Niesje
vrijdag 19 februari 2010  

Ik heb een vriendin die het woord nog weleens gebruikt. Zij komt uit Den Haag en als zij het over een 'meisje' of 'vrouwtje' heeft, dan zegt zij soms niesje.

Net als veel andere 'Joodse' woorden in het Nederlands, is niesje voor het eerst opgetekend in een Bargoense woordenlijst. Dat gebeurde omstreeks 1860, door M. Verwoert, indertijd directeur van een gevangenis te Utrecht. Hij noteerde het in de vorm niesse en gaf als betekenis 'dame'. In dezelfde tekst is sprake van een gesjankte niese voor een 'getrouwde vrouw'. Vervolgens vinden we dit woord in 1906 in De Boeventaal van Köster Henke, die het woord ruim dertig keer gebruikt in voorbeeldzinnen. Als definitie geeft hij 'dame, meid' en de opmerkelijkste voorbeeldzin luidt: 'Dat niese is bezoles van het fietsen'. Bezoles betekent 'ziek, bedorven, kapot' en fietsen wordt hier gebruikt in de betekenis 'uitoefenen van de bijslaap'. Kortom: dat meisje heeft een geslachtsziekte opgelopen. Köster Henke voegt zelfs nog een rijmpje toe, namelijk:

En als het fietsen is gedaan,
Dan moet het meisje in de kraam.

Als min of meer vaste verbindingen vermeldt Köster Henke: tof niese voor 'mooie meid' en olmse niese voor 'oude vrouw'. Als verkleinvorm noemt hij niesetjes (voor 'dametjes'). Tegenwoordig is niesje de meest gangbare verkleinvorm. We komen het woord ook tegen als iesie, iesje, niesche, nieze, enzovoort.

Waar komt het vandaan? Via het Jiddisje iesje is het ontleend aan het Hebreeuwse iesja, dat 'vrouw' betekent. De 'n' is erbij gekomen als restant van een bezittelijk voornaamwoord (m'n iese, z'n iese). Niese is in allerlei samenstellingen aangetroffen, waaronder dolmniese (in 1937, voor 'hospita, slaapvrouw'), stinkniese (in 1906 voor 'vuile meid, hoer') en peesniese (in 1937 voor 'publieke vrouw').

Niese komt onder meer voor in een bekende smartlap uit 1966, 'Verbroken geluk', geschreven door Louis Noiret en vertolkt door Manke Nelis:

Maar nou zit ie lekker een tijd achter ’t slot
en treurt om z’n jofele niesse
die nooit van d’r leven een kerel meer mot
ze houdt ze fijn in de smieze.



<< Een heitje voor een karweitjeEen fijne gozer >>

Reacties:
Roland van Geenszondag 21 februari 10, 15:37

Hagenaars en Jiddisj, dat is nog eens wat anders dan Amsterdammers en Jiddisj! Wat heel veel mensen niet weten, is dat er voor de oorlog ook in Den Haag een grote Joodse wijk was, of eigenlijk twee. De rijkere Joden woonden in en om het Lange Voorhout, waar ook een sjoel was in een particulier woonhuis. De armere en de echt arme woonden zeg rond De Bijenkorf. Achter De Bijenkorf was ook heel lang na de oorlog nog een winkeltje van Mouwes, waar je dus op zondag wel en op zaterdag niet terecht kon. Eind jaren 50 woonde ik in die buurt, nl. in de Paulus Potterstraat, waar op de hoeken aan beide uiteinden van de straat de grenspaaltjes hebben gestaan, die aangaven tot waar je mocht dragen. Het gekke was, dat ze dus aan mijn kant van de straat stonden, zodat je door de straat over te steken het draagverbod overtrad! Ik werkte in die tijd op een rijkskantoor en oudere collega's spraken soms met weemoed over de periode van voor de oorlog, toen Den Haag nog een heel gezellige stad was, doordat er zoveel Joden woonden. Die brachten de gein en de gezelligheid. Precies hetzelfde verhaal dus als we nog wel eens over Amsterdam horen. Ik ben dus een geboren en getogen Hagenaar en kan Haags spreken net al Koot en Bie, maar ook Laen van Meerderveurts, oftewel Hoog Haags gaat mij goed af. Het gekke is dat ik heel wat Jiddisje uitdrukkingen uit het Haags ken, maar wat nog gekker is, is dat Amsterdammers aan dezelfde uitdrukkingen vaak een andere betekenis geven. Dat geldt overigens ook voor Nederlandse woorden. Zo schijnt lol maken een typisch Haagse uitdrukking te zijn voor met een meisje naar bed gaan in de zin van wat tegenwoordig een one-night-stand moet heten. Een Hagenaar zal het woord lol dan ook niet gauw gebruiken. Het verkleinwoord niesje kende ik niet wel niese. En dat was nou juist niet zo negatief! Een jofele niese is gewoon een leuke meid. En dan is er nog: de niese moet bulten, de vrouw moet bevallen. Bult = bed, dus dat lijkt me ook vrij neutraal. Evenzo: me (of de) niese is afgelajen, mijn vrouw is doodmoe. Wat in het Haags (en als ik het goed heb ook in het Rotterdams) wel negatief was is het gebruik van kalle of kalletje, dat kende ik alleen voor hoer, c.q. hoertje. Maar dat schijnt in het Amsterdams die betekenis niet te hebben. Tot slot een vraag: is de verklaring voor de n van niese onbetwistbaar? Ik kan mij ook een andere voorstellen. Het adjectief vrouwelijk is nl. niesja in het Hebreeuws. En hoewel moderne taalvorsers menen, dat de Asjkenazische uitspraak van het Hebreeuws waarschijnlijk dichter bij de uitspraak van het jaar nul ligt dan degene waar de Taalcommissie voor heeft gekozen, zou de verschuiving naar voren van het accent wel eens onder invloed van de Europese talen hebben kunnen plaatsvinden. Dat zou niese - althans de n - in een ander licht plaatsen. Ben benieuwd naar uw antwoord!

Met vriendelijke groeten,

Roland van Geens

Roland van Geensmaandag 22 februari 10, 14:16

Ik sudderde nog even door over de n van niese. En toen schoot mij door het hoofd, dat m'n of z'n niese niet logisch is. Ik gaf de uitdrukking "me niese is afgelajen" al in mijn eerste reactie aan u door en daar blijkt al uit, dat die n daar niet vandaan kan komen. Wie plat spreekt spreekt die n namelijk niet uit, die zegt niet m'n maar me! Voor zover ik weet was dat ook met z'n het geval, dat werd se niese. Gaarne uw reactie!

Met vriendelijke groeten,

Roland van Geens

Reageren op dit blog?
Uw naam:
Email:
Reactie:
vul de beveiligings-code in
Ewoud Sanders is historicus en journalist. Hij is columnist bij NRC Handelsblad en vaste medewerker van onder meer Onze Taal, KB.nl en het Nieuw Israelietisch Weekblad. Ewoud Sanders heeft verschillende taalboeken op zijn naam staan en is bezig met een onderzoek naar het beeld van de Joden in kinderboeken én in de Nederlandse taal.


Volg dit blog automatisch!

Wilt u automatisch op de hoogte worden gehouden wanneer er een nieuw bericht op deze weblog verschijnt? Abonneer u dan op de RSS-feed.

Abonneer via RSS
Add to Google Abonneer via Google

Klik hier voor meer informatie over RSS


juni 2010:
Lokjood

mei 2010:
Wat zijn Joden?

april 2010:
Het Nieuwe Jeruzalem
In de zevende hemel

maart 2010:
Togus
Een fijne gozer

februari 2010:
Niesje

januari 2010:
Een heitje voor een karweitje
Je smoesjes zijn goed

december 2009:
Bajes

november 2009:
Zijn voeten noemden we strijkijzers
De woestijnpas of jodenloop

oktober 2009:
Drie Joodse woorden
Een jofele boel
Mazzelpik

september 2009:
Ramp El Al zorgde voor taalverandering
Sta op en ga zitten

augustus 2009:
Misjpoge

juni 2009:
Krijg de rambam
Joodse verwensingen (2)

mei 2009:
Joodse verwensingen (1)
Koefnoen
Alles kits?

april 2009:
Keil in de keilekit
Negerzweet

maart 2009:
Jodenkoffie
Jodenster
Jatmoos
Jodenlijm

februari 2009:
Een frotte parg
Ook het kiekje heeft een Joodse achtergrond
Dieuwertje schonk hem twintig Catsjes
Een jajempie jajemen

januari 2009:
Heibel
Gannef
Waarom zijn er zoveel Joodse woorden in het Bargoens?
Gabber


Amphora