Parasjat Wa'era
zondag 10 januari 2010  

In de parasja van deze week stuurt God Mosjé op een dubbele missie. Hij moet de Joden moed inspreken en herinneren aan de oude beloftes aan de aartsvaderen: verlossing uit de slavernij van Egypte en de uiteindelijke intocht in het land Israël/Kenaän. Want eerst zullen de Joden een moeilijke tijd in Egypte doormaken, maar daarna zullen ze met grote rijkdom dat land verlaten en Israël in bezit krijgen. Maar ook moet Mosjé naar Farao gaan en hem opdracht geven uit naam van God om de Joden te laten gaan. Mosjé gaat meteen aan de slag maar de Joden hebben weinig oren naar zijn mooie verhalen: ‘maar zij luisterden niet naar Mosjé omdat ze weinig adem hadden en door het zware werk’ (6:12). Mosjé ziet zijn bezoek aan Farao al helemaal niet meer zitten: ‘Als de Joden [de kinderen Israël] al niet naar me luisteren, hoe zal Farao dan wel naar me luisteren?!’ Bovendien vindt hij zich zelf een slechte spreker: ‘ik ben gesloten van lippen’ (6:12).

Mosjé geeft hier twee argumenten voor het mislukken van zijn opdracht. Ten eerste is het verlossen van het Joodse volk een onbegonnen zaak. Ze staan helemaal niet open voor de boodschap van verlossing. Ze zijn zowel fysiek als geestelijk zo gebroken door de toestand waarin ze zich bevinden, dat ze geen sprankje hoop tot verlossing kunnen zien. Wie diep in de ellende zit kan vaak geen nieuwe informatie in zich opnemen, zoals ook bekend is van mensen met een depressie. Tegen zo iemand zeggen dat ze ‘de zaken eens wat zonniger moeten inzien, blij moeten zijn me wat ze hebben, etcetera’ heeft weinig zin. Het is namelijk eigen aan een depressie om alles zwart en somber in te zien. En als dat al bij de slachtoffers zo is, zal Farao – die al helemaal geen belang heeft bij het vertrekken van zijn slaven – dan wel openstaan voor de boodschap van verlossing?! En wanneer je niet in staat bent om een boodschap mondeling goed te verpakken – je hebt een slechte PR – vanwege een beperkt uitdrukkingsvermogen, dan kan je het al helemaal vergeten. God luistert wel naar Mosjé maar zegt dat hij gewoon moet doorgaan. Wel krijgt hij assistentie van zijn broer Aharon die het spraakprobleem moet oplossen (6:13).

Wie niet in zichzelf gelooft, kan anderen niet de weg wijzen. En na wonderbaarlijke rampen – tien plagen – weet Mosjé wel door te dringen tot het bewustzijn van de Joden, die langzaam begrijpen dat hun situatie niet onveranderbaar is. Zo wordt het volk Israël verlost uit zijn ellende, en ook Mosjé wordt verlost van zijn beperkingen — hij wordt de leider van een bijzonder volk met een bijzondere taak. Van een wat schuchtere man die opgroeide aan het Egyptische hof tot een empathische leider en profeet. Verlossing begint bij hoop, soms tegen beter weten in. Vandaar dat we lezen dat God zijn eigen naam als ‘ehjeh’ omschrijft: ‘Ik zal (er) zijn’ (3:14) — de toekomstige tijd van het werkwoord zijn [lihjot]. Want wie over de toekomst durft na te denken, ondanks zijn huidige ellende, die is bezig aan een weg omhoog en werkt mee aan zijn eigen verlossing.



<< Parasjat SjemotParasjat Bo >>

Het Tora-commentaar op deze pagina is van de hand van Leo Mock. Dit commentaar is afkomstig uit zijn in 2008 verschenen boek ‘In de marge van de Parsje, notities bij de wekelijkse Tora-lezing’. Wij zijn Leo Mock veel dank verschuldigd voor het beschikbaar stellen van zijn teksten.

In sjoel (de synagoge) wordt iedere week een gedeelte uit de Tora gelezen (Parasjat hasjawoea = afdeling van de week). Op deze pagina vindt u het commentaar op de afdeling die de komende sjabbat wordt gelezen. Iedere zondag wordt een nieuw Tora-commentaar geplaatst voor de daarop volgende week. Met behulp van onderstaand overzicht kunt u alle eerder verschenen commentaren nog eens nalezen.

Leo Mock kreeg zijn opleiding in Israël aan een talmoedhogeschool (jesjiwa). Verder studeerde hij Joodse geschiedenis aan de Bar-Ilan Universiteit en oude geschiedenis aan de UvA. Hij is docent bij de Vakgroep Hebreeuws van de UvA. Sinds de oprichting (1999) heeft hij diverse cursussen voor Crescas verzorgd. Verder schrijft Leo Mock een wekelijkse column op onze website.


juli 2010:
Parasjat Ekev
Parasjat Wa'etchanan
Parasjat Dewariem
Parasjat Matot - Masee

juni 2010:
Parasjat Pinchas
Parasjat Balak
Parasjat Choekat
Parasjat Korach

mei 2010:
Parasjat Sjelach Lecha
Parasjat Beha'alotecha
Parasjat Naso
Parasjat Bemidbar
Parasjat Behar - Bechoekotaj

april 2010:
Parasjat Emor
Parasjat Acharee Mot - Kedosjiem
Parasjat Tazria - Metzora
Parasjat Sjemini

maart 2010:
Parasjat Tsav
Parasjat Wajikra
Parasjat Wajakheel - Pekoedee

februari 2010:
Parasjat Ki Tisa
Parasjat Tetsawee
Parasjat Teroema
Parasjat Misjpatiem

januari 2010:
Parasjat Jitro
Parasjat Besjalach
Parasjat Bo
Parasjat Wa'era
Parasjat Sjemot

december 2009:
Parasjat Wajechi
Parasjat Wajigasj
Parasjat Mikeets
Parasjat Wajeesjev

november 2009:
Parasjat Wajisjlach
Parasjat Wajetsee
Parasjat Toledot
Parasjat Chajee Sara
Parasjat Wajeera

oktober 2009:
Parasjat Lech Lecha
Parasjat Noach
Parasjat Bereesjiet


Amphora