Parasjat Wajikra
zondag 14 maart 2010  

Deze week beginnen we het derde boek van de Tora – Wajikra – dat grotendeels over de wetten gaat van de offers die in het Heiligdom werden gebracht, de heiligheid van de priesters die er dienst doen, en de reinheidswetten: wie mag wel in de omgeving van het Heiligdom komen en wie niet. De parasja opent met: ‘En de Eeuwige riep Mosjé en sprak tot hem vanuit de Tent der Samenkomst [ohel mo’ed] als volgt …’ (1:1).

Waarom riep God Mosjé? Volgens Rasjie is het een uiting van liefde. God roept de vrome individuen waarmee Hij een intieme relatie heeft, met naam aan. Want elke keer dat God een gebod of iets anders aan Mosjé wilde vertellen, ging dat vooraf door het roepen van de naam ‘Mosjé’, en pas daarna begon God te spreken. Volgens een andere verklaring was het nodig dat God Mosjé vlak na de oprichting van het Heiligdom zou roepen. Immers, aan het einde van de parasja van vorige week lazen wij dat na de bouw de wolk en de glorie van God het Heiligdom vulde, en dat Mosjé daardoor niet de Tent binnen kon gaan (Sjemot 40:35). Met het roepen naar Mosjé geeft God hem toestemming om de heilige plaats binnen te treden, want zonder deze toestemming zou Mosjé uit respect niet naar binnen zijn gegaan. Voor intieme omgang met het Goddelijke moet je blijkbaar uitgenodigd worden en niet op eigen initiatief binnen dringen.

Nadat God Mosjé liefdevol had geroepen begon Hij met hem te praten vanuit het Heiligdom dat eigenlijk een grote tent was — de Tent der Samenkomst. De stem leek te komen van tussen de beide cherubijnen – een soort engelachtige gedaantes met grote vleugels – op het deksel van de Heilige Ark (zie Bemidbar 7:89). Maar het bijzondere was dat die stem alleen door Mosjé werd gehoord en door niemand anders. De stem ging ook niet de tent uit en was buiten niet meer hoorbaar. Het was dus enerzijds het spreken van de Goddelijke stem – waarvan gezegd wordt dat die zeer krachtig is en hoge bomen breekt, bergen laat bewegen en de woestijn laat beven (Psalm 20), maar anderzijds juist een zeer serene stem. Zoals ook elders over een ontmoeting van de profeet Elijahoe met het Goddelijke wordt gezegd, dat God in de stilte is te vinden: ‘Daarop zei Hij: Treed naar buiten en ga op de berg staan voor het aangezicht van de Eeuwige. En zie, toen de Eeuwige juist zou voorbijgaan, was er een geweldige en sterke wind, die bergen verscheurde en rotsen verbrijzelde, die voor de Eeuwige uitging. In de wind was de Eeuwige niet. En na de wind een aardbeving. In de aardbeving was de Eeuwige niet. En na de aardbeving een vuur. In het vuur was de Eeuwige niet. En na het vuur het geluid van een ijle stilte.’ (1-Koningen 11–12).

Het Heilige is blijkbaar tegelijk kracht en broosheid. Misschien wordt daarom de letter alef van het eerste woord van de parasja Wajikra ‘En de Eeuwige riep’ in de Tora als kleine letter geschreven — iets wat bijna niet voorkomt. Om aan te geven dat het zowel groot als klein is, zowel Eerste en Enige – Alef – alsook de mogelijkheid om zich klein te maken tot een kleine alef.



<< Parasjat Wajakheel - PekoedeeParasjat Tsav >>

Het Tora-commentaar op deze pagina is van de hand van Leo Mock. Dit commentaar is afkomstig uit zijn in 2008 verschenen boek ‘In de marge van de Parsje, notities bij de wekelijkse Tora-lezing’. Wij zijn Leo Mock veel dank verschuldigd voor het beschikbaar stellen van zijn teksten.

In sjoel (de synagoge) wordt iedere week een gedeelte uit de Tora gelezen (Parasjat hasjawoea = afdeling van de week). Op deze pagina vindt u het commentaar op de afdeling die de komende sjabbat wordt gelezen. Iedere zondag wordt een nieuw Tora-commentaar geplaatst voor de daarop volgende week. Met behulp van onderstaand overzicht kunt u alle eerder verschenen commentaren nog eens nalezen.

Leo Mock kreeg zijn opleiding in Israël aan een talmoedhogeschool (jesjiwa). Verder studeerde hij Joodse geschiedenis aan de Bar-Ilan Universiteit en oude geschiedenis aan de UvA. Hij is docent bij de Vakgroep Hebreeuws van de UvA. Sinds de oprichting (1999) heeft hij diverse cursussen voor Crescas verzorgd. Verder schrijft Leo Mock een wekelijkse column op onze website.


juli 2010:
Parasjat Ekev
Parasjat Wa'etchanan
Parasjat Dewariem
Parasjat Matot - Masee

juni 2010:
Parasjat Pinchas
Parasjat Balak
Parasjat Choekat
Parasjat Korach

mei 2010:
Parasjat Sjelach Lecha
Parasjat Beha'alotecha
Parasjat Naso
Parasjat Bemidbar
Parasjat Behar - Bechoekotaj

april 2010:
Parasjat Emor
Parasjat Acharee Mot - Kedosjiem
Parasjat Tazria - Metzora
Parasjat Sjemini

maart 2010:
Parasjat Tsav
Parasjat Wajikra
Parasjat Wajakheel - Pekoedee

februari 2010:
Parasjat Ki Tisa
Parasjat Tetsawee
Parasjat Teroema
Parasjat Misjpatiem

januari 2010:
Parasjat Jitro
Parasjat Besjalach
Parasjat Bo
Parasjat Wa'era
Parasjat Sjemot

december 2009:
Parasjat Wajechi
Parasjat Wajigasj
Parasjat Mikeets
Parasjat Wajeesjev

november 2009:
Parasjat Wajisjlach
Parasjat Wajetsee
Parasjat Toledot
Parasjat Chajee Sara
Parasjat Wajeera

oktober 2009:
Parasjat Lech Lecha
Parasjat Noach
Parasjat Bereesjiet


Amphora