|
WEBCOLUMN EWOUD SANDERS
Een frotte parg vrijdag 27 februari 2009 Tot nu toe was deze rubriek eenrichtingsverkeer, maar deze week niet. Dit is Crescas – het centrum voor Joods leren. Wellicht heeft u de afgelopen weken iets van mijn stukjes geleerd, maar ik wil ook graag van u leren. Daarom vandaag een vraag: heeft u ervaring met het woord parg? Parg, zegt de Grote Van Dale (2005), kan drie dingen betekenen: 1. hoofd met uitslag, zeer hoofd, kletskop; 2. scheldnaam voor Jood; 3. scheldnaam voor een onaangenaam persoon. In alle betekenissen is het woord, dat in het Bargoens is opgetekend, ook aangetroffen in de vorm parag. Over de herkomst zegt Van Dale: de oorspronkelijke betekenis was ‘schurfthoofd’ en het komt van het Jiddisje parch. Mijn vraag aan u, en vooral aan de oudere lezers: bent u bekend met dit scheldwoord? Bent u zelf wellicht weleens uitgemaakt voor par(a)g en zo ja, waar en wanneer was dat dan? En wie gebruikte het woord: Joden of niet-Joden? Over de geschiedenis en het gebruik van parg lezen we meer in het uitstekende boek Koosjer Nederlands (2006) van Justus van de Kamp en Jacob van der Wijk. Het meervoud van parg is pareigem, schrijven zij, en de vrouwelijke vorm is pargte. Volgens Van de Kamp en Van der Wijk werd parg niet alleen gebruikt als scheldwoord voor ‘Jood’ (,,Wat een frotte parg’’), maar ook voor gojim, en dan in het bijzonder voor ‘gezagsdragers’. Ha, nu komen we op bekender terrein: er bestaan hele lijsten met scheldwoorden voor ‘gezagsdragers’ (lees: politieagenten) en je kunt je voorstellen dat Joden uit voorzichtigheid kozen voor een woord dat niet algemeen bekend was. In het Jiddisj betekent parch ‘zweer, korstje, roofje, schurft’, kortom: iets erg onaangenaams, en contacten met politieagenten waren niet altijd even aangenaam. Mogelijk gaat het Jiddisje parch terug op het Hebreeuwse parach dat ‘bloeien, zich uitbreiden’ betekent, ook van huiduitslag. Wanneer is parg voor het eerst in het Nederlands aangetroffen? Aan het begin van de 20ste eeuw. We komen het tegen bij Joodse schrijvers als Herman Heijermans (,,Zo trok het pareigem ’m vort’’, 1904), Sam. Goudsmit (,,wat ’n kale parrech’’, 1907) en Meyer Sluyser (,,een pargkop hadden ze’’, 1959). In geen van deze citaten wordt duidelijk dat parg werd gebruikt als scheldwoord voor ‘Jood’. Zijn daar dan wel bewijzen voor? Ja, we kennen deze aantekening, uit 1928, van de Nijmeegse jezuïet J. van Ginneken: ,,Parg, Parrech, Pargkop (Jd.), van Hebr. parach: uitslag hebben; dus iemand, die om zijn huid-uitslag of hoofd-uitslag gemeden wordt. Vandaar in het algemeen: een akelig, onaangenaam mensch. Ook wel gebruikt van iemand, die zich welgesteld voordoet, doch arm is; door de Amsterdammers gerepliceerd als scheldnaam voor: Jood!’’ Dit maakt veel duidelijk: het gaat dus om iemand die je wilde mijden zoals je een schurftige mijdt. Kennelijk werd parg als scheldnaam voor ‘Jood’ vooral in Amsterdam gebruikt en dan moet het toch vooral door niet-Joden zijn gebruikt. Niet-Joden die een van oorsprong ‘Joods’ woord gebruiken om een Jood mee uit te schelden! Of zijn er lezers die zich dit anders herinneren? Zoals gezegd: laten we van elkaar leren. Reacties kunt u hieronder toevoegen. P.S. Een bepaalde vorm van huiduitslag wordt berg genoemd (‘eczemateuze huidaandoening met vettige, gele schilfers op het hoofd, die vooral bij zuigelingen voorkomt’). Zonder twijfel zijn parg en berg verwant.
Reacties:
Edith Gotliebzondag 1 maart 09, 03:02
Beste mijnheer Sanders,
Edith Gotliebzondag 1 maart 09, 12:48
Nog even mijn vader gevraagd over parg. Niet als eczeem bekend, maar als scheldwoord "mogelijk / vaag". Mijn vader komt uit Amsterdam, zijn moeder was Amsterdamse, zijn vader kwam uit Grave (en Nijmegen). Hij is 79. Mijn moeder heb ik er nog niet over gevraagd. (Zij komt uit Hongarije. Zij is 69.) Nog in een online Russisch woordenboek gekeken. Daar kwam ik voor "scurf" tegen "pjerchod". Eigenlijk zou er een specialist in Slavische talen moeten worden geraadpleegd. Reageren op dit blog?
|
Ewoud Sanders is historicus en journalist. Hij is columnist bij NRC Handelsblad en vaste medewerker van onder meer Onze Taal, KB.nl en het Nieuw Israelietisch Weekblad. Ewoud Sanders heeft verschillende taalboeken op zijn naam staan en is bezig met een onderzoek naar het beeld van de Joden in kinderboeken én in de Nederlandse taal.
Volg dit blog automatisch!
Wilt u automatisch op de hoogte worden gehouden wanneer er een nieuw bericht op deze weblog verschijnt? Abonneer u dan op de RSS-feed. Abonneer via RSS Abonneer via Google
Klik hier voor meer informatie over RSS juni 2010:
Lokjood mei 2010: Wat zijn Joden? april 2010: Het Nieuwe Jeruzalem In de zevende hemel maart 2010: Togus Een fijne gozer februari 2010: Niesje januari 2010: Een heitje voor een karweitje Je smoesjes zijn goed december 2009: Bajes november 2009: Zijn voeten noemden we strijkijzers De woestijnpas of jodenloop oktober 2009: Drie Joodse woorden Een jofele boel Mazzelpik september 2009: Ramp El Al zorgde voor taalverandering Sta op en ga zitten augustus 2009: Misjpoge juni 2009: Krijg de rambam Joodse verwensingen (2) mei 2009: Joodse verwensingen (1) Koefnoen Alles kits? april 2009: Keil in de keilekit Negerzweet maart 2009: Jodenkoffie Jodenster Jatmoos Jodenlijm februari 2009: Een frotte parg Ook het kiekje heeft een Joodse achtergrond Dieuwertje schonk hem twintig Catsjes Een jajempie jajemen januari 2009: Heibel Gannef Waarom zijn er zoveel Joodse woorden in het Bargoens? Gabber |
||||||