Canon