Gannef
vrijdag 23 januari 2009  

In 1857 schreef T.H. Buser een artikel over het dialect van Overijssel – het ‘Overijselsch taaleigen’ – in het tijdschrift Taalmagazijn. Een van de woorden waar hij aandacht aan besteedde was pardoes, dat volgens hem uit Overijssel kwam. Buser haalde hierbij een gedichtje aan van W.J. van Zeggelen:

Daar, kleine gannef, neem je geld.
Pardoes, jij durft wat wagen!
Je bange baas was heel ontsteld,
Zijn knecht stond ook verslagen.

Buser citeerde dit gedichtje natuurlijk vanwege het woord pardoes, maar bij gannef plaatste hij een voetnoot: ‘Gannef, waarschijnlijk een Groningsch woord, doch ook te Zwolle gehoord wordende voor schavuit, schurk, bedrieger, schelm.’

Is pardoes een echt Overijssels woord? Nee, het is een klanknabootsing (volgens Van Dale van een doffe plotselinge slag of smak) die ook toen al in allerlei dialecten te vinden was.

Is gannef een echt Gronings woord? Nee, het is een Bargoens woord dat via het Jiddisch teruggaat op het Hebreeuws gannaw, dat ‘dief’ betekent. Zonder twijfel werd het ook in Groningen gebruikt, want daar woonden halverwege de 19de eeuw relatief veel Joden en ook zij gebruikten gannef in de betekenis ‘dief’.

Zoals bekend was Bargoens de taal van de dieven. Ook in de dieventaal bestond een woord voor ‘dief’ – voor de eigen beroepsgroep dus. Als die beroepsgroep aan het werk ging, dan gingen zij ganneven – uit stelen. Een ‘dievegge’ werd in het Bargoens ook wel een gannefte genoemd. We komen in de literatuur beganneven tegen voor ‘bestelen’, afganneven voor ‘afpikken’, plus samenstellingen als aartsgannef, duivengannef en paardengannef.

Er zijn allerlei aanwijzingen dat gannef, dat in 1563 voor het eerst is opgetekend, al snel in het Nederlands ingeburgerd raakte. Zo stond het al in 1866 in de eerste editie van de Woordenlijst voor de spelling der Nederlandsche Taal van De Vries en Te Winkel. Tevergeefs zal men in deze voorloper van het Groene Boekje zoeken naar woorden als goochem en gabber, maar gannef en ganneven stonden erin – kennelijk waren dit toen algemeen bekende woorden.

Toch duurde het lang voordat gannef door onze literatoren werd gebruikt. We vinden het pas vanaf het eerste decennium van de twintigste eeuw, te beginnen bij schrijvers als Is. Querido (‘jij bint è gannef, jij bint è kakhuis, è sekreet’), Justus van Maurik (‘lange Jaap met z’n bokkensik, een echte gannef’) en Henri Dekking (‘dat zaadje van dien neus weg gannefen’) – allemaal schrijvers die zich hadden toegelegd op natuurgetrouwe beschrijvingen van het gewone volk, van arme mensen, met name in Amsterdam. En ja, zonder twijfel waren er vooral in die bevolkingsgroep indertijd veel ganneven te vinden.



<< Waarom zijn er zoveel Joodse woorden in het Bargoens?Heibel >>

Reageren op dit blog?
Uw naam:
Email:
Reactie:
vul de beveiligings-code in
Ewoud Sanders is historicus en journalist. Hij is columnist bij NRC Handelsblad en vaste medewerker van onder meer Onze Taal, KB.nl en het Nieuw Israelietisch Weekblad. Ewoud Sanders heeft verschillende taalboeken op zijn naam staan en is bezig met een onderzoek naar het beeld van de Joden in kinderboeken én in de Nederlandse taal.


Volg dit blog automatisch!

Wilt u automatisch op de hoogte worden gehouden wanneer er een nieuw bericht op deze weblog verschijnt? Abonneer u dan op de RSS-feed.

Abonneer via RSS
Add to Google Abonneer via Google

Klik hier voor meer informatie over RSS


juni 2010:
Lokjood

mei 2010:
Wat zijn Joden?

april 2010:
Het Nieuwe Jeruzalem
In de zevende hemel

maart 2010:
Togus
Een fijne gozer

februari 2010:
Niesje

januari 2010:
Een heitje voor een karweitje
Je smoesjes zijn goed

december 2009:
Bajes

november 2009:
Zijn voeten noemden we strijkijzers
De woestijnpas of jodenloop

oktober 2009:
Drie Joodse woorden
Een jofele boel
Mazzelpik

september 2009:
Ramp El Al zorgde voor taalverandering
Sta op en ga zitten

augustus 2009:
Misjpoge

juni 2009:
Krijg de rambam
Joodse verwensingen (2)

mei 2009:
Joodse verwensingen (1)
Koefnoen
Alles kits?

april 2009:
Keil in de keilekit
Negerzweet

maart 2009:
Jodenkoffie
Jodenster
Jatmoos
Jodenlijm

februari 2009:
Een frotte parg
Ook het kiekje heeft een Joodse achtergrond
Dieuwertje schonk hem twintig Catsjes
Een jajempie jajemen

januari 2009:
Heibel
Gannef
Waarom zijn er zoveel Joodse woorden in het Bargoens?
Gabber


Amphora